Zaterdag 16/01/2021

Purisme is muzikaal racisme

Beeld UNKNOWN

Op Jazz Middelheim barstte een discussie los over de vraag of pop -artiesten als Jamie Cullum en Lady Linn er wel een plek op de affiche verdienen. Bart Steenhaut vindt de vraagstelling compleet passé. Steenhaut is muziekcoördinator bij deze krant.

Zijn popartiesten als Jamie Cullum en Lady Linn eigenlijk wel welkom op Jazz Middelheim? Dat was de vraag waar afgelopen weekend uitvoerig over gebakkeleid werd in het Wilrijkse Park Den Brandt, waar het festival in één moeite door ook zijn dertigste editie vierde.

Het moet gezegd: Middelheim kan terugblikken op een verleden dat tot de verbeelding spreekt. Sarah Vaughan, Sonny Rollins, Bill Evans... Dizzy Gillespie ook. Stuk voor stuk iconen uit de jazz, met een reputatie die veel verder reikt dan de eigen niche. Dit jaar stond er met John Zorn, Carla Bley, Charlie Haden en Toots Thielemans trouwens opnieuw een handvol van de grootste namen in het genre. Maar daarnaast besloot programmator Bertrand Flamang - die ook met veel succes Gent Jazz voor zijn rekening neemt, overigens - dit jaar net iets verder te kijken dan de eigen neus lang is.

Niet dat er een echte stijlbreuk werd doorgevoerd, want met Lady Linn en Jamie Cullum viel de keuze op twee artiesten wier muziek onmiskenbaar door jazz is beïnvloed. Alleen hebben ze daar elk op hun manier zoveel succes mee geoogst dat je hen inmiddels ook een soort popster zou kunnen noemen. En goed: in het geval van Cullum heeft dat niet alleen met zijn muziek te maken.

Om te beginnen ziet hij er jong en fris uit. Hip kapsel, trendy schoenen aan, welbespraakt én niet te beroerd om zichzelf tijdens optredens regelmatig in de zeik te zetten. Een kerel die met beide voeten in het leven staat, quoi. Ik heb hem in de loop der jaren een keer of vijf geïnterviewd, en het is vrijwel onmogelijk om hem níét sympathiek te vinden. En zo komen we tot de essentie: Cullum heeft een genre dat bij een groot publiek als stoffig, saai en elitair wordt ervaren weer sexy gemaakt. Dat is een niet geringe verdienste.

Zelf ben ik als tiener destijds die intimiderende wereld van de jazz binnengesukkeld omdat U2 in 'Angel of Harlem' over Billie Holiday zong. En over John Coltrane. In diezelfde periode ontdekte ik Miles Davis, via Ronny Jordan die een radiovriendelijke triphopversie van 'So What' had opgenomen. In mijn geval hebben zij er elk op hun manier voor gezorgd dat ik in de Fnac niet langer met een grote boog om de afdeling jazz liep, een plek waar ik tot op dat moment (en nog wel een beetje, nu ik erover nadenk) vooral oude, baardige mannen met afgesleten parka's tussen de cd's had zien neuzen.

Ik durf erom te wedden dat artiesten als Cullum en Lady Linn hetzelfde doen bij een nieuwere generatie muziekliefhebbers. Die kochten zondag een ticketje om artiesten te zien die ze al kenden, maar kregen tussendoor ook de kans om een wat moeilijker duoconcert van Allen Toussaint en Marc Ribot mee te pikken. De hartverwarmende respons in de tent bewijst overigens dat die logica steek houdt. En uiteraard spelen er vast ook commerciële motieven mee om een ster als Jamie Cullum naar Middelheim te halen: aan dat soort artiesten hangt weliswaar een stevig prijskaartje, maar hun populariteit zorgt er wel voor dat de toekomst van het festival voor de volgende jaren veilig is gesteld.

Daarom is de vraag of popartiesten thuishoren op een jazzfestival eigenlijk compleet naast de kwestie. Zoals er alleen goede en slechte mensen zijn, zo is er ook alleen goede en slechte muziek. Die eerste categorie past overal, voor de tweede scherm je je het best zo goed mogelijk af. Wie een muziekfestival anno 2011 genrezuiver wil houden leeft buiten de realiteit.

Miles Davis en de hitparade
Natuurlijk denkt de jazzpolitie daar anders over. Die preekt het liefst het liefst voor eigen kerk, en gaat daar zodanig in op dat het hen niet eens opvalt dat de banken stilaan leeg blijven. Het soort purisme waar de elitaire jazzkenners - recensenten incluis - voor pleiten is niets minder dan een vorm van muzikaal racisme. Wie wordt tot het selecte clubje toegelaten, en wie niet? Wie is zuiver genoeg, en wie bezoedeld? Wie is correct en wie niet?

Cullum is kennelijk 'te pop' om jazz te kunnen zijn. Terwijl een ongenaakbaar icoon als Miles Davis veelvuldig hitparadenummers gecoverd heeft - van The Sound of Music tot Cyndi Lauper - en regelmatig met popartiesten in de studio zat. Dat hield hem scherp, en stelde hem in staat om tot op het laatst de vinger strak aan de pols van de tijdgeest te houden. Brad Mehldau, een van de interessantste jazzmuzikanten vandaag, covert Radiohead, en een rasmuzikant als Jef Neve speelt gewoon lekker met Gabriel Rios omdat hij daar zin in heeft. En zo hoort het ook.

Mensen met oogkleppen - of ze nu muzikant, recensent of publiek zijn - struikelen op de duur alleen maar over hun eigen voeten. Het almaar toenemende succes van Gent Jazz - en dit jaar ook Jazz Middelheim - geeft aan dat wie de blik verruimt, het beste zicht heeft. En laat dat op een concert, ongeacht het genre, nu net een buitengewoon pluspunt zijn.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234