Woensdag 14/04/2021

Rafsanjani, onzichtbare architect van het protest

In de Iraanse politiek is niets wat het lijkt. Hoewel de verhalen de jongste weken over de al dan niet gefraudeerde zege van president Mahmoud Ahmedinejad en de strijd die Mir Hoessein Mousavi daartegen voert, eigenlijk zijn beide mannen louter pionnen. De man achter de massa’s op straat is Ali Akbar Hashemi Rafsanjani, president van 1989 tot 1995.

Herkozen president Ahmedinejad opperde het tijdens het controversiële tv-debat op 4 juni zelf: “Vandaag sta ik hier niet alleen tegenover Mousavi maar evengoed tegenover ex-president Mohammad Khatami (1997-2005) en ex-president Rafsanjani.” En wellicht had hij geen ongelijk. Waarnemers zijn het erover eens dat Mousavi alleen tot een dergelijke verbluffende kiescampagne in staat was door de steun van beide gewezen staatshoofden. Van Rafsanjani kreeg hij de financiële middelen, een breed netwerk van erg verschillende sociale groepen die zich anders nooit achter één en dezelfde kandidaat zouden verenigen, alsook de nodige fora voor electorale meetings. Het was ook Rafsanjani, in de jaren tachtig bedeeld met de bijnaam ‘de Haai’ omdat hij zo’n meedogenloze politieke manipulator was, die Khatami wist te strikken voor het Mousavi-project.

De Haai

Dat Rafsanjani zich uit de naad zou werken voor Mousavi is op het eerste gezicht merkwaardig. Toen hij in 1989 zijn job als parlementsvoorzitter inruilde voor die van president, was het aan de deur zetten van Mousava net een van zijn eerste beleidsdaden. De weggestuurde eerste minister wijdde zich twintig jaar lang aan zijn andere liefde, het schilderen, tot hij onlangs door diezelfde Rafsanjani weer uit zijn atelier werd gelokt. De Haai heeft ervaring met dat soort manoeuvres. Hij deed het in 1997 ook al met Khatami en in beide gevallen betreft het een poging om de machtsstrijd binnen de top in zijn eigen voordeel te beslechten. Net zoals toen is zijn zet van nu een oorlogsdaad tegen de Opperste Leider sinds 1989, Ali Khamenei. Vroeger leken die twee nochtans nauwe bondgenoten. Toen ayatollah Ruhollah Khomeini in juni 1989 overleed, werden beide mannen in de tandem van president en Opperste Leider naar voren geschoven om het roer over te nemen van een door de vete met Khomeini’s gedoodverfde opvolger, ayatollah Hossein-Ali Montazeri, intern verzwakte elite. Professor Ali Ansari poneert in Iran under Ahmedinejad dat Khamenei met Rafsanjani’s zegen Opperste Leider werd en dat hij er tevens voor ijverde dat die functie grondwettelijk met een absolute macht werd uitgerust, maar dat hij zich dat later erg beklaagde. Aanvankelijk leek het onderstutten van Khamenei noodzakelijk: de man was geen ayatollah, hij genoot weinig steun onder de religieuze elite en beschikte niet over een eigen machtsbasis. De bedoeling was dat de Opperste Leider een soort van religieus monument van het systeem werd. En ondertussen kon Rafsanjani zijn macht als president uitbouwen, waardoor hij het machtigste staatshoofd sinds de revolutie van 1979 werd.Alleen pakte het in verschillende opzichten slecht uit. De president maakte zich binnen de verschillende facties van de macht erg onpopulair met zijn economisch beleid, dat vooral zorgde voor een oplopende inflatie en een gapende welvaartskloof. En Khamenei zelf was niet van plan een religieuze mascotte te blijven. Het machtsblok van de harde lijn zag in hem een koevoet om Rafsanjani’s macht te breken en moedigde hem aan om zich te profileren als de erfgenaam van de charismatische macht van Khomeini. Rafsanjani sloeg in 1997 terug door Khatami te lanceren als presidentskandidaat. Hij bleek een goede keuze: zijn religieuze credentials waren meer dan behoorlijk, hij beschikte over een groot charisma en was ook voorstander van een secularisering van het regime. Khatami werd ook voor een tweede ambtstermijn herkozen, maar de aanhoudende pogingen van het conservatieve blok om zijn beleid te ondermijnen eisten hun tol. Teleurgesteld keerde het electoraat zich tijdelijk van de politiek af. De conservatieven sloegen in 2005 terug met de kandidatuur van Ahmedinejad, die overtuigde met populistische oplossingen, een onwaarschijnlijk optimisme en grote hoeveelheden petrodollars. Het Khamenei-blok maakte van Ahmedinejads bewind handig gebruik om Rafsanjani zoveel mogelijk te raken, met name in het hart van zijn economische belangen. Bijgevolg besloot de gewezen president andermaal zijn kans te wagen, dit keer met Mousavi. Sinds het met de verkiezingsuitslag misging, hult de Haai zich in stilzwijgen. Het was zijn dochter Faezeh die de afgelopen week in de manifestaties meeliep en herhaaldelijk het woord voerde. Afgelopen weekend werd ze met drie verwanten gearresteerd. Maar of de machtsstrijd tussen Rafsanjani en Khamenei daarmee voorgoed is beslecht, valt zeer te betwijfelen. Daarvoor staat er voor het duo al te veel op het spel.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234