Woensdag 30/11/2022

InterviewDe vragen van Proust

Pat Krimson: ‘Mijn lichaam is versleten, driedubbel geleefd. Vaak is het een pijnstillertje en het bed in’

Pat Krimson: ‘Mijn mama wilde van mij  een kapper maken.’ Beeld © Stefaan Temmerman
Pat Krimson: ‘Mijn mama wilde van mij een kapper maken.’Beeld © Stefaan Temmerman

Schrijver Marcel Proust beantwoordde ze ooit in een vriendenboekje, nu geeft De Morgen er een eigenzinnige draai aan. Tweeëntwintig directe vragen, evenveel openhartige antwoorden. Deze week: dj en muzikant Pat Krimson (57). Wie is hij in het diepst van zijn gedachten?

Ann Jooris

1. Hoe oud voelt u zich?

“Ik ben 57, maar voel mij rond de veertig. Loredana, die 21 jaar jonger is, houdt mij jong. Ik begin natuurlijk wat af te takelen, hè. Ik zit al 32 jaar in het nachtleven, heb getourd van Moskou tot Japan en negen jaar op Ibiza gewoond. Ook privé heb ik een aantal zware jaren achter de rug. Ik heb geleefd voor drie man.

“De laatste tijd is het wel wat minder hectisch qua optredens in het buitenland. Ik moet voor mijn drie vrouwtjes zorgen, zeg ik altijd. Mijn moeder zit in het rusthuis. Zij is dement. Ik ben een van de weinigen die haar bezoekt, vier keer per week. Dat is een hele opdracht. Mijn dochter is bijna een tiener, dus daar is ook wel wat werk aan. En Loredana heeft drie tumoren gehad in vijf jaar tijd en is pas geopereerd.

“Bovendien heeft corona een tijdlang onze passie afgenomen. En ons inkomen, want er zijn niet veel koppels die fulltime in de muziekwereld zitten. Die zaterdagavonden dat we hier naar tv of naar buiten zaten te kijken, zal ik nooit vergeten. Toen heb ik gezegd: als we weer de kans krijgen om op te treden, gaan we als een raket uitvliegen. En dat is ook gebeurd.”

2. Wat vindt u een kenmerkende eigenschap van uzelf?

“Vooral positiviteit. Ik ben een doorzetter. Een pitbull. Vroeger speelde ik in punk- en rockbandjes. Ik was een van de minst goeie muzikanten, maar ben het toch geworden omdat het dat was wat ik wou. Ik ben ook meer dan alleen maar muzikant.

“Ik begin elke dag ‘s ochtends om 7 uur hier op kantoor. Mijn mayonaise is constant aan het draaien. Ik ben altijd bezig, doe mijn eigen management. Mensen kunnen mij rechtstreeks contacteren, ook journalisten. Dat gaat vlot. Ook alle projecten die ik uit de grond gestampt heb – van discotheken over Leopold 3 en 2 Fabiola tot mijn eigen labels, zoals Dance Opera – heb ik from scratch helemaal zelf uitgewerkt. Daar ben ik het meest trots op. Niet op de platen die ik gemaakt heb, maar op het traject dat ik heb afgelegd. Concepten van a tot z. ‘Alles wat Patje aanraakt, verandert in goud’, zeiden ze in de nineties. Maar ik heb daar wel hard voor moeten knokken, met vallen en opstaan. Ik heb het altijd leuk gevonden om niet in een hokje te zitten. Patje zit altijd op verschillende padjes, hè. (lacht)

Pat Krimson: ‘‘Op Ibiza heb ik dikwijls de heilige Maagd Maria zien voorbijkomen. In verschillende kostuums.’ Beeld © Stefaan Temmerman
Pat Krimson: ‘‘Op Ibiza heb ik dikwijls de heilige Maagd Maria zien voorbijkomen. In verschillende kostuums.’Beeld © Stefaan Temmerman

“Als ik mijn agenda’s van vroeger bekijk, vraag ik mij af hoe ik dat ooit klaargespeeld heb. Zondag zat ik nog in Tokio, op maandagavond stonden we op het podium van Tien om te zien, op woensdag zaten we in Kopenhagen en donderdag... Heb ik daar wel van kunnen genieten? Ik moet er geen tekening bij maken, hè. Dat was leven met 1.000 kilometer per uur. Ik denk dat ik er meer van geniet nu ik eraan terugdenk.”

3. Is het leven voor u een cadeau?

“Goh, als ik morgen sterf, moet niemand treuren. Ik heb er alles uitgehaald, denk ik. Ik had wel wat dromen als kind. Ik wilde een band. Mijn moeder zag dat niet zitten. Die dacht: seks, drugs & rock-’n-roll. En ze kreeg groot gelijk. (lacht) Dan had ik een band en wilde ik toch eens een hitje scoren. Dan was ik hier in Vlaanderen populair en wilde ik graag in het buitenland touren. Dan lukte dat ook en wilde ik wel mijn eigen discotheek openen. Dan had ik een club en wilde ik een tweede club. Dan wilde ik op dat mooie eiland Ibiza gaan wonen, waar alle bekende Engelsen zaten. David Beckham, noem maar op. Dan kwamen ineens de wilde jaren. Alle fantasieën die een man kan hebben, heb ik daar meegemaakt.”

4. Hebt u soms heimwee naar ­vroeger?

“Goh... De wereld was echter. Een plaat die je verkocht zag je over de toonbank gaan. Nu hangt alles in de lucht. Al die cijfers, zijn die echt? Sommige artiesten hebben miljoenen fans, maar dan ga je kijken en zijn dat allemaal gekochte fans uit India. (lacht) In wat voor een wereld leven wij nu eigenlijk? Het enige echte wat wij als artiesten zien, zijn de optredens die we geven en hoeveel mensen er komen kijken. Er zijn artiesten die miljoenen streams hebben, maar naar wie geen hond komt kijken. Je kan alles manipuleren als je wil.

“Vroeger ging een plaat ook maanden mee. Je maakte een mooie hoes, die stond in de winkel, mensen pakten die vast, draaiden die om, namen die mee en zaten daar thuis naar te kijken. Nu is die hoes zo’n klein ding op iTunes of Spotify. Dat is toch heel anders? Ik vind niet dat vroeger alles beter was, hoor. Het had wel meer charme. Iedereen die nu een scheet laat, brengt een plaat uit. Een scheet, hop, op een USB. Je hebt geen label meer nodig.

BIO • Geboren als Patrick Claesen op 17 april 1965, in Hasselt • Dj, muziekproducer • Begon te werken bij Antler-Subway van Maurice Engelen; richtte later zijn eigen label Dance Opera op • Had hits met Leopold 3 (‘Volle maan’) en 2 Fabiola (‘Lift U Up’) • Won met Nunca TMF-awards voor de singles ‘Movin Train’ en ‘House of Doom’ • Woonde lang op Ibiza, waar hij actief was in de discoscene • Is samen met zangeres Loredana de Amicis, heeft een dochter uit een vorige relatie

“En vroeger kon je ook nog eens gek doen. Ik ga een stom voorbeeld geven. Een fuif midden jaren negentig. Ik had flink gedronken. Er stond een drum in de zaal. Ik achter die drum. Naakt. Met een sok erover. Socks on cocks, zoals de Red Hot Chili Peppers. (schatert) Daar zijn geen beelden van, hè. Als je dat nu zou doen, staat het in elke krant. Toen was het: kleren uit, botten aan, sok erover en spelen. (lacht) Zalig.”

5. Wat was de moeilijkste periode in uw leven?

“Ik denk de hele coronacrisis. Ik mocht mijn mama niet meer bezoeken in het rusthuis. Mijn dochter mocht niet naar school en liep achterstand op. Ons werk was weg. Onze agenda was een en al chaos. Mensen belden, wisten het niet meer, shows werden tot vier keer verplaatst. En dan altijd maar kijken naar datzelfde nieuws.

“Gelukkig ben ik een positivo. Toen ze bij Lory dan ook nog een tumor ontdekten, wist ik dat het goed zou komen, ook al heeft het een half jaar geduurd voor we hoorden dat het niet kwaadaardig was. Ik vind dat je er elke dag iets moois van moet maken. Telkens als je gaat slapen moet je kunnen zeggen: ‘Het was een fijne dag.’ Als ik van het rusthuis terug­kom, vraag ik mij af: bestaat dat wel, die goeie oude dag? Je kan dus beter vandaag leven. Overmorgen wordt misschien al moeilijk.”

6. Wat biedt u troost?

“Lekkere Italiaanse koffie, natuurlijk. En we hebben hier een heel goede koffiemachine.”

7. Waar hebt u spijt van?

“In 1999 won ik mijn eerste TMF-award voor beste single van het jaar (‘House of Doom’, red.). Ik stak die trofee in de lucht en zei: ‘Mannen, ik ga naar Ibiza.’ Wie doet dat nu? Als je een nummer 1 scoort, ga je toch cashen? Dan ga je toch touren? De Sportpaleizen waren toen begonnen. Daar heb ik wel wat laten schieten. Ik had misschien moeten zeggen: ‘Als ik 65 ben, ga ik naar Ibiza.’ Maar dan kan je niets meer. (lacht)

‘Mijn lichaam is versleten. Mijn knieën zijn kapot, ik heb een hernia, mijn ogen branden vanaf de namiddag. Driedubbel geleefd. Vaak is het een pijnstillertje en het bed in.’ Beeld © Stefaan Temmerman
‘Mijn lichaam is versleten. Mijn knieën zijn kapot, ik heb een hernia, mijn ogen branden vanaf de namiddag. Driedubbel geleefd. Vaak is het een pijnstillertje en het bed in.’Beeld © Stefaan Temmerman

“Dus spijt van die beslissing heb ik niet, maar ik ben er wel te lang gebleven. Ik heb daar bijna tien jaar gewoond. Dat was slecht voor de gezondheid en slecht voor de portemonnee. Gelukkig had ik heel goed gespaard. (lacht) Na zes jaar had ik het eigenlijk gezien, maar ik wist niet goed waar ik mijn focus moest leggen. Ik had daar een loungebar geopend. Die was één dag open, één dag toe. Fiësta, siësta. (lacht) Typisch Spaans.

“Ik was niet meer creatief. Alleen nog bezig met genotsmiddelen, drinken en feesten. Je zit daar op dat eiland, wat moet je doen? Deugnieterij. (lacht) Ibiza is de helft van Limburg, maar een stukje mooier. Met de Middellandse Zee errond. Daar zit je dan. Vooral in de winter, hè. Dan ga je met je rijke vrienden wat rondvaren op een jacht rond de Griekse eilanden.

“Op een gegeven moment kreeg ik een aanbod om hier een hele grote show te spelen. Zo ben ik weer in de muziek beland en heb ik Loredana ontmoet. We zijn nu veertien jaar later en een koppel geworden. Het leven gaat soms raar.”

8. Wat is uw zwakte?

“Mijn oogziekte (glaucoom, red.). Dat is geen cadeau.”

9. Wat is uw grootste angst?

“Te vroeg sterven. Ik leef heel graag. Ik voel mij ook verantwoordelijk voor mijn drie vrouwen. Als je ouder wordt, sta je daar mee bij stil.”

10. Wanneer hebt u het laatst gehuild?

“Toen ik onlangs mijn mama ging bezoeken. Ze was gevallen en heeft constant pijn. En door diabetes genezen haar wonden niet. Kun jij hiertegen? (toont foto) Soms denk ik: wat brengt de dag haar nog?”

11. Wanneer bent u nog door het lint gegaan?

“Tijdens corona hebben we een plaat gemaakt die niet werd opgepikt door de radiostations. Ik was boos, ontgoocheld. We stonden als artiesten al aan de kant en werden ook nog eens de beek ingestampt. Zo voelde het toch. Je creëert iets, steekt je centen daarin... En dan sturen de mensen van de radio: ‘We gaan het niet draaien, want we vinden het niet goed.’ Toen heb ik eventjes naar die redactie gebeld. (lacht)

‘Ik ben een koppigaard, zij is een Italiaanse furie. Dat knalt al eens. Ik zeg soms: ‘Lory, ik ben wel uw manager, hè. Zwijg eens.’’ (lacht) Beeld © Stefaan Temmerman
‘Ik ben een koppigaard, zij is een Italiaanse furie. Dat knalt al eens. Ik zeg soms: ‘Lory, ik ben wel uw manager, hè. Zwijg eens.’’ (lacht)Beeld © Stefaan Temmerman

“Ik kan ook heel moeilijk om met grofheid op sociale media. Ik vind sommige mensen ook losers, maar ik ga mijn energie toch niet verspillen om dat te typen? Hoe kun je er nu voldoening uit halen om mensen neer te sabelen die je totaal niet kent?

“Ik was uitgenodigd bij Van Gils & gasten om te waarschuwen voor glaucoom. Dat is een gevaarlijke, sluipende ziekte. Iemand reageerde: ‘Hij had blind moeten zijn.’ Kun je dat nu geloven? (verontwaardigd) Ik stuurde terug: ‘Meneer, ik snap niet waarom u dit schrijft. Ik ken u ook niet, maar uw vrouw ken ik des te beter.’ (lacht) Dat is dan mijn humor.

“Ik snap dat niet. Je hoopt toch altijd dat mensen het goed doen, niet? Ik hoop zelfs dat Regi (Penxten, dancegoeroe met wie Krimson jarenlang in onmin leefde, red.) het goed doet. (lacht) De mensen zijn zo verzuurd. Ze hebben er plezier in om anderen onderuit te halen. Nu onlangs ook, een journalist in Humo... Dan denk ik: ‘Allee, gij kunt nog niet tegoei pissen en gij lacht met iemand die al dertig jaar meedraait en heeft gespeeld van hier tot Tokio.’ Waar haalt die het recht vandaan? Kunnen we onze eigen mensen alsjeblieft een beetje respecteren? Zoals de Nederlanders? Ik vind niet dat je alles goed moet vinden, maar een beetje respect voor elkaar, dat is toch het minste?”

12. Hoe was uw kindertijd?

“Heel goed. Mijn ouders waren gescheiden, maar ik ben niets tekortgekomen. Zoals veel kinderen van zelfstandigen ben ik groot­gebracht door mijn grootouders. Mijn mama was kapster, mijn vader maître d’hôtel en hij had een discotheek. Als ik als enig kind thuiskwam van school, wat kon ik doen? Ik ging dan meestal in het kapsalon met de vrouwen babbelen. Vandaar mijn vrouwelijk kantje. (lacht) Ik ben hier thuis ook degene die voor de decoratie zorgt en de bloemen koopt.

“Mijn mama heeft altijd een kapper van mij willen maken. Ik ben twee keer naar zo’n les geweest, maar dat was niets voor mij. Ik was een punker met een hanenkam en wou in de muziek. Dat zat in mijn hoofd.”

13. Wat is uw vroegste herinnering?

“Als klein mannetje ging ik altijd mee naar het voetbal. De ene week met mijn moeder, de andere met mijn vader. Ik stond dan op een bierbak, zodat ik juist over de omheining kon kijken. Dat is mij bijgebleven. Ik ben nog altijd een diehard fan van Racing Genk.”

14. Wat hing er aan de muur van uw tienerkamer?

“Dat was een punkkamer met graffiti op de muren, overal spots en een discobal in het midden. Mijn ma heeft later een vals plafond moeten steken, want ik had het helemaal bewerkt.” (lacht)

15. Heeft u ooit een religieuze ervaring gehad?

“Op Ibiza heb ik dikwijls de heilige Maagd Maria zien voorbijkomen. In verschillende kostuums. (lacht)

“Op een gegeven moment hield ik daar sessies met brainwaves, waarvoor ik zelf muziek componeerde. Ik had daarvoor een prachtige locatie uitgezocht, waar ik bedjes had geïnstalleerd om mensen in trance te laten komen met een strobo-brilletje op. Onder een dekentje, in een soort cocon, bij 35 graden. (lacht)

“Op een dag kwam een reporter van De Telegraaf langs. Hij geloofde niet dat die sessies werkten. Ik zette hem zo’n brilletje op en na een tijd bewoog hij niet meer. Ik dacht dat hij gestorven was. Die was zo ver weg. (lacht)

“Ik heb daar ook ayurvedische massages gegeven. Zo kwam ik eens bij een vrouw in een riante villa die pijn had in haar schouder. Ik zei: ‘You play golf, I think. I feel it. You play too much golf.’ ‘Yeah’, zei ze verbaasd. Ik had natuurlijk haar golfclubs zien staan.” (lacht)

16. Hoe definieert u liefde?

“Er zijn voor iemand op de moeilijke momenten. Niet alleen op de fijne momenten. En dat ook elke dag laten voelen.

“Ik heb Lory leren kennen in een heel moeilijke periode, privé. Zij heeft mij weer in balans gekregen. Al die jaren daarvoor waren wij totaal niet tot elkaar aan­getrok­ken. Plots was die klik daar. Zij had het even moeilijk, ik had het even moeilijk en wij vonden steun bij elkaar. Zo zijn we dichter bij elkaar gekomen.

“Wij hebben ook onze mindere momenten, maar ik denk wel dat we een fijn koppel zijn. Ik ben een koppigaard, zij is een Italiaanse furie. Dat knalt bij momenten al eens, wat logisch is. Wij zijn ook dag en nacht samen. Ik zeg weleens: ‘Lory, ik ben wel uw manager, hè. Zwijg eens.’ (lacht)

“In het begin toen we samen waren zeiden mensen: dat wordt toch niets, zo’n bevlieging. Dat is ondertussen zeven jaar geleden. Ik zie soms mensen van wie ik denk dat ze voor elkaar gemaakt zijn, maar die dan toch uit elkaar gaan. Je kan dat niet weten. Ik zeg altijd: je kan beter vijftien jaar gelukkig zijn met elkaar dan veertig jaar ongelukkig. Maar in haar plaats was ik niets begonnen met zo’n oude vent.” (lacht)

17. Hoe voelt u zich in uw ­lichaam?

“‘s Avonds heb ik pijn. Mijn lichaam is versleten. Mijn knieën zijn kapot, ik heb een hernia, mijn ogen branden vanaf de namiddag. Die dertig jaar veeg je niet onder de mat. Driedubbel geleefd. Vaak is het een pijnstillertje en het bed in.

“Toen ik van Ibiza terugkwam, woog ik bijna twintig kilo meer. Al dat uit gaan eten en drinken. Dat heb ik nu onder controle. Zes pilsjes, water en handdoeken, staat er op mijn rider. Dan vragen ze: ‘Is dat alles, Patje? Voor een hele avond?’ Dan zeg ik: ‘Ja, ik kom toch niet dineren bij jullie? Ik kom muziek maken.’” (lacht)

‘Ik zou ooit nog wel naar het Eurovisiesongfestival willen. Ik denk dat Lory en ik het geschikte koppel zijn. De nieuwe Nicole en Hugo!’ Beeld © Stefaan Temmerman
‘Ik zou ooit nog wel naar het Eurovisiesongfestival willen. Ik denk dat Lory en ik het geschikte koppel zijn. De nieuwe Nicole en Hugo!’Beeld © Stefaan Temmerman

18. Wat vindt u erotisch?

“De stem van Loredana vind ik heel sexy. Dat heb ik haar deze week nog gezegd aan de telefoon toen ze alleen op hotel zat. En dat ik haar miste. We hebben ons dan ook afgevraagd: wat willen we nu? Als zij veel solo op de baan is, zullen we het heel druk hebben, maar zal er ook minder tijd zijn voor de liefde. Willen we dat wel?”

19. Wat is de speciaalste plek waar u ooit de liefde bedreven hebt?

“Op het strand in Ibiza. Dat lijkt niet speciaal, maar dat was het wel omdat het met Loredana was.”

20. Hoe zou u willen sterven?

“Eerst dacht ik: niet alleen. Ik wou dat er iemand bij me was, maar dat is ook maar droevig voor die andere persoon. Dan maar liefst in mijn slaap. Zodat ik het niet weet en niet afzie. Ik ga niet heel oud worden, maar ik zou toch nog even willen wachten tot mijn dochter zelfstandig is. En nog willen trouwen. Maar eerst nog wat werken om dat feest te kunnen betalen.” (lacht)

21. Wat zou u wensen als laatste avondmaal?

“Een frietje met tartaar. Ik heb altijd spijt nadat ik dat gegeten heb. Als het toch het laatste avondmaal is, doet het er niet meer toe.”

22. Welke droom hebt u nog?

“Ik zou ooit naar het Eurovisiesongfestival willen. Ik heb twee keer deelgenomen aan de selecties, in 1993 met Leopold 3 en ‘Vergeet-Mij-Nietje’ en in 2014 met 2 Fabiola en ‘She’s After My Piano’. Twee keer niet gehaald. Een derde keer moet dus lukken. Je kan geen groter platform bedenken dan dat om je muziek naar buiten te brengen.

“Het is een circus, ik weet dat. Maar velen vinden toch dat ik een circusartiest ben. (lacht) Ik kan goed out of the box denken, iets geks bedenken, een goed nummer, een geweldige act. Lory kan heel goed zingen. Ik denk dat we het geschikte koppel zijn om naar Eurosong te sturen. De nieuwe Nicole en Hugo!” (lacht)

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234