Dinsdag 07/07/2020

Race naar de maan

Heel wat landen proberen als eerste permanente maanbasis te bouwen

De VS, China, Rusland, Japan, de EU in samenwerkingsverband en sinds kort ook het Verenigd Koninkrijk op zijn eentje: ze zijn er allemaal mee bezig. Met de race om als eerste de maan te koloniseren oftewel er een permanente basis te vestigen. Net nog is ook India erin geslaagd een onbemande raket veilig te laten terugkeren naar de aarde. Nu al is duidelijk hoe de wereldleiders de 21ste eeuw naar hun hand willen zetten.

Door Maarten Huvenne

EU

China

China is van plan om in 2024 een bemande missie naar de maan te sturen.

India

India stuurt in 2009 een onbemande vlucht naar de maan en in 2013 een gelijkaardige missie naar Mars. Japan

VS

Rusland

Verenigd Koninkrijk

"Ruimtevaart is behalve een wetenschappelijk en technologisch, ook een belangrijk politiek middel", stelt Christoffel Waelkens, diensthoofd sterrenkunde aan de KU Leuven en wetenschappelijk medewerker van de European Space Agency (ESA). "Je zag dat met de spaceshuttle en het ruimtestation ISS. Nu gebeurt hetzelfde met de maan."

Het feit dat alle grootmachten hun eigen plannen hebben richting maan, bevestigt die politieke dimensie. Laatst kondigde ook Groot-Brittannië aan naar de maan te willen. "Ik zou graag zien dat Groot-Brittannië de missie alleen uitvoert", zegt Andrew Coates, die meewerkte met het Britse maanproject, aan De Morgen. "Op het technische vlak is er geen enkel probleem. Dat kunnen we aan. Het komt er alleen op aan om genoeg geld te vinden."

De oorlog in Irak en dalende economische groei zorgen voor snoeiharde kritiek op president Bush. De plannen voor een permanente maanbasis moeten het land opnieuw verenigen in een project. Maar kunnen de VS hun plannen wel betalen? "Binnen de NASA zijn hierover al wrijvingen ontstaan en de indruk ontstaat dat de VS zich vergaloppeerd hebben", stelt Waelkens. "De oorlog in Irak en de orkaan Katrina betekenen zware dompers op het budget van het land en hebben invloed op de werking van de NASA.

"Toen Bush in 2004 zijn Vision for Space Exploration aankondigde, was het duidelijk dat hij daarmee de natie opnieuw wou inspireren. De reis naar de maan is niets minder dan de nieuwe American dream. De maan wordt gezien als het 'zesde continent' en is interessant op zich. Het is het ultieme bewijs van de exploratiedrang van de mens."

Toch blijft het moeilijk om de bevolking te motiveren voor een project waarvan het nut niet meteen duidelijk is. "Terwijl het Amerikaanse maanprogramma in de jaren zestig zo'n 6 tot 7 procent van het bruto nationaal product innam, is de publieke bereidheid om in het maanprogramma te investeren nu veel kleiner", zegt Waelkens. "Ten tijde van de Koude Oorlog wilden alle Amerikanen dat de VS het eerste land op de maan was. Daarvoor hadden ze enorme sommen geld over. Toen ze er eenmaal geweest waren, verdween die interesse volledig."

Met de nieuwe bemande missies willen de VS de ruimtevaart opnieuw onder de aandacht van het brede publiek brengen. De laatste jaren haalt de NASA nog slechts het nieuws als er iets mis gaat, zoals bij de Challenger of de Columbia. Bemande missies blijken meer aandacht te krijgen van het publiek. Als dat publiek er bovendien nog eens zelf bij betrokken zou kunnen worden, door bijvoorbeeld zelf naar de maan te reizen, dan zal de belangstelling vanzelf volgen, zo vermoedt de NASA.

Een permanent bemande maanbasis zou bovendien ook een eerste test kunnen zijn om te zien met welke problemen een menselijke missie, ver weg van de aarde, zoal te kampen krijgt. Zo krijgt de NASA een realistisch antwoord op de vraag of een missie naar Mars, een planeet die toch nog altijd gemiddeld 228 miljoen kilometer van de aarde verwijderd ligt, tot de mogelijkheden kan behoren. Ter vergelijking: de maan bevindt zich gemiddeld zo'n 384.450 kilometer van de aarde.

De VS blijven Mars dus ook in het oog houden. Tegen 2030 zouden ze er willen zijn. "Een Marsmissie lanceer je beter vanaf de maan", zegt Christoffel Waelkens. "De gravitatie van de maan is kleiner dan die van de aarde en dus kom je verder met dezelfde energie." Een maanbasis levert ook nog andere voordelen op. "Ruimteonderzoek levert veel op", zegt Waelkens. "Als we nu allemaal een cameraatje in onze gsm hebben, dan danken we dat aan de ruimtevaart. Op de maan kunnen we misschien ook organische moleculen vinden die ons wat kunnen leren over de evolutie van het zonnestelsel."

Aan de VS-plannen hangt natuurlijk ook een prijskaartje vast. Een realistische schatting van de totale kosten om tegen 2020 een maanbasis te hebben: minstens 600 miljard dollar. Vanaf dit jaar zal de NASA het grootste deel van zijn budget daaraan spenderen, goed voor 17 miljard dollar. Vanaf 2008 zou het agentschap gedurende twee decennia telkens 18 miljard dollar uitgeven aan het maanprogramma.

Waelkens maakt nog een bedenking bij de permanente maanbasis. "De maan is nog maar net hersteld van de Apollomissies. Ze heeft een heel delicaat ecosysteem, met veel stof en weinig zwaartekracht. Dat betekent dat het jaren duurt eer al het stof zal neervallen. Als er geboord en gewerkt zal worden op de maan, vraag ik me af hoe ze zal reageren."

"Het is absoluut niet ondenkbaar dat de volgende mens op de maan een Chinees zal zijn", zegt Waelkens. "China wil in drie stappen naar de maan en is goed op weg om dat te halen. Het land kan het volgens mij zeker alleen, maar wil enorm graag werken in een wereldwijd kader. China is echt vragende partij om met de VS samen te werken, maar die zien dat niet zitten. De angst dat de Chinezen hun technologie voor militaire doelen zullen misbruiken, zit er diep in."

Zoals ten tijde van de Koude Oorlog het geval was met Rusland, hecht China enorm veel belang aan het prestige dat het land kan ontlenen aan succesvolle ruimtemissies. Toch blijft het een relatief jonge speler op het terrein. Het Chinese ruimteprogramma ging van start in 1992 en is sindsdien enorm gegroeid. In 2003 stuurde het land zijn eerste bemande missie de ruimte in.

China heeft dus plannen om tegen 2024, gelijktijdig met de Amerikanen, een bemande missie naar de maan te sturen. Voorlopig zou de timing erin bestaan om in de lente van dit jaar een sonde naar de maan te sturen. In 2017 zou er een verkenningsrobot worden gelanceerd om dan uiteindelijk in 2024 de eerste bemande missie te sturen.

Gisteren nog kwam het bericht dat India erin geslaagd was een raket te laten terugkeren naar de aarde (zie kader). De proef past volgens het Indiase ruimtevaartagentschap ISRO in de voorbereidingen die het land treft om een bemande vlucht de ruimte in te sturen.

India kondigde aan dat het in 2009 al een onbemande vlucht naar de maan wil sturen en tegen 2013 een gelijkaardige missie naar Mars. Het land wil dat doen alvorens bemande vluchten te lanceren.

Waar blijft Europa in het hele verhaal? Het Europese Agentschap voor Ruimtevaart (ESA) blijft voorlopig nog een eerder afwachtende houding aannemen in de nieuwe race naar de maan. Toch betekent dat niet dat er geen plannen bestaan in die richting, integendeel. Op een conferentie in het Schotse Edinburgh vorige week werd heftig gedebatteerd over hoe de Europese ruimtevaart er in de toekomst moet uitzien. De zeventien ESA-lidstaten zullen nog tot eind 2008 wachten om een definitieve beslissing te nemen.

Manuel Valls, verantwoordelijke voor de programmering bij de ESA, stelde dat 'autonomie' voortaan hét sleutelwoord wordt in de wereld van de ruimtevaart. "Elk ruimtevaartagentschap moet kunnen deelnemen aan een gemeenschappelijk project, zonder afhankelijk te zijn van de andere en zonder de zeggenschap over zijn eigen strategie te verliezen", zei hij vorige woensdag in Londen.

Mogelijks verdedigde Valls zich zo voor een toekomstige Europese beslissing om zich niet op de maan, maar wel op Mars te concentreren. De Europese wetenschappelijke wereld wil het succes van de Mars Express, Europa's Marsmissie, maar al te graag voortzetten. De ESA heeft immers plannen om een bemande missie naar Mars te sturen tegen 2030. Daarbij zou ook Verhaert Space, een Vlaams bedrijf, technologie kunnen leveren.

Volgens Waelkens, die de ESA van binnenuit kent, speelt Europa in het maanverhaal een mooie rol. "Europa wil op een constructieve manier meewerken met andere ruimtevaartorganisaties. Zo sturen ze technologie mee met een Indiase satelliet en wordt er druk met de Chinezen gesproken. Europa maakt op die manier duidelijk dat zijn Auroraprogramma, dat het ontstaan van het leven in ons zonnestelsel moet onderzoeken, naast een technologische ook een politieke dimensie heeft."

Het uitstellen van de beslissing over maanmissies tot 2008 is niet naar de zin van Groot-Brittannië. Dat land gaf op de conferentie dan ook te kennen zélf zijn eerste stapjes in de richting van de maan te willen zetten. Andrew Coates, onderzoeker aan het Mullard Space Science Laboratory van het University College in Londen, werkte mee aan voorstellen omtrent het Britse programma. Hij stelde een wetenschappelijk programma op dat de eerste Britse maanmissie zou moeten uitvoeren.

"De maan staat daar zo mooi in onze hemel en ondanks veertig robotische en bemande missies zijn er nog altijd belangrijke wetenschappelijke vragen onbeantwoord", zegt hij. "Dat gaat over de structuur en de oorsprong van de maan en de studie naar het water, mogelijks van kometen, in de kraters op de maanpolen. Als wetenschappers willen we meer begrijpen van de objecten in ons zonnestelsel - planeten en manen - en ook over de astrofysische context daarvan, om de plaats van de mens in het universum te begrijpen."

Coates ontwijkt subtiel politieke vragen, maar ook hij beseft dat de VS een nieuwe race hebben opgestart. "De maan is interessant omdat ze zo dichtbij is en we er toch zo weinig van af weten. Anderzijds is ze ook interessant omdat de VS er heen willen."

Tegen 2010 zou het land voor het eerst een eigen maanmissie willen opstarten. Concreet opperden de Britse wetenschappers in de rand van de Schotse conferentie twee plannen. Ten eerste zouden ze een missie willen lanceren, Moonlight genaamd, die de maanbodem zou gaan onderzoeken. Een tweede Brits plan concentreert zich op het maanoppervlak zelf. Die missie kreeg de naam Moonraker mee en heeft als doel informatie te verzamelen over plaatsen waar menselijke bewoning mogelijk zou zijn.

Ook Japan en Rusland hebben in het verleden laten blijken zeer geïnteresseerd te zijn in de maan. In april van vorig jaar liet het Japanse ruimteagentschap JAXA nog weten dat het binnen de tien jaar een, weliswaar onbemande, missie naar de maan zou willen sturen. Toch blijft het onzeker hoe het programma zal evalueren. De tests met de Japanse raket, de Selene, verlopen alvast zeer moeizaam.

Hoewel ook Rusland zijn maanprogramma niet volledig opgegeven zou hebben, liet het in 2005 toch al uitschijnen dat het niet zou deelnemen aan een nieuwe race naar de maan. In juli van dat jaar zei Rusland immers zich voornamelijk te willen concentreren op Mars. In de periode tussen 2006 en 2015 zou Rusland liefst 9,2 miljard euro investeren in een missie naar Mars. Bovendien hoopte het land toen om samen met de NASA nog een maanmissie te kunnen uitbouwen.

Zullen de grote spelers dan elk apart hun maanprogramma's uitbouwen? Hier en daar valt toch wat internationale samenwerking te vinden. Zo sloten India en de VS in mei van vorig jaar een akkoord om samen experimenten uit te voeren op de maan. India's eerste onbemande maanmissie zal twee wetenschappelijke tests van de NASA meenemen. Het gaat over een instrument dat het maanoppervlak zal scannen op mineralen en ijs. Bovendien zullen er ook apparaten van de ESA aan boord zijn.

"Met de nieuwe race naar de maan kan het nog alle richtingen uit", zegt Waelkens. "Zoals met het International Space Station kan het een aanzet zijn voor een nieuwe internationale samenwerking. Het eerste deel van zijn maanprogramma heeft China nu alleen afgerond, maar voor de tweede stap kan er gerust opnieuw worden samengewerkt. Ik ga vaak naar internationale conferenties en daar komt het telkens terug: de Chinezen willen internationaal samenwerken en zo naar eigen zeggen de wereldvrede bevorderen."

Vastgoed op de maan: 100 dollar per hectare grond

Mocht het uiteindelijk zover komen dat de mens de maan gaat bewonen, dan hebben alvast sommige aardbewoners een stapje voor. Het maanoppervlak is sinds 2000 immers opgedeeld in percelen en te koop aangeboden via het internet. Meer dan een tiende van de verkochte grond is in bezit van Israëli's. Sinds de VS in december 2006 bekendmaakten dat ze een permanente maanbasis willen opbouwen, is de verkoop van stukjes maanoppervlak enkel maar sterk gestegen. Tegen de prijs van 100 dollar per hectare maangrond werd al een miljoen hectare maanoppervlak verkocht aan Israëli's. De stukjes maan worden verkocht door de website Crazyshop, waarop je ook een ster naar jezelf kunt laten noemen. Het bedrijf is in het bezit van de Amerikaan Dennis Hop, die de maan zou 'bezitten'.

Blijft de vraag waarom de mens zo nodig op zoek moet gaan naar een andere habitat. Volgens fysicus Stephen Hawking is de toekomst van de mensheid in gevaar als we ons beperken tot één planeet. "Het overleven van de menselijke soort is in gevaar zolang die beperkt is tot één enkele planeet", meent hij. "Bij een grote botsing tussen asteroïden en de aarde kan het overleven van de mens in het gedrang komen. Als er onafhankelijke kolonies kunnen worden gesticht in de ruimte, dan is de toekomst van de mensheid verzekerd." Waelkens is het daarmee niet eens. "De mens moet eerst inspanningen doen om de aarde bewoonbaar te houden. Als we dat kunnen, mogen we al tevreden zijn."

Indiase capsule veilig naar aarde teruggekeerd

India is er voor het eerst in zijn geschiedenis in geslaagd een eerder deze maand gelanceerde onbemande ruimtecapsule veilig naar de aarde te laten terugkeren. Het is daarmee de vijfde ruimtevaartmogendheid die de terugkeertechnologie beheerst, na de VS, Rusland, China en Europa. Op 10 januari lanceerde de ISRO vanop de basis Satish Dhawan in Sriharikota een PLSV-draagraket die met succes vier satellieten uitzette. Eén daarvan was de 550 kilo wegende SRE, die voor India een belangrijke stap is in het testen van terugkeertechnieken. Na experimenten op het vlak van materiaalwetenschappen en biotechnologie plonsde de 550 kilo wegende capsule gisteren in de Golf van Bengalen. Schepen van de Indiase marine zijn met de berging begonnen.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234