Woensdag 29/06/2022

NieuwsProces-Reuzegom

Schachten die Reuzegom-doop overleefden getuigen op procesdag twee: ‘Ik denk dat Sanda’s eerlijkheid hem fataal is geworden’

De vader en broer van Sanda Dia arriveren  Beeld Photonews / Pieter-Jan Vanstockstraeten
De vader en broer van Sanda Dia arriverenBeeld Photonews / Pieter-Jan Vanstockstraeten

‘Ik heb zoveel naast mijn mond gekapt. Ik denk dat Sanda’s eerlijkheid hem fataal is geworden.’ Hoe vaag de herinneringen van de verdachten op het Reuzegom-proces zijn aan die fatale dag, zo scherp zijn ze bij de twee schachten die de doop overleefden.

Douglas De Coninck en Yannick Verberckmoes

“U liegt! U liegt! U bent de hele tijd al aan het liegen.”

Halfweg de ochtendzitting werd het Ousmane Dia opeens te veel. Hij stormde meteen de zaal uit. Het ging om een detail. Reuzegommer T.G. (25), alias Shrek, vertelde hoe de schachten op woensdag 5 december 2018 naast de blokhut in Vorselaar met zijn drieën een put begonnen te graven, terwijl het onderzoek eerder al duidelijk maakte dat Sanda Dia (20) op dat ogenblik amper nog op z’n benen kon staan, en al zeker geen spade meer in de grond gestoken kreeg.

Meer nog dan dat ene incident waren het de getuigenissen van schachten V.D. (23) en C.M. (24) die het contrast illustreerden tussen hun eigen geheugen en dat van de 18 Reuzegommers.

De visproef

De schachten vertelden over die dag. Over hoe ze af en toe uit de put mochten. Om bij een buitentemperatuur van 7 tot 10 graden in de beek te waden en kopje onder te gaan.

C.M.: “Ik zat in de beek. A.G. (Janker, DDC/YV) vroeg: lukt het? Ik zei dat ik mijn benen niet meer voelde. Ik ben uit de put gekomen. Wandelen ging niet. Ik was aan het kruipen.”

V.D. vertelde over de zogenaamde visproef: “Het was de bedoeling dat we die vis doorslikten. Ik heb die eerst onder mijn tong genomen en niet geslikt. Iemand zag dat en toen moest ik het opnieuw doen. Ik nam die vis nog eens in mijn mond en pakte wat vissaus en die vis kwam eruit. Bij Sanda duurde de proef veel langer. Hij had er echt moeite mee.”

Ook C.M. zegt dat hij deed alsof: “Ik werd het hardst aangepakt, maar ik was de hele tijd aan het cheaten. Mevrouw, ik kan u zeggen dat als u die geur ruikt, u meteen over uw nek gaat. Die geur is superdegoutant.”

V.D.: “Sanda maakte nog geluid. Het was als een woord dat geen context had. Wij zijn op hem beginnen in te praten: ‘Komaan Sanda.’ Na de visproef kon ik niet meer logisch nadenken. Ik begon zinnen te vormen die geen logisch verband hielden. Ik denk dat het bij Sanda een veel groter effect had. Hij had meer visolie gedronken. Hij had hetzelfde als ik meegemaakt, maar veel erger. Sanda had precies niet meer het besef waar hij was.”

Na de visproef volgde de muisproef.

C.M.: “Ik moest een stuk muis pakken vanuit de blender. Ik heb het stuk gepakt dat mij het meest appetijtelijk leek en ik heb dat zowat weggemoffeld. Ik merkte dat de anderen het er moeilijker mee hadden.”

Lees ook

Welke indruk maken de Reuzegommers op procesdag twee? ‘Er is duidelijk afgesproken om elkaar maximaal te sparen’

‘Mentale gedeelte’

Er werd besloten om Sanda uit de put te halen en wat Aquarius te laten drinken.

V.D.: “We moesten Sanda ondersteunen. Aangezien we zelf erg zwak waren, ging dat heel moeilijk. M.P. (student geneeskunde, DDC/YV) zei dat het niet oké was. Toen we naar het kampvuur wandelden, zijn ik en de andere schacht door onze benen gezakt. Het was duidelijk dat het niet meer ging. We hadden doodskou.”

C.M.: “Heel cru gezegd, het was als een zak patatten die we moesten dragen. J.J. (Zaadje, DDC/YV) zei: ‘Kunnen jullie die nu niet dragen?’ Hij heeft Sanda samen met iemand anders opgepakt en naar het kampvuur gedragen. Dat is het laatste dat ik van Sanda heb gezien.”

Of de twee schachten, wou de rechter weten, er geen moment aan hadden gedacht om de doop te doen stoppen?

V.D.: “Ik kon niet meer bewegen. Ik bleef denken: ik ben al zo ver gekomen, ik ga nu niet stoppen. Uiteindelijk ben ik gewoon gestopt met het drinken van die vissaus. Ik kon dat fysiek niet meer. C. heeft die bidon leeggegoten.”

C.M.: “Ik had stop kunnen zeggen, V. had stop kunnen zeggen, Sanda niet, toen hij uit de put kwam. Eerlijk mevrouw, we waren bezig met onszelf. Kan ik dit nog halen? Ik heb stiekem de bidon visolie uitgegoten op een plaats waar het al vochtig was, zodat de clubleden het niet zouden merken.”

Sanda Dia was al onderweg naar het ziekenhuis, maar de doop ging verder. Met het zogenaamde mentale gedeelte.

V.D.: “Er werden quizvragen gesteld. Ik sprak zinnen uit die nergens op sloegen. Dat heeft mij ongelofelijk beangstigd. Ik zei: ‘Ik moet naar het ziekenhuis nu.’ Dat viel ook samen met het slechte nieuws over Sanda. Wij zijn uit de put gehaald, ik ben bespoten met een tuinslang. Ik heb nog gezegd: ‘Ik moet echt naar het ziekenhuis.’ Zo ben ik aangekomen in het UZA. Daar zag ik Sanda in bloot bovenlijf in een ziekenhuisbed voorbijkomen. Op dat moment sloeg het bij mij binnen, hoe erg het gesteld was met Sanda. Ik heb geen enkele nacht nog positief gedroomd. Vannacht nog had ik nachtmerries. Ik heb dan nog een tuchtprocedure van de KU Leuven gekregen, omdat ik openlijk was gaan vertellen wat er is gebeurd.”

Aan het eind van de getuigenis van C.M. vroeg Ousmane Dia het woord: “Hoe kan het dat jij zegt dat jij harder bent aangepakt, en het mijn zoon is die is gestorven?”

C.M.: “Mijnheer Dia, ik wou dat ik daar een verklaring voor had. Ik denk dat het komt doordat ik groter ben, en vooral doordat ik veel meer heb gecheat. Ik heb zoveel naast mijn mond gekapt. Ik denk dat Sanda’s eerlijkheid hem fataal is geworden.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234