Dinsdag 27/07/2021

'Rijken mogen denken, armen moeten dromen'

Frank Boeijen (45) heeft het druk. De geadopteerde Antwerpenaar - hij huurt sinds kort weer een appartement in de Scheldestad - brengt vandaag zijn negentiende cd uit en neemt vanavond alweer een nieuwe op in het Sportpaleis. Samen met het orkest Il Novecento kuiert hij bijna drie uur lang door een kwarteeuw carrière. 'Mijn grootste angst is dat ik mezelf teleur zal stellen.'

Antwerpen

Eigen berichtgeving

Bart Steenhaut

Frank Boeijen loopt een beetje zenuwachtig door de catacomben van het Antwerpse Sportpaleis. Over een paar dagen staat hij hier twee avonden na elkaar met Il Novecento, en de Nederlandse chansonnier heeft net de eerste repetitie achter de rug. Het is goed gegaan, maar het blijft een enorme onderneming om een zanger, een groep, zeventig extra muzikanten én een handvol gerenommeerde gasten als Sarah Bettens, Yasmine, Boudewijn de Groot en Stef Bos op dezelfde golflengte te krijgen. Tot op het laatste moment wordt er aan de arrangementen gesleuteld en vallen er partijen weg. Even later zitten we in zijn kleedkamer en wordt de eerste fles Chardonnay ontkurkt. "Ik speelde al een tijdje met het idee om mijn nummers eens door een groot orkest te laten uitvoeren. Vooral de songs uit de jaren tachtig leenden zich heel erg tot zo'n grootse, uitgebreide verpakking. 'Kronenburg park', 'Zwart-wit', 'Hier komt de storm'. Die nummers lijken haast geschreven voor een orkest."

U staat dit jaar een kwarteeuw op het podium en Schaduw van de liefde is uw negentiende cd. Wordt het niet alsmaar moeilijker om nog nieuwe uitdagingen te vinden, zodat u op den duur al met een orkest zou werken, omdat het een van de weinige dingen was die u nog niet heeft gedaan?

Frank Boeijen: "Ik ervaar dat helemaal niet zo. Als ik nu 'De verzoening' zing, dan denk ik aan wie ik was toen ik dat nummer schreef: een jongen van 29 die zich afvroeg hoe hij zich met zijn lot kon verzoenen. Dan geef ik gewoon een interpretatie van wie ik toen was."

In hoeverre bent u iemand anders geworden?

"Volgens mij verandert een mens in de kern niet zoveel. Het is vooral de tijdgeest die evolueert. In de jaren tachtig stak het nieuwe materialisme plots de kop op. Reagan en Thatcher regeerden de wereld. Nu heb je weer zo'n moment. Bush is president. Schwarzenegger wordt gouverneur. De bloeddorst van Amerika raakt maar niet gelest. En er hangt opnieuw een economische crisis boven ons hoofd. Met bedrijven die dichtgaan en mensen die op straat worden gezet. In de jaren negentig was de stemming toch anders. Er was hoop in die tijd."

Vindt u dat uw muziek de tijd weergeeft?

"Moeilijke vraag. De nieuwe plaat gaat over botsingen, de polarisatie tussen culturen, landen, beschavingen, werelddelen..."

Mensen?

"Ja, dat natuurlijk ook. Eigenlijk is het een songcyclus die een afgelijnd verhaal vertelt. Het begint met de wens om een goede relatie te hebben. Even later wordt dat ideaal ook bereikt, maar na verloop van tijd stort het luchtkasteel toch weer in elkaar. Ik denk dat 11 september destijds de aanzet is geweest om over dat soort thema's te schrijven, maar dat vond ik een veel te groots gegeven. Dus moest het kleiner, persoonlijker worden. Het feit dat ik ook in mijn privé-leven een turbulente periode achter de rug heb, is daar wellicht niet vreemd aan."

Het gevoel van vergankelijkheid is een terugkerend thema in uw werk.

"Ja, dat zit er diep in. Ik heb niet toevallig al twee platen over de dood gemaakt. De confrontatie met het wegvallen van geliefden heeft me ook veel bijgebracht. Ik heb mijn zegeningen geteld; ben veel milder geworden. Ik relativeer meer, leef intenser."

Beschouwt u Schaduw van de liefde als een terugblik op uw leven?

"Het nummer 'Ik drink' alleszins wel, ja. Dat gaat over een man die 's nachts thuis zit en in zijn eentje proost op het leven. Hij viert niet alleen wat hij gehad heeft, maar ook wat hem door de vingers is geglipt. De tekst is duidelijk vanuit het standpunt van een ouder iemand geschreven, maar ik kan er me wel mee identificeren. Ik kijk nu ook al terug op wat ik van het leven gekregen heb, en wat ik eraan heb verloren."

En? Hoe groot is de schade?

"Ik heb vooral veel mensen verloren. De dood, alweer. En de tweede helft van de jaren tachtig was een moeilijke periode. Ik was nog jong, toen. Een twintiger. Ik holde van hot naar haar, was dag en nacht met muziek bezig. Dat was een bewuste keuze, want ik wilde helemaal niet studeren. En toch. Eigenlijk ben ik pas echt van mijn vak beginnen genieten toen ik, in 1991, de Frank Boeijen Groep ontbonden heb en solo ben gegaan."

Moest u solo gaan om 'neen' te leren zeggen?

"Ja, zo simpel is het eigenlijk. Zodra je alleen bent, zijn er veel minder mensen met wie je rekening moet houden; spelen er minder belangen mee. Nu kan ik het me veroorloven om dit jaar maar een handvol optredens te doen. In een echte groep is zoiets uitgesloten omdat de financiële gevolgen van zo'n beslissing niet te overzien zijn. In die zin is het een luxe dat ik dat soort verantwoordelijkheden niet langer hoef te dragen."

Hoe open bent u eigenlijk in uw songs? Zijn er emoties waar u bewust niet over schrijft, die u liever voor u zelf houdt?

"Toch wel, ja. Bob Dylan heeft ooit gezegd dat je nooit een lovesong mag schrijven zolang je verliefd bent. Je moet eerst uit een gevoel zijn voor je er over kunt schrijven. Anders laat je je te zeer opslorpen door je gevoelens, en daar krijg je later - als je het nummer weer moet zingen - gegarandeerd spijt van. Verder ontbreekt het mijn teksten vaak wat aan humor, al is het ook weer niet zo dat je bij het luisteren naar mijn platen meteen de behoefte voelt om je polsen over te snijden. De liedjes zijn geen hulpeloze schreeuw in het ijle. Het moet tenslotte ook een beetje aangenaam blijven voor de luisteraar."

Als u zich slecht voelt, grijpt u dan automatisch naar uw blocnote om het van u af te schrijven?

"Neen, als het slecht gaat, grijp ik naar de drank. (grinnikt). Eigenlijk heb ik vooral rust nodig om te kunnen schrijven, dus dat lukt me meestal alleen 's avonds. Dat is zowat het enige moment op een dag dat een mens nog tijd heeft voor zichzelf. Onze hele westerse maatschappij bestaat uit verspilde tijd. Je zou eens moeten nagaan hoeveel uur je op een dag verliest met wachten, in de file staan... Bovendien hebben de moderne communicatiemiddelen ervoor gezorgd dat je eigenlijk geen moment rust meer wordt gegund. Je bent overal bereikbaar, daar kan ik me mateloos aan storen. Alleen 's nachts is dat anders; is er ruimte voor rust."

Twijfelt u wel eens aan uw capaciteiten als songschrijver?

"Regelmatig zelfs. Mijn grootste angst is dat ik mezelf teleur zal stellen. Telkens ik aan een nieuwe plaat begin, vraag ik me af of ik eigenlijk nog wel iets heb toe te voegen aan al de andere platen die ik al gemaakt heb. Maar zodra ik op die manier begin te redeneren, klap ik meteen dicht, komt er geen woord meer uit."

Mij lijkt dat net de vraag die iedere artiest zich zou moeten stellen: heb ik nog wel iets te vertellen?

"Dat is natuurlijk waar, maar tegelijkertijd mag je je nooit te bewust zijn van je eigen verleden. Eigenlijk komt het erop aan je hoofd leeg te maken en jezelf open te stellen voor nieuwe invloeden, nieuwe ervaringen. Maar zelfs dan is er de voortdurende vrees om iets te maken dat helemaal nergens op slaat. Vroeger vond ik dat mijn laatste lied ook het beste moest zijn. Tegenwoordig probeer ik die redenering om te draaien, schrijf ik af en toe bewust iets dat kant noch wal raakt. De meest ordinaire dingen. Gisteravond lekker gegeten, straks een afspraak met een vriend. Tja, je moet érgens beginnen, hé? Zo verdwijnt de druk en ontstaan er achteraf haast als vanzelf toch weer songs die wél de moeite waard zijn."

In 'Dialoog' zit een zinnetje dat me mateloos intrigeert: 'denken is voor de rijken'. Wat moeten de armen dan doen?

"Dromen. Denken is toch een luxe? Op mijn reizen zie ik heel vaak mensen die zo arm zijn dat ze al blij zijn wanneer ze het einde van de dag halen en hun kinderen te eten kunnen geven. In de sloppenwijken van Cambodja of Vietnam hebben ze te veel zorgen om zich druk te maken over filosofie. Zelf voel ik me daar wél heel erg toe aangetrokken. Ik zet graag een boompje op over (spreekt de woorden ironiserend uit:) 'de wereld' en 'de werkelijkheid'. Daar hebben ze ginds geen boodschap aan."

In een ander nieuw nummer stelt u de vraag: 'Hoe lang kun je samen niét gelukkig zijn?' Dat soort bedenkingen is eigenlijk taboe in een popliedje. Daar hoort het te gaan over de allesomvattende liefde en hoe eeuwigdurend die wel is.

"Precies. In onze maatschappij wordt ons voortdurend de utopie van geluk voorgehouden. Als je dié auto koopt, dat soort boter of dit merk sigaret, ligt het geluk binnen handbereik. Allemaal onzin, natuurlijk. In 'Hoe lang kun je samen' zet ik me af tegen dat opgelegde geluk. Ik ben er ook vast van overtuigd dat de vraag die ik me in dat lied stel veel mensen vertrouwd in de oren klinkt: 'hoe lang houd je dat vol, samen niet gelukkig zijn?'"

Hebt u zich in uw eigen relaties wel eens op dat punt bevonden?

"Jazeker. En dan wilde ik er wel een punt achter zetten, maar duurde het achteraf toch nog heel lang voor ik die stap durfde te zetten. Want geluk is iets dat ik ook wel een beetje wantrouw. Geluk is voor mij: rust. Of juister: minder onrust."

Schaduw van de liefde is verschenen bij V2. Frank Boeijen treedt vanavond en morgenavond met orkest Il Novecento op in het Sportpaleis te Antwerpen. Er zijn gastoptredens voorzien van Sarah Bettens, Yasmine, Marco Borsato, Boudewijn de Groot, Stef Bos en Mich Van Hautem. Info tickets: 03/248.63.43.

'Schrijf nooit een love-song als je verliefd bent'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234