Zondag 26/06/2022

InterviewEls van Doesburg

‘Peter en ik zijn allebei alfamensen. Mochten wij dezelfde leeftijd hebben, zouden we geen koppel zijn’: Els van Doesburg, de wederhelft van Peter De Roover

'Bij aanwervingen eisen we als stad dat mensen volledig gevaccineerd zijn. Hoe kun je in een ziekenhuis werken als je niet gelooft in vaccins?' Beeld Saskia Vanderstichele
'Bij aanwervingen eisen we als stad dat mensen volledig gevaccineerd zijn. Hoe kun je in een ziekenhuis werken als je niet gelooft in vaccins?'Beeld Saskia Vanderstichele

Ja, ze is 27 jaar jonger dan haar verloofde, en ja, dat vindt ze zelf ook ‘extraordinair’. Maar Els van Doesburg is meer dan het jonge blondje aan de arm van N-VA-oppositieleider Peter De Roover. Ze is al een halfjaar schepen in Antwerpen, wordt de nieuwe postergirl van het conservatisme genoemd en koppelt een voorliefde voor literatuur en politieke filosofie aan een gezonde portie Hollandse branie.

Raf Liekens

“Wee degene die kwaad denkt over deze romance”, schreef Peter De Roover, balancerend tussen waarschuwing en provocatie, onder de Instagram-foto waarmee hij zijn verloving met Els van Doesburg bekendmaakte. De poorten van het fatsoen vlogen vrijwel meteen uit hun hengsels.

Wat moet het heerlijk zijn om zo’n heuglijk nieuws te delen en vervolgens een stroom afkeurende reacties over je heen te krijgen.

Els Van Doesburg: “Ach, ik lees dat allemaal niet. We wisten dat er tegenkanting zou komen, omdat onze relatie afwijkt van het normale. Dan worden er allerlei verklaringen gezocht – ‘ze doet dit voor haar carrière’ en whatever – terwijl de reden natuurlijk is dat ik niet helemaal spoor. (hilariteit) Als je iets excentrieks doet, moet je ertegen kunnen dat er reactie op komt. Ik voel niet de behoefte om van de daken te schreeuwen dat het wél normaal is, of dat iedereen moet zwijgen. Ik zit goed genoeg in mijn vel om het me niet aan te trekken.”

Waarom hield u die relatie dan zo lang geheim? U bent al lang samen.

Van Doesburg: “Voor ons was dat privé. Maar als je gaat trouwen, is het normaal dat je dat deelt met de wereld. We hielden onze relatie ook niet angstvallig verborgen. In de Kamerfractie deelden Peter en ik een bureau, we gingen samen naar opera- en dansvoorstellingen. Als we daar lotgenoten tegenkwamen, zoals Paul Jambers en Pascale Naessens, wisselden we een blik van verstandhouding uit, zoals buschauffeurs die elkaar begroeten. ‘Ah ja, jullie zijn ook raar, hè?’”

Worden jullie vaak nagekeken op straat?

Van Doesburg: (droog) “Ja, maar dat komt omdat Peter zo woest aantrekkelijk is. Steven Boers, een ex-lid van de Antwerpse band Katastroof, verwoordde het treffend: ‘Die commentaren op de relatie van De Roover en Van Doesburg zijn pure jaloezie. Maar hij is nu eenmaal bezet, dames. Deal with it! (lacht) Wij lachen voortdurend met ons leeftijdsverschil. Als schepen ben ik bevoegd voor de woonzorgcentra. Bij een ruzie thuis zeg ik soms: ‘Pas op, hè, het kost mij maar één telefoon om een kamer voor u te regelen in een home!’”

Als amateur-psycholoog van het zeventiende knoopsgat vermoed ik dat een vrouw voor een oudere man kiest omdat ze op zoek is naar een vaderfiguur, of omdat ze jonge mannen niet boeiend genoeg vindt.

Van Doesburg: “Het is een combinatie van de twee. Geen enkel probleem is zo groot dat het Peter van zijn stoel doet vallen. Dat geeft me een veilig gevoel. Maar ik heb nog een andere theorie. Peter en ik zijn allebei alfamensen: sterke karakters, leidersfiguren met ambitie en een grote drang naar aandacht en erkenning. Mochten wij dezelfde leeftijd hebben, zouden we geen koppel zijn.”

Waarom niet?

Van Doesburg: “Als een alfavrouw een alfaman van dezelfde generatie kiest, mondt dat vaak uit in een machtsstrijd waarin de afgunst nooit ver weg is. Hij moet ermee kunnen leven dat niet alles om hem draait, dat zijn vrouw ook ruimte krijgt, successen boekt en misschien zelfs meer verdient dan hij. Vaak eindigt zo’n relatie in tranen. Daarom is mijn oplossing: dames, zoek u een boomer! Peter is een alfaman op rust. De sturm-und-drang is al ietwat gaan liggen en hij geeft mij de nodige ruimte. Als ik een drukke week heb, neemt hij zelfs huishoudelijke taken van me over.”

Wie is de grootste romanticus?

Van Doesburg: “Ik ben nogal traditioneel op dat vlak: ik apprecieer het dat ik elke vrijdag bloemen krijg van hem. Peter is eerder onhandig romantisch. De manier waarop hij me ten huwelijk vroeg, was wat stuntelig, maar dat maakte het net lief. Hij weet dat ik gek ben van vuurtorens. Tijdens een wandeling langs de Ierse kust wilde hij een omweg maken langs de plaatselijke vuurtoren. Dat paste niet in ons schema, maar hij was niet te vermurwen. Bij die vuurtoren viel hij op zijn knie en stelde hij de vraag. Ik verwachtte een lyrische uiteenzetting over waarom ik de vrouw van zijn leven ben, en vroeg vol verwachting: ‘Euh, komt er nóg iets?’ Maar hij zat zonder woorden en vergat de verlovingsring te tonen. Dus heb ik maar ja gezegd. (lacht) Daarna zei hij: ‘Bon, ik hoop dat ik nog overeind geraak.’”

Wat doen jullie nog graag, behalve het frequenteren van vuurtorens en cultuurvoorstellingen?

Van Doesburg: “Praten en lezen. Wij zijn een bohemisch, halfgepensioneerd koppel dat leeft van elkaars gedachten bij kaarslicht. Op zaterdagavond zitten wij meestal samen bij de haard te lezen met wat jazz op de achtergrond en een glas rode wijn binnen handbereik – ik degusteer, hij is van het principe: ‘Het moet niet goed zijn, als het maar veel is.’ Dan lezen we interessante passages voor en ontstaat er een gesprek. Onze relatie is sterk gericht op hoe we elkaar kunnen voeden met nieuwe inzichten. In onze job zijn wij vaak bezig met de waan van de dag, maar we voelen allebei de drang om voorbij het gekwetter te kijken, en na te denken over het grotere verhaal.”

”In mijn studententijd ging ik weleens op stap, maar ook toen was ik eerder de introverte seutemie die thuiszat met een boek op schoot.”

U noemde hem daarnet ‘woest aantrekkelijk’. Waarvoor bent u gevallen?

Van Doesburg: “Hij zegt altijd dat ik knap genoeg ben voor ons allebei (lacht). Ik heb weinig met uiterlijkheden. Zo’n afgeborstelde Cristiano Ronaldo: vreselijk. Geef mij maar een intellectueel met humor. Ik bewonder Peters eindeloze gedachtewereld, dat brein dat je met een elastiek naar alle kanten kunt uitrekken. Hij is ook moedig: als hij ergens in gelooft, gaat hij ervoor. Met mij samen zijn is een vorm van moed. Mensen denken vooral lelijke dingen over hém, maar dat boeit hem niet. Als iets juist is, verdedigt hij dat, desnoods pal tegen de stroom in. Hij gaat nooit een debat uit de weg.”

Hoe hebt u hem leren kennen?

Van Doesburg: “In de parlementaire fractie van de N-VA, waar ik als stagiaire terechtkwam. Na een tijd nam hij me onder zijn vleugels en betrapte ik mezelf erop dat ik heel hard wilde dat hij me interessant vond. Ik heb hém verleid, Peter is te fatsoenlijk om te flirten met een medewerkster. Ik zei dat ik hem meer dan oké vond, maar hij dacht dat het een grap was. Dus heb ik hem laten voelen dat dat niet zo was.” (lacht)

‘Ik ben niet gelovig, maar ik zou willen dat ik het was. Het dichtste bij God kom ik als ik Bach hoor. Wonderbaarlijk schoon, maar als cement voor de samenleving schiet hij nipt tekort.’ Beeld Saskia Vanderstichele
‘Ik ben niet gelovig, maar ik zou willen dat ik het was. Het dichtste bij God kom ik als ik Bach hoor. Wonderbaarlijk schoon, maar als cement voor de samenleving schiet hij nipt tekort.’Beeld Saskia Vanderstichele

Dralende Frank

Hij heeft u de politieke knepen geleerd. Was hij een strenge leermeester?

Van Doesburg: “Ja. Hij stimuleerde me om opiniestukken te schrijven en leerde me om een redenering op te bouwen. Zo werd ik columniste voor Doorbraak.be en kwam ik al eens in ‘De zevende dag’ terecht.”

Eind mei werd u plots schepen van Wonen, Zorg, Groen, Stadsonderhoud en Dierenwelzijn. Voor velen kwam dat als een verrassing.

Van Doesburg: “Na twee jaar in de Antwerpse gemeenteraad en zes jaar in de Kamerfractie was ik er klaar voor. Begin 2020 had ik me al eens kandidaat gesteld om Ludo Van Campenhout op te volgen als schepen van Sport. Zonder succes. Toen Fons Duchateau zijn vertrek als schepen aankondigde, had ik eigenlijk al gekozen voor een opleiding als verpleegkundige. Maar ik ben er toch voor gegaan. En nu zitten we hier.”

Zijn er politieke kwesties waarover u het oneens bent met uw verloofde?

Van Doesburg: “Corona. Als schepen van Gezondheid kijk ik vooral naar de crisis in de ziekenhuizen, terwijl Peter als oppositieleider focust op de inconsequenties van het beleid.”

Waarom riep u onlangs op tot een politieke wapenstilstand over corona?

Van Doesburg: “Omdat elk nieuw Overlegcomité een felbevochten clash is die uitdraait op een algehele teleurstelling. De pers drijft zo’n overleg al dagen op voorhand op de spits met lekken en dure politieke eden. Daarna volgt de beslissing, en dan komen de analyses over ‘bochten’ en wie wat heeft moeten slikken. Wat een gedoe! We moeten dat beleid dringend depolitiseren, want de bevolking haakt af. Er is nood aan een barometer met objectieve drempels en een set bijhorende maatregelen. Zo weten mensen tenminste wat eraan komt.”

Moet u die wapenstilstand ook eens niet in uw partij promoten? De N-VA probeerde al meermaals politiek te scoren in het coronadebat.

Van Doesburg: “Mijn oproep geldt voor iedereen.”

U verdedigt de verplichte vaccinatie in de zorg, maar in de Antwerpse ziekenhuizen zijn 300 van de 6.300 werknemers niet ingeënt. Gaat u die echt op straat zetten op een moment dat er al handen tekort zijn?

Van Doesburg: “Hopelijk gaat een deel van hen nog overstag. Bij nieuwe aanwervingen eisen we alleszins dat sollicitanten volledig gevaccineerd zijn. Hoe kún je nu in een ziekenhuis werken als je niet gelooft in vaccins die je patiënten kunnen beschermen?”

Duitsland en Oostenrijk willen overgaan tot een algemene vaccinatieplicht. Moet België volgen?

Van Doesburg: “De derde prik is nu veel belangrijker. Dit najaar zaten we met de absurde situatie dat de mensen in de frontlinie – het zorgpersoneel – zowat het mínst beschermd waren, omdat zij al vroeg in het voorjaar waren geprikt. Toch bleef Frank Vandenbroucke maar dralen met die derde prik. Landen als Duitsland en Israël hadden al beslist om die massaal uit te rollen, maar bij ons moest het idee nog 35 adviesraden passeren. Alle lokale besturen lopen nu een race tegen de klok. Gelukkig loopt het hier als een trein: Antwerpen staat het verst van alle centrumsteden. ”

Toch werd Antwerpen geregeld met de vinger gewezen als stad die wat achterbleef.

Van Doesburg: “Als u me op mijn paard wilt krijgen, moet u daarover beginnen. Wij werken hier met ongelofelijke aantallen vrijwilligers die er keihard voor gaan om de gemeenschappen te mobiliseren en mensen te vaccineren. Maar dan bedenkt die Vivaldi-regering een strategie om op die mensen te spuwen. Vandenbroucke, Annelies Verlinden, Alexander De Croo, allemaal deden ze vergoelijkend over Brussel en wezen ze Antwerpen met de vinger, om Bart De Wever te raken. Dat is zo kinderachtig. Onze vaccinatiegraad lag verdorie hoger dan in heel Wallonië! Wij hebben een superdiverse en jonge bevolking, maar met 84 procent geprikte volwassenen doen wij het uitstekend voor een centrumstad. Zodra we de 80 procent haalden, hadden Vandenbroucke en co. het plots over absolute aantallen, wat intellectueel oneerlijk is, aangezien 83.000 mensen in onze stad jonger dan 12 jaar zijn, en dus niet gevaccineerd mógen worden.”

Hoe is het om als jonge politica in de gemeenteraad te moeten opboksen tegen nationale politici als Peter Mertens en Filip Dewinter?

Van Doesburg: “Dat is – laat uw clichédetector maar loeien – een uitdaging. Ik moet er stáán, anders word ik afgemaakt. Na mijn eerste weken als schepen vroeg ik aan Bart De Wever of ik goed bezig was. ‘Voor complimenten moet je niet bij mij zijn,’ zei hij. ‘Als het slecht is, zul je het wel horen.’ (lacht) Gelukkig heb ik al veel geleerd in de Kamer. Ik weet hoe het politieke spel werkt en bereid mijn dossiers tot in de puntjes voor. Maar leergeld betaal je altijd. Ik moet vooral zorgen dat ik mijn impulsiviteit onderdruk en niet begin te freewheelen. Ik ben snel verontwaardigd, en als ik eenmaal losga, is er geen houden meer aan. Maar goed, ik ben rechtdoorzee, je weet wat je aan me hebt. Daarom kom ik goed overeen met Jinnih Beels: die houdt ook niet van gedoe.”

'Toen Peter me aan de Ierse kust op zijn knie ten huwelijk vroeg, raakte hij niet uit zijn woorden en vergat hij de ring te tonen. Dus heb ik maar ja gezegd. Daarna zei hij: ‘Bon, nu hoop ik dat ik nog recht raak.' Beeld Saskia Vanderstichele
'Toen Peter me aan de Ierse kust op zijn knie ten huwelijk vroeg, raakte hij niet uit zijn woorden en vergat hij de ring te tonen. Dus heb ik maar ja gezegd. Daarna zei hij: ‘Bon, nu hoop ik dat ik nog recht raak.'Beeld Saskia Vanderstichele

Verraadster

U bent van Nederlandse komaf. In wat voor nest bent u opgegroeid?

Van Doesburg: “Mijn ouders waren hardwerkende zelfstandigen, mijn twee jongere broers en ik leerden al snel op eigen benen staan. De eerste tien jaar woonden we dicht bij Utrecht, later verhuisden we naar België: we gingen in Schilde wonen.”

Werd u als Nederlands meisje gepest op school?

Van Doesburg: “Ik voelde wel dat ik best zo snel mogelijk Vlaams moest leren spreken. Ik wilde niet ‘die Hollandse’ blijven. Mijn vader is protestants, mijn moeder katholiek. Die twee kanten zitten in mij. Mijn eerste laag is Hollands: open, direct, assertief, soms zelfs brutaal, maar ik probeer weg te blijven van Hollandse botheid en oeverloos geklets. Mijn Vlaams introvert kantje helpt me daarbij.”

Wanneer begon de politieke microbe te kriebelen?

Van Doesburg: “Aan de universiteit. Ik studeerde politieke wetenschappen, met het idee om diplomaat te worden, maar ik zag snel in dat ik daar te onbehouwen voor ben. Met mij als diplomaat waren Rusland en Oekraïne vandaag al aan het vechten.”

“Het viel me op dat de KVHV’ers met hun petjes en linten werden uitgelachen. Ik wilde weten waarom dat zo was, en zo kwam ik uit bij de columns van Bart De Wever.”

Wat bevalt u zo aan het conservatisme?

Van Doesburg: “Conservatieven willen behouden wat goed is. Als je de samenleving bekijkt als een stoomtrein, gooien de progressieven voortdurend kolen op het vuur om zo snel mogelijk in het volgende station te raken. Eens dat bereikt is, willen ze doorstomen naar de volgende halte. Een conservatief wil het tempo drukken, zodat iedereen van het uitzicht kan genieten en de trein niet ontspoort.”

Eén van uw favoriete doelwitten zijn de feministen, die u ‘zuurmutsen’ noemt. Op Vrouwendag postte u een foto van uzelf aan de strijkplank.

Van Doesburg: “Dat doe ik om te provoceren. Feministen kijken op een afgunstige manier naar de wereld. Ze zetten vrouwen weg als slachtoffers die worden onderdrukt.”

Worden vrouwen dan niet onderdrukt?

Van Doesburg: “Natuurlijk niet! Wij leven toch niet in Afghanistan? Er is niks wat u als man mag dat ik niet mag. Het feministische discours wordt ook zelden gestaafd met feiten, het gaat meer om een gevoel.”

Is de loonkloof geen duidelijk meetbaar verschil?

Van Doesburg: “Die is bij ons zowat de kleinste ter wereld, en het is vooral een keuzekloof. Vrouwen werken vaker deeltijds en kiezen voor minder goed betaalde sectoren zoals de zorg. Daar moeten we iets aan doen, want we weten intussen wel hoe belangrijk verpleegkundigen zijn. Uiteraard kun je meisjes motiveren om voor STEM-richtingen te kiezen, maar ik heb evenveel respect voor vrouwen die thuisblijven voor de kinderen. Het lijkt soms alsof vrouwen carrière móéten maken en financieel onafhankelijk móéten worden. Van mij moeten vrouwen just niks. Misschien heeft de maatschappij er wel baat bij dat kinderen de eerste jaren van hun leven veel liefde en aandacht krijgen van hun ouders, en niet al na drie maanden naar de crèche worden gebracht? Maar daarmee trap je recht in het kruis van het feministisch verdienmodel, dat mannen en vrouwen tegen elkaar opzet. Voor hen ben ik een verraadster.”

Wat vindt u van de uitkomst van het proces-Bart De Pauw?

Van Doesburg: “Het is goed dat vrouwen duidelijk aangeven waar hun grenzen liggen. Alleen zie ik bij de #MeToo-beweging – ik heb het nu niet over de slachtoffers van De Pauw – ook een zeker wraakgehalte en een neiging om mannen allemaal als zwijnen te zien. Als dat doorslaat, beland je in een totaal verkrampte samenleving waarin het verleidingsspel pas kan starten als je allebei een contract hebt ondertekend.”

U hebt geen last van seksisme in de politiek?

Van Doesburg: “Weinig. Ik kan wel een schuine opmerking verdragen. En als het te ver gaat, zeg ik dat.”

Dan zult u me deze seksistische vraag wel vergeven: zou u nu al op deze stoel zitten, mocht u er niet uitzien als een Vlaamse Scarlett Johansson?

Van Doesburg: (geflatteerd) “O, u flirt behoorlijk goed voor een journalist! Misschien speelt mijn uiterlijk een rol, maar met een IQ van 80 zou ik hier ook niet zitten. Weet u, een groeiende groep vrouwen reageert niet gecharmeerd, maar geaffronteerd als ze een compliment krijgen over hun uiterlijk. Zitten die dan wel goed in hun vel? Ik heb liever dat ze me ‘schoon mieke’ noemen dan ‘lelijke doos’.”

”Een tijd geleden had ik een dubbelinterview met Ikrame Kastit (Antwerps gemeenteraadslid van Groen, red.) waarin zij pleitte voor quota. Ik ben daartegen, omdat quota alleen ten goede komen aan ambitieuze carrièrevrouwen die er sowieso wel raken. Zij krijgen een duwtje, en moeten dan jaren horen dat ze daar alleen maar zitten dankzij die quota. Ik vroeg Kastit waarom zij, als mooie vrouw, haar plaats niet afstond aan een lelijke vrouw. Mooie vrouwen zijn namelijk de meest geprivilegieerde mensen ter wereld, lelijke vrouwen krijgen veel minder kansen. Kastit was daar niet mee gediend. Maar je kunt dat pleidooi voor quota oneindig doortrekken. Wat doe je met holebi’s, transgenders, gehandicapten en lelijke mensen? Links wil voortdurend alle verschillen wegvegen, maar voor zo’n marxistisch model pas ik. Iedereen moet gelijke kansen krijgen, maar de overheid moet geen gelijke uitkomsten ambiëren.”

Het beleid van Ecolo-staatssecretaris Sarah Schlitz moet een eindeloze bron van vreugde voor u zijn.

Van Doesburg: (lacht) “Ja, ik kan mijn pret niet op. Ze is bevoegd voor Gelijke Kansen, maar ziet mannen uitsluitend als onderdrukkers die een lesje moeten krijgen. Ze neemt deel aan evenementen die mannen uitsluiten, heeft enkel oog voor vrouwelijke slachtoffers van intrafamiliaal geweld, en schrijft in haar recente beleidsnota dat ze de fiets toegankelijker wil maken voor vrouwen. Zouden mannen ook niet graag deftige fietspaden hebben? Of gelooft zij in gescheiden fietspaden voor mannen en vrouwen? Die toenemende roep om safe spaces stoort me mateloos.”

Wat hebt u tegen ruimtes waar vrouwen, holebi’s en transgenders zich veilig voelen?

Van Doesburg: “Als die mensen zich niet meer veilig voelen omdat ze vaak beschimpt en aangevallen worden, snap ik dat ze liever naar een apart café gaan. Maar dat is geen oplossing. De oplossing is law and order: wie transgenders aanvalt, moet zwaar gestraft worden.”

null Beeld Saskia Vanderstichele
Beeld Saskia Vanderstichele

“De wokebeweging wil niet geconfronteerd worden met meningen waar ze zich oncomfortabel bij voelt. Een kennis die in Amerika woont, zei me dat studenten aan de universiteit er geen normaal debat meer kunnen voeren. Iedereen is meteen offended. Op den duur durven mensen niks meer zeggen, terwijl je elkaar net moet kunnen uitdagen, zeker aan een universiteit! Ik pleit voor de vrijheid om domme dingen te zeggen, zonder dat die je jaren achtervolgen.”

Anuna De Wever zei in Humo dat het niet meer volstaat om zelf niet racistisch te zijn. Mensen moeten antiracistisch zijn. Akkoord?

Van Doesburg: “Zo zet je mensen tegen elkaar op. De wokebeweging zit vast in het eigen grote gelijk: zíj hebben het monopolie op empathie, en wie daartegen ingaat, is per definitie een slecht mens. Daar worden mensen kwaad van, waardoor het debat verscherpt en iedereen zich ingraaft. Kijk, als mensen aanstoot nemen aan Zwarte Piet, vind ik het niet erg om daar een roetpiet van te maken. Ik ben niet tegen verandering, wel tegen mensen in een hoek duwen en dingen door hun strot rammen.”

U cultiveert als conservatief ook graag een zekere beleefdheid en een gevoel voor stijl.

Van Doesburg: “Ik erger me aan de toenemende verloedering. Het idee dat je altijd jezelf mag zijn, vind ik vreselijk lui en ambitieloos. Weten wie je bent is prima als vertrekpunt, maar je moet ook een beetje je best doen. Mensen die in een short naar een trouwfeest komen, omdat ze zich ‘daar nu eenmaal het beste in voelen’, overschrijden een beleefdheidsgrens. Als leerlingen naar school komen in een joggingpak, moeten directies hen daarop aanspreken, in plaats van te zeggen dat ze al blij zijn dat die gasten naar school komen. Daarmee leg je de lat gewoon op de grond.”

Misschien heeft die leerling niks anders dan een joggingpak?

Van Doesburg: “Dan kun je nog oplossingen zoeken, er zijn kringwinkels genoeg. Dresscodes verkleinen de kloof.”

Liggen uw opvattingen soms niet dicht bij die van Dries Van Langenhove?

Van Doesburg: “Nee, ik sta net heel ver van hem af. Van Langenhove is geen conservatief, maar een revolutionair. Een conservatief gaat uit van de samenleving zoals ze is, Van Langenhove wil die omverwerpen en droomt van een wereld die zelfs in de jaren 50 nooit heeft bestaan. Extreemrechts en woke zijn twee kanten van dezelfde medaille. Ze zijn allebei even fundamentalistisch. Wokers diaboliseren iedereen met een foute mening, Van Langenhove wil linkse leerkrachten de rekening presenteren.”

'Peter is een alfaman op rust, de sturm-und-drang is al wat gaan liggen. Als ik een drukke week heb, neemt hij huishoudelijke taken van me over.' Beeld Saskia Vanderstichele
'Peter is een alfaman op rust, de sturm-und-drang is al wat gaan liggen. Als ik een drukke week heb, neemt hij huishoudelijke taken van me over.'Beeld Saskia Vanderstichele

Verloedering

In één van uw columns schreef u dat ‘het loslaten van de christelijke wortels van onze westerse samenleving voelt als een amputatie, met leegte en nietsheid als fantoompijn’.

Van Doesburg: “Ik ben niet gelovig, maar ik zou willen dat ik het was. Het dichtste bij God kom ik als ik naar Bach luister. Dat is zo wonderbaarlijk schoon, maar als cement voor de samenleving schiet het nipt tekort (lacht). Religie is één van de weinige dingen die een samenleving kunnen overkoepelen. Als dat wegvalt, moet je iets anders zoeken. Helaas hebben we nog altijd geen gemeenschappelijke vlag om achter te lopen. Dus kiezen mensen radicaal voor zichzelf. Ik vind dat vreselijk, die religie van het ‘ik’, mensen die zichzelf als het centrum van de wereld zien en voortdurend hun gevoelens uitbraken. Ik geloof in zelfdiscipline en offers voor het collectieve goed. Je leeft niet alleen voor jezelf. Als je wilt samenleven met anderen, betekent dat dat je een aantal dingen niet kunt doen.”

Dat principe lijkt loeihard achteruit te gaan tijdens deze pandemie.

Van Doesburg: “Er is een kleine, maar groeiende groep die zich helemaal niks meer wil ontzeggen en de individuele vrijheid boven alles stelt. Zo ontrafelt het kostbare weefsel van de maatschappij.”

Misschien moeten politieke leiders dat kostbare weefsel proberen te versterken met verzoenende taal, in plaats van verdeeldheid te zaaien?

Van Doesburg: “Politiek is een clash van ideeën, die mag scherp zijn. De verdeeldheid heeft meer te maken met de politiek correcte onderstroom die mensen de indruk geeft dat ze allerlei dingen niet meer mogen zeggen.”

Het vertrouwen in de overheid en de politiek ligt historisch laag.

Van Doesburg: “Dat heeft de overheid deels aan zichzelf te wijten, doordat ze de mensen zoveel uit handen neemt. Politici maken de meest onrealistische beloften, alsof ze alle problemen zullen oplossen en iedereen gelukkig kunnen maken. Daardoor worden mensen vadsig en rekenen ze erop dat Vadertje Staat alles regelt. Voor alles wat fout gaat, wijzen ze naar de politiek. Als ik sommige vragen in mijn mailbox zie, denk ik: probeer het misschien eerst zelf eens op te lossen, of vraag het aan uw buurman. Er zijn mensen die mij om een auto vragen om op uitstap te gaan.”

Als de huidige ontevredenheid zich doorzet, moet uw partij in 2024 misschien kiezen: besturen met Vlaams Belang of een Vlaamse regering maken met vijf partijen.

Van Doesburg: “Ik voel weinig voor een coalitie met het huidige Vlaams Belang. Ik snap wel dat mensen ontgoocheld zijn, omdat er hen te veel dingen zijn beloofd die de politiek niet kon waarmaken. Het pijnlijkste was het ‘rijk der vrijheid’ dat plots implodeerde. Veel mensen willen nu hun middelvinger opsteken en voor extreme partijen kiezen. Maar die hebben geen realistische oplossingen. Een regeringsdeelname van Vlaams Belang wordt onvermijdelijk een gigantische teleurstelling, omdat hun voorstellen onuitvoerbaar zijn. En voor wie gaan de mensen dán stemmen?”

Kunt u tot slot nog een mysterie ophelderen? Wat hebt u met vuurtorens?

Van Doesburg: “Het zijn symbolen van escapisme, vanuit zo’n toren observeer je de wereld van bovenaf. Ze combineren de minachting en de misantropie met de taak van het gidsen, het redden van degenen die zich op zee bevinden.”

Citeert u nu uit eigen werk of bent u schaamteloos aan het stelen?

Van Doesburg: “Ik ben politica, uiteraard is dat citaat gestolen! Het komt uit Vuurtorenberichten van de Mexicaanse Jazmina Barrera. De clou van dat boek was dat vuurtorens niet alleen houvast bieden voor schepen in woelige wateren, maar ook voor de chaos in het leven.”

Staat er voor u nog een vuurtoren te wachten in de Wetstraat?

Van Doesburg: (glimlacht) “Ik vind het al een hele eer om op mijn 32ste schepen te zijn in de grootste stad van Vlaanderen. Ik wil dit goed doen en bij de volgende verkiezingen erkend worden door de kiezer. Verder reikt mijn horizon niet, kapitein.”

© HUMO

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234