Donderdag 26/11/2020

Plantijn en Moretus, drukkers van Ortelius' atlas

Antwerpen kapituleerde maar de 'prins der drukkers' bleef in zijn geliefde Scheldestad wonen en werken tot aan zijn dood in 1589.

Hoe heet die drukker nu in feite: Plantin of Plantijn? Feit is dat Christoffel Plantin (!) werd geboren in Saint-Avertin bij Tours (Frankrijk), waarschijnlijk in 1520, want de grote drukker schijnt zelf niet zo zeker te zijn van zijn geboortejaar. Als jongeman gaat hij aan de slag bij de beroemde boekbinder en drukker Robert II Macé in Caen. Na nog enkele jaartjes rondhangen in Parijs nemen Christoffel en zijn vrouw Jeanne Rivière in 1545 de benen naar Antwerpen. Vanaf dan zal Christoffel 'Plantijn' heten. Over zijn knieval voor Antwerpen schrijft de nieuwbakken sinjoor in een brief aan... paus Gregorius XIII: "Men ziet er de verschillende landen op de markt samenkomen; men treft er ook al de onmisbare grondstoffen aan voor het uitoefenen van mijn ambacht; men vindt er zonder moeite, voor alle vakken, de werklieden die men in korte tijd kan onderrichten (...)". Christoffel kwam aanvankelijk aan de kost als boekbinder en leerbewerker, maar nadat hij op de Meir (jawel) door enkele dronkaards was aangevallen (zijn schouder werd met een zwaard doorboord), moest hij noodgedwongen het fysiek lastige vak van boekbinder laten varen voor dat van boekdrukker.

Na enkele schuchtere pogingen ging de bal voorgoed aan het rollen vanaf 1563. Samen met de kwantiteit was intussen ook de kwaliteit fors toegenomen: klassieke auteurs in handig zakformaat, Hebreeuwse bijbels die door de Antwerpse kooplui tot in Marokko werden verspreid, liturgische werken, rijkelijk geïllustreerde anatomische verhandelingen van Andreas Vesalius, enz. Zijn meesterstuk moest echter nog volgen: een betrouwbare, wetenschappelijke uitgave van de bijbelteksten, de Biblia Regia in vijf talen. Het bleef het belangrijkste werk dat ooit door één drukker in de Nederlanden werd ondernomen. Ook de Thesaurus Theutonicae linguae (woordenboek der Nederlandse taal) rolde bij Plantijn van de persen. De jaren 1567-76 waren de grote bloeiperiode: Plantijn liet niet minder dan zestien drukpersen op volle toeren draaien, terwijl de Estiennes, het grootste Franse drukkersgeslacht van de 16de eeuw, slechts vier drukpersen nodig hadden.

Pas in 1579, dus na de verwoestingen en plunderingen tijdens de Spaanse furie (1576), ging Plantijn ook de teksten drukken voor Ortelius' atlas (kaarten en teksten werden toen altijd in een aparte druk afgewerkt, red.). Dat zou blijven duren tot aan de dood van Ortelius in 1598. Na de val van Antwerpen in 1585, waarbij nagenoeg de volledige intelligentia onder druk van de Spaanse overheerser naar het Noorden was verhuisd, wist Plantijn met het drukken van een Spaanse versie van het Theatrum de Spaanse autoriteiten ervan te overtuigen dat hij altijd loyaal was gebleven tegenover de koning en de katholieke kerk. Plantijn zat duidelijk in een moeilijk parket: om de stad Antwerpen, die de zijde van de opstandelingen had gekozen, en Willem van Oranje te paaien, drukte Plantijn op dezelfde drukpersen ook een aantal anti-Spaanse pamfletten. Antwerpen kapituleerde maar Plantijn bleef in zijn geliefde Scheldestad; de 'prins der drukkers' bleef er wonen en werken tot aan zijn dood in 1589.

Zijn schoonzoon en opvolger Jan I Moretus zette de samenwerking met Ortelius verder. Van 1589 tot 1610 werd het Theatrum nog twee keer substantieel uitgebreid. Keek Christoffel Plantijn in de eerste plaats naar de inhoud van zijn 'druksels', Jan Moretus daarentegen had vooral oog voor de vorm. Van vele werken wist hij door druk en illustratie ware pareltjes te maken. Na zijn dood in 1610 nam zijn zoon Balthasar I het roer in handen; hij was onder meer een boezemvriend van Pieter Paul Rubens, die tal van illustraties en titelbladen ontwierp voor in de Officiana Plantiniana gedrukte werken. In 1641 nam zijn neef Balthasar II het zaakje over; hij was de laatste van de Moretussen die nog werken van betekenis liet drukken. In de tweede helft van de 18de eeuw begon het steil bergaf te gaan, en tot 1876, het jaar waarin de stad Antwerpen de drukkerij verwierf en er een museum van maakte, zou de ooit zo roemrijke Officiana nog slechts vegeteren op eerder behaalde successen. Van dat roemrijke verleden kunt u nog steeds gaan proeven in het Museum Plantin-Moretus aan de Vrijdagmarkt in Antwerpen.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234