Vrijdag 07/08/2020

Plotse opleving zal de Vlaamse dialecten niet redden

Van verkiezingen van mooiste Gentse woord over smartphone-applicaties om West-Vlaams te leren: Vlaamse streektalen leven weer op. Maar, zegt taalwetenschapper Reinhild Vandekerckhove: 'Met elke hoogbejaarde die overlijdt, gaat er een woordenboekje verloren.'

Tsiepmuile. Dat is, sinds eind juli, officieel het mooiste dialectwoord uit Gent. Na een verkiezing met 6.368 uitgebrachte stemmen werd het synoniem voor 'huilebalk' uitgeroepen tot 'wijste Gents woord'.

Twee maanden eerder werd bij eenzelfde verkiezing in West-Vlaanderen al het woord zurkeltrutte uitverkoren, sappig West-Vlaams voor 'zuurpruim'. En op de Avond van de Platte Klap raakte muijenaks (poedelnaakt) verkozen tot mooiste dialectwoord uit de Kempense stad Geel.

Dialecten zijn helemaal terug in Vlaanderen. Steeds meer zangers en rappers - zoals Flip Kowlier of Wannes Capelle - grijpen terug naar hun streektaal; steeds meer films en tv-series - zoals De Helaasheid der Dingen of Het Goddelijke Monster - bevatten dialogen in smakelijk patois. Voor Rundskop oefende acteur Matthias Schoenaerts maandenlang op de Sint-Truidense klanken.

"Het Gents is een taal die herleeft", zegt Geert Jacobs, geboren en getogen Gentenaar en een liefhebber van de Gentse tongval. "Zo'n verkiezing van het mooiste dialectwoord, dat was vroeger iets voor op café. Tegen het einde van de avond kon niemand dat woord nog uitspreken. Maar nu is dat nationaal nieuws."

De 47-jarige Jacobs spreekt zelf geen perfect Gents, maar hij probeert zijn woordenschat voortdurend uit te breiden. Hij gaat naar optredens van Letterfretter Mike, of van Fatih, een half-Turkse socioloog die in het Gents rapt. "Dat vind ik fantastisch, dat ook nieuwe Gentenaars die uitdrukkingen en woorden oppikken."

De dialectrevival is opmerkelijk. Jarenlang probeerden ouders hun kinderen zo accentloos mogelijk op te voeden en leken de Vlaamse dialecten ten dode opgeschreven. De lokale idiomen waren het domein van heemkundige kringen.

Wie had kunnen bedenken dat er nu apps zouden zijn voor smartphones, waarop je de Vlaamse dialecten kunt vergelijken? En dat luisteraars van Studio Brussel in een dagelijks quiz zouden raden naar de betekenis van weinschelle, kribbediejzeke of gatbadgerke (respectievelijk 'wenkbrauwen' in Limburg, 'lieveheersbeestje' in de Kempen en 'iemand met korte benen' in Vlaams-Brabant)?

Toch is de hernieuwde interesse logisch te verklaren. "De Vlamingen beginnen hun dialecten te koesteren, omdat ze beseffen dat die verloren dreigen te gaan", zegt Reinhild Vandekerckhove, docent sociolinguïstiek en Nederlandse taalkunde aan de Universiteit van Antwerpen. "Eigenlijk is die revival een slecht teken. Het toont dat het voor de Vlaamse dialecten vijf voor twaalf is."

De teloorgang van de Vlaamse dialecten, vanaf de jaren zeventig en tachtig, valt samen met de emancipatie van Vlaanderen als Nederlandstalige taalgemeenschap. Na decennia van Franstalige overheersing probeerde de Vlaamse intelligentsia de volkse dialecten te onderdrukken, ten faveure van het Standaardnederlands, dat toen nog Algemeen Beschaafd Nederlands (ABN) werd genoemd.

"Dialect werd plots als gemeen beschouwd", zegt Eddy Levis, voorzitter van het dialectgenootschap Gentsche Sosseteit. "Ik herinner me dat ik op schoolreis Gentse liedjes begon te zingen. De leraar vloog tegen me uit: Is 't gedaan met dat vuil Gents? Dat spreek je in je citeetje, maar niet op school."

Tussentaal

Na twee decennia van beschavingsoffensieven zijn de dialecten in Vlaanderen er slecht aan toe. Zelfs in West-Vlaanderen, de provincie waar de bewoners hun onverstaanbare taaltje het langst in ere hielden, is het tij nu aan het keren. Maar in plaats van Standaardnederlands zijn de Vlamingen vooral tussentaal gaan praten: een mengeling van Standaardnederlands en dialect, met veel Brabantse en Antwerpse invloeden, overgenomen van Vlaamse televisiesoaps.

De tussentaal wordt verguisd door taalpuristen, die het noch mossel, noch vis vinden. Maar volgens taalwetenschapper Reinhild Vandekerckhove is er niets mis met die tussentaal. "Men denkt soms dat jongeren nu minder goed Standaardnederlands praten dan vroeger, maar dat is niet waar. In feite is tussentaal gewoon het dialect van deze tijd."

Als taalwetenschapper heeft Vandekerck-hove geen oordeel over het verdwijnen van de Vlaamse dialecten. "Talen zijn nu eenmaal altijd in beweging, dat is niet goed of slecht", zegt ze. "Maar emotioneel snap ik dat mensen er moeite mee hebben. Het is een stukje erfgoed dat verdwijnt."

Om de taal van hun grootouders nog even te vast te houden, vallen Vlamingen nu als een blok voor nostalgische initiatieven. Zoals de verkiezingen van het mooiste dialectwoord, theatervoorstellingen in het dialect of de dialectversies van de Kuifjestrips. De Biezjoes van Bianca Castafiore, in het Gents, verscheen net anderhalve maand geleden.

De waardering voor het dialect is enorm toegenomen, merkt Eddy Levis, die al dertig jaar voor het Gents strijdt. "Ik geef tegenwoordig veel lezingen op scholen over het Gentse dialect. En Brussel heeft zelfs een streektaalverantwoordelijke. Als je zulke initiatieven vijftien jaar geleden had voorgesteld, hadden ze je waarschijnlijk neergeschoten."

Maar het zal niet helpen om de teloorgang tegen te gaan, vreest Levis. "Het is mooi dat zangers en acteurs nu meer dialect gebruiken, maar ik betwijfel of het dialectgebruik op straat daarmee zal toenemen. Ik merk het aan mijn lezingen op scholen. De jongeren vinden het Gents plezant, maar niemand spreekt het nog echt."

Vandekerckhove beaamt: het is te laat. "De jongeren die graag naar muziek in een dialect luisteren, vinden het leuk om af en toe met een dialectwoordje te goochelen. Verder gaat het niet, de meesten spreken het dialect niet meer. Het is niet tegen te houden: met elke hoogbejaarde die overlijdt, gaat er een woordenboekje verloren."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234