Zaterdag 10/12/2022

Robin Hobb Fantasy queen na Tolkien

Antwerpen

Eigen berichtgeving

Katrijn Serneels

Robin Hobb is the hottest thing in town na Tolkien. En wat haar lezers het meest appreciëren aan haar boeken, is dat ze helemaal geen kopie van Tolkien zijn. De Amerikaanse koningin van de fantasy begon te schrijven toen ze als huisvrouwtje van achttien op een eiland woonde, terwijl haar man op zee was. "Ik kon moeilijk de hele dag schoonmaken, ik ben daar ook niet goed in. Ik dacht, laat ik schrijven", zegt ze bij haar bezoek aan België.

Op haar brievenbus staat Margaret Astrid Lindholm Ogden, maar als schrijfster noemde ze zichzelf Hobb, naar de Hobbits van Tolkien. De koningin van de fantasy heeft niet alleen zout op haar huid, er zit ook zout in haar boeken. Terwijl haar man op zee was, schreef Robin Hobb 'De boeken van de levende schepen', die haar samen met haar andere trilogie, 'De boeken van de zieners', wereldberoemd maakten. Nu nadert een nieuwe trilogie, 'De boeken van de nar', haar voltooiing. Het tweede boek, De gouden nar, is net uit in België.

Hobb trouwde op haar achttiende en begon toen ook te schrijven. Was het huwelijk zo'n grote bron voor inspiratie? Robin Hobb: "Nee, het was uit verveling dat ik begon te schrijven. Toen ik pas getrouwd was met mijn man, die zeeman was, verhuisden we naar een eiland. Ik kwam terecht in een klein dorpje, waar minder dan tweehonderd mensen woonden, vaak verpreid in huizen langs de kust. Er was niets in het dorp, alleen een tankstation. Een keer per week reed ik naar de stad. Ik was een werkloze huisvrouw en verveelde me te pletter. Ik kon moeilijk de hele dag schoonmaken, ik ben daar ook niet goed in. Ik dacht: laat ik iets doen waar ik hopelijk beter in ben dan schoonmaken: schrijven. Het was altijd mijn droom geweest om schrijfster te worden."

Een zeeman en een schrijfster, dat lijkt een vreemde combinatie. "Integendeel," zegt Hobb, "de ervaringen van mijn man hebben mijn werk geïnspireerd: zo zijn de boeken over de levende schepen ontstaan. Dat schepen tot leven kunnen komen, is een idee dat eigenlijk voortvloeide uit zijn verhalen over hoe schepen verschillende karakters kunnen hebben. Schepen hebben ook vaak namen, en vroeger hadden ze vaak boegbeelden in de vorm van een mens of een dier: het idee dat een schip van hout is maar een eigen leven heeft, is al oud."

Hobb is ondertussen zelf 50 jaar oud en een van beste fantasyschrijvers na Tolkien. Wat is het geheim van haar succes? "Magie moet beperkingen hebben. Mensen denken dat je kunt schrijven wat je wilt als je fantasy schrijft: dat klopt niet. Je kunt niet over draken schrijven, als je niet weet wat een paard eet. Stel dat je een ridder vier dagen en nachten op een paard laat rijden zonder te rusten, en paard en ridder daarna een draak laat verslaan. Niemand gelooft dat, niet omdat er een draak in het verhaal zit, maar omdat een paard gewoon doodvalt als je er vier dagen mee rijdt zonder eten of rust. Veel fantasyschrijvers denken niet aan praktische dingen als: wat eet een paard, en hoeveel water kan het drinken: een of vier emmers? Als je over kruiden schrijft, zorg dan dat het de juiste kruiden zijn, of je krijgt twintig boze brieven. Of nog erger: de lezers haken af, omdat ze niet meer geloven in wat je schrijft.

"Je sluit altijd een contract met de lezer: dit kan niet echt, maar als je erin gelooft en dit boek openslaat, dan beloof ik je dat je een goed verhaal zal geven. Maar daar staat tegenover dat je je contract niet mag breken. Negentig procent van de fantasy- en sciencefictionboeken is slecht. Maar dat geldt ook voor non-fictie en gewone romans. Het geheim is goede research. Ik lees boeken over de pest, over de geschiedenis van katten, over het gedrag van wolven, gewoon om te weten wat kan. En als de wolf geloofwaardig is, dan zal de draak dat ook zijn. Het is veel moeilijker om over niet-bestaande wezens te schrijven dan mensen denken. Eerst moeten ze in de bestaande wezens geloven."

Fantasy wordt vaak niet zo hoog gewaardeerd als een boek dat speelt in het Duitsland van de Tweede Wereldoorlog, maar dat stoort Hobb niet zo. "Ik zou het net storend vinden om mijn boeken in Afghanistan of Duitsland te laten spelen. Stel dat ik schrijf over een land dat van handel leeft en een buurland dat die handel blokkeert. Als ik daar namen op plak, dan gaan mensen meteen hun mening of vooroordelen uit de kast halen. De realiteit kan een masker zijn dat de discussie over de essentie van het verhaal verdringt. In de imaginaire wereld van fantasy kun je, net zoals in de dierenfabels van Aesopus, het hebben over de grote vragen van het leven. Wat is goed, wat is goed leven? Eigenlijk gaan mijn boeken over menselijke waarden, niet over bovennatuurlijke krachten."

De verhalen van Hobb zijn vaak coming of age-verhalen. Haar helden, zoals Fitz of Althea, groeien op om te ontdekken dat ze een speciale missie of krachten hebben. Maar de meeste mensen groeien op om te beseffen dat ze een gewoon leven zullen hebben, geen speciaal. Daar is de schrijfster het echter niet mee eens: "Dit is het ergste wat er is, geloven dat je niets speciaals hebt in je leven, dat je geen passie of bestemming hebt. Je hoeft geen koningszoon zijn of in een levend schip varen om speciaal te zijn."

Levende schepen, een koningszoon die de gedachten kan lezen van een wolf: de band tussen natuur en mens is vaak heel hecht in haar werk. Is het lot van de mens sterk met de natuur verbonden? Hobb: "Ja, ik vind dat we meer respect moeten hebben voor wat ons omringt, want het is groter dan ons, en te complex om te begrijpen. Neem nu het Biosphere-project: we slagen er niet in om een ecosysteem te bouwen waarin mensen langer kunnen overleven dan twee jaar. De natuur zorgt dat we al miljoenen jaren kunnen overleven. Veel mensen vergeten dat ze deel uitmaken van een groter geheel, iets groots dat we niet altijd begrijpen. Dat is een spiritueel inzicht, dat het leven helpt relativeren en zin geeft. En daar wil ik mensen aan herinneren in mijn boeken."

Er was een tijd dat natuur en mens in harmonie leefden, een Eden, een gouden tijd. Ook bij Hobb steekt dat thema het kop op: Fitz moet de Dynastie van de Zieners redden, bij Althea is het tijdperk van de levende schepen bedreigd door nieuwe handelaars. Wil ze terug naar Eden? "Nee, ik vind helemaal niet dat we terug moeten naar een gouden tijd. Mensen hebben gewoon de neiging om te denken dat het vroeger beter was, ze keren graag terug naar wat bekend is. Verandering is moeilijk. Maar het is ook noodzakelijk. Ik heb in mijn leven veel verandering gekend. Mijn vader is net gestorven en hij was iemand die op het einde van zijn leven verandering weigerde: een telefoon die zegt 'Druk op één voor Engels', dat was te veel voor hem. Verandering is onvermijdelijk, groei is een optie. Dat is ook de boodschap in mijn nieuwe boek, en in de boeken van de levende schepen: je moet veranderen om te leven. Anders sterf je en wat je waardevol vindt in je wereld sterft dan met jou."

Robin Hobb: De gouden nar, Meulenhoff, 576 p.

'Wie over draken wil schrijven, moet eerst weten wat een paard eet'

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234