Maandag 24/01/2022

Richard Harris, van drinkebroer tot tovenaar

ierse filmacteur en 'zanger' overlijdt op 72-jarige leeftijd

Eigen berichtgeving

Brussel

Jan Temmerman

In een ziekenhuis in Londen is vrijdagnacht de flamboyante Ierse acteur Richard Harris overleden aan de ziekte van Hodgkin (lymfeklierkanker). Hij was op 1 oktober net 72 jaar geworden. Volgende maand zal hij overal in de bioscopen opnieuw te zien zijn als Professor Albus Dumbledore, het hoofd van de Hogwarts School of Witchcraft and Wizardry in de vervolgfilm Harry Potter and the Chamber of Secrets.

Hij hield van acteren, zeker op de planken en ook wel in film, maar daar ergerde hij zich steeds vaker aan wat hij de zelfgenoegzaamheid en de elitaire arrogantie van sommige collega's noemde, "met hun private jets, hun bodyguards, hun diëtisten en hun schoonheidsspecialisten". Toen de media vorig jaar zoveel heisa maakten over de vraag of Madonna al dan niet de première van de eerste Harry Potter-film zou bijwonen, reageerde hij: "Ze zou niet in staat zijn de film te begrijpen." Ook Tom Cruise moest het regelmatig ontgelden: "Met die acht lijfwachten rond zich ziet die dwerg er nog kleiner uit. Het is een absolute grap. Acteurs zijn niet belangrijk. Ze laten niets achter. Wie zal zich over tien jaar Madonna nog herinneren? Wie zal zich mij nog herinneren? Wij zijn totaal onbelangrijk."

Het is natuurlijk ironisch dat Richard Harris nu opnieuw en wereldwijd populair is geworden door de succesrijke Harry Potter-familiefilms, terwijl de ouders en de grootouders van dat jonge tienerpubliek zich deze Ierse acteur met het benige gelaat, de blonde haren en de priemende blauwe ogen wellicht vooral herinneren als een eersteklas hellraiser. In de jaren zestig en zeventig haalde hij bij wijze van spreken in de kranten even vaak de filmpagina's als de roddelrubrieken door zijn wilde reputatie als drinkebroer, waarmee hij toen in het gezelschap verkeerde van andere notoire fuifnummers als Richard Burton, Peter O'Toole en Oliver Reed. Begin jaren tachtig versoberde hij drastisch toen hij van de dokters te horen kreeg dat hij anders nog maar anderhalf jaar te leven had.

De acteur matigde dus wel zijn drinkgedrag, maar niet zijn harde uitspraken: "Iemand vroeg mij ooit: 'Wat is het verschil tussen Tom Cruise nu en jou toen jij een grote ster was?' Ik antwoordde dat er een groot verschil is. Kijk naar de foto's van vroeger toen ik naar een van mijn filmpremières ging met een fles wodka in mijn hand. Tom Cruise heeft nu een fles water in zijn hand. Dat is het verschil: een fles Evian-water."

Richard St. John Harris werd in 1930 geboren in het Ierse Limerick. Na zijn middelbare studies aan een jezuïetencollege en de eerste successen bij een plaatselijk theatergezelschap vertrok hij in 1955 naar Londen, waar hij toneelregisseur wilde worden. Maar omdat hij geen gepaste opleiding vond, ging hij maar acteerlessen volgen aan de London Academy of Music and Dramatic Art. Zijn acteerdebuut op de Londense planken maakte hij in 1956 in The Quare Fellow van de Ierse auteur Brendan Behan. Hij werkte toen ook voor televisie en in 1958 tekende hij zijn eerste filmcontract bij Associated British Pictures. Zijn eerste rolletje speelde hij in Alive and Kicking, een film over drie dametjes die weg willen uit een bejaardeninstelling en naar een eilandje voor de Ierse kust vluchten.

Hij speelde ook nevenrollen in de oorlogsfilm The Guns of Navarone en in Mutiny on the Bounty, waar hij het naar verluidt aan de stok kreeg met Marlon Brando, omdat die zomaar Harris' dialogen wilde herschrijven. De echte doorbraak kwam er in 1963 met This Sporting Life van regisseur Lindsay Anderson, over een jonge Engelse mijnwerker die furore maakt als rugbyspeler, maar moeilijk overweg kan met zijn nieuwe roem en rijkdom. Voor zijn vertolking werd Richard Harris bekroond als beste acteur op het Filmfestival van Cannes en hij hield er ook een Oscar-nominatie aan over. Tijdens zijn Ierse jeugd had Harris zelf ook gedroomd van een professionele carrière als rugbyspeler, maar een aanval van tuberculose had toen een einde gemaakt aan die sportieve ambities.

In het midden van de jaren zestig draaide hij twee keer onder leiding van Michelangelo Antonioni, in Il Deserto Rosso en I Tre Volti, speelde Cain in The Bible van regisseur John Huston en was ook te zien naast Charlton Heston in de western Major Dundee van regisseur Sam Peckinpah. Over Heston zou hij later schamper opmerken dat die zich "gedroeg alsof hij nog steeds de Rode Zee aan het splitsen was".

In 1967 scoorde hij een hit met zijn vertolking van King Arthur in de filmversie van de Lerner & Loewe-musical Camelot. Dat leidde ook tot een nu bijna vergeten excursie in de carrière van Richard Harris. Hij raakte toen namelijk bevriend met songwriter Jimmy Webb en die zou naderhand twee platen van 'zanger' Richard Harris produceren, A Tramp Shining en The Yard Went On Forever. Voor de single 'Macarthur Park' (die later nog door Donna Summer gecoverd zou worden) kreeg Harris zelfs een Gouden Plaat. Andere artistieke excursies van acteur Richard Harris waren gesitueerd op het literaire vlak, met de roman Honour Bound en de dichtbundel I in the Membership of My Days.

In 1970 beleefde hij een topjaar, want hij speelde toen de titelrol in de historische film Cromwell, was hij naast Sean Connery te zien in het Amerikaanse mijnwerkersdrama The Molly Maguires van Martin Ritt en speelde hij de hoofdrol van de Engelse aristocraat die door Sioux-indianen gefolterd werd in A Man Called Horse. Die western werd een massaal succes en er zouden nog twee sequels volgen. Later zou Richard Harris woedend uithalen naar Kevin Costner, omdat die volgens hem met zijn Oscar-winnende film Dances with Wolves eigenlijk een remake van A Man Called Horse gedraaid had.

In de jaren zeventig volgde een hele reeks actiefilms zoals The Cassandra Crossing, Orca - The Killer Whale, The Wild Geese en zelfs Tarzan, the Ape Man (waarin hij de vader van Bo Derek speelde). Van die films gaf Harris rustig toe dat het projecten waren waarvoor "je jezelf niet intellectueel of emotioneel hoeft in te zetten" en dat hij ze eigenlijk alleen maar voor het geld deed. Toch zou hij onlangs nog verklaren dat hij in meer dan zeventig films gespeeld had, maar dat hij slechts twee meer 'miscast' was, namelijk als echtgenoot. Aan zijn eerste huwelijk met actrice Elizabeth Rees hield hij drie zonen over, met name regisseur Damian Harris en de acteurs Jared en Jamie Harris. In 1974 trouwde hij een tweede keer, met actrice Ann Turkel. Dat huwelijk duurde tot 1981.

Op het einde van de jaren tachtig kreeg acteur Richard Harris er opnieuw zin en dus deed hij erg veel moeite om de hoofdrol vast te krijgen in de Ierse film The Field van regisseur Jim Sheridan. Het leverde Harris zijn tweede Oscar-nominatie op. Nadien volgden nog rollen in The Patriot Games en in de Clint Eastwood-western Unforgiven. Enkele jaren geleden schitterde hij ook nog als keizer Marcus Aurelius in het Ridley Scott-epos Gladiator. Met zijn vertolkingen van tovenaar Dumbledore was Richard Harris nu helemaal terug van weggeweest.

"Indien iemand mij ooit om raad komt vragen, zou ik zeggen: 'Neem vooral jezelf niet te serieus!'", vertelde Richard Harris begin dit jaar nog in een interview. En hij voegde eraan toe dat hij blij was dat hij, ondanks zijn wilde levensstijl, zo oud was kunnen worden: "Nu kan ik tenminste excentriek doen zonder dat iemand dat raar vindt."

'Wie zal zich mij nog herinneren? Acteurs zijn totaal onbelangrijk'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234