Dinsdag 01/12/2020

Sagalassos, droomstad in de wolken

Zesentwintig jaar al doet hij opgravingen in het Turkse Sagalassos. 'Maar ik word hier nog elke dag verrast', zegt professor Marc Waelkens. Terwijl we in het amfitheater schuilen voor naderend onweer, vertelt hij over zijn ontdekkingen, van Nijlvissen tot pitabars uit de oudheid. 'Ik heb me hier nog nooit verveeld.' Vanaf volgende week toont het Gallo-Romeins Museum in Tongeren de mooiste schatten uit het Pompeii van het Oosten.

"Voor Aglasun is het werk van professor Waelkens heel belangrijk. Het zorgt niet alleen voor een economische impuls, de dorpelingen zijn ook heel trots. In elke familie heeft wel iemand meegewerkt aan de opgravingen op de vindplaats van Sagalassos." Een warme zomerdag in Pisidië, Zuid-Turkije. Bart Demarsin, coördinator van de volgende zaterdag startende expo Sagalassos, City of Dreams in het Gallo-Romeins Museum van Tongeren, stelt een en ander op scherp. Aglasun, onooglijke stip op de Turkse landkaart, floreert dankzij de archeologische opgravingen zeven kilometer hogerop. Een lokale kapper promoot een snit van David Beckham, Cafe Park serveert Coca-Cola. En de archeoloog, hij graaft immer voort.

Wandelende Wikipedia

Twintig minuten klimmen verderop wacht professor Marc Waelkens (KU Leuven) ons op. Grijze snor, bruine wandelstok, blauwe pet. Met knalgele inscriptie: 'M'. Marc, meester, manke motoriek. De eminence grise spreekt vlotter dan hij stapt. "Onder het huidige theater hebben we gisteren sporen van een nog ouder theater ontdekt", klinkt het. Enthousiast en gedreven, al van bij de begroeting. "Ik wist dat niet, zelfs niet na al die jaren."

Zesentwintig jaar loopt Waelkens hier al rond. Maar jaren van graaf- en zwoegwerk hebben het lijf van Waelkens getekend. "Ik heb de laatste dagen hooguit twee uur per nacht geslapen. En volgende week moet ik opnieuw geopereerd worden aan mijn rug", zegt hij. Speeksel rond de mondhoeken, grind in de gewrichten. "Vroeger liep ik hier constant met 25 kilo videocamera's en stafkaarten rond mijn nek. Dat gaat nu niet meer. Maar na mijn operatie kom ik zeker terug." Intussen stijgt de zomerzon steeds feller naar het Turkse zenit. Tractors rijden af en aan, cementmolens draaien dol, schoppen snijden door de grond als was het boter.

Sagalassos is een immens bouwterrein, met Waelkens als alwetende bouwmeester. En als wandelende Wikipedia. "Toen ik hier in 1983 arriveerde, was er niets", vertelt hij. "Geen elektriciteit, geen water, geen wegen. Niks." Onder zijn voeten kraakt anno 2011 de keramiek. "Ik kon niet begrijpen waarom hier geen grote ploeg aan het werk was", mijmert Waelkens. "Na vijftien jaar rondzwerven in het Oost-Mediterrane bekken had ik nog nooit een antieke stad met een dergelijk potentieel gezien. Het was nooit mijn bedoeling om hier te blijven, maar vanaf het eerste jaar voelde ik dat dit dé plek was, dé plaats om de rest van mijn leven aan te wijden. Met 20.000 frank van mezelf ben ik hier, bijgestaan door drie studenten, met de opgravingen begonnen."

Honderdtachtig archeologen en arbeiders telt Waelkens' ploeg anno 2011. Drie zomermaanden lang wroeten ze. Ploegen ze. En onthullen ze mondjesmaat het oude Sagalassos. "Al wat zwart is, lag in 1983 al bloot", wijst Waelkens. "Al het witte hebben wij opgegraven." Springt meteen in het oog: wit voert overduidelijk de hoofdtoon. "Maar toch is nog maar 15 procent van de oorspronkelijke stad opgegraven", verrast Waelkens. "Er is hier dus nog voor jaren werk."

Van pitabar tot pest

"Sagalassos wordt bewoond door de meest krijgslustige van alle oorlogszuchtige Pisidiërs", schreef de biograaf van Alexander De Grote over de 'niet-kleine stad' Sagalassos. 'Het Pompeii van het Oosten', zo wordt Sagalassos ook wel eens genoemd. Niet zonder reden. "Als het regende in Rome, dan druppelde het in Sagalassos. De Romeinse architectuur werd hier altijd vrij snel overgenomen", zegt Waelkens, terwijl hij gezwind met pancartes zwaait. Op die pancartes: foto's van de blootgelegde gebouwen uit de klassieke oudheid. "Daar bijvoorbeeld zie je de Collonadestraat, waarlangs iedereen de stad binnenkwam. Een soort Champs Elysées van 25 meter breed met eethuisjes aan beide kanten. De pitabars van de zesde eeuw, zeg maar. Perfect in de as van de onderste agora, waar we nu op staan, zie je een monumentale fontein. Met de metershoge marmeren beelden van Apollo of Aphrodite die erop staan of stonden, ambieerden de rijke families onsterfelijkheid."

Tijdens de hellenistische en Romeinse overheersing bloeit Sagalassos, maar dan wordt de stad plotseling genekt door een fatale natuurramp. Halverwege de zevende eeuw wordt de stad immers voor de tweede maal in amper 150 jaar getroffen door een zware aardschok. De bevolking is dan al gehalveerd door terugkerende pestgolven. Goedbewaarde ruïnes verdwijnen onder tonnen erosiemateriaal, herinneringen aan een glorieus verleden vervagen.

Tot in 1983 een professor uit Waregem opduikt. Trots blikt Waelkens terug op zijn Turkse parcours. "Het mooiste is dat iedereen, van Ankara tot hier, mij als Marc aanspreekt", glimt hij. "Niemand, zelfs niet op het hoogste echelon, kent mijn familienaam. Een enorme blijk van vriendschap."

Na 26 jaar is Waelkens in Sagalassos dan ook vriend onder de vrienden. Dat blijkt ook uit de egards waarmee hij tijdens de wandeling over de site behandeld wordt. "We hebben van de lokale bevolking altijd veel materiële hulp gekregen. Aanvanke-lijk was ons team voor de lokale bevolking een groep toeristen die goud kwamen zoeken, maar intussen zijn we perfect geïntrigeerd in deze gemeenschap", zegt hij, onderweg tussen badhuis en bovenste agora. "Iedereen kent elkaar, en elkaars kinderen. Het is dus ook een sociaal project. Ik ga naar de trouw- en geboortefeesten van de Turkse arbeiders die hier werken. En als er 's avonds op mijn deur wordt geklopt, weet ik dat het een noodgeval is."

Zelfs na 26 jaar brandt in Waelkens het heilige vuur. Zijn ogen lichten op wanneer hij het over "de rebelse stad Sagalassos" heeft, "de enige stad in Turkije die zich verzet heeft tegen Alexander. De inwoners waren door hun cultus van wapens altijd erg in trek als huurlingen in de diverse overheersende legers." Trots kijkt Waelkens uit over zijn site. "Ik word hier nog elke dag verrast. Altijd opnieuw zijn er wel andere aha-erlebnissen. Ik heb mij hier nog nooit verveeld."

Gladiatoren en Nijlvissen

'Sagalassos, stad in de wolken.' Zo zou de expo in het Gallo-Romeins Museum aanvankelijk heten. Uiteindelijk werd het City of Dreams. Maar de wolken, die zijn gebleven boven de zinnenprikkelende site. "Kom, snel, we gaan onweer op ons dak krijgen." Vliegensvlug zoekt Waelkens dekking in een nis nabij het hoefijzervormige amfitheater. "Negenduizend toeschouwers konden hier plaatsnemen", zegt hij, stilaan compleet uitgeput na uren lang klimmen en klauteren. In de verte kraakt het firmament steeds onheilspellender. "Reusachtig groot voor een stad van deze afmetingen. Maar tijdens de vele religieuze festivals werd Sagalassos overspoeld door duizenden bezoekers van alle windstreken. En voorts werden hier vooral veel gladiatorengevechten georganiseerd."

Anno 2011 wordt Sagalassos niet bepaald overspoeld door toeristen. Wel door Leuvense stagiair-archeologen. "Vele jonge studenten komen hierheen voor het avontuur, maar ik wijs er hen snel op dat archeologie het tegenovergestelde is van Indiana Jones", aldus Waelkens. "Een schat vinden, dat interesseert me niet. We zoeken ook geen gebouwen of monumenten, we zoeken naar de mens achter het verleden. Hoe werd hier vroeger geleefd? Dat interesseert mij."

De werkwijze die Waelkens daartoe hoog in het vaandel draagt: interdisciplinair onderzoek. "We kijken naar alles: voeding, handel, hygiënische omstandigheden, klimaat, plantengroei...", doceert de Leuvense professor. "Niets gaat hier verloren, zelfs de kleinste brokken houtskool, graan of visgraten worden gerecupeerd en onderzocht. Onlangs hebben we hier bijvoorbeeld een bijzonder goed bewaarde braakbal van een koppel oehoe-uilen teruggevonden. Via C-14-datering hebben we kunnen achterhalen dat die tussen 600 en 620 gestorven zijn. In combinatie met eerder teruggevonden munten hebben we heel precies kunnen dateren dat er hier in 620 een serieuze aardbeving heeft plaatsgevonden. En wist je dat hier zelfs DNA-sporen van vier Nijlvissen zijn gevonden? En dat het Suezkanaal is aangelegd met bomen uit deze streek?"

246, 179, 100. Met kleine papiertjes genummerd: de stenen achter Waelkens. Veelzeggend detail. Uit alle poriën spat hier immers de liefde voor vak en vindplaats. "Mijn relatie met deze site is misschien nog het best te vergelijken met die van de ouders van een mindervalide kind", zegt Waelkens. "Hun hele leven lang dragen ze zorg voor hun kind, en steeds meer vragen ze zich af wat er na hen met dat kind zal gebeuren."

Waelkens is intussen 63. Nog twee jaar heeft hij voor de boeg, dan wacht het emiraat. Tegen wil en dank. "Maar ik zal hier nog dikwijls terugkomen", zegt hij zonder enige zweem van twijfel. "Om te zien hoe alles hier verloopt. En ook de fondsenwerving zal ik blijven voortzetten. Ook daarom is de tentoonstelling in Tongeren zo belangrijk. In het huidige economische klimaat is het niet simpel om fondsen te verwerven voor een vindplaats die 2.000 kilometer buiten België ligt. Bovendien werk ik voortdurend met geld van de Belgische belastingbetaler. Nu krijgen we eindelijk de kans om te tonen waar we hier al jaren aan werken."

City of Dreams, Sagalassos,
van 29 oktober tot 17 juni 2012 in het Gallo-Romeins Museum in Tongeren.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234