Vrijdag 15/11/2019

Irak

Regering krijgt geen greep op Iraakse protesten

Betogers lopen met een stuk van een metalen hek tijdens eens botsing tussen demonstranten en veiligheidstroepen in Bagdad. Beeld AFP

Ondanks het geweld waarmee de autoriteiten proberen om de geest weer in de fles duwen, stond het centrum van Bagdad ook woensdag weer vol met woedende Irakezen. 

Deze maand zijn al zeker 250 mensen bij de protesten gedood, er is een avondklok ingesteld en de regering heeft hervormingen beloofd, maar veel effect heeft het niet: de demonstraties groeien alleen maar. 

Nu lijkt premier Adel Abdul Mahdi door andere politici te worden geofferd, maar ook dat is vermoedelijk niet genoeg. “Wij wijken niet”, zegt de 20-jarige Karar Saad tegen persbureau Reuters. “We willen niet alleen dat Mahdi wordt vervangen: we willen dat de hele regering wordt ontworteld. Het zijn allemaal dieven!”

Begin oktober gingen de Irakezen voor het eerst de straat op – vooral jongeren die het zat waren dat ze geen werk en geen geld hebben. Ondanks de enorme opbrengsten van de Iraakse olie is de werkloosheid in het land hoog en zijn de voorzieningen zo slecht dat er meestal geen elektriciteit en stromend water is. Al het geld verdwijnt in de zakken van de politieke elite, en in die van machtige sjiitische milities, die eerst hebben geholpen om Islamitische Staat te verdrijven, maar die nu lucratieve opdrachten voor de wederopbouw binnenslepen en allerlei zakelijke imperia uit de grond hebben gestampt.

Beeld AP

Buitensporig geweld

Veiligheidstroepen hebben gereageerd met buitensporig geweld. Demonstranten werden met traangas en kokend water teruggedreven, en er werd met rubberkogels, maar ook met scherp geschoten. Na een week waren er al 150 doden gevallen, en de demonstranten leken zich geschrokken terug te trekken. Maar nadat zij hun wonden hadden gelikt, kwamen ze twee weken later weer tevoorschijn. Eerst waren het weer de studenten en andere jongeren, maar deze week stonden er ook hele gezinnen met hun grootouders en kleine kinderen op het Tahrirplein in Bagdad. En het waren niet alleen werkloze armen, maar ook professionals en ambtenaren die met hun vuist zwaaiden.

Nu is Irak wel wat onrust gewend, maar dit zijn de grootste protesten sinds de val van Saddam Hussein in 2003. Bovendien verlopen deze protesten niet langs sektarische lijnen. Soennieten die ontevreden zijn over de door sjiieten gedomineerde regering werden in het verleden weggezet als een stelletje terroristen. Dit keer gaan vooral sjiieten massaal de straat op om het vertrek van de regering te eisen. Bovendien wordt de mensenmassa niet geregisseerd door een vooraanstaande geestelijk leider. De protesten lijken spontaan te ontstaan, wat voor de autoriteiten veel bedreigender is.

Motie van wantrouwen

Een van de invloedsrijkste sjiitische geestelijken in Irak, militieleider Muqtada al Sadr, heeft zich begin deze week in het gewoel gemengd. Hij leidt het grootste politieke blok in het parlement en vroeg zijn grote rivaal dinsdag om “direct” een motie van wantrouwen tegen premier Mahdi te steunen. In een brief had hij de premier eerder gevraagd vervroegde verkiezingen uit te schrijven, maar deze weigerde. Hadi al-Amiri, leider van de tweede partij van het land, zei dinsdag “in het belang van het Iraakse volk” bereid te zijn met Sadr samen te werken en zijn steun aan premier Mahdi in te trekken.

Woensdag riepen de demonstranten op het Tahrirplein “No Moqtada, no Hadi”. Ze zeggen de samenwerking van de twee leiders niet als een oplossing te zien, maar als een poging van de elite om de macht te behouden – alleen dan zonder de premier die de twee zelf in het zadel hebben geholpen. De demonstranten lijken zich gesterkt te voelen door een soortgelijke opstand in Libanon, waar de hele regering dinsdag opstapte na weken van pan-sektarische protesten.

Beeld AP

Gemaskerde mannen

De protesten vormen ook een bron van zorg in Teheran, want Iran steunt zowel de regering in Libanon als die in Irak. Begin oktober, de dag na de eerste protesten in Bagdad, vloog de Iraanse generaal Qassim Soleimani al naar Irak om met premier Mahdi te praten. Hij zou hebben geadviseerd om de protesten hard neer te slaan, zoals jaren eerder ook in Iran is gedaan. Er wordt gespeculeerd dat de gemaskerde mannen die deze week in de stad Kerbala vanuit auto’s op demonstranten hebben geschoten (18 doden en honderden gewonden) Iraniërs waren.

Vooralsnog lijkt dit geweld averechts te werken. Op het Tahrirplein in Bagdad worden nu ook Iraanse vlaggen verbrand, en een paar dagen geleden trokken mensen naar het Iraanse consulaat in Kerbala, waar ze riepen dat Iran “weg” moet uit Irak.

Formeel heeft Teheran zich nauwelijks over de protesten uitgesproken. Iran heeft zijn steun geuit voor beide regeringen en Abbas Mousavi, woordvoerder van het Iraanse ministerie van Buitenlandse Zaken, heeft “diepe spijt” betuigd voor de slachtoffers die in Irak zijn gevallen. “Maar we zijn er zeker van dat de Irakese regering, de natie en haar geestelijken dergelijke problemen kunnen overwinnen”, liet hij weten.

Beeld AP
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234