Maandag 18/10/2021

Schaf de taalgrens af!

Terwijl ik het boek 'De Taalgrens' van schrijfster en historica Brigitte Raskin las, woedde er in Vlaanderen een taalstrijd over Verkavelingsvlaams en werd in Quebec geschoten op een meeting van een separatistische partij. Stof tot nadenken.

Met De Taalgrens, dat donderdag in het Vlaamse parlement werd voorgesteld, heeft auteur en historica Brigite Raskin haar magnum opus geschreven. Raskin is gespecialiseerd in de Vlaamse Beweging, maar toch wil ze België niet zien verdwijnen. Haar boek over "een soort Belgische gifslang, van het Franstalige Ploegsteert tot de Vlaamse Voerstreek" is ook een geschiedenis van België.

Dat er een taalgrens door Europa loopt hebben we aan de Romeinen te danken. Hij ligt iets zuidelijker dan de oude rijksgrens: langs de oude heirbaan Boulogne-Keulen en niet langs de Rijn. Het gebied daartussen was dicht bebost, ondoordringbaar, onverdedigbaar en dunbevolkt. Het werd nooit geromaniseerd.

Brigitte Raskin toont duidelijk aan dat de taalgrens vooral een sociale grens was. Wie hogerop wilde komen, moest Frans kennen. Nooit is de taalgrens ook een landsgrens geweest. Zoals de Leuvense professor Fred Stevens bij het verschijnen van zijn Belgische geschiedenis voor dummies al zei, ontstaan er in ons land pas problemen rond taal wanneer die zich enten op andere problemen. In de middeleeuwen en daarna was dat vooral de weigering om de oude privileges te respecteren, in de negentiende eeuw was dat religie (de Walen en de Brusselaars waren minder katholiek dan de Vlamingen). Nu is dat vooral de economie.

Raskin woont op de taalgrens en zegt dat ze zich niet kan inbeelden dat haar straat - die Overijse met Terhulpen verbindt - ooit doormidden zal worden gesneden door een staatsgrens. Net als vroeger leven Franstaligen en Nederlandstaligen er vreedzaam samen. Dat dit in Brussel en de rand niet zo is, heeft andere sociologische verklaringen.

Toch blijven de communautaire problemen hardnekkig, al zijn het al lang geen taalproblemen meer. Het conflict tussen Franstalig België en Vlaanderen is hetzelfde als dat tussen Duitsland en Griekenland: de rijkere regio wil niet meer betalen voor de armere. In Brussel-Halle-Vilvoorde woedt dan weer geen taalstrijd maar een politieke. Vlaamse partijen willen niet langer dat er 'Vlaamse' stemmen naar het FDF gaan.

Heeft de taalgrens dan nog zin? Het trekken van die grens luidde het begin in van de federalisering. Misschien gaan we binnenkort naar een confederalisering. In het 'verdampen van het Belgische niveau' gelooft niemand nog, zeker niet nu Europa niet geneigd is om in het vrijgekomen gat te springen.

De oplossing ligt misschien in het verleden en over de oceaan. De taalvrede in onze contreien werd eeuwenlang gewaarborgd door het principe dat iedereen zijn eigen taal mag gebruiken tegenover de overheid en dat de overheid zich ook uitdrukt in de taal van de burger. Zelfs Spaanse of Bourgondische vorsten hielden zich aan die regel. (Pas toen de Oostenrijkers en vooral de Fransen de verfransing van het openbare leven decreteerden, kreeg taal ook een politieke dimensie in de Zuidelijke Nederlanden.)

Ook in de Europese Unie komen alle talen evenwaardig aan bod; ook al kost dat geld, vertalers en tolken. Het continent wordt doorkliefd door tientallen grenzen, maar de taalgrenzen zijn gesloopt. Ook in Canada geldt het principe dat iedereen in zijn eigen taal terecht kan voor officiële contacten met de overheid in alle provincies, zélfs in Quebec (waar er ook onderwijs, rechtspraak en gezondheidszorg in het Engels is). Het schietincident tijdens een meeting van de Parti Québecois heeft ook hier meer met economie en politieke machtsverhoudingen te maken dan met een pure taalkwestie.

In het land van Lernout & Hauspie moet het toch mogelijk zijn om onze aloude faciliteiten (!) fors uit te breiden. Dat zal trouwens een groter probleem zijn voor de Walen, die dan ook de vele Nederlandstaligen in Wallonië moeten bedienen in hun eigen taal. (Iets wat hun middenstanders in Redu en Durbuy al lang doen.)

Zolang de territoriale integriteit van de deelstaten gerespecteerd wordt, kan de taalgrens moeiteloos verdwijnen.

Elite

De discussie over Verkavelingsvlaams die de Antwerpse wetenschappers Kevin Absillis, Jürgen Jaspers en Sarah Van Hoof lanceerden in De Morgen, bevat misschien de kiemen voor een volgend hoofdstuk in Raskins boek. Er is namelijk een nieuwe taalgrens in de maak, die tussen Algemeen (Vlaams) Nederlands en tussentaal. Deze taalgrens zit vooral in ons hoofd en hij is momenteel veel relevanter dan de oude.

Uit Raskins boek leren we dat in de noordelijke Nederlanden de taal van de Statenbijbel en van Vondel al snel de standaardtaal werd. De Vlamingen moesten in de negentiende eeuw hun standaardtaal importeren uit Nederland. Dat mislukte grotendeels. Eind twintigste eeuw groeide er een Algemeen Vlaams Nederlands (AVN) en ondertussen verslapte in Nederland de invloed van het AN. Weinig hooggeschoolde Nederlanders spreken nog de taal van koningin Beatrix. De regionale varianten klinken vrijelijk door, ook op de openbare omroep. In Den Haag spreken Wilders en Balkenende ("natuurlijk" = "tuuk") al evenzeer een tussentaal als Bart De Wever of Kris Peeters in de Wetstraat.

Kevin Absillis poneert dat het contraproductief is om de tussentaal te diaboliseren (en dat is iets anders dan ABN). Hij heeft een punt. Iedere leraar in het beroeps of technisch onderwijs weet dat hij enkel efficiënt kan lesgeven in een tussentaal, ook al moet zuivere taal ook daar een betrachting blijven. Jan Lampo schreef jarenlang dialogen in tussentaal voor Thuis, zowat de enige Vlaamse fictiereeks die niet moet worden ondertiteld. Een doorslaggevend bewijs van de robuustheid van een Vlaamse tussentaal.

Net zoals de elite in Vlaanderen eeuwenlang Frans sprak, zal het Algemeen Nederlands altijd maar door een kleine groep vlekkeloos gesproken worden. Hopen dat iedereen ooit die norm haalt, is wellicht utopisch, zeker nu die norm in het Noorden ook al aan het vervagen is en er zich een nieuwe Vlaamse norm manifesteert. Vrede brengen in deze nieuwe taalstrijd is voor de toekomst van Vlaanderen oneindig relevanter dan de folkloristische achterhoedegevechten in de rand.

Brigitte Raskin: De taalgrens. Of wat de Belgen zowel verbindt als verdeelt, Davidsfonds Uitgeverij, 336 p., 27,5 euro.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234