Dinsdag 27/10/2020

In memoriam

R.I.P. David Bowie: Behouden vaart, Starman

Een muurschildering in Brixton, de geboorteplaats van David Bowie.Beeld epa

De muziekwereld gaat in een rouwsluier gehuld, nu David Bowie zijn maandenlange strijd tegen kanker heeft verloren. Maar decennia voor zijn dood maakte deze Britse legende zich eigenlijk al onsterfelijk. Kan zijn artistieke belang of invloed eigenlijk overschat worden?

Zo doen de Echte Groten het dus. Eerst een meesterwerk afleveren en dan voor eeuwig de ogen sluiten. Met Blackstar leverde David Bowie vlak voor zijn dood een theatrale maar bevreemdende prachtplaat af. Een huzarenstuk dat twee dagen na zijn 69ste verjaardag een gitzwarte rand meekrijgt. Het lijkt er immers op dat de Starman zijn dood voelde naderen tijdens de opnames. Dat verklaart toch alleszins de donkere teneur van Blackstar en voorafspiegelingen als "Look up here, I'm in heaven now" in de song 'Lazarus' die lezen als een testament. Op Reality (2003) zong hij nochtans ook al over zijn dood: in 'Never Get Old' klonk het "bury my bones in the marshland / Forever / Think about my soul but I don't need a thing just the ring of the bell in the pure clean air."

Voorlopig blijft het onduidelijk waar Bowie zijn laatste rustplaats vindt. Al durven we wedden dat het géén moerasland zal betreffen. Of zou het? Al bij leven en welzijn was de figuur David Bowie een enigmatische, ondoorgrondelijke superster, die moeiteloos rookgordijnen optrok voor fans en media en grillige kattensprongen maakte doorheen zijn carrière. De bekendmaking van zijn overlijden getuigde daarmee trouwens van een surreële, zwarte humor die hij vast had kunnen appreciëren: de eerste reacties op zijn doodsbericht waren er van ongeloof bij de media. Uiteindelijk moest iemand uit de entourage van Bowie het nieuwsagentschap Reuters persoonlijk op het hart drukken dat dit géén hoax betrof. Dan nog blijft het trouwens eigenaardig om wakker te worden in een wereld waarin David Bowie niet langer bestaat.

Beeld REUTERS

Dat Bowie zo'n ongrijpbare status had bij leven en welzijn dankte hij aan zijn talent om voortdurend van kleur te verschieten, als een kameleon. Tot het midden van de jaren tachtig draaide de superster zijn hand niet om voor een metamorfose méér of minder. Hij maakte sier als het flamboyante, androgyne opperwezen Ziggy Stardust, haakte verder in die schizofrene spiraal als Aladdin Sane (mits verschoven spaties werd dat trouwens a lad insane), terwijl hij elders in zijn carrière verpopte van Major Tom tot The Thin White Duke. Doorheen de jaren gaf hij de vrije teugel aan een handvol alter ego's, zonder beperking in kunne of kleur.

David Bowie bestond altijd uit véél mensen.

Zijn maniakale hang naar excentrieke schijngestaltes gaf hij tegen de jaren '90 uiteindelijk op, al bleef David Bowie tot aan zijn dood wél onverminderd op zoek gaan naar nieuwe invloeden, en verhief hij de Kunst van Nakijken tot een modern levenswerk. Bowie stak de invloed van Andy Warhol, Oscar Wilde, Fritz Lang, Amerikaanse SF-films en Salvador Dalí nooit onder stoelen of banken, terwijl hij zich muzikaal liefst op glad ijs begaf, van de "plastic soul" op Young Americans (1975) tot de gladde pop van Let's Dance (1983) over de drum-'n-bass op Earthling (1997) en de invloed van Kendrick Lamars jazzy laatste plaat op Blackstar (2015). Waren al die bokkensprongen steeds even succesvol of geslaagd? Nou... néé. Maar voor elke muziekfan bestond op zijn minst één Bowie. Daarmee gaf hij het gros van de popsterren al het nakijken.

Maar eerder nog dan een jatmoos van invloeden en stijlen was Bowie een waarachtige trendsetter, wiens maatschappelijk belang voor de jaren zestig en zeventig allerminst te onderschatten blijft. Eigenhandig deed de kameleon-muzikant grenzen vervagen: als glamrocker flirtte hij met biseksualiteit, droeg hij vrouwenkleren en zette hij een vloeibare identiteit op kaart. Alleen al op de vlak toonden popsterren als Boy George, Annie Lennox, Madonna, Marilyn Manson en Prince zich schatplichtig aan Bowies androgynie.

Maar ook generatiegenoten als Elton John, Mick Jagger of John Lennon hebben hun eerbied en ontzag voor één van zijn muzikale gedaantes nooit verborgen. Wat ze onder meer in Bowie bewonderden, was zijn kracht om voortdurend de tijdsgeest aan te voelen. Hij was zowel artistiek als persoonlijk een ongenaakbare vedette, wiens kameleontische persoonlijkheid geen moment verveelde. Maar dat deed hij ook niet toen de grote hits na de jaren tachtig achterwege bleven, of hij besliste om zichzelf te versmallen tot één uiterlijk en identiteit. Op zijn sterfbed bekende hij namelijk eindelijk kleur.

"I'm not a filmstar
I'm not a popstar.
I'm not a marvel star.
I'm a blackstar."

Zwartgeblakerde ster of niet, we zien hem nog steeds schitteren. Behouden vaart, Starman.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234