Dinsdag 21/09/2021

Reeks toevalligheden leidt tot fenomenale ontdekking

De opmerkelijk goed bewaarde reeks fossiele geraamten uit een Zuid-Afrikaanse grot, van een nieuwe aapachtige hominide die de directe voorouder van de mens zou kunnen zijn, wordt door wetenschappers onthaald als een revolutie (DM 9/4). De skeletten zijn uitstekend bewaard, mogelijk omdat de wezens omkwamen bij een ramp.

Zoontje van professor ontdekt fossielen die ontstaan van de mens verder ontsluieren

Onderzoekers verklaarden dat de nieuwe soort, Australopithecus sediba, zoveel verschillende kenmerken van zowel aapachtigen als mensachtigen bezit dat ze deel zou kunnen uitmaken van de groep van ‘aapmensen’ waaruit het genus Homo, de menselijke soort, zich heeft ontwikkeld.

De soort leefde ongeveer 1,9 miljoen jaar geleden, liep op twee benen en had veel menselijke kenmerken. Maar ze had ook nog duidelijke aapachtige trekjes, zoals heel lange armen, wat erop wijst dat ze niet lang geleden de bomen voor de begane grond had geruild.

Het genus Homo ontstond ongeveer twee miljoen jaar geleden en was mogelijk een evolutie van de Australopithecines, de ‘zuidelijke apen’ die voor deze periode in het Afrika onder de Sahara leefden. Omdat er zo weinig fossielen uit deze kritieke periode van de menselijke geschiedenis gevonden zijn, is het niet duidelijk hoe de overgang van aap naar mens precies in zijn werk is gegaan. Maar nu denken de wetenschappers dat ze met de vondst van vier geraamten van de Australopithecus sediba de onmiddellijke voorouder van de mens hebben ontdekt.

“Sediba zou wel eens de steen van Rosetta kunnen zijn om voor het eerst duidelijk te bepalen wat het genus Homo is", zegt de leider van de studie, professor Lee Berger van de universiteit van Witwatersand in Johannesburg.

“Volgens ons vullen deze fossielen een kritieke leemte tussen de Australopithecines en de eerste leden van het genus Homo. De skeletten hebben opmerkelijke proporties, die we in de vroege geschiedenis van de hominiden nog nooit hebben gezien.”

Twee gedeeltelijke skeletten, een volwassen vrouw van ongeveer dertig jaar en een adolescente jongen met een volledige schedel, worden beschreven in het jongste nummer van het tijdschrift Science. Studies over twee andere gedeeltelijke geraamten, een volwassen vrouw en een jong kind, moeten nog gepubliceerd worden.

“Deze fossielen geven ons een uitzonderlijk gedetailleerd beeld van een nieuw hoofdstuk van de menselijke evolutie. Ze zijn een venster op een kritieke periode waarin hominiden de beslissende overgang maakten van het leven in de bomen naar het leven op de grond. De Australopithecus sediba vertoont een mozaïek van kenmerken die erop wijzen dat hij in beide werelden thuis was”, legt Berger uit.

De wetenschappers ontdekten het eerste geraamte in 2008 tijdens een opgraving in Malapa, niet ver van Johannesburg. De vindplaats maakte ooit deel uit van een tot vijftig meter diepe reeks grotten. Matthew, professor Bergers zoontje van negen, zag als eerste een menselijk fossiel uit een steenklomp steken. “Ik dacht dat het een fossiel van een antilope was, maar toen ik dichterbij kwam, op een meter of vijf, herkende ik een mensachtig sleutelbeen. Toen ik de steen omdraaide, zag ik een mensachtig kaakbeen en hoektanden uit de achterkant komen”, herinnert professor Berger zich.

De soort heeft heel lange onderarmen, zoals apen die in de bomen leven, maar korte, sterke handen en vingers die meer op die van de mens lijken. De Australopithecus sediba was ongeveer 1,3 m lang en uit zijn bekken blijkt dat hij vlot op twee benen kon lopen en rennen. Hij had een klein hoofd en een hersenomvang van minder dan een derde van die van de mens. Zijn benen waren lang, maar de anatomie van de voet was primitief volgens de wetenschappers.

De fossielen zijn opmerkelijk goed bewaard gebleven omdat de schepsels waarschijnlijk om het leven zijn gekomen nadat ze door een verticale ‘dodenschacht’ waren gevallen of geklommen die in de grotten uitmondde. Enkele dagen na hun dood moeten een regenstorm en een modderstroom hun lijken - samen met die van sabeltandkatten, hyena’s, wilde honden en paarden - naar een diepere, met water gevulde inzinking hebben gevoerd, waar ze snel in kalksteen werden ingebed.

“Wij vermoeden dat een ramp alle fossielen in de grot heeft doen belanden, waaruit ze niet meer konden ontsnappen”, zegt Paul Dirks van de Australische James Cook University, die de fossielen op 1,95 tot 1,78 miljoen jaar oud heeft gedateerd.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234