Woensdag 20/10/2021

Interview

"Russische roulette en elke renner doet mee"

Jan Bakelants, die in 2013 nog een rit won in de Tour, ziet dit jaar weinig kansen voor aanvallers. Beeld Photo News
Jan Bakelants, die in 2013 nog een rit won in de Tour, ziet dit jaar weinig kansen voor aanvallers.Beeld Photo News

Als Belg in Franse loondienst hoopt hij in de Tour natuurlijk op zijn jonge AG2R-kopman Romain Bardet, maar als het die niet is, dan kiest Jan Bakelants (29) voor Alberto Contador. "Omdat hij gewoon de beste renner is van deze generatie."

Pas na het BK kwam het officiële bericht, maar Jan Bakelants had al langer de garantie gekregen van ploegmanager Vincent Lavenu dat hij naar de Tour zou mogen. Met dien verstande dat hij zijn mond moest houden, wat niet makkelijk was toen hij prognoses zag verschijnen over de Belgische deelnemers aan de Tour, waar hij niet bij stond.

Jan Bakelants koos eind vorige zomer voor AG2R en een vertrek bij de superformatie QuickStep van Patrick Lefevere. "Ik moet wel voelen dat ze mij er echt bij willen en dat had ik bij Lavenu meteen. Ik won die rit in de Dauphiné en hij kwam mij feliciteren en zei nog eens dat hij mij er heel graag bij zou hebben."

"Hun voorstel lag er al een maand toen Patrick nog langskwam. Ik zei: 'Ik weet wat mijn rol is bij jou. Op kop rijden, niet klagen en heel af en toe mijn kans gaan, maar eigenlijk haast nooit. Jij weet dat ik meer kan, dat ik ook koersen kan winnen, betaal mij daar dan ook naar." Tot een concreet voorstel kwam het niet, maar spijt is aan Bakelants niet besteed. AG2R is een meevaller: professioneel en goed georganiseerd.

Heb je zelf speciaal getraind voor deze Tour?
Bakelants: "Ik heb na de Ronde van Zwitserland niet te veel meer gedaan. Ik denk dat wij ons te vaak moreel verplicht voelen om elke dag te fietsen omdat we daarvoor betaald worden, maar dat is een misvatting: wij worden betaald om zo hard mogelijk van A naar B te rijden en soms rij je harder als je een dag niet hebt gereden."

"In de week voor de Ronde van Zwitserland reed ik beter dan in de ronde zelf. We waren op de hoogtestage geweest en dan was ik nog eens naar Lucca gaan trainen. Op mijn klassieke trainingsklim was ik daar beter dan ooit en een week later in de koers raakte ik niet meer aan dezelfde wattages. Vermoeidheid, schat ik."

De Tour start in Utrecht met een korte tijdrit. Local hero Tom Dumoulin in het geel?
"Dat zou kunnen, maar Fabian Cancellara zal nog wel wat hebben bijgetraind, dus dat wordt nipt. Persoonlijk denk ik dat Michael Kwiatkowski heel dicht zal eindigen. Misschien wint die wel niet, maar dan kan hij in de daaropvolgende ritten met de bonificaties spelen. Vanaf Hoei tot de Pyreneeën kan hij het geel dragen, want op de kasseien rijden ze hem er niet af en op de Mûr-de-Bretagne ook niet."

Het zou een zware Tour kunnen worden als de wind uit het zuidwesten komt, want de eerste etappes zijn dan pal tegenwind.
"Ik heb liever wind in de rug, als aanvaller ben je dan in het voordeel. Voor de ploegen die moeten controleren, is tegenwind beter. Die laten drie man ontsnappen die tegen het einde van de rit vanzelf terug waaien. In het peloton zien welgeteld twee man af, die twee die op kop moeten rijden. Vanaf rij tien is het freewheelen."

"De eerste negen dagen maken ontsnappingen haast geen kans. Na de proloog krijgen we een rit met waaiers door Zeeland. Van in die tweede rit zal veel gevallen worden. Niemand zal een ploeg met negen op een rij laten rijden, zoals Etixx-QuickStep wil. De rit naar de Muur van Hoei wordt belangrijk voor de klassementsrijders om vooraan te zitten. We doen de laatste lus van de Waalse Pijl en daar lagen ze al elke 100 meter tegen het asfalt. Dat zal nu niet anders zijn in de snelle finale van die rit."

Hoe vermijd jij dat je valt?
"Het valt nog te bezien of dat te vermijden is. Mijn taak is Jean-Christophe Péraud en Romain Bardet helpen en die voorin krijgen, maar dat willen alle ploegen. Het wordt Russische roulette, met dat verschil dat iedereen wil meedoen. Niet bij de val welteverstaan, wel in de Tour. Ik kan erin komen dat sommige renners niet willen gaan, zoals een Tom Boonen die zijn naam al heeft gemaakt, maar voor de meesten is de Tour toch het platform waar je moet zijn."

"Wat ik vooral haat in de Tour zijn die wegen waar je met tien naast elkaar rijdt, terwijl er maar plaats is voor vijf. Vooral in de eerste week, want dan krijgt iedereen de opdracht om vooraan te zitten. Eén bidon naast de bidonhouder en ze vallen als dominostenen."

"De rit naar Cambrai met die kasseien wordt ook een zenuwachtige zaak. Arras-Amiens is eentje die Cavendish wil winnen. De rit langs de kust naar Le Havre wordt niet simpel met veel op en af. Tegen dat we aan de Mûr-de-Bretagne zijn, zullen door de wind, de kasseien en de valpartijen enkele posities al vastliggen."

Wanneer beginnen de grote jongens eraan?
"Na de eerste rustdag, bij de eerste aankomst bergop naar La Pierre Saint-Martin. De mannen van Sky zullen daar de wedstrijd in handen proberen te nemen. Dat is een beetje hun stijl, zoals ook die van Armstrong destijds: met zijn allen heel hard tot op een paar kilometer van de aankomst, waarna Chris Froome nog eens probeert te versnellen. Daar moeten wij niet aan meedoen: mijn taak is Péraud en Bardet afzetten aan de voet van de laatste klim en zij moeten de trein van Sky proberen te volgen."

"Een dag later over de Tourmalet naar Les Cauterets is andere koek. Plateau de Beille nog een dag later is de eerste echte koninginnenrit. Waar La Pierre Saint-Martin aangeeft wie goed zit, komt op Plateau de Beille de latere winnaar boven. Wie daar geel heeft, mag dromen van Tour-winst."

En dan vier overgangsritten.
"Ja, maar de eerste twee zijn niet makkelijk. Draaien en keren, op en af, én gesmolten asfalt. De dertiende etappe naar Rodez is er echt een voor een ontsnapping, een dag later zouden de Katjoesja's voor Joaquim Rodríguez kunnen rijden want hij is sterk op de Mur de Mende. De rit naar Valence is ook voor een ontsnapping, maar hier zou zelfs Cavendish kunnen winnen als hij die eerste helling overleeft. Zijn ploeg houdt de vluchters dan onder controle en in de laatste 50 kilometer slaat dat peloton op hol en rijdt tegen 60 per uur naar de meet. Vluchters zijn dan kansloos.

"Op 21 juli komen we aan in Gap, na de af-daling van de Col de Manse, dat is die afzink waar Joseba Beloki in 2003 viel en Lance Armstrong door de weide een bocht moest afsnijden."

De Alpen, dan ben je bijna thuis.
"Maar eerst drie gevaarlijke ritten. De aankomst op Pra Loup valt na de technische afdaling van de Col d'Allos. De rit naar La Toussuire wordt dé koninginnenrit. We hebben die verkend. De rit begint met een nieuwe helling, de Col de Chaussy. Dat wordt schrikken: je rijdt daar langs een ravijn. Wie daar naast de weg geraakt, valt 200 meter diep, niet normaal."

Denk je dat we tot Alpe d'Huez moeten wachten om de winnaar te kennen?
"Zou kunnen. Als de vier grote tenoren de hele Tour recht zijn gebleven en dicht bij elkaar staan, dan zullen we wat zien die rit."

Wie mag winnen?
"Ik vond Romain Bardet indrukwekkend. Jean-Christophe Péraud moest nog wat groeien. Als het geen van ons is, dan hoop ik op Alberto Contador. Dat zou een mooie afsluiter zijn. Ik heb toch begrepen dat hij dan zou stoppen, maar dan moet hij ook echt stoppen en ons niet aan het lijntje houden. (lacht)"

"Hij heeft die clenbuterolzaak gehad en hij heeft daar twee grote rondeoverwinningen moeten inleveren. Dat was een hoge tol voor wat het maar was. Stel nu dat hij vroeger met van alles en nog wat rondreed, dan is het straf dat hij nog steeds dit niveau haalt en kan winnen. Er zijn voorbeelden genoeg van jongens die zónder nooit meer een prijs reden."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234