Zaterdag 23/10/2021

sam cutler

Op 6 december 1969 komt brutaal een einde aan het hippietijdperk van vrije liefde en wereldvrede. Tijdens een gratis concert van The Rolling Stones, voor meer dan 300.000 mensen, vallen vier doden. Sam Cutler, als tourmanager van The Stones destijds een van de hoofdrolspelers, schuift in zijn biografie You Can’t Always Get What You Want de mythes opzij en vertelt het echte verhaal achter een van de zwartste dagen in de rock-’n-roll.

oen The Rolling Stones in 1969 voor het eerst sinds lang weer zouden gaan optreden in de Verenigde Staten, stond de populariteit van de Britse rockgroep op een hoogtepunt. Het jaar voordien waren Mick Jagger en Keith Richards goed bevriend geraakt met Sam Cutler, een jongeman die eerder al met Pink Floyd had gewerkt en die mee het allereerste concert van Eric Claptons nieuwe groep Blind Faith had georganiseerd in Hyde Park. Niet veel later trad Cutler toe tot de entourage van The Stones, en wanneer ze de oversteek naar Amerika maakten, was hij van de partij als tourmanager. Het werd een van de meest bewogen hoofdstukken in het bestaan van de groep, waarbij drank, drugs, gewillige groupies en bouwvallige vliegtuigen de kernwoorden vormen.

Cutler vertelt er in zijn memoires over op de toon van een strijder die zelf nauwelijks kan geloven dat hij de slag overleefd heeft. Niet snoeverig, maar wel met een zeker mededogen tegenover wie hij toen was. De sixties swingden volop, en er waren altijd meisjes in de buurt om de tijd mee te doden als iemand anders net de laatste fles Southern Comfort had gekraakt. “Het was op aanraden van basgitarist Bill Wyman - zelf een liefhebber van dames allerhande - dat ik tijdens concerten gewoon op vrouwen afstapte met de vrijpostige vraag: ‘Wat zou je ervan vinden om The Stones te ontmoeten en eerst met mij te neuken?’ En tot mijn niet geringe verbazing ging 90 procent er ter plekke op in. Er was niets, werkelijk niets, dat ze niet wilden doen als hen dat dichter bij de groep kon brengen. Ik ben nooit het type geweest om fans teleur te stellen, dus ik deed mijn best en gaf alles wat ik had. Heel plezierig, maar wel verschrikkelijk vermoeiend.”

De lol zou er evenwel snel afgaan. The Stones kregen veel kritiek te slikken omdat de kaartjes voor hun concerten veel te duur waren (8,5 dollar). In de media werden de groepsleden als geldwolven afgeschilderd, en bijgevolg ontstond het plan om in San Francisco een gratis optreden te geven, met naast The Stones ook lokale bands als Jefferson Airplane, Janis Joplin, Santana en Grateful Dead op de affiche. Een plan dat een fatale afloop zou krijgen. Omdat de maffia inmiddels in de Stones-entourage was geïnfiltreerd. Omdat Mick Jagger de groep met een onmogelijke deadline had opgezadeld door op een persconferentie de datum van het concert vrij te geven nog voor er een locatie was gevonden. Omdat iedereen een vinger in de pap wilde hebben ook, en zichzelf maar wat graag met The Stones wilde associëren. De locatie, gekozen zonder dat iemand uit de entourage van de groep die vooraf geïnspecteerd had, bleek een ramp.

Anarchistische mega-evenementen

Het terrein had geen enkele voorziening, en bevond zich bovendien in Altamont, op meer dan honderd kilometer van San Francisco. Er bleek nauwelijks politie voorhanden om de toegestroomde massa in de hand te houden. Er werden brandjes gesticht, vee van boeren in de buurt werd mishandeld, en bovendien - maar dat zou later pas blijken - verspreidde het FBI gratis acid-pilletjes van ondermaatse kwaliteit, in een poging de Amerikaanse jongeren die deel uitmaakten van de tegencultuur in een slecht daglicht te stellen. Enkele maanden voordien had aan de andere kant van de Verenigde Staten Woodstock plaatsgevonden, en de Amerikaanse regering wilde koste wat het kost vermijden dat dergelijke anarchistische mega-evenementen de norm zouden worden. Of tenminste, dat is de these die Cutler in zijn boek verdedigt.

De dag zelf braken er geregeld rellen uit voor het podium, en tijdens het optreden van The Stones werd Meredith Hunter neergestoken door Hells Angels. De politie kwam niet tussenbeide. Die had het op dat moment te druk met het uitschrijven van boetes voor verkeerd geparkeerde wagens.

Meteen na het optreden maakten The Stones zich uit de voeten, en minder dan vierentwintig uur later hadden ze de Verenigde Staten verlaten, omdat de kans te groot was dat ze anders de verantwoordelijkheid voor de moord in de schoenen zouden geschoven krijgen. Cutler bleef achter om de zaak af te handelen en tekst en uitleg te geven bij alles wat er fout was gelopen. Hij ging, niet zonder gevaar voor eigen leven, een gesprek aan met de Hells Angels. Die kregen zoals bekend de dood van Hunter aangewreven. In de pers werd evenwel nergens vermeld dat Hunter vlak voor de groep een vuurwapen bovenhaalde en wellicht van plan was om iemand op het podium neer te schieten.

Ondanks de belofte van The Stones om Cutler vanuit Groot-Brittannië te helpen bleven zijn telefoons onbeantwoord, en werd het geld dat hem beloofd was om de zaak te regelen nooit opgestuurd. Cutler bleef platzak en zonder een dak boven zijn hoofd achter in de States. Het zou tot 2003 duren voor hij The Stones zou terugzien. Dat was bij een optreden in Australië, waar drummer Charlie Watts hem backstage uitnodigde tijdens de Licks-tournee.

Na zijn breuk met The Stones hield Cutler zich schuil bij Jerry Garcia van Grateful Dead, van wie hij al gauw de manager werd. De twee bands hadden nauwelijks meer van elkaar kunnen verschillen. Waar Mick Jagger bij The Stones haast alle belangrijke beslissingen autonoom nam, werd bij Grateful Dead het soort democratie gehanteerd dat de band vleugellam maakte. Naast de groepsleden hadden ook vrienden en familie een stem in het geheel - en in sommige gevallen zelfs toevallige voorbijgangers die per ongeluk op vergaderingen waren binnengesukkeld.

Cutler stelde orde op zaken, bouwde een professionele structuur ronde de groep, en zorgde ervoor dat de band - een van de populairste die de Verenigde Staten ooit gekend heeft - een winstgevende onderneming werd. Maar ook daar leverde het eindeloze refrein van coke, lsd, alcohol en losbandigheid uiteindelijk geen spetterende climax op. Integendeel: het verhaal is gelardeerd met betreurde doden - Jimi Hendrix, Janis Joplin, Ron ‘Pigpen’ McKernan van Grateful Dead. Het pleit echter voor Cutler, 67 inmiddels, dat hij met een gezond gevoel voor humor en - misschien nog wel belangrijker - zonder spijt of rancune terugkijkt op zijn bewogen bestaan. You Can’t Always Get What You Want leest zoals hij geleefd heeft: als een sneltrein zonder remmen.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234