Donderdag 04/03/2021

Prince charming

Vanavond treedt Prince op in het Sportpaleis. Wie de reacties mag geloven na zijn meest recente concert in Nederland, laat hij in Antwerpen een januskop zien: die van de hitmachine en die van de maker van obscure parels. Maar His Royal Badness komt natuurlijk in meerdere gedaanten.

Geile schandknaap in de slaapkamer

'Im not a woman / I'm not a man/ I'm something that you will never understand'
(uit: 'I Would Die 4 U')

Als kind uit een gemengd huwelijk kreeg Prince Rogers Nelson het gevoel nergens thuis te horen. Zijn huid was te donker voor de conservatieve middenklasse van Minneapolis, te licht voor de leeftijdgenootjes in het getto. Bovendien had hij zijn gestalte niet mee, en bleek hij een tikje mensenschuw. In afzondering zou Prince stilletjes zijn eigen niche kunnen uitkerven. In zijn slaapkamer schiep hij een zelfbeeld, waarmee hij boven zichzelf, gender en taboes kon uitstijgen. De funky, soulvolle muziek en hitsige kreetjes in zijn songs benadrukten zijn persoonlijke boetseerwerk.

Zo poseerde Prince als schandknaap in damesslip en panty's op de hoes van Dirty Mind (1980) en als bovengeslachtelijke pin-up op Lovesexy (1988). Seks en een ambigue houding lijken zijn voornaamste katalysatoren. Of toch zeker in de jaren tachtig, waarin hij zich als een oversekste faun presenteert. In 'Head' flirt hij met een dubbelzinnige seksuele appetijt: de zanger wekt de indruk dat hij zijn liefje wil beffen én pijpen. Nog iets bruiner bakt deze geilneef het in zijn incestsong 'Sister'. Op Controversy (1981) klinken dan weer existentiële vragen: "Am I black or white, am I straight or gay?"

Van bloedschande tot biseksuele veelvraat: de bijnaam His Royal Badness zal hij met gepaste onwaardigheid dragen. Mettertijd zullen zijn innuendo's wel meer omfloerst gaan klinken, en legt Prince het steeds liever aan met... God.

Het genie in de halfschaduw

'In the beginning God made the sea/But on the 7th day he made me'
(uit: 'My Name is Prince')

Prince-fans zijn het zelden eens, maar toch heerst een zekere consensus: in de jaren tachtig is Prince er als enige popster in geslaagd om liefst vijf tijdloze meesterwerken na elkaar uit te brengen. De platen 1999 (1982), Purple Rain (1984), Around the World In A Day (1985), Parade (1986) en de magistrale dubbelaar Sign "☮" the Times (1987) zijn incontournabel.

Die dubbele hattrick levert hem lof en eeuwige roem op. Zijn fans én Keith Richards van de Rolling Stones vergelijken Prince zelfs met een eigentijdse Mozart. Toch zal de artiest voortdurend in de halfschaduw blijven staan van andere, illustere voorgangers. Prince wordt achtereenvolgens de seksueel geobsedeerde incarnatie van Little Richard genoemd, een hysterische Jimi Hendrix, een postmoderne James Brown, en het nieuwe onderbewustzijn van David Bowie. Alleen tegen Michael Jackson komt hij in de jaren 80 uit als evenwaardige speler: People Magazine vroeg zich op hun cover af wie de échte King of Pop nu was.

De hitgevoelige pen van Prince zal ook steeds vaker in dienst staan van andere artiesten: Sheena Easton geeft hij 'Sugar Walls', Vanity 6 krijgt 'Nasty Girl', The Bangles 'Manic Monday' en Sinéad O'Connor maakt een megahit van 'Nothing Compares 2 U'.

Na Diamonds and Pearls (1991) lijkt Prince evenwel verbannen tot de schaduw van zijn eigen genie. Of zijn latere werk al dan niet onderschat wordt, leidt alleen tot subjectief giswerk. Wél opmerkelijk is dat His Royal Badness na de contractbreuk met Warner Music als een nomade de platenindustrie zal afschuimen, en zijn ster geleidelijk aan ziet tanen.

De comebackkid

'I'll die before I let you tell me how to swim/And I'll come back again as a dolphin'
(uit: 'Dolphin')

Ook in de eighties kent Prince flops. De narcistische en onbedoeld nichterige film Under the Cherry Moon blijkt een artistieke en financiële aderlating. Dat echec wordt maar net rechtgetrokken door de succesvolle soundtrack Parade (1986). Dertig jaar later sterven zijn recente platen helaas een stillere dood na de (veelal opgeklopte) release. Opvallend genoeg maken de optredens van Prince dan weer meer dan ooit furore. Zijn laatste concerten worden zelfs steevast omschreven als een artistiek én commercieel succes.

Drie maanden geleden speelde The Purple One bijvoorbeeld nog "guerrilla gigs" in Europa, die zijn ster gevoelig deden stijgen. Critici bedenken The Kid uit Purple Rain de laatste jaren haast unisono met perfecte scores. Op plaat vindt hij zichzelf niet langer uit, maar live blijft Prince dan ook een crack in dubbelspel: intieme shows met obscure B-kantjes voor zijn spionkop wisselt hij af met laagdrempelige, virtuoze arenashows.

Fatsoensrakker en reli-freak

'I'm in love with God, he's the only way'
(uit: 'Let's Pretend We're Married')

Het imago van Prince kreeg sinds de eeuwwisseling niettemin een lelijke deuk. Zijn liefde voor God was genoegzaam bekend sinds de langspeler 1999, maar nadien werden zijn messiaanse fixaties veelvuldig geanalyseerd én bespot.

De verhalen over zijn leven als jehova, platen die lazen als een geloofsbelijdenis en wereldvreemde houding stonden steeds meer haaks op het beeld van zijn publiek. Was de funky faun een fatsoensrakker geworden? Televisie en internet sloeg hij in de ban, want "het enige wat je nog ziet, zijn ontaarde beelden", en "je hoofd via het wereldwijde web vullen met nulletjes en eentjes kan niet goed zijn." Daar kwam de excentrieke superster onlangs trouwens op terug: zijn nieuwe groep 3RDEYEGIRL begon een eigen Twitter-account, en recent speelde Prince een rol als zichzelf in de tv-serie New Girl, naast Zoeey Deschanel.

Waarmee nog maar eens duidelijk wordt dat Prince heerlijk tegen alle verwachtingen in blijft druisen.

Prince speelt vanavond in het Sportpaleis, Antwerpen. De laatste tickets zijn opnieuw in omloop gebracht.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234