Woensdag 10/08/2022

InterviewSteven Pinker

Psycholoog Steven Pinker: ‘Oneerlijkheid is moreel fout. Maar is ongelijkheid dat ook?’

Steven Pinker. 'Ik schrik er niet voor terug opvattingen te verdedigen waarvan ik vind dat ze verdedigd moeten worden.' Beeld BELGAIMAGE
Steven Pinker. 'Ik schrik er niet voor terug opvattingen te verdedigen waarvan ik vind dat ze verdedigd moeten worden.'Beeld BELGAIMAGE

Bent u bang voor de toekomst? Nergens voor nodig, zegt de Amerikaanse cognitief psycholoog en taalkundige Steven Pinker. ‘Het is irrationeel om een aantal crisissen die tegelijkertijd plaatsgrijpen te interpreteren als teken dat we verdoemd zijn.’

David Marchese / The New York Times

In deze onzekere tijden, die zo vaak duister en verwarrend aanvoelen, werpt Steven Pinker (66) zich op als de stem van de positiviteit. Het heeft hem geen windeieren gelegd, want daardoor zijn boeken van hem, zoals Ons betere ik, waarom de mens steeds minder geweld gebruikt (2011) en Verlichting nu, een pleidooi voor rede, wetenschap, humanisme en vooruitgang (2018), uitgegroeid tot bestsellers, en is de cognitieve psycholoog van Harvard de academische wereld ontstegen en het rijk der publieke intellectuelen ingegaan.

Het heeft hem ook de nodige tegenkanting opgeleverd. Twee punten van kritiek komen steeds terug. Zijn kijk op de wereld zou al te sympathiek zijn voor de excessen van het kapitalisme en geen oog hebben voor de ellendige omstandigheden waarin veel mensen leven. Zijn jongste boek, Rationality: What It Is, Why It Seems Scarce, Why It Matters, behandelt een ander provocatief groot thema en komt op 28 september uit. “Veel filosofen die ik ken,” zegt Pinker, “denken dat de wereld beter af zou zijn als meer mensen een beetje kennis zouden hebben van logica.”

Het achterliggende idee van uw nieuw boek is dat het goed zou zijn als meer mensen een beetje rationeler zouden nadenken. Maar mensen vinden zelf niet dat ze irrationeel zijn. Welke mechanismen kunnen meer mensen ertoe aanzetten hun eigen denken kritisch te bevragen?

Pinker: “Idealiter komt er een wijziging in onze gespreksnormen. Het zou gênant moeten zijn om je te beroepen op anekdotes, argumentum ad hominem. Maar uiteraard kun je sociale normen niet expliciet fabriceren. Toch weten we dat normen kunnen wijzigen, en als er zaadjes zijn die dat proces stimuleren, dan bestaat de kans dat het viraal gaat.

“Anderzijds kom ik in het boek ook tot de conclusie dat de krachtigste manier om mensen tot meer rationaliteit te bewegen erin bestaat niet op de mensen te concentreren. Want mensen zijn behoorlijk rationeel als het hun eigen leven betreft. Ze kleden en voeden hun kinderen, krijgen die op tijd op school, en ze houden hun baan en betalen hun rekeningen. Maar mensen hebben overtuigingen, niet omdat ze bewijsbaar waar of onwaar zijn, maar omdat ze opmonterend zijn. Ze geven kracht, het zijn goede verhalen.

“De crux is wat voor soort we zijn. Hoe rationeel is Homo sapiens? Het antwoord kan niet zijn dat we irrationeel in elkaar zitten, want anders hadden we nooit toetsstenen van rationaliteit kunnen opwerpen waarmee we kunnen aangeven dat sommige mensen soms irrationeel zijn.

“Ik denk dat het antwoord is: we bereiken rationaliteit door regels voor de gemeenschap uit te vaardigen die ons als collectief rationeler maken dan iedereen van ons individueel is. Mensen compenseren elkaars vooringenomenheid door de mogelijkheid te creëren om er kritiek op te leveren. Mensen geven lucht aan hun onenigheid, en de persoon met de sterkste positie haalt het. Mensen onderwerpen hun overtuigingen aan de empirische toets.”

Zijn er aspecten in uw eigen leven waarvan u weet dat ze irrationeel zijn?

“Het antwoord is bijna zeker ja. Ik doe waarschijnlijk dingen die ik moreel niet kan rechtvaardigen, zoals vlees eten. Ik neem waarschijnlijk risico’s die, als ik het verwachte nut zou berekenen, niet te rechtvaardigen zijn, zoals fietsen. Als ik de waarschijnlijkheid dat ik verongeluk vermenigvuldig met de waarde die op mijn leven gezet wordt, dan zou dat zeker lager uitkomen dan dezelfde berekening als ik bij wijze van sport zou stappen of zwemmen. Maar ik hou nu eenmaal van fietsen.

“Ik probeer de risico’s te beperken en mijn gedrag aan te passen om het ethisch beter verdedigbaar te maken.”

Zijn sommige irrationele overtuigingen nuttig?

“Ja. Een voorbeeld. Elke keer als de media een brand of een storm toeschrijven aan de klimaatverandering, dan is dat een dubieus argument, in de zin dat zulke gebeurtenissen samenhangen met het weer, niet met het klimaat. Je kunt een particuliere gebeurtenis nooit toeschrijven aan een trend. Het is ook zo dat mensen zich meestal meer laten beïnvloeden door beelden en verhalen en anekdotes dan door trends. Als de publieke opinie een particuliere anekdote of gebeurtenis gelijkstelt met een trend, en de indruk die mensen krijgen ertoe leidt dat ze herkennen wat in werkelijkheid een trend is, dan heb ik er geen bezwaar tegen dat op die manier te gebruiken.”

En wat met de liefde?

“Er is niets irrationeels aan de liefde. Onze waarden zijn per slot van rekening noch rationeel, noch irrationeel. Het zijn onze waarden; het zijn onze doelen. David Hume (Schotse filosoof uit de 18de eeuw, DM) maakte dat punt: er is geen rationeel argument waarom ik liever blij dan triest of liever gezond dan ziek zou zijn. Maar we moeten elementaire menselijke noden wel erkennen. Het is een misvatting te denken dat als je blij bent, of overdonderd, dat dat iets irrationeels heeft. Terwijl rationeel zijn betekent dat je handelt als een robot. Sorry voor mijn manier van uitdrukken, maar dat is irrationeel.”

Ik ben echt niet de enige die de opkomst van het totalitarisme, de pandemie, de klimaatcrisis ziet als tekenen dat we naar de verdoemenis gaan. Is dat irrationeel van me?

“Het is niet irrationeel om reële bedreigingen van ons welzijn te identificeren. Het is wel irrationeel om een aantal crisissen die tegelijkertijd plaatsgrijpen te interpreteren als tekenen dat we verdoemd zijn. Het is een statistisch fenomeen dat als gebeurtenissen willekeurig in de tijd verspreid zijn, ze samenklitten. Dat klinkt paradoxaal, maar tenzij je een niet-willekeurig proces hebt dat ze apart houdt – we gaan elke zes maanden een crisis hebben, maar we gaan nooit twee crisissen in een maand hebben – klitten gebeurtenissen samen. Dat is wat willekeurige gebeurtenissen altijd doen.”

U had het over een wijziging van de sociale normen. Hoe weten we of de gevechten die momenteel op academisch niveau plaatsvinden over de vrijheid van meningsuiting – die u op de eerste rij hebt ervaren – slechts de barensweeën van nieuwe normen zijn? En hoe gaan we bepalen of normen in se positief of negatief zijn?

“Die gevechten wijzen duidelijk op een nieuw regime van normen. De manier waarop we evalueren of ze de waarheid vooruithelpen, is tweeledig. Ten eerste analyseren we wat ze belonen, wat ze bestraffen. Zijn ze specifiek opgevat om meer accurate overtuigingen te belonen en minder accurate overtuigingen te bestraffen, zoals bijvoorbeeld de wetenschappelijke normen horen te doen?

“Er zijn normen in mijn eigen onderzoeksdomein, zoals de preregistratie van onderzoek, waarin je op voorhand vastlegt wat je gaat onderzoeken en welke gegevens je gaat gebruiken. Dat bestond tien à twaalf jaar geleden niet, en dat valt te rechtvaardigen omdat we weten dat de oude normen tot fouten leidden en de nieuwe normen fouten reduceren.

“Bovendien is dit niet louter etiquette. Je kunt uitleggen waarom die normverandering noodzakelijk is om ons doel te bereiken: waarheidsvinding. Terwijl andere normveranderingen mensen overvallen als een soort etiquette. Ze worden niet beoordeeld op de wijze waarop ze ons dichter bij de waarheid brengen.

“Het tweede deel van het antwoord dan. Is een gemeenschap die die normen heeft geneigd ware of onware dingen te zeggen? Je kunt de normen van Wikipedia tegenover die van Twitter stellen, om twee digitale platformen te nemen die sterk verschillen in de wijze waarop ze zich engageren om regels op te leggen. Heeft Wikipedia een goed trackrecord? Het is niet slecht. Het is te vergelijken met de Britannica. Als iemand dat zou doen voor Twitter, dan denk ik dat duidelijk is wat het antwoord zou zijn.”

De reikwijdte van aanvaardbare academische perspectieven en onderzoeksdomeinen is immens toegenomen met de tijd. Mensen kunnen een veelheid aan dingen bestuderen die in vroeger tijden nooit in aanmerking kwamen voor academisch onderzoek. Toch is de populaire opvatting dat het academische discours enger wordt. Hoe terecht is die bezorgdheid? Is het bewijs ervoor meer dan anekdotisch?

“Dat is een pertinente vraag voor me, want een van mijn stokpaardjes is: laat je niet afleiden door flagrante voorbeelden, kijk naar de algemene trends. Het antwoord is: ja, het is erger geworden. Als je kijkt naar het aantal gevallen waarmee de Foundation for Individual Rights in Education jaarlijks te maken krijgt van flagrante schendingen van het recht van studenten of van professoren om hun mening te uiten. Als je kijkt naar de houding van studenten. Vindt u het te rechtvaardigen dat een professor ontslagen wordt voor zijn aanstootgevende overtuigingen?

“Dat is verergerd de vijf jongste jaren. Het gaat dus verder dan anekdotes, ook al zijn sommige van die anekdotes hemeltergend. Zoals van de rechtenprofessor – om een recent voorbeeld te nemen – tegen wie een onderzoek gevoerd werd omdat hij de mogelijkheid had opgeworpen dat Covid-19 het resultaat was van een ongeluk in een lab. Tot heel onlangs getuigde dat van ongelofelijk racisme. Ik hoop dat het niet waar is. Maar ik moet toegeven dat het waar kan zijn. Je kunt iemand geen racist noemen omdat hij de vraag opwerpt.

“Nog iets wat we weten, ongetwijfeld als gevolg van sommige van deze trends, is dat het vertrouwen in de academische wereld afneemt. Dat is een jammerlijke trend, want het betekent dat in gevallen waarin de academische wereld geloofwaardig moet zijn, waar onderzoek niet bezoedeld is door politieke correctheid, zoals de klimaatverandering, het vertrouwen in de wetenschappelijke consensus wegsijpelt.

“Als zowat elke klimaatwetenschapper denkt dat menselijke activiteit de aarde opwarmt, hoe kun je dat dan ontkennen? Het antwoord is: mensen geloven niet per se wat wetenschappers zeggen, omdat ze terecht aanvoelen dat iemand in de academische wereld gestraft kan worden voor onorthodoxe overtuigingen.”

Is het niet waarschijnlijker dat de scepsis over de klimaatverandering meer te maken heeft met kwaadaardig gelobby door bedrijven en politici dan met een afnemend vertrouwen in de academici?

“Ik denk dat beide opgaan. Het feit dat er gronden zijn om je zorgen te maken over groepsdenken in de academische wereld kan betekenen dat die gevestigde belangen te veel greep krijgen. Of anders: gevestigde belangen kunnen aan geloofwaardigheid winnen als ze kunnen wijzen, zoals nu het geval is, op de onderdrukking van debat in de academische wereld.”

Welke verbanden ziet u tussen rationaliteit en moraliteit?

“Hume was wellicht de eerste van een reeks filosofen die erop wees dat dat niet hetzelfde is. ‘Moeten’ volgt niet uit ‘zijn’, zoals het cliché stelt. Dat klopt in enge technische zin, maar reikt niet ver. Want zodra je de niet-rationele houding aanneemt dat welzijn goed is, gezondheid beter dan ziekte, leven beter dan dood en dat we het belangrijk vinden hoe anderen ons behandelen – dat ons lot afhangt van het gedrag van anderen – als je dat allemaal aanneemt, dan volgen daar veel rationele dingen uit.

“Zoals dat ik niet kan legitimeren dat ik jou behandel op een manier die anders is dan hoe ik verwacht dat jij me behandelt. Gewoon omdat er geen logisch verschil is tussen jou en mij.

“Een soort gulden regel, de categorische imperatief, kan dus rationeel afgeleid worden van niet-rationele aannames die ik heb over mijn welzijn, en dat mijn welzijn afhangt van wat jij doet, en dat je me begrijpt. Daar kunnen andere opvattingen over bestaan. Als jij gelooft in een leven na de dood, dan hecht je misschien minder waarde aan het leven op aarde, vergeleken met het eeuwige leven. Maar in de mate dat mensen belang hechten aan het leven op aarde, volgen daar rationeel bepaalde dingen uit.”

Een van de punten van kritiek op uw ideeën over vooruitgang die regelmatig terugkomen, is dat ons besef van hoeveel beter de armen het tegenwoordig hebben vergeleken met de armen van vroeger, niet automatisch betekent dat mensen het nu beter hebben. Eigenlijk minimaliseer je zo het leed nu. Is daar sprake van een morele kloof?

“Ik denk dat dat een verkeerde redenering is. Het kan tegelijk waar zijn dat er minder arme mensen zijn, minder slachtoffers van geweld, minder onderdrukte mensen, én dat er nog altijd arme mensen, slachtoffers van geweld en onderdrukte mensen zijn. We willen dat leed zoveel als mogelijk verminderen.

“Het feit dat er vooruitgang is, helpt ons om te bepalen wat armoede en geweld en ziekte doet afnemen.

“Maar er is ook een morele component. Wat maakt ons los van fatalisme? Wat geeft ons de goesting om te streven naar minder oorlog? Misschien kun je oorlog wel elimineren? Of de armoede?

“De Verenigde Naties en de Wereldbank en ontwikkelingsexperts zeggen: ‘Laat ons eens kijken. We hebben de armoede gereduceerd van 90 procent van de mensheid naar 9 procent. Kunnen we voor 0 procent gaan?’ Dat kan utopisch lijken, maar als we van 90 naar 9 procent konden gaan, waarom dan niet proberen naar 6 procent te gaan, en dan naar 5 en dan naar 4 en dan naar 3? Het biedt ons de rationele reden om te geloven dat het niet utopisch is, en levert ons de kennis over wat we moeten doen en wat we niet moeten doen.”

Als we het erover eens zijn dat welzijn beter is dan het tegendeel, wat doe je dan met economische gelijkheid? Is dat de kern van welzijn?

“Ik zou niet zeggen dat dat het centrale aspect is. Eerlijkheid wel. Het centrale aspect is bloeien, beschikken over de middelen die nodig zijn om een stimulerend, gezond leven te hebben. Het loutere bestaan van Warren Buffett betekent nog niet dat ik het slechter heb. We moeten een onderscheid maken tussen het loutere feit dat sommige mensen meer verdienen dan andere, en de mogelijkheid dat ze dat bereikt hebben op illegale wijze.

“Uiteraard is oneerlijkheid moreel fout. Maar is ongelijkheid dat per se? Je kunt het daar oneens over zijn.

“In Enlightment Now haal ik een oude mop uit de tijd van de Sovjet-Unie aan. De twee straatarme boeren Igor en Boris slagen er ternauwernood in een inkomen bijeen te schrapen met hun armetierige lapje grond. Het enige verschil tussen beiden is dat Boris een geit heeft, en Igor niet. Op een dag verschijnt een fee voor Igor, die zegt: ‘Ik vervul al je wensen.’ En hij zegt: ‘Ik wens dat de geit van Boris sterft.’

“Als je daar de humor van vat, dan ben je er misschien ook wel voor gewonnen dat een redenering over gelijkheid waarbij sommige mensen er gewoon slechter op worden en niemand er beter op wordt, in moreel opzicht dubieus is. Moreel beter verdedigbaar zou zijn dat je de bodem omhoog haalt, in plaats van enkel de afstand tussen de top en de bodem te verkleinen.”

Is het mogelijk dat het economische argument dat het rijzende tij alle boten omhoog tilt de rijken een onterechte morele rugdekking biedt voor de op eigenbelang gestoelde ongelijkheid die hun rijkdom hen oplevert?

“Absoluut. Het is een gevaar waarvoor alle democratieën zich moeten hoeden: met rijkdom komt ook macht en invloed, en er is een constante kwetsbaarheid dat de rijken de spelregels zo zullen draaien dat zij er profijt uit halen.

“Daarmee hangt iets anders samen. Aangezien we een belastingsysteem hebben, is het elementaire eerlijkheid dat de rijken een groter aandeel betalen, dat de belastingen progressief zijn. Om de vanzelfsprekende reden dat een extra dollar veel meer betekent voor een arme persoon dan voor een rijke persoon. De cumulatieve welvaart is dus enorm veel hoger als de rijken een groter aandeel betalen dan de armen.

“Alle discussies in de Verenigde Staten ten spijt over de vraag of regeringen de armoede moeten reduceren, onderwijs moeten ondersteunen, aan gezondheidszorg moeten doen – eigenlijk is dat debat zo goed als voorbij. We doen dat al. Alle welgestelde samenlevingen doen dat.

“Het is makkelijk om verleid te worden door het radicaal libertijnse argument dat de rol van de overheid er uitsluitend in mag bestaan contracten op te leggen en de veiligheid te garanderen en het wettelijk gezag te waarborgen. Hoe aantrekkelijk dat ook moge zijn als theorie, in de praktijk bestaat dat nergens. Er bestaat niet zoiets als een libertijns paradijs van een welgestelde democratie zonder uitgebreid socialezekerheidsvangnet.”

Terug over veranderende normen in de academische wereld: heeft het huidige klimaat gevolgen voor wat u bereid bent te zeggen in het openbaar?

“Ik denk er wel over na. Ik manage mijn controverse-map zorgvuldig. Deels ook omdat, zoals mijn ex-collega wijlen Bob Nozick (Amerikaans filosoof, DM) placht te zeggen, je niet over alles een mening hoeft te hebben.”

Zegt de kerel die meerdere boeken schreef om de menselijke natuur uit te leggen.

(lacht) Ja, klopt. Ik schrik er niet voor terug opvattingen te verdedigen waarvan ik vind dat ze verdedigd moeten worden. Anderzijds ga ik mijn geloofwaardigheid ook niet te grabbel gooien door zomaar uit mijn krammen te schieten.

“Ik blijf het abstracte principe verdedigen dat mensen het recht moeten hebben om meningen te uiten die ze kunnen verdedigen.

“Dat is niet hetzelfde als het klassieke geval van de ACLU die het recht van nazi’s verdedigde om in Skokie op te stappen (in 1978 verdedigde de mensenrechtenorganisatie American Civil Liberties Union het recht van een neonazigroep een mars te houden door Skokie, een voorstad van Chicago waar veel Holocaust-overlevenden woonden, DM), vanuit het geloof dat we ook moeten toestaan dat krankzinnige of beledigende of bizarre overtuigingen geuit worden omdat dat nu eenmaal is waar de vrijheid van meningsuiting om draait. Waarin ik trouwens geloof.

“Maar als mensen gecanceld of gestraft worden omdat ze uiting geven aan overtuigingen die perfect waar kunnen zijn of die allesbehalve van de pot gerukt zijn, die ze kunnen verdedigen – dat is nog veel gevaarlijker.”

Steven Pinker, Rationality: What It Is, Why It Seems Scarce, Why It Matters, verschijnt op 28 september.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234