Woensdag 11/12/2019

Pierre Chevalier (Open Vld)

Guy Verhofstadt is zichzelf gebleven, maar Open Vld niet

Niets is zo definitief 'ex' als een ex-politicus

Pierre Chevalier (55) heeft het hele parcours afgelegd. Van de socialisten naar de liberalen. Van ambitieuze angry young man tot een heer met zekere allure. Van Brugge tot New York. Een veelbelovende politicus die drie keer staatssecretaris werd en twee keer ontslag moest nemen. Een van de meest ervaren Open Vld'ers, die op 10 juni de strijdplaats kreeg en niet verkozen werd. Een man die graag in het parlement heeft gezeteld, maar toch niet terug wil.

"Ik ben bijna een kwarteeuw parlementslid geweest. Dan moet je niet meer de ambitie hebben om nog terug te komen. En in alle eerlijkheid stond ik de laatste jaren al met één been uit het parlement. Ik heb namens de Belgische regering de Europese Grondwet mee onderhandeld en nadien werkte ik voor het Belgische voorzitterschap van de OVSE. Dat soort werk zet ik nu met plezier verder in de Veiligheidsraad, waar ik de minister van Buitenlandse Zaken vertegenwoordig. Onlangs was ik in Burkina Faso, ook een lid van de Veiligheidsraad. Het was toch even schrikken toen de eerste minister mij vroeg. 'Comment ça va en Belgique? Expliquez-vous un peu la guerre tribale entre flamands et wallons?' Toen ik in Costa Rica was, stond het ook daar op de agenda: de politieke situatie in België.

"Ik zou dus niet willen terugkeren naar het parlement. Tenminste: niet naar het parlement zoals het nu is. En zeker niet naar de Senaat. Wie daarin zetelt, krijgt een eersteklasbegrafenis. Ik hoor met graagte jonge parlementsleden nog grote plannen koesteren. Ik hoor een jong Open Vld-parlementslid zeggen dat hij zich verheugt op de eerste keer dat hij over de begroting mag spreken. Wat die jongen blijkbaar niet weet, is dat een senator daar nooit over kan spreken: de Senaat is immers niet bevoegd.

"Toen ik ontslag nam als staatssecretaris voor Buitenlandse Handel kwam Paul Goossens mij interviewen en ook een beetje troosten. Paul is een vriend en hij zei me: 'Herpak u, Pierre, en speel de rol van Grote Parlementair'. Maar je kúnt dat niet in dit land. Het begint al bij de selectie van de parlementairen. Zoekt men sterke persoonlijkheden? Neen. Het moet allemaal stemmen opbrengen. Pas op, ik heb ook altijd mijn stemmen gehaald. Ik heb het even nagerekend: in het huidige parlement zitten er een stuk of dertig met minder voorkeurstemmen dan ik. Ik haalde nog bijna elfduizend voorkeurstemmen, een partijgenoot haalde een goede tweeduizend en die blaast nu hoog van de toren. Het is dus een kwestie van plaats op de lijs, en van profiel. Presentatie primeert op inhoud.

"Was dat vroeger anders? Zeker. Ik heb de laatste tijd al eens met weemoed teruggedacht aan de tijd dat ik jong SP-parlementslid was. Donderdagmiddag gingen we met een vaste club eten: Louis Tobback, Freddy Willockx, Karel Van Miert (als hij kon), ikzelf, Luc Van den Bossche, Norbert De Batselier, Willy Claes. Frank Vandenbroucke was er ook, maar die ging niet mee eten. (grijns) Andere fractieleden, ik denk aan Eddy Baldewijns, Gilbert Bossuyt of Erik Derycke, waren degelijke politici en werden later allemaal ministers. Toen waren zij nochtans de backbenchers. Zelfs Louis Vanvelthoven, later voorzitter van het Vlaams Parlement, was geen van de top guys van de fractie.

"Louis Tobback was de beste fractieleider die een jong parlementslid kon dromen. Ik heb nooit een betere gezien. (grijnst) En ik kan het weten, want ik ben zelf ook fractieleider geweest. Een briljante geest, een schitterende redenaar, en een begenadigde organisator van zijn fractie. Toen ik in het parlement kwam, riep hij mij bij zich: 'Gij zult u bezig houden met defensie, wat ik altijd heb gedaan. En als parlementair medewerker krijg je Rik Coolsaet. Ken jij vandaag nog medewerkers van het niveau-Coolsaet? Die jaren als SP-parlementslid waren de beste jaren van mijn politieke leven. Ook al omdat ik nog jong was en goed in de markt lag. (lacht)

"En ook in de andere fracties zaten echte cracks. Ik voerde in de commissie Buitenlandse Zaken oppositie tegen de bevoegde minister, CVP'er Leo Tindemans. In die commissie zat ook Henri Simonet, toen een PRL'er en dus lid van de meerderheid. Simonet gaf mij dan spiekbriefjes door met vragen die ik moest stellen aan Tindemans. Geniale vragen natuurlijk, want Simonet was een briljante geest.

"Of zijn partijgenoot Jean Gol, misschien wel de meest bevlogen jurist die ik gekend heb. Nu zijn er tweederangsparlementsleden die zich te goed vinden om in een commissie een vraag te stellen. Toen hij minister van Justitie af was, interpelleerde de grote Jean Gol met verve en overgave. Ik vrees dat dit allemaal voorbij is.

"Niet alleen de parlementsleden zelf zijn van een kleiner kaliber, ook de instellingen verkeren in crisis. De Senaat is al dood, maar weet het nog niet. De regering negeert zelfs de ooit zo gezaghebbende commissie Justitie. We hebben daar hard gewerkt aan de wet-Franchimont. Ons wetsvoorstel gaat naar de regering, waar het stuit op verzet van Vande Lanotte. Die vond dat de verdediging veel te veel rechten kreeg. Het is een schande: zo'n goed wetsontwerp, waarin zoveel werk stak, wordt begraven na één oekaze van één minister, alleen omdat een parketmagistraat op zijn kabinet de belangen van zijn korps verdedigt. Ik heb in de Open Vld-fractie fel gediscussieerd met de premier. 'Wie spreekt er nu?', zei Verhofstadt, 'De advocaat of de politicus?' 'De democraat', heb ik geantwoord.

"Een democratie hangt af van checks-and-balances. In België zitten we met een opvolgersparlement zonder legitimiteit en macht. We moeten af van het systeem van opvolgers. We moeten ook af van de provinciale kieskringen en geen nationale kieskring extra creëeren Ik ben voor het Angelsaksische model van zeer kleine kieskringen. Daar spreekt het publiek van my MP en een parlementslid van my constituency. Die band is sterk. Zo'n politicus staat ook onafhankelijker ten opzichte van zijn partij, want hij heeft zijn lokale gemeenschap achter zich.

"Bij mijn overstap van de SP naar de VLD had ik wat wroeging, want ik nam mijn mandaat mee. Dat was niet helemaal oké, maar in het andere geval had ik het moeten overlaten aan een opvolger met achthonderd stemmen en dat was ook niet echt democratisch. Maar in een systeem met kleine districten zou je kunnen zeggen: 'Ik stap over. Ik geef mijn mandaat terug aan de kiezer en laat die maar oordelen. Een lokale herverkiezing.'

"Afscheid nemen is nooit gemakkelijk. Ik heb het einde van Daniël Coens meegemaakt. Bijna tien jaar lang was hij minister van Onderwijs. Na 1991 valt hij ineens uit de regering. Op een avond vraagt hij of hij een lift naar Brugge krijgt. Hij beschikt ineens niet meer over een auto met chauffeur. 'En ik reis niet graag met de trein, want op het perron staren de mensen je zo aan.' In de auto begon hij spontaan over zijn partij. Mensen toch: rancune is geen zaak van alle partijen. Dat is begrijpbaar, want er is niets zo definitief 'ex' als een ex-politicus. Een paar maanden later al stierf Coens. Geveld door een agressieve kanker.

"Als politicus was ik dubbel kwetsbaar. Ten eerste door die cumul advocaat-politicus. En ten tweede omdat ik in Brugge de dauphin was van Frank Van Acker. Die was er in geslaagd honderd jaar absolute katholieke hegemonie te doorbreken. Men probeerde Van Acker te treffen door op mij te mikken. En omdat ik kwetsbare kanten had, was ik een gewilde schietschijf.

"Vandaar mijn levensles: beperk je tot één ding. Tot mijn scha en schande heb ik moeten vaststellen dat je geen twee beroepen goed kunt uitoefenen. Inmiddels ben ik zelfs gewonnen voor een wettelijk verbod dat parlementsleden nog een beroep mogen uitoefenen. Of ik het dan onmogelijk maak voor bedrijfsleiders om nog in het parlement te zetelen? Neen, want je hoeft je bedrijf niet te verkopen. Je mag alleen geen beheersfuncties meer uitoefenen tijdens je mandaat."

"Daarom ook dat ik mijn mandaten bij het bedrijf van mijn vriend Forrest heb neergelegd. Ik moet geen beheerder zijn in een bedrijf dat in Congo investeert om iets van Afrika te kennen. In mijn SP-tijd was ik voorzitter van de mediacommissie. We lieten ons bijstaan door een werkgroep met de beste BRT-journalisten: Kris Borms, Siegfried Bracke, Tuur Van Wallendael, Johan Op de Beeck, Guy Polspoel. En natuurlijk Dirk Sterckx, als lid van het ACOD. (lacht)

"En verbied de weer groeiende cumul tussen een nationaal en lokaal mandaat. Waar haalt een burgemeester van een stad als Antwerpen nog de tijd om in het parlement te zetelen? Waarom vindt een Mathias De Clercq, een jongen die ik trouwens hoog inschat, het compleet normaal dat hij én schepen én parlementair is. En tegelijk dweept Mathias met de Burgermanifesten. Hij moet toch eens goed lezen wat daarin staat over cumul."

"Maar ook al zit ik niet meer in het parlement, ik blijf politiek geïnteresseerd en op het partijbureau speel ik met plezier mijn rol. Ik vraag er mij bijvoorbeeld hardop af waarvoor Open Vld nog staat. Ik herinner me het enthousiasme van bij de geboorte van de VLD. Met Verhofstadt reisde ik Vlaanderen af om ons project uit te leggen. In Gent trokken we négen avonden een volle zaal. Nadien was er nog het congres Sociale Zekerheid in Hasselt. Samen met Dirk Van Mechelen heb ik het document voor dat congres opgesteld. Ik heb toen de Staten-Generaal van de Medische en Paramedische Beroepen mogen toespreken en kon voor een bomvolle zaal een geweldig enthousiasme losweken. Dat is vandaag allemaal weg.

"Waar gaat Open Vld naartoe? Ik stel vast dat we na 10 juni een bocht genomen hebben naar het communautaire. Ik zie dat onze voorzitter een ex-VU'er is. Net als onze fractieleider in de Kamer. Net zoals de tweede Open Vld-onderhandelaar op het Octopusoverleg. Dat mag allemaal, het zijn waardevolle mensen. Maar Hugo Camps stelt al in uw krant vast dat de Open Vld een zwart-gele onderbroek heeft aangetrokken.

"Wat heeft de VLD intussen aan de burgers van dit land te vertellen? Ik zie koppels van jonge, hoogopgeleide professionals met universitaire diploma's die aan het begin staan van hun loopbaan, maar niet eens een eigen woning kunnen verwerven. Is de Open Vld bezig met de kopzorgen van die mensen?

"Op het eerste partijbureau na de verkiezingen heb ik volgende analyse gemaakt. Er zijn twee gevaren voor Open Vld. Eén: Lijst Dedecker. Ik hoor veel te veel mensen spreken, zoals die oude universiteitsvriend van mij, nochtans een schepen voor onze partij. Die zegt: 'Ik kan mij inbeelden dat ik volgende keer op Lijst Dedecker zal staan.'

"Maar daarover spreken wij niet. Weet u dat wij op het Open Vld-partijbureau nog altijd geen analyse van de toch niet zo schitterende verkiezingen hebben gehoord? We hebben dus nog niet gediscussieerd over de lijn die de partij moet volgen. Na zeven maanden! Maar week na week worden wij wel geëntertaind over de prestaties in de onderhandelingsgroep. Herman Van Rompuy zegt dat daar niets is gepresteerd, onze onderhandelaars zeggen dat ze heel veel uit de brand hebben gesleept.

"Maar zo kom ik bij het tweede gevaar: dat wij ons kapot regeren. Ik geef altijd hetzelfde historische voorbeeld: Zwarte Zondag, 1991, het SP-partijbureau the day after een van de zwaarste verkiezingsnederlagen ooit. Willy Claes komt binnen, stralend: 'We hebben verloren, maar ze kunnen niet zonder ons! We zijn er weer bij!' En dus was er niets fundamenteels aan de hand. Maar op het piekmoment van Stevaert na is die partij blijven wegzakken. Sp.a heeft geluk dat er geen getalenteerde linkse populist is. Ik heb het dan niet over een linkse fundamentalist als Erik De Bruyn maar over een linkse Dedecker.

"Verhofstadt is zichzelf gebleven, maar Open Vld niet. Een partij moet evolueren, maar ik had graag wat meer enthousiasme gezien toen Verhofstadt zijn koninklijke opdracht kreeg. Nu was er een stemming in het partijbureau die je moeilijk kon omschrijven als enthousiast, ook niet bij degenen die veel, heel veel, aan Guy te danken hebben. Ik weet wel dat Caesar destijds door zijn vrienden vermoord is en niet door zijn vijanden. Maar toch niet bij Open Vld, hé."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234