Donderdag 22/10/2020

Robin Hood kan de gezondheid schaden

Dominique Michel kan sympathie opbrengen voor de ideeën van voedseldief Steven D., maar vindt 'dumpster diven' de verkeerde methode. Michel is gedelegeerd bestuurder van Comeos, de federatie van de handel en diensten in België.

Deze week doet een rechter in Dendermonde uitspraak over de dumpster diver: de moderne Robin Hood die vervallen eten uit vuilnisbakken van winkels haalt om het te verdelen. Het klinkt natuurlijk sympathiek en haast romantisch: voedsel recupereren dat toch wordt weggegooid, om het te schenken aan diegenen die het nodig hebben. In De Morgen van 8 april nam Hans Geybels het dan ook op voor de dumpster divers: 'Voedsel stelen is niet altijd een misdaad', schreef de gastdocent theologie toen. "Jaarlijks gooien we 500.000 ton eten weg, en in de supermarkten wordt de kost van weggegooid voedsel doorgerekend - we betalen er sowieso dus voor", luidt de argumentatie van de beschuldigde Steven D. Benieuwd of hij er de rechter mee kan charmeren, maar de handelaars zijn in ieder geval not amused.

Er zijn fundamentele problemen met het Robin Hood-gedrag. Het voedsel dat hij uit de vuilniscontainers van warenhuizen pikt, is vervallen of kan niet meer worden verkocht. Conservendozen zijn ingedeukt, sla is rot. De houdbaarheidsdatum of de datum voor uiterste consumptie is overschreden - en die goederen mogen van de wetgever niet meer verkocht of ter consumptie worden aangeboden. Ik ken geen enkele handelaar die graag koopwaar weggooit: veel liever verkopen ze het. Wanneer de uiterste verkoopdatum nadert, heeft de handelaar drie opties: hij probeert het product in snelverkoop alsnog aan de man te brengen, hij schenkt het weg of hij vernietigt het.

In het eerste geval, de snelverkoop, wordt het eten verkocht met een fikse korting en met de duidelijke melding dat het de dag van aankoop, of in het uiterste geval 's anderendaags, ook moet worden geconsumeerd. Het gros van het voedsel dat de houdbaarheidsdatum bijna heeft bereikt, wordt door onze handelaars echter aan de voedselbanken geschonken. Jaarlijks krijgen die zo'n 2,4 miljoen maaltijden van de Belgische handel. En ze zorgen ervoor dat dat voedsel bij de juiste mensen terechtkomt.

Ook bij de laatste, drastische maatregel is de wetgever duidelijk: voedsel dat niet meer verkocht of ter consumptie mag worden aangeboden, moet worden vernietigd. De supermarkten doen daarvoor een beroep op gespecialiseerde firma's, die voedseloverschotten recupereren, behandelen en verwerken tot meststoffen of veevoeders, of ze worden gegist zodat er natuurgas uit kan worden gewonnen. Het eten in de dumpsters van supermarkten is dus niet weggegooid: het wordt er verzameld tot zo'n gespecialiseerd bedrijf het ophaalt en verwerkt. Door acties van dumpster divers worden handelaars nu verplicht om die containers met sloten en kettingen af te sluiten, of er een omheining omheen te plaatsen - dat is toch te gek voor woorden?

Dioxinecrisis
De beklaagde Steven D. wekt de indruk dat het allemaal niet zo erg is, wat hij doet. Een blikje bier, een zak muffins of een doos soep: de vervaldatum is misschien wel overschreden, maar daarom is dat eten toch nog niet slecht?

Met het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen (FAVV) heeft België sinds de dioxinecrisis het beste controlemechanisme voor voedselveiligheid ter wereld. Van de bron tot het eindproduct wordt gecontroleerd of ons eten wel aan de gezondheidsnormen voldoet. Voor de handelaar betekent dit zware controles en dito investeringen. De temperatuur van vrieskisten of koelkasten, de verpakkingen, de etikettering, het stockeren, het blootstellen aan zonlicht, het doorbreken van koudeketens: alles wordt in de gaten gehouden. En terecht - geen enkele handelaar wil het risico lopen dat zijn klanten ziek worden (of erger) nadat ze voedsel hebben opgegeten dat hij hen heeft verkocht. Die aanpak loont ook: uit een Europees onderzoek blijkt dat de Belgen van alle Europeanen het minste klagen over de manier waarop de detailhandel hier is georganiseerd. We hebben vertrouwen in wat we kopen, en zijn zelfs bereid daar iets meer voor te betalen.

Steven D. zet met zijn acties dat hele systeem op de helling. Hij brengt eten dat vernietigd hoort te worden, terug in de consumptieketen. Voedsel waarvan hij niet weet waarom het wordt vernietigd - misschien stond het blikje bier drie maanden lang in een etalage, in volle zon. Misschien lekte er een of andere stof over de zak muffins heen. Misschien werd de doos soep per ongeluk ontdooid en opnieuw ingevroren. Bij het uitdelen van dat voedsel loopt hijzelf ook niet het minste risico. Wanneer iemand een (salmonella)vergiftiging oploopt na het eten van bedorven eten, zal Steven D. niet worden aangeklaagd. Dan staat de handelaar wel (weer) in het beklaagdenbankje. Want bewijs maar eens dat je dat eten niet verkocht, maar stockeerde om het te laten vernietigen - waar een Robin Hood het pikte.

Begrijp me niet verkeerd: het is dramatisch dat we in onze maatschappij blijkbaar nood hebben aan alternatieve voedselcircuits om minderbedeelden te bedienen. Maar het is niet aan een individu om te beslissen dat voedsel dat op bevel van de overheid uit de consumptieketen werd genomen, toch nog mag verdeeld worden. De voedselbanken verrichten al jaren lang, met steun van de Comeos-leden en de consumenten, schitterend werk, op een veilige en verantwoorde manier.

Consument koopt liever te veel
Ik heb ook bedenkingen, net als iedereen, bij het feit dat we enerzijds eten moeten uitdelen aan wie het nodig heeft, en anderzijds jaarlijks vijfhonderdduizend ton voedsel weggooien. Maar zowel Steven D. als Hans Geybels halen met dat cijfer (bewust?) verschillende elementen door elkaar: die vijfhonderdduizend ton wordt niet door de handelaars gedumpt, maar door de consument. Het is eten dat u en ik wel kopen, maar niet opeten. De handel levert inspanningen (onder andere met verschillende verpakkingen) om de overconsumptie tegen te gaan, maar we kopen toch nog liever te veel dan te weinig.

De rechtbank zal in alle wijsheid oordelen over Steven D. Maar voor de handel hoop ik dat de boodschap duidelijk zal zijn: gestolen goed gedijt niet.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234