Woensdag 25/11/2020

Pittig, sprankelend, licht verteerbaar

Klassieke popmuziek bestaat. Het recept werd veertig jaar geleden bedacht door Berry Gordy, een ambitieuze zwarte automonteur uit Detroit, die in zijn vrije tijd een paar hits had geschreven voor soulzanger Jackie Wilson, maar er luidop van droomde een eigen platenlabel te beginnen. Het bedrijfje werd Motown gedoopt, groeide uit tot een gesmeerd draaiende hitfabriek en maakte een cross-over naar het blanke publiek. Gordy's succesverhaal steunde op vier pijlers: een geslepen zakeninstinct, een neus voor talent, een strak omlijnde artistieke visie en een onfeilbaar aanvoelen van wat de luisteraar wilde horen.

Toen Berry Gordy in 1958 de muziekuitgeverij Jobete oprichtte, leefden de blanke en zwarte gemeenschappen in de VS nog in ruime mate van elkaar gescheiden. Behalve in het onderwijs liet die segregatie zich ook voelen in de muziek. Blues, bij uitstek de uitdrukkingsvorm van de afro-Amerikaanse bevolking, reikte zelden verder dan de getto's. De blanke middenklasse had het toen nog smalend over race music, een begrip dat synoniem was met 'primitief' en 'ongeciviliseerd'.

Gordy wilde niet alleen dit vooroordeel uit de weg ruimen, hij stelde zich ook tot doel het monopolie van de blanken op de platenmarkt te doorbreken. Aangezien zijn label gevestigd was in Detroit, het centrum van de Amerikaanse auto-industrie, noemde hij het Motown - een samentrekking van Motor Town. Tot dan toe had men in de VS slechts twee soorten succesrijke, door zwarten gerunde bedrijven gekend: verzekeringsmaatschappijen en begrafenisondernemingen. Erg lang zou dat echter niet meer duren: Gordy was vastbesloten zich op te werken tot een van de eerste niet-blanke kapitalisten. En het zou hem nog lukken ook.

De ex-mecanicien had algauw in de gaten dat, wilde hij met zijn label ook het blanke publiek bespelen, de muziek zich diende te verwijderen van haar oorspronkelijke bluesroots. Zwarte rhythm & blues vormde nog wel het uitgangspunt voor de Motown sound; alleen werd het genre opgepoetst, gepolijst en lichter verteerbaar gemaakt, in een poging het een universelere appeal te geven. Vergeleken bij de Memphis Soul van Otis Redding, Sam & Dave en Eddie Floyd, waar Stax toen het patent op had, klonken de Motown-producties dan ook behoorlijk mainstream. Maar Berry Gordy wist precies waar hij naartoe wilde, en hij gebruikte artiesten als Mary Wells, The Marvelettes, Martha Reeves & The Vandellas, Gladys Knight, The Supremes, The Four Tops en The Jackson 5 om dat duidelijk te maken: compacte twee- tot drieminutensongs, liefst spontaan, verleidelijk en romantisch van aard, die inhoudelijk naadloos zouden aansluiten bij de leefwereld van het, voornamelijk blanke, tienerpubliek. Motown stond voor: catchy, toegankelijk, luchtig en opwindend. Het was good time music, die niemand voor het hoofd stootte, maar wèl in het geheugen bleef hangen.

Gordy leidde zijn imperium met ijzeren hand: zijn artiesten werden professioneel begeleid, hun carrières minutieus uitgestippeld. Niets werd aan het toeval overgelaten, ook niet het imago, dat berustte op avondjurken, smokings en opvallende kapsels. Optredens gingen gepaard met pittige choreografieën en bovenal was er dat bruisende, onmiddellijk herkenbare geluid, dat Berry Gordy's ambities een voor een waar hielp maken. De kloof tussen blanke en zwarte muziek werd definitief overbrugd: Motown was een kwaliteitsmerk geworden. De media gewaagden van "The sound of Young America", terwijl Gordy voor zijn bedrijf het koosnaampje Hitsville, USA bedacht.

De Motown-catalogus uit de jaren zestig en de vroege jaren zeventig is misschien wel de impressionantste verzameling pure pop die ooit werd samengesprokkeld. Geen enkele platenmaatschappij slaagde erin zoveel getalenteerde, aan elkaar gewaagde artiesten aan te trekken en hen als één team te doen samenwerken. Motown was niet alleen de thuishaven van Smokey Robinson, Marvin Gaye en Stevie Wonder, maar ook van enkele van de beste producers, arrangeurs en studiomuzikanten van het ogenblik. En dan hebben we het nog niet eens gehad over begenadigde liedjesschrijvers als Norman Whitfield & Barrett Strong of het trio Holland, Dozier & Holland, die jarenlang de Motown-sound zouden blijven definiëren. Hoewel ze elk hun eigen stijl hadden, pasten ze toch perfect in Gordy's bedrijfsfilosofie.

Vooral Lamont Dozier en de broers Brian en Eddie Holland bleken goud in hun vingers te hebben. Ze creëerden hits aan de lopende band en vrijwel alle nummers die ze ooit schreven voor The Supremes en The Four Tops worden vandaag als soul classics beschouwd. Driekwart van alle Motown-singles uit de periode 1959 en 1971 haalde de Amerikaanse toptien. Daarmee werd Berry's droomfabriek een van de succesrijkste en best georganiseerde onafhankelijke platenmaatschappijen uit de geschiedenis.

Ook vandaag blijft de Motown-catalogus nog altijd nieuwe generaties inspireren. Een gitaarband als Afghan Whigs heeft er bijvoorbeeld een flink deel van zijn identiteit uit gepuurd. En zouden The Spice Girls ooit denkbaar zijn geweest zonder het lichtende voorbeeld van The Supremes?

In de loop van de jaren zeventig zou Motown zijn actieterrein verleggen van Detroit naar Los Angeles, en achteraf bekeken was die verandering van biotoop niet zo'n best idee. De identiteit van het label raakte aangetast en de productie werd, zowel in commercieel als artistiek opzicht, aanzienlijk minder consistent. The Commodores, Diana Ross, Chick en Eddie Kendricks scoorden nog wel hits, maar de muziek, ooit zo snedig en vitaal, werd almaar gladder.

In 1988 werd het bedrijf verkocht aan MCA en later kwam de hele output van Motown in handen van platengigant PolyGram. Tegenwoordig wordt het marktaandeel van het label verzekerd door gelikte New Jack Swing-artiesten als Johnny Gill en Boys II Men, al zijn die er nooit echt in geslaagd vaste voet te krijgen buiten de Verenigde Staten. Zijn dit de laatste stuiptrekkingen van een platenmaatschappij die al een poosje op sterven ligt? Geen idee. Maar hoewel er dezer dagen in huize Motown veertig kaarsjes worden uitgeblazen staat één ding wel vast: de gouden jaren zestig komen nooit meer terug.

Dirk Steenhaut

De onlangs verschenen dubbel-cd Motown Forever geeft een representatief overzicht van de artiesten die de jongste veertig jaar het gezicht van het label hebben bepaald. In de pas in het leven geroepen reeks The Ultimate Collection zijn al uitstekende compilaties verschenen van The Supremes, The Four Tops, The Jackson 5 en The Commodores. Meer afleveringen volgen binnenkort.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234