Maandag 05/12/2022

Rubenshuis pakt uit met vier schitterende aanwinsten

Twee werken van Rubens, één Jordaens en één Snijders. Dat is de mooie oogst barokschilderijen voor het Rubenshuis. Het gaat niet om aankopen, maar om schilderijen die door privéverzamelaars in langdurige bruikleen aan het Antwerpse museum worden gegeven.

Antwerps museum krijgt werk van Rubens, Jordaens en Snijders in bruikleen

‘Door prijsstijgingen op de veilingmarkt zijn aankopen voor een bescheiden museum als het onze moeilijk geworden’, zegt conservator Ben Van Beneden. Een olieverfschets die het Rubenshuis in bruikleen had werd onlangs aangeboden voor liefst drie miljoen euro.

De vier bruiklenen zijn afkomstig uit een Zwitserse, een Duitse en twee Belgische privécollecties. De verwerving van deze werken is vaak een zaak van lange adem en het onderhouden van goede contacten. Uiteraard moet men goed geïnformeerd zijn: in welk privé- of openbaar bezit bevindt zich interessant werk? En dan moet de collectioneur overhaald worden om zijn of haar werk voor langere tijd af te staan: een argument kan zijn dat het werk beter op zijn plaats is in de context van het Rubenshuis of dat het werk in het museum grondig onderzocht kan worden.

Dat laatste is het geval voor Sint-Sebastiaan, een vroeg schilderij van Rubens uit 1604. Dat werk werd lange tijd beschouwd als een kopie naar Rubens en toegeschreven aan een minder bekende kunstenaar. Inmiddels gaat men ervan uit dat het een werk van Rubens is: een vroeg schilderij in de typische gladde, minutieuze en licht maniëristische stijl, met enkele anatomische onvolkomenheden die het werk van de jonge Rubens kenmerken.

In het Palazzo Corsini in Rome hangt een andere versie van hetzelfde tafereel. Nader wetenschappelijk onderzoek moet aan het licht brengen welke van de twee de ‘eerste versie’ is en of er ook andere handen in te herkennen zijn. “Had Rubens in Italië al een atelier? Dat weten we nog altijd niet”, zegt Rubenshuisconservator Ben Van Beneden. “Het zou schitterend zijn mochten we het Palazzo Corsini zo ver krijgen om hun Sebastiaan tijdelijk naar het Rubenshuis te sturen voor een vergelijkend onderzoek.”

Over het schilderij De infanta Isabella in het habijt van de Clarissen bestaat geen twijfel: dat is een échte Rubens. Het is bijzonder interessant om te zien welke evolutie de schilder in twintig jaar tijd doorgemaakt heeft. Het is een krachtig werk in de losse, zwierige en zelfzekere hand van de meester. Rubens schilderde het schetsmatige portret vermoedelijk in één dag in 1625, toen Isabella korte tijd in Antwerpen verbleef nadat de Spaanse troepen in Breda een overwinning hadden behaald op de Nederlanders. Na de dood van haar man, aartshertog Albrecht, trad Isabella toe tot de Orde der Arme Klaren. Het portret is niet alleen belangrijk omdat het een authentieke Rubens is en een vooraanstaande historische figuur betreft met wie hij een persoonlijke band onderhield, maar ook omdat het (onaffe) portret dienst heeft gedaan als model voor replica’s in Rubens’ werkplaats.

Nog in het grote atelier is momenteel een uitstekend werk van stillevenschilder en Rubensmedewerker Frans Snijders te zien. Het gaat niet om een ‘stil’ leven maar om een tafereel boordevol dynamiek. Die nadruk op drama had Snijders bij Rubens geleerd. Eén hond verdedigt zijn buit, een gevilde, bloederige koeienkop tegen de aanval van een andere hond, waarvan alleen de snuit te zien is. Het werk komt oorspronkelijk uit de collectie van de Spaanse markies Leganés, een hoveling van Filips IV, die meerdere werken van Rubens bezat en door de Antwerpse meester geportretteerd werd. “Door al die verbanden is het werk van extra belang voor het Rubenshuis”, aldus Ben Van Beneden.

Van Jacob Jordaens ten slotte heeft het Rubenshuis een prima werk uit zijn beste periode (1620-1640) kunnen verwerven. Jordaens, altijd al beschouwd als de minder geraffineerde barokmeester in vergelijking met Rubens en Van Dyck, schilderde zijn Maria en het kind in een krans van bloemen, vruchten en groenten in 1632. Het is een trompe-l’oeilvoorstelling, waarin het kindeke Jezus een vlammend hart omhooghoudt, wat duidt op de overwinning van Christus op zonde en kwaad - het is volop Contrareformatie, nietwaar. Het schilderij is een mooi voorbeeld van samenwerking tussen Antwerpse schilders: Jordaens schilderde de personages, terwijl Adriaan van Utrecht en Frans Ykens instonden voor bloemen en groenten.

Het Rubenshuis heeft nog meer plannen. Vanaf 28 oktober 2010 vindt er een dossiertentoonstelling plaats over de recent bij Sotheby’s verworven Doedelzakspeler van Jacob Jordaens, een bruikleen van de Koning Boudewijnstichting. Najaar 2011 wordt een ruime tentoonstelling gewijd aan Rubens als architect. Voor 2015 staat dan een bijzonder ambitieuze expositie op stapel over de gezinsleden van Rubens, met schilderijen en tekeningen uit ’s werelds belangrijkste collecties.

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234