Woensdag 17/07/2019

Gezondheidszorg

Psychiater belonen naar resultaten: "Vrees dat er meer nadelen zijn dan voordelen”

Beeld iStock

Moet een psychiater die erin slaagt zijn depressieve patiënten uit het dal te laten klimmen, meer verdienen dan zijn collega die slechtere resultaten behaalt? In Nederland woedt de discussie. “Ik vrees dat er meer nadelen zijn dan voordelen.”

Kun je een psychiater beter belonen als die ook betere resultaten haalt met zijn patiënten? Of sterker nog: wat als je enkel die therapieën bij die artsen terugbetaalt waarvan is bewezen dat ze werken? Bij de noorderburen laait het debat hierover op, zo bericht Nieuwsuur, zeker nu zorgverzekeraar Menzis vanaf volgend jaar met zo’n beloningssysteem op basis van resultaten begint. 

De zorgverzekeraar gaat enkel die behandelingen van depressies terugbetalen die goede resultaten halen. Zorgverleners krijgen een bonus als ze betere kwaliteit leveren en instellingen krijgen een vooraf afgesproken bedrag. Menzis is ervan overtuigd dat dit leidt tot meer doeltreffende behandelingen en heeft hier inmiddels met twintig instellingen een akkoord over gesloten. 

De Nederlandse zorgverzekeraar is niet de enige die voorstander is van zo’n aanpak. Ook de directies van verschillende klinieken daar zien het systeem graag komen. In vele gevallen natuurlijk instellingen die net ook goede resultaten halen. 

Databank

In Nederland is het trouwens perfect mogelijk om zulke vergelijkingen te maken. Sinds 2010 houdt een stichting daar bij wat de behandelresultaten zijn. Zo moeten patiënten voor en na een behandeling een lijst met vijftig vragen beantwoorden. Die gegevens komen in een databank, met de naam van de instelling maar zonder zichtbare gegevens van de patiënt. Huisartsen en patiënten kunnen op deze manier wel zien welke instellingen al dan niet beter scoren dan de andere. Sinds begin 2017 moeten instellingen en zelfstandige psychiaters verplicht gegevens leveren aan de databank. 

Een noodzakelijke vorm van transparantie volgens de een, een problematische ontwikkeling vol valkuilen volgens de ander. Zo vragen critici zich af of er geen privacy-issues mee gemoeid zijn. Maar ook: wat ‘slechte’ therapie is voor de een, is dat niet noodzakelijk voor de ander. Vanaf wanneer kun je van ‘goede resultaten’ spreken? 

Volgens psychiater Jim van Os van het UMC Utrecht is zoiets erg moeilijk te meten. “Als iemand een been breekt dan kun je op een foto zien dat het gebroken is”, wordt hij geciteerd in Nieuwsuur. “En na een behandeling met gips kan je na zes weken zien dat de breuk weer geheeld is. Maar dat gaat in de psychiatrie nooit lukken.”

Dezelfde kritiek weerklinkt ook in ons land, waar het wantrouwen voor resultaatsmetingen sowieso nog een pak groter is. Uit ‘Het grote psychiatrierapport’, een onderzoek van deze krant twee jaar geleden, bleek al dat die informatie grotendeels ontbreekt. Die analyse toonde aan dat amper een op de zes psychiatrische instellingen bijhoudt wat het effect is van de behandelingen. In driekwart van de ziekenhuizen is het zelfs helemaal onduidelijk of ze uitkomsten meten of dat van plan zijn. Ook of ziekenhuizen wetenschappelijke behandelingen aanbieden, is in 75 procent van de gevallen onduidelijk.

Cherrypicking

Experte ter zake professor Chantal Van Audenhove (KU Leuven, LUCAS) is net om die reden al veel langer pleitbezorger van meer en beter wetenschappelijk onderzoek in de geestelijke gezondheidszorg. “Er zijn perfect parameters die we kunnen meten en die we ook doorheen de tijd kunnen monitoren. Nu moeten patiënten al te vaak van nul herbeginnen als ze bij een nieuwe arts of andere instelling terechtkomen. Terwijl je bij een patiënt die pakweg al eens cognitieve gedragstherapie heeft gehad toch zou moeten kunnen weten hoe dat dan precies is verlopen en of die patiënt daar baat bij heeft gehad.”

Toch vindt Van Audenhove het geen goed idee om zulke uitkomsten ook als financieel criterium te laten doorwegen. “Ik vrees dat zoiets op termijn tot cherrypicking leidt, waarbij instellingen of artsen vooral op zoek zullen gaan naar de ‘gemakkelijk geneesbare’ patiënten. Wat doe je dan met zeer complexe problematieken, waar het veel lastiger is om een goede uitkomst te halen? Zo’n systeem heeft meer nadelen dan voordelen, denk ik.”

Een bezorgdheid die ook de Nederlandse psychiater Jim van Os deelt. “De ene patiënt woont in het Gooi, heeft een inkomen en familie om zich heen, en een ander zit eenzaam in een achterstandswijk met schulden. Dat maakt dat een depressie bij de een wel en bij de ander niet opknapt. Maar dat ziet zo’n database helemaal niet.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden