Woensdag 28/10/2020

Propaganda is het beste medicijn

De Cubaan behoort fysiek en mentaal tot de sterkste volkeren ter wereld, zegt arts Ninfa Ramos de propaganda na. Maar er zijn gapende wonden geslagen in de ooit zo vermaarde gezondheidszorg. 'Vaderland of dood!' Door aids bijvoorbeeld.

De onmiskenbare en meest tot de verbeelding sprekende verwezenlijkingen van de Cubaanse revolutie liggen op het vlak van gezondheidszorg en opvoeding. Geen nieuws, maar wie er pakweg de gezondheidsindex van Unicef, het State of the Children-rapport (1996), op naslaat, blijft versteld staan: de levensverwachting in Cuba bedraagt 75 jaar, tegen 68 in de rest van Latijns-Amerika; de kindersterfte in Havana blijft beperkt tot 9,4 op duizend, tegen liefst 38 op duizend in andere Latijns-Amerikaanse grootsteden.

De propagandamachine van Fidel Castro werkt vlekkeloos: in zijn - ongewoon korte - toespraak bij de veertigste verjaardag van de revolutie, een week geleden in Santiago de Cuba, beklemtoonde de Comandante nog maar eens dat het de moeite niet loont 'absoluut exact en absoluut geactualiseerd' cijfermateriaal voor te leggen. "Er zijn feiten die niemand durft te ontkennen."

Maar er zitten diepe barsten in het systeem. De jaren negentig, toen Cuba door het bruuske wegvallen van de sovjethulp en de verstrakking van het VS-embargo helemaal op zichzelf werd aangewezen, hebben gapende wonden geslagen.

Ziekten als tyfus, dysenterie en virale hepatitis heersen als nooit tevoren. De sterfte ten gevolge van acute diarree is voor dezelfde periode verdrievoudigd. Honderdzesenzeventig HIV-patiënten zijn de laatste jaren gestorven, terwijl hun leven door de toediening van AZT, één van de efficiëntste farmaca voor de behandeling van aids, met enkele jaren had kunnen worden gerekt. "De meest buitengewone bladzijde van vaderlandse roem en revolutionaire vastberadenheid werd in de recente crisistijden volgeschreven", spreekt Fidel zijn companeros moed in. "Vaderland of dood! We zullen overwinnen!"

"Natuurlijk zullen we winnen", zegt de 29-jarige Ninfa Ramos. "Als we de middelen maar krijgen." Ramos is als wetenschapster verbonden aan het IPK, het Instituto Pedro Kuri in Havana, dat zeshonderd onderzoekers in dienst heeft, voornamelijk dokters. Zelf heeft ze als burgerlijk ingenieur een doctoraalscriptie gemaakt over de behandeling van aids-patiënten.

Ramos: "Tot voor een jaar of vijf werd iedere Cubaan die seropositief bevonden was - het eerste geval dateert uit 1985 - in zogenaamde sanatoria ondergebracht. De regering was vreselijk bang dat we hier met dezelfde plaag als in Haïti of de Dominicaanse Republiek zouden komen te zitten en besloot de patiënten dus te isoleren. Alle jongeren werden aan een verplichte aids-test onderworpen."

Maar de volstrekte overbodigheid van quarantaine voor aids-patiënten en de hoge financiële en menselijke kost ervan hebben de Cubaanse overheid tot andere ideeën gebracht. "Tegenwoordig wordt minder paniekvoetbal gespeeld, maar de praktijk is natuurlijk veel minder mooi dan de theorie", haalt Ramos de schouders op. "We krijgen ontzettend veel steun van Europese centra als het Institut Pasteur in Parijs en we halen ontelbare giften van ngo's binnen, maar het aankopen van een beperkte hoeveelheid van een elementair medicijn als AZT is al onbegonnen werk."

Net als alle Cubanen wijst Ninfa Ramos de bekende schuldige aan: de VS. Cuba is verboden terrein voor alle door de Amerikaanse Food and Drug Administration goedgekeurde geneesmiddelen. Europese farmaceuticabedrijven die met Amerikaanse firma's samenwerken, hoeden zich er met het oog op het embargo voor hun producten op de Cubaanse markt te brengen. De Cubaanse overheid moet de medicijnen dus binnensmokkelen of zelf aanmaken.

"En toch", zegt Ramos met de hand op het hart, "wordt hier ongelooflijk goed werk geleverd. De patiënt staat absoluut centraal, nog meer als hij aids heeft. De sanatoria, dat van Santiago de las Vegas bijvoorbeeld, hebben een fantastische dienstverlening, beter dan hotel Cohiba (een van de meest luxueuze hotels in Havana, ld), ik zweer het je."

In Cuba worden zelfs miljoenen dollars geïnvesteerd in de ontwikkeling van een eigen vaccin op basis van interferon, ondanks het embargo, ondanks de moedeloosheid van veel onderbetaalde wetenschappers. Weet je hoeveel ik verdien? Vijftien dollar per maand. Jarenlang gestudeerd. De eerste de beste liftjongen in een hotel heeft al twintig, dertig keer meer koopkracht dan ik. Wie met toeristen in contact komt, behoort tegenwoordig tot een andere sociale klasse."

Ramos schuift het buitenland ook andere plagen in de schoenen: "Tot voor enkele jaren kende ik het woord heroïne bij wijze van spreken niet. Nu hebben we steeds meer drugsspuiters onder onze patiënten. En de prostitutie is al helemaal op hol geslagen."

Maar Ninfa Ramos blijft onwrikbaar in de waarden van de revolutie geloven: "Solidariteit! Wij hebben na Mitch tientallen dokters die we zelf broodnodig hadden naar Nicaragua en Honduras gestuurd. Volstrekt belangeloos", zegt ze . "De Cubanen behoren fysiek en mentaal tot de gezondste volkeren ter wereld. Zeker weten."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234