Maandag 24/02/2020

Requiem voor een geilneef

Prince is dood, lang leve Prince! Net als de dood van David Bowie is het verlies van Prince Rogers Nelson niet in te schatten. De muziekwereld neemt afscheid van een icoon én beeldenstormer. Maar ook van een superster die van dubbelzinnigheid een pikant punt maakte in zijn hele oeuvre.

Alleen al op basis van zijn reputatie had hij twaalf jaar langer moeten leven, maar de 57-jarige popster laat niettemin een oeuvre achter dat omvangrijk genoeg is om zichzelf onsterfelijk te maken. De artiest, geboren als Prince Rogers Nelson, schreef sinds zijn debuut in 1978 meer dan duizend songs, al dan niet voor zichzelf. De Purperen Popster tekende daarbij over de jaren voor een eindeloze rij onwrikbare classics, al zal hij ongetwijfeld het bekendst blijven om '1999', 'When Doves Cry', 'Kiss' of 'Purple rain'.

Zijn bestaan blijft voor eeuwig een mysterie, maar het enige dat als een paal boven water stond, is dat Prince even klein van gestalte was als groots in zijn daden. Zo stond hij bekend als een perfectionist, die zijn songs helemaal zelf schreef en ook alle instrumenten zelf inspeelde. Terwijl de rest van de wereld het over Thriller van Michael Jackson bleef hebben, ontdekten de échte muziekliefhebbers iets anders in zijn wereld. Iets dat rauw, scherp, onthutsend, geil en bijzonder was. Brutaliteit en meesterschap gingen hand in hand bij Prince.

Fans raakten het zelden eens, maar toch heerst een zekere consensus over zijn werk: in de jaren tachtig was Prince incontournable. Als enige popster slaagde hij erin om liefst vijf tijdloze meesterwerken na mekaar uit te brengen.

Na zijn doorbraak met het album 1999 (1982) schopte Prince het tot superster. Daarna volgden talloze hits, die hem zeven Grammy's, een Golden Globe en een Academy Award opleverden. Hij trad ook op op de Super Bowl in 2007, in een van de grootste liveoptredens aller tijden. Prince verkocht meer dan 100 miljoen platen tijdens zijn loopbaan.

Schandknaap

Zijn hitgevoelige pen stond ook vaak in dienst van andere artiesten: Sheena Easton gaf hij 'Sugar Walls', Vanity Six kreeg 'Nasty Girl', The Bangles 'Manic Monday' en Sinéad O'Connor maakte een megahit van 'Nothing Compares 2U'.

"Prince is dynamisch. Prince is een genie. Prince is muziek", lichtte de organisatie van Black Entertainment TV zijn keuze toe om de superster te bedenken met een carrièreprijs in 2010. "Prince is een artiest die tijdens de laatste decennia het gezicht van muziek veranderde, en daarbij onafgebroken platinum platen en hits aan mekaar reeg. Artistiek en commercieel staat hij daarmee op onpeilbare hoogte."

De redenen waarom Prince zo'n hoge artistieke vlucht nam, lopen uiteen. Als kind uit een gemengd huwelijk kreeg hij het gevoel nergens thuis te horen. Zijn huid was te donker voor de conservatieve middenklasse van Minneapolis, maar te licht voor de leeftijdgenootjes in het getto. Bovendien had hij zijn gestalte niet mee, en bleek hij een tikje mensenschuw. In afzondering zou Prince dan maar stilletjes zijn eigen niche kunnen uitkerven. In zijn slaapkamer schiep hij een zelfbeeld, waarmee hij boven zichzelf, gender en taboes kon uitstijgen. De funky, soulvolle muziek en hitsige kreetjes in zijn songs benadrukten zijn persoonlijke boetseerwerk.

Zo poseerde Prince als schandknaap in damesslip en panty's op de hoes van Dirty Mind (1980) en als bovengeslachtelijke pin-up op Lovesexy (1988). Seks en een ambigue houding leken op dat ogenblik zijn voornaamste katalysatoren. In die periode presenteerde hij zich graag als een oversekste faun. In 'Head' flirtte hij bijvoorbeeld met een dubbelzinnige seksuele appetijt: de zanger wekte de indruk dat hij zijn liefje wil beffen én pijpen. Nog bruiner bakte deze geilneef het in zijn incestsong 'Sister'. Op Controversy (1981) klonken existentiële vragen: "Am I black or white, am I straight or gay?"

Van bloedschande tot biseksuele veelvraat: de bijnaam His Royal Badness zou hij met gepaste onwaardigheid blijven dragen. Mettertijd gingen zijn innuendo's niettemin meer omfloerst klinken, en legde Prince het steeds liever aan met... God. Na de langspeler 1999 werden zijn messiaanse fixaties veelvuldig geanalyseerd én bespot.

Eigentijdse Mozart

De verhalen over zijn leven als Jehova's Getuige, platen die lazen als een geloofsbelijdenis en wereldvreemde houding stonden steeds meer haaks op het beeld van zijn publiek. Was de funky faun een fatsoensrakker geworden? Televisie en internet sloeg hij in de ban, want "het enige wat je nog ziet, zijn ontaarde beelden", en "je hoofd via het wereldwijde web vullen met nulletjes en eentjes kan niet goed zijn". Daar kwam de excentrieke superster voor zijn dood trouwens op terug: zijn nieuwe groep 3RDEYEGIRL had een Twitter-account, en onlangs speelde Prince een rol als zichzelf in de tv-serie New Girl, naast Zooey Deschanel.

Waarmee nog eens duidelijk werd dat Prince heerlijk tegen alle verwachtingen bleef indruisen.

Die eigenzinnigheid leverde hem evenwel ook lof en eeuwige roem op. Zijn fans én Keith Richards vergeleken Prince met een eigentijdse Mozart. Elders in zijn carrière werd hij achtereenvolgens de seksueel geobsedeerde incarnatie van Little Richard genoemd, een hysterische Jimi Hendrix, een postmoderne James Brown, en het nieuwe onderbewustzijn van David Bowie. Alleen tegen Michael Jackson kwam His Royal Badness in de jaren 80 uit als evenwaardige speler: People magazine vroeg zich zelfs af wie de échte King of Pop nu was.

Vandaag behoeft die vraag geen antwoord meer: zonder Prince zou de muziekwereld mank lopen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234