Zaterdag 05/12/2020

AchtergrondZaak-Chovanec

Radiocommunicatie tussen agenten roept nieuwe vragen op in Zaak-Chovanec

Beeld rv

Als agenten van de federale politie er die vrijdagavond 23 februari 2018 iets na zevenen niet meteen in slagen om passagier Jozef Chovanec in te rekenen, wordt er via de politieradio om versterking gevraagd. En die komt er: ‘We sturen de zware artillerie.’

Alles had anders kunnen gaan als Jozef Chovanec die vrijdagavond 23 februari zijn jas niet was vergeten in de luchthaventerminal. In die jas zat zijn identiteitskaart. Wat de man ertoe bracht niet op zoek te gaan naar zijn jas, maar het erop te wagen zich zonder identiteitsbewijs een weg voorbij de boarding te banen, zullen we nooit weten. De jas zal later die later die nacht worden geponeerd bij de dienst verloren voorwerpen. Rond die tijd is Ryanair-vlucht FR 2975 allang opgestegen en zit Jozef Chovanec (38) in een cel van de federale politie het verdere verloop af te wachten van een strafrechtelijke procedure wegens ‘weerspannigheid’.

Het vertrek is gepland om 18.55 uur. Tien minuten daarvoor hebben twee duty managers Jozef Chovanec (38) in het vliegtuig weten te lokaliseren op stoel 14A. En hem ervan kunnen overtuigen dat hij het toestel moet verlaten.

Politieradio

In het strafdossier zit een transcriptie van een radioconversatie onder agenten van de federale politie in de minuten daarna. Volgend fragment speelt zich af tussen 19.01 en 19.03 uur.

“We hadden net contact met de duty manager. Hij zegt dat die gast erg agressief dreigt te worden, want hij lijkt onder invloed. Hij is geagiteerd. Agressief.”

“Als je steun nodig hebt, we zijn daar. We zijn in terminal 1.”

“Ga naar daar. Om jullie collega’s een handje te helpen.”

“Team 2 voor team 1. We wachten op jullie want de betrokkene weigert categoriek om ons te volgen.”

Om 19.09 uur is er volgende conversatie.

“Betrokkene laat zich op de grond vallen en we trekken hem verder aan zijn handboeien.”

“Jullie positie?”

“Nog altijd voor de achtenvijftig. We zijn met meerderen, maar het lukt ons niet om hem overeind te krijgen. Hij gaat met zijn benen alle richtingen uit. We slepen hem over de grond. Hij laat zich niet doen. Als iemand van jullie kon komen met een voertuig, zou dat goed zijn. Over.”

“Roger. Het is V. (naam oudere politieman, DDC) die eraan komt. We sturen de zware artillerie!”

“Roger, dank je.”

Vier minuten later:

“Ter info. Betrokkene zit nu in de combi met V. en een andere collega. Hij heeft zich bepist. Hij heeft op zichzelf gescheten en zijn smoel zit onder het bloed, hij heeft zich over zijn hele gezicht geschaafd.”

“We verwachten hem met ongeduld.”

Snelrechtbank

De dan 57-jarige agent V. is een oud-rijkswachter. Hij stelt die nacht om 1.00 uur een proces-verbaal CH.FS.000497 op, waarin hij meldt: “Op zeker ogenblik en zonder duidelijke reden liet het individu zich vallen. We hebben het traject voortgezet met een combi. Eens in de wagen, liet de verdachte zich opnieuw vallen, met zijn voorhoofd beukend tegen de achterbank. Aangekomen in onze gebouwen, liet de verdachte zich opnieuw vallen.”

V. zegt behoorlijk wat schade te hebben opgelopen: verwondingen aan zijn linkerpols en aan zijn rechter ringvinger. Verder: een beschadigde hemdsmouw en krassen op het glas van zijn Rodania-polshorloge. Hij meldt zich die nacht met twee collega’s in het Marie Curie-ziekenhuis in Lodelinsart en gaat er buiten met een attest van werkonbekwaamheid voor de komende vijf dagen. Hij eindigt zijn pv met: “Ik wens te worden vergoed voor de schade aan mijn hemd en mijn horloge.”

Er rijzen steeds meer vragen over hoe de politie heeft gerapporteerd over die nacht.

Op vrijdagavond rond 23.30 uur zijn Jozefs jongere broer Pavol en twee Engelstalige vrienden op de luchthaven Ze zijn vanuit Bratislava over de telefoon gealarmeerd door echtgenote Henrieta Chovancova, die haar man stond op te wachten in Bratislava. In het verslag dat gedetacheerde Adrien Lievens van de federale politie opstelt over het gesprek met de drie mannen, meldt hij: “Ze leggen ons uit dat Chovanec lijdt aan psychische problemen en medicatie neemt. Hij zou die dag alcohol gedronken hebben, maar zonder zijn medicatie te nemen.”

Ondervraagd door het Comité P op 2 maart 2018 zegt Pavol Chovanec iets heel anders: “De agenten vroegen ons naar de gezondheidstoestand van mijn broer. We zeiden dat hij medicatie nam voor zijn schildklier. Ze vroegen ons of hij alcohol had gedronken, maar daar wisten wij niks van af. Wij hebben mijn broer niet te zien gekregen. Ze zeiden dat hij daar was, dat hij de volgende dag voor de snelrechtbank zou komen en dat we hem om vijftien uur moesten komen ophalen.

De toxicoloog vindt achteraf geen spoor van alcohol in het lichaam van Jozef Chovanec. Er is in Charleroi op zaterdag geen snelrechtbank.

‘Haast je niet’

Op zaterdagochtend om 4.21 uur maakt team 1 een inspectieronde in de luchthaventerminal. Er komt een oproep, want op de monitor in het lokaal van de federale politie hebben agenten gezien hoe Chovanec met zijn hoofd tegen zijn celdeur aan het beuken is en zijn hoofd onder het bloed zit.

“Kunnen jullie naar beneden komen om die persoon in de cel onder controle te krijgen?”

“Ja, we komen eraan.”

“Haast je niet te hard. Er is tijd, maar het is voor… (onverstaanbaar).”

Vier agenten van team 1 gaat onder aanvoering van agent F.V. de cel binnen. Zestien minuten, een paar dansbewegingen en een Hitlergroet later is Jozef Chovanec hersendood.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234