Donderdag 21/11/2019

Postmodernisme

In het juninummer van Filosofie Magazine staat het laatste interview met Jean-François Lyotard. Althans, zo wordt het verkocht door deze Humo voor amateurfilosofen (bestel nu uw poster van Schopenhauer!) Het gesprek gaat voor de elfendertigste keer over postmodernisme, ook al sputtert Lyotard vermoeid tegen. Het is het droeve lot van deze Franse filosoof dat hij eeuwig geassocieerd zal blijven met een boek waar hij achteraf niet hoog mee opliep: La condition postmoderne. Hij heeft het er zelf naar gemaakt natuurlijk. Zeven jaar na dit werk warmde hij de soep nog eens op met Le postmoderne expliqué aux enfants. Dat is om problemen vragen. Met zo'n titel denkt ook de eerste de beste Donna-presentator dat hij af en toe de term postmodernisme moet laten vallen om cool te zijn. Sindsdien is het hek van de dam. Ik probeer wel eens in publiek mijn bezwaren tegen de term uit te leggen en dat eindigt onveranderlijk grappend in 'U bent dus een postmodernist!', gevolgd door gesnuif van verstopte neuzen. Postmodernisme, het is een ander woord voor meligheid.

Lyotard heeft de term niet zelf bedacht. Die werd al in de jaren dertig in de letteren en de architectuur gebruikt. Kwalijker is dat hij het begrip filosofisch vrij lullig definieerde. Wat hij in Au juste nog terecht als de kenmerken van de moderniteit noemde - gebrek aan een algemeen geldende smaak en vaste criteria - toverde hij later om tot de essentie van het postmodernisme. Altijd prijs, heet dat op de Sinksenfoor. Desondanks blijft Lyotards thesis overeind: de grote verhalen hebben afgedaan. Nieuw was dat inzicht allerminst. Een sensibele ziel als John Donne dichtte al in het begin van de (postmoderne?) zeventiende eeuw 'Tis al in peeces, al Cohaerance gone', Nietzsche beweerde dat God dood was en W.B. Yeats echode beide heren in zijn vers: 'Things fall apart; the center cannot hold." Ik blijf erbij: wat Sidonia en Schanulleke postmodernisme noemen, is de radicale uitvoering van het moderne vooruitgangsproject, zij het dat er na eeuwen blind optimisme een flinke dosis scepsis en kritiek in is geslopen.

In tegenstelling tot Lyotard bewenen nogal wat predikanten van links en rechts de implosie van de grote verhalen. Dat is begrijpelijk: hun kerken lopen leeg, hun regimes storten in. De samenleving blijkt plots niet meer maakbaar. Dat is ze natuurlijk nooit geweest, tenzij met inzet van brandstapels, inquisitie, goelags, holocausten en killing fields. Behalve wie met grossieren in grote verhalen zijn brood verdiende, voelt geen mens zich dus door de verdwijning ervan aangesproken. Integendeel, de mens krijgt eindelijk de kans zijn eigen geschiedenis vorm te geven, los van enge Absolute Waarheden.

Deze maakbaarheid van het privé-bestaan is niet naar de zin van de nieuwe charlatans van de oude ethiek. Ze proberen individualisme af te schilderen als voos egoïsme. 'Waar blijft de solidariteit als cement van de maatschappij?' gillen ze in koor, terwijl ze zich tot voor kort uitsloofden om elke opstoot van medeleven met verdrukten, dissidenten, homoseksuelen en andere minderheden de kop in te drukken. De huidige fiscale discriminatie van getrouwde stellen is daar een illustratie van. De fatsoensrakkers onder ons beschouwen ongehuwd samenwonenden nog liever als alleenstaanden dan ze te accepteren als modale gezinnen. Een al jarenlange verkrachting van het solidariteitsprincipe. Dus zitten ze nu met een torenhoog sociaal en budgettair probleem. Ze willen maar niet inzien dat individualisme en solidariteit met elkaar sporen. Geen mens staat op zich. Individualisme kan pas opbloeien dankzij solidariteit, of correcter gezegd, dankzij de Verlichtingsidealen die aan elke individuele emancipatie ten grondslag liggen: gelijkheid, rechtvaardigheid en vrijheid. Nu het vooruitzicht op rijstpap met gouden lepeltjes alleen nog eerstecommunicantjes weet te mobiliseren, is de verdediging van die waarden tegen een mogelijke terugval in de premoderne barbarij noodzakelijker dan ooit. Het reëel bestaande postmodernisme is nog lang niet voor morgen.

Leo de Haes

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234