Dinsdag 15/10/2019

Rubens moet weer naar huis komen

135 jaar nadat rijksarchivaris Charles Piot in kaart bracht welke Belgische kunstwerken ons tijdens de napoleontische veldslagen werden ontvreemd, doet Elke Sleurs een nieuwe poging. De N-VA-staatssecretaris hoopt zo de verdwenen Rubensen en Jordaensen terug te halen. 'Dit kan een win-winsituatie worden.'

Soms trekken Griekenland en België aan hetzelfde zeel. Tenminste als het over kunst gaat. De Grieken strijden al decennialang om de 2.500 jaar oude marmeren Elgin Marbles. Die klassieke sculpturen werden aan het begin van de 19de eeuw door de Britse graaf van Elgin uit het Atheense Parthenon geroofd en belandden in het British Museum.

Ook wij hebben een soort van Elgin Marbles, zij het jonger en op doek. Het gaat om werken van Antwerpse meesters als Pieter Paul Rubens, Jacob Jordaens en Gaspar de Crayer. Die werden tussen 1794 en 1814 door het Franse leger meegenomen uit onze kerken, kloosters, academies en adellijke verzamelingen. Dat gebeurde op vraag van keizer Napoleon die zo zijn eigen wereldmuseum in Parijs wilde vullen. Van de in totaal meer dan tweehonderd gestolen schilderijen kwam na de val van Napoleon en dankzij het Verdrag van Wenen in 1815 maar een deeltje terug. De kruisafname van Rubens en Het Lam Gods van de gebroeders Van Eyck bijvoorbeeld. Heel wat andere doeken hangen nog altijd in de musées départementaux van steden als Lyon, Toulouse en Rijsel en Grenoble.

Slechts één man, genaamd Charles Piot, ontfermde zich over die werken door in 1880 een inventaris ervan te maken, hij verzamelde documenten en maakte alles over aan de minister van Binnenlandse Zaken. Hij maakte melding van 271 werken: 90 waren in België gebleven of gerestitueerd, 74 andere bevonden zich op bekende locaties, 87 bleken vermist.

Kunstoorlog

Tal van politici (met recentste voorbeelden Vlaams Belanger Filip Dewinter in 2004 en sp.a'er Bert Anciaux in 2011, FVG) drongen al bij Frankrijk aan om de schilderijen terug te geven. Veel, laat staan iets structureels, bewoog er tot nog toe niet. Staatssecretaris voor Wetenschapsbeleid Elke Sleurs hoopt daar verandering in te brengen. Dinsdag antwoordde ze, op parlementaire vragen van Richard Miller (MR) en Peter Dedecker (N-VA), een studie te willen uitvoeren. "Eerst wil ik een nieuwe stand van zaken opmaken. Dat wil zeggen: kijken welke werken van welke kunstenaars zich waar bevinden en uitzoeken wat hun waarde is. Als dat achter de rug is, zullen we kijken wat we terugwillen en hoe we daarvoor kunnen zorgen."

Als er wat teruggeëist moet worden, dan zal dat allesbehalve vanzelfsprekend zijn, stellen kunsthistorici. Op het moment van de roof bestond België niet eens. Daar komt bij dat er geen juridisch kader voorhanden is. "Er zullen inderdaad nieuwe verdragen gesloten moeten worden. Daarvoor is een geüpdatete inventaris essentieel", aldus Sleurs. Ze rekent daarvoor op de administratie wetenschapsbeleid, de federale overheidsdienst Justitie en de Franse en Vlaamse gemeenschap. Hoeveel tijd en hoeveel geld ervoor uitgetrokken zal worden, kan ze niet zeggen.

Wel belooft de N-VA'ster geen kunstoorlog of diplomatieke rellen. "Het wil zeker niet zeggen dat de werken, omdat ze zich niet op ons grondgebied bevinden, geen nut hebben. Het kunnen net ambassadeurs zijn. Als er iets teruggehaald moet worden, moeten we sowieso zeker zijn dat ze hier evengoed bewaard en onderhouden kunnen worden."

Dat er na meer dan 200 jaar pas werk wordt gemaakt van het gestolen erfgoed, ligt aan tal van factoren, stelt kunsthistoricus Jacques Lust. "Zo durfde België, in de periode dat het pas bestond, haar buurlanden niet te bruskeren. België was gecreëerd als bufferstaat tussen Europese grootmachten. In de decennia die daarop volgden stond kunst en kunstresitutie en -bescherming niet hoog op de prioriteitenlijst. Het is pas na de Tweede Wereldoorlog dat de internationale gemeenschap zich hiermee bezig hield."

Volgens Lust werkt woord-wederwoord in deze sowieso niet. "Dan beland je, net als Griekenland en Groot-Brittannië in een patstelling. Je moet een middenweg vinden, een win-winsituatie. In Zwitserland kwamen ze bij discussies over een 16de-eeuwse wereldbol tot een overeenkomst met een betaalde replica, aan IJsland gaf Denemarken een deel van haar middeleeuwse saga's terug."

Volgens de kunsthistoricus is het sowieso niet juist om de geroofde kunst los te laten. "Zo geef je niet het signaal dat je het eigen erfgoed respecteert. Daarbij: als wij er afstand van doen, dan heeft dat ook gevolgen voor de volgende generaties."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234