Donderdag 26/11/2020

Expo

Royal Academy toont kunst van periode na Russische revolutie

Kuzma Petrov-Vodkin, Naast Lenins doodskist (1924).
Beeld rv State Tretyakov Gallery

Rusland blijft fascineren. Zeker vandaag. Met de ambitieuze expo Revolution: Russian Art 1917-1932 buigt de Royal Academy in Londen zich over een intrigerende periode in de Sovjet-geschiedenis, toen de eliminatie van de laatste tsaar aan de basis lag van een creatieve explosie.

De Oktoberrevolutie viert dit jaar haar honderdste verjaardag: in oktober 1917 stootte Vladimir Lenin met zijn socialistische Bolsjewieken de autocratische Tsaar Nicholas II van de troon. Het werd het begin van een van de meest turbulente periodes in de moderne geschiedenis.

De tentoonstelling Revolution: Russian Art 1917-1932 zoomt in op de rijke diversiteit aan kunst die op dat moment ontstond, zonder een standpunt in te nemen over de plaats van de avant-gardekunst – denk Malevitsj en Kandinsky –tegenover het door Stalin opgelegde realisme. Er zijn geen wijzende vingers, enkel een open vizier.

De opzet is complex en ambitieus: er kwam nooit eerder zo’n veelheid aan Russische kunst samen op niet-Russische bodem. Er wordt ook steeds teruggekoppeld naar de sociale en politieke situaties waarin de kunstenaars zich bevonden.

Nog bijzonder: cinema krijgt een speciale rol toebedeeld in de tentoonstelling. Hij krijgt zelfs de titel van de belangrijkste kunstvorm uit die periode. Over heel de expo verspreid hangen dan ook schermen met prominente kortfilms die aansluiten bij het thema van de zaal.

Maar uiteraard wordt ook Sergei Eisenstein uitgelicht, de maker van het legendarische Pantserkruiser Potemkin – algemeen beschouwd als een van de belangrijkste films aller tijden. Eisenstein experimenteerde erin met montage, op zoek naar een manier om een zo groot mogelijk emotionele invloed op het publiek uit te oefenen. Stalin en Goebbels waren – niet verwonderlijk – fan.

15 jaar Sovjetkunst

Revolution: Russian Art 1917-1932 begint met bombastische campagnebeelden van de grote leiders. Lenin had na de revolutie propagandamateriaal nodig om de Russische bevolking voor zich te winnen. De Bolsjewieken – toen een bescheiden groep met zowat 350.000 aanhangers – leken amper opgewassen tegen de 140 miljoen Russen op het platteland, die doorgaans even onwetend als ongeletterd waren. Sterke campagnes om het volk te beroeren, drongen zich op en vroegen niet alleen heldere figuratieve beelden, maar ook kunstenaars met een duidelijke en progressieve taal. Kunstenaars zoals de avant-gardistische Kazimir Malevitsj, die een populaire poster ontwierp waarop een boerin Duitse soldaten aan haar hooivork reeg, een verwijzing naar de Eerste Wereldoorlog.

Het werd het begin van een uiterst creatieve periode die duurde tot aan het einde van Lenins tijdperk. Want in de jaren 20 duwde Stalin er zijn repressieve regime door en hij verkoos het sociaal-realisme van onder meer Isaak Brodski boven de linkse avant-gardisten.

Voor de opzet van Revolution: Russian Art 1917-1932 haalde de Royal Academy de mosterd bij een grote tentoonstelling in Sint-Petersburg in 1932, die een overzicht bracht van vijftien jaar Sovjet-kunst. Artiesten van alle slag streden er voor de aandacht van de enige sponsor waar ze toen op konden rekenen: de overheid.

Net als de nieuwe expo plaatste de oude artiesten uit de avant-garde tegenover hun realistische tegenhangers, terwijl Kazimir Malevitsj en Kuzma Petrov-Vodkin elk een eigen zaal krijgen toegewezen. De Malevitsj-zaal in de Royal Academy vormt het hoogtepunt van de rondgang. Liefst negentien van de twintig werken uit de oude tentoonstelling zijn in exact dezelfde opstelling opgehangen.

Even verderop wordt de aandacht opnieuw verdeeld over de vele aspecten eigen aan het Sovjet-tijdperk. Een vliegtuigje van Vladimir Tatlin, bekend van zijn helaas nooit gebouwde Tatlin-toren (die nog een derde groter dan de Eiffeltoren moest worden), zweeft boven de hoofden van de bezoekers in een aparte ruimte. Aanpalend wordt ingezoomd op de nostalgie van de nooit echt teloorgegane Russische ziel van voor de revolutie. De aanwezigheid van het romantische werk De wandeling uit 1917, waarin Marc Chagall de vreugde van het huwelijk etaleert, verwijst naar de twijfel die later bij veel gedesillusioneerde kunstenaars, zoals Chagall, optrad.

Goelag

In de zaal New City, New Society wordt het nieuwe bewind in Petrograd, het voormalige Sint-Petersburg, dan weer heel tastbaar met tabellen die aantonen wat het jaarlijkse rantsoen van een doodgewone man in de stad beslaat. Of de hoeveelheid eten dat een kind toen nodig had. Allemaal zaken die wettelijk vastgelegd werden.

De tentoonstelling schuwt dus ook de zwartste periodes niet. In een verduisterde zwarte kubus worden zelfs dia’s getoond van intellectuelen die in de jaren na 1932 onder Stalin zijn verbannen naar de goelag, de Russische concentratiekampen in Siberië. Velen van hen vonden er de dood. Ironisch genoeg was dat ook het lot van kunstcriticus Nikolai Punin, de organisator van de tentoonstelling waar Revolution: Russian Art 1917-1932 op is gebaseerd.

Tot 17 april in de Royal Academy, Londen. royalacademy.org.uk

Marc Chagall, Promenade (1917-18)Beeld rv
Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234