Zondag 17/10/2021

Pauli's Pen: Di Rupo-De Wever: een nieuw politiek feit

In een heel andere context dan vandaag lanceerde Siegfried Bracke ooit het begrip 'een nieuw politiek feit'. Indertijd, in 1993, zei hij dat als BRT-journalist, toen hij op een vroege ochtend in augustus de volksmassa's aanschouwde die zich na de dood van koning Boudewijn verzamelden voor het paleis van Brussel. In het Wetstraat-discours van die dagen al leek België in snel tempo te verdampen. En ineens zag Bracke met eigen ogen dat er wel degelijk een emotionele laag is die Vlamingen en Franstaligen samenhoudt tot 'Belgen'. Siegfried Bracke is vaak weggehoond met die overigens zeer terechte conclusie, zowel door links (wil niets goeds horen over de monarchie) als door rechts (wil niets goed horen over België).

Vandaag is diezelfde Siegfried Bracke geen tv-journalist meer, maar een volksvertegenwoordiger voor N-VA. Uitgerekend zijn eerste verkiezingen vallen niet anders uit te leggen dan met Brackes oude gezegde zelf: ook dit is 'een nieuw politiek feit'. Zelden waren er zo duidelijk winnaars. Sprak het land zich zo expliciet uit. N-VA haalt in het noorden van het land bijna dertig procent van de stemmen, PS reikt in het zuiden nog hoger, gaat in talloze Waalse kantons zelfs los door de grens van de veertig procent. Het is niet eens zo moeilijk uit te leggen waarom dat 'nieuw politiek feit' er kwam.

Blokkades wegruimen
Eén: de N-VA-kiezers willen dat er dringend structurele oplossingen komen voor blokkades in het beleid die veroorzaakt worden door de gebrekkig gefederaliseerde structuur van het land. Sommige die hard-N-VA'ers zullen nog ongetwijfeld volledige Vlaamse zelfstandigheid willen, maar van de talloze nieuwe De Wever-kiezers zullen er ongetwijfeld ook velen in 'den Bart' een geloofwaardig alternatief zien voor de knoeiende meerderheid die het land drie jaar lang lamlegde in plaats van regeerde.

Dat is een boodschap die bij veel PS-ers niet vreemd in de ogen klinkt. De kiemen van de regionalisering van dit land werden namelijk mee gelegd in de roodste burchten van het meest socialistische deel van Wallonië. In de vroege jaren zestig vond de baas van de Luikse métallos, de radicaal-linkse vakbondsman André Renard, dat de sociaal-economische crisis van zijn land - excuseer: van zijn regio - alleen adequaat het hoofd kon geboden worden als de structuur van België zou veranderen. Renard (en het Waalse ABVV, of toch zijn strekking erin, en die was op een bepaald ogenblik best dominant) ging erg ver in het aanpraten van een sociaal-economische 'splitsing'. Niet toevallig noemde hij 'zijn' ABVV-krant La Wallonie. Dus niet Les Socialistes of Gauches Unies. Neen: La Wallonie. Kan iemand zich inbeelden dat de syndicalisten in het noorden van het land hun vakbondsblad vandaag Vlaanderen zouden noemen?

Die regionalistische tendens bleef ook nadien zeer aanwezig in de PS. André Cools en Guy Mathot waren volbloed-aanhangers van Renard geweest. In de jaren tachtig gaf Guy Spitaels Jean-Marie Happart zelfs een prominente plaats bij de PS, al had dat niets meer met regionalisme te maken, maar met opportunisme. En ook in de jaren negentig, of nog recenter, heeft de PS nooit één regering laten vallen om zo een staatshervorming te verhinderen. Integendeel: de socialisten, PS(B) en (B)SP-sp.a samen, vormen sinds de eerste staatshervorming van Gaston Eyskens de enige politieke familie van het land die álle staatshervormingen heeft goedgekeurd. De liberalen voerden oppositie tegen het Sint-Michielsakkoord, de christen-democraten tegen de paarse staatshervormingen. Alleen de socialisten waren altijd voor.

Gehecht aan de welvaartsstaat
Twee: de PS-stem draagt in zich de zorg van brede lagen van de Franstalige bevolking (een die wellicht ook gedeeld wordt door veel Vlaamse niet-N-VA-stemmers): hervorm de structuren zoveel je wil, maar maak het land niet kapot. 'Land' zowel in de territoriale betekenis als in de inhoudelijke: gehechtheid aan het Belgische sociale model, onze welvaartsstaat.

Beide bekommernissen lijken moeilijk verenigbaar, maar zouden wel eens perfect compatibel kunnen zijn. En als verantwoordelijke politici die op één of andere wijze elkaar kunnen vinden, die twee ogenschijnlijk zo uiteenlopende bekommernissen in één sterk regeerprogramma kunnen smeden dat gedragen wordt door een sterke coalitie, zou het kabinet Di Rupo-De Wever in potentie een van de beste regeringen van de laatste decennia kunnen worden. Ondanks de dramatische omstandigheden waarin het land weerom naar de stembus moest.

Op het eerste gezicht onmogelijk
Het zou niet de eerste keer zijn dat een op het eerste zicht onmogelijke regering toch zou werken. Dehaene I ontstond na een zware communautaire clash en tegen een pikzwarte economische achtergrond. Di Rupo - De Wever I ziet het licht in vergelijkbare omstandigheden. Bij een Dehaene (en Claes, Van Rompuy, Tobback, Maystadt,...) was er een acuut besef van de ernst van de situatie, van verantwoordelijkheid. Dat is er vandaag ook. Zo bleek toch uit de eerste toespraken van De Wever en Di Rupo: dat was van het beste, het ernstigste en ook het moedigste wat door politici de laatste tijd over politiek gezegd werd. En dat recht voor de camera's.

Bart De Wever stapt Zaal Claridge binnen, waar zijn N-VA-troepen verzameld waren: de ultieme triomfator, de 'Gladiator' van het Vlaams-nationalisme, het applaus is oorverdovend. In dat ogenblik van opperste triomf, van vanzelfsprekende overmoed, maakte Bart De Wever zijn troepen duidelijk dat er zou moeten worden onderhandeld. Dat de zegevierende dertig procent rekening zou moeten houden met de zeventig procent verliezers. Wie goed luisterde, hoorde dat het ineens stil werd, dat het applaus verstomde, men verwachtte zelfs elk moment een 'awoert'. Die kwam er niet, want gelukkig zette men snel genoeg de Vlaamse Leeuw in.

Kort nadien had Elio Di Rupo voor een zaal bomvol PS'ers een gelijkaardige boodschap: dat Franstalig België te aanvaarden had dat een significant deel van de Vlamingen structurele hervormingen wil. En dat een nieuwe meerderheid, met PS, die wens zou moeten honoreren.

Dat is natuurlijk straffe taal - juist omdat ze zo gematigd is. Ook al zijn ze winnaars, De Wever en Di Rupo zeggen dat de nieuwe regering niet alleen met de wensen van de eigen partij rekening moeten houden, maar met het hele land. Ze zullen mogelijk verantwoordelijkheid dragen voor een volk dat niet alleen uit N-VA'ers en PS'ers bestaat, maar uit Franstaligen en Vlamingen, uit radicalen en gematigden. Dat is niet evident voor de eigen achterban, en wie opiniestukken als die van Bart Maddens in onze krant (DM 15/6) las, beseft dat zelfs (vooral) de N-VA het Bart De Wever niet gemakkelijk zal maken om tot een breed akkoord te komen. In de paars-groene jaren heeft Geert Bourgeois ooit een regering laten vallen en zelfs zijn eigen partij, de Volksunie, kapot laten gaan omdat een communautair compromis hem niet aanstond. De Wever en Di Rupo hebben zeker geen gezondheidswandeling voor de boeg.

En toch. He kan vreemd klinken, maar het is wel zo: zoals de knikkers nu liggen, hebben we eindelijk nog eens een uitzonderlijke kans om tot een uitzonderlijk kabinet te komen. En dat mag ook, want de sociaal-economische problemen die het land en dus zijn bevolking bedreigen zijn uitzonderlijk zwaar.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234