Woensdag 08/12/2021

Place du samedi

Heel lang geleden, toen alle vier de Ramones nog leefden, deelde ik met een aantal fijne collega's een werkkamer die uitzicht bood over de Livornostraat te 1050 Brussel.

We bouwden daar van negen tot zes, en vaak ook nog tot diep in de nacht, aan een nieuwe wereld, en u mag zeggen wat u wil maar hij is er nu, die nieuwe wereld.

Doe er uw voordeel mee en laat ons, bijna-versleten Mei 68'ers, rustig verder strompelen naar het meest nabijgelegen olifantenkerkhof.

Ik zat in die mooie dagen aan één en dezelfde tafel met sterreporter Wilfried Hendrickx, een man die onder de nom de plume WH nog steeds een van de beste interviewers van dit land is. Hij draaide er destijds geen hand voor om wanneer hem gevraagd werd tijdens één en dezelfde week vraaggesprekken af te nemen van zulke uiteenlopende figuren als Michael Schumacher, Harry Mulisch of Iggy Pop.

En het merkwaardige is dat hij die ontmoetingen ook nog eens in hoog tempo tot zeer lezenswaardige stukken wist om te schrijven.

Wilfried en ik deelden in die lowtechtijden ook hetzelfde telefoontoestel en dat leidde wel eens tot enige collegiale wrevel, maar gelukkig toch vooral tot oeverloos en sfeervol bullshitten en hard ons best doen om de zelfgekozen geuzennaam The Glimmer Twins wekelijks te verdienen.

Op maandagochtend leidde dat ook wel eens tot wederzijds schadebeheer, waarbij diverse vormen van luddevedu, de falende joint de culasse van een ouder wordende Porsche 311 of excessief alcoholverbruik uitvoerig besproken werden.

Op een dag hielden we ons tot aan de lunchtijd onledig met alles en iedereen op te noemen waar we eigenlijk een hekel aan hadden. De lijst was schier oneindig en ik zal die u besparen, vooral omdat ik ze godzijdank helemaal vergeten ben.

Ik herinner me nog wel ons beider diepe afkeer voor mimespelers, middelmatige Franse chansonniers en vooral... vrouwenkunst.

Daarmee bedoelden we natuurlijk niet de goddelijke muziek van Janis Joplin, Bessie Smith of Ella Fitzgerald, maar wel de verschrikkelijke uitingen van talentloosheid die in het plaatselijke cultuurcentrum wel eens werden tentoongesteld onder hard neonlicht. U moet dan denken aan het soort 'kunstwerken' dat bestond uit een paars geschilderd stuk pvc waarin lukraak klinknagels waren geklopt, die met elkaar verbonden werden door slierten kleurrijke wol die een geflipte Medusa moesten voorstellen, maar toch vooral op een psychedelische ragebol leken.

Zoveel jaren later weten we wel beter. Vrouwen leveren dagelijks wonderlijke bladzijden aan voor wat straks de definitieve geschiedenis van de kunsten wordt.

De dames van Rosas dansen zowel vandaag als morgen ergens in de wereld over de planken van een podium tot dat helemaal in vuur en in vlam staat.

Topactrices als Natali Broods en Sara De Roo, Els Dottermans en Katelijne Damen spelen avond na avond ergens te lande prachtige toneelstukken waar u voor een schijntje bij aanwezig mag zijn. Auteurs als Griet Op de Beeck en Saskia De Coster schrijven voortdurend mooie boeken en verkopen daarvan per etmaal meer exemplaren dan zelfs de vlijtigste drukkers kunnen blijven bijdrukken.

'En Joy Anna Thielemans dans tout ça?', zult u zeggen.

Ja, die goede oude Joy Anna Thielemans, daarvan moet ik u eerlijk zeggen dat ik haar Volledige Werken nog niet tot mij genomen heb. Maar laat me u intussen wel verklappen dat La Thielemans me een beetje doet denken aan een gedachte die filmregisseur Francis Ford Coppola zich wel eens liet ontvallen: "Vertrouw nooit iemand met twee voornamen!"

In de afdeling plastische kunsten zijn vrouwen altijd al mijn lievelingen geweest.

En dan heb ik het niet alleen over Louise Bourgeois (1911-2010), die zeventig jaar lang kon wachten om beroemd te worden maar van wie het werk mij al vanaf mijn eerste bezoek aan New York, in 1974 alweer, in de ban hield.

De Britse wildebras Tracey Emin kan eveneens allang op al mijn sympathie en bewondering rekenen en niet alleen omdat ze een wildebras is. Haar vaak rond het eigen leven opgebouwde kunstpraktijk is dikwijls pijnlijk en schrijnend om te zien. Bij haar tentoonstellingen kom je altijd buiten met de diepe drang om je helemaal in de sterke drank te gooien, iets wat Tracey zelf je wellicht niet zou afraden.

Ze verschijnt soms in een talkshow met een wikkelverband om haar zo al wat gehavende hoofd ("Kop gestoten toen ik vannacht op handen en voeten naar het toilet kroop om te gaan kotsen") en ze staat er ook om bekend dat ze zich wel eens misdraagt op haar eigen vernissages.

Maar toch: een ware kunstenares.

Eveneens Brits en even betoverend als broos is het werk van Tacita Dean, die filmt, fotografeert, tekent en schildert zoals alleen een engel dat zou kunnen. Ze verdient uw nadere aandacht. En in dit land buigen wij natuurlijk diep voor het talent en het inzicht van vrouwen als Anne-Mie Van Kerckhoven en Berlinde De Bruyckere, die uit het niets iets kunnen maken, die ons zonder branie of gebral leren kijken naar de dingen die er gewoon zijn, daar naast ons.

Ana Torfs is ook zo iemand. Ze bouwt al ruim twintig jaar aan een fascinerend oeuvre, dat zich situeert in een niemandsland tussen tekst en fotografie, tussen film en audiokunst, tussen assemblage en poëzie. En terwijl ik dit schrijf, neem ik meteen die passe-partoutformule 'niemandsland' terug want ook zonder gids weten wij reeds na een eerste rondgang door haar nu lopende overzichtstentoonstelling in Wiels waar wij ons bevinden: in Torfsland.

De show heet Echolalia, wat in het Nederlands gewoon 'echolalie' betekent.

Het betreft hier een term uit de psychologie en de psychiatrie die door het elektronisch woordenboek omschreven wordt als 'het dwangmatig herhalen van woorden of zinnen van een gesprekspartner of een andere bron'.

Hoe die term vertaald wordt naar Torfs' bijzonder mooie en ontroerende werk moet u zelf maar eens gaan bekijken in die voormalige brouwerij achter het Brusselse Zuidstation. Ik heb dat al gedaan, maar niet in uw plaats.

Vergeet wanneer u buitenkomt ook niet de door grafisch ontwerper Jurgen Persijn buitengewoon verzorgde catalogus mee te nemen. Het gaat hier niet om het gebruikelijke slappe koffietafelboek dat in de museumwereld wel eens doorgaat voor een publicatie. Samen met de artieste in kwestie zocht en vond Persijn een middel om de wonderen van de expo Echolalia bevattelijk en draagbaar te maken. Geen kleine verdienste.

Verder ben ik blij dat Hanne Decoutere weer op gezette tijden Het journaal presenteert. De wereld ziet er, vanuit mijn fauteuil alvast, alweer een stuk beter uit.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234