Maandag 19/04/2021

PASSAGE

Schrijvers duiken in hun boekenkast om een fragment uit de Nederlandstalige literatuur te selecteren dat een bijzondere waarde voor hen heeft. Deze week leest Johan de Boose het gedicht De onkuisheid (voor Myra) van Hugues C. Pernath.

Geloof in mij, want ik geloof in jou

Weigerend wat was en wetend wat ons weerhield.

Ik zal je vernoemen, je mee voorbij dit leven dragen

Jij, Enige, en schaduw die mij bedekt.

Door jou ben ik geworden en met de littekens

Van jouw weefsels, de waas van jou.

Zo ons zwijgen, zo ons zeggen.

Niets werd ons beloofd, alleen het leven

Dat wij kozen kan ons nemen of verlaten,

Geen medelijden, want niets heeft ons gemaakt.

Omdat ik voor jou mijn speeksel spaarde, en nu

Na de nacht en de nevel, in jouw angsten herleef

En tracht je te beschermen tegen de gruwel.

Er is geen klacht meer nodig, de pijn heeft opgehouden

En voldaan. Slechts jij en ik ontkiemen en gedijen

In het louterende onbekende van de tederheid.

Onwennig ligt ons landschap, een scheppingsverhaal

In ons zoeken en ons vinden, het reddeloze volgen

Van de onderwerping die onze lichamen rekt.

Spin. Spin en bewaar mij in jouw liefde.

Zo zullen wij beschreven staan, ouder wordend

Dan de valk die zijn vlucht begint en rimpels trekt

Over de dorre braaklanden van vroeger en voorheen.

Geen misverstand. Tussen jou en mij geen overleven

Want deze dag betekende voor mij het begin der dagen.

Jij bent mijn eerste dag. Hier ben ik, want ik blijf.

-----

Hugues C. Pernath (1931-1975), een van onze briljantste dichters, helaas te weinig bekend, heeft me in mijn jeugd meegenomen op een reis. Hij was net dood, en zijn vriend Hugo Claus schreef een ontroerend, schalks requiem voor hem.

De reis die toen begon, is nooit meer opgehouden. Het is een reis door de ruimte, door de tijd en door de geest. Een reis naar plekken waar je op geen enkele andere manier komt dan met de poëzie. Als je die reis eenmaal hebt gemaakt, wil je die telkens opnieuw maken. Poëzie als de oprechtste, natuurlijkste, zinnelijkste taal.

Pernath was een waaghals, zijn reizen waren niet alleen avontuurlijk, maar tegelijk gevaarlijk. In dit liefdesgedicht laat hij zijn romantische kant zien, maar hij schreef andere gedichten waarin hij into the wild gaat, onbeschermd, ongekleed. Wellicht doet elke dichter dit, en wellicht heeft iedereen die een zwak heeft voor poëzie ooit zo'n ervaring gehad. In mijn geval was het Pernath.

Later leerde ik andere dichters kennen, die me nog verder meenamen, ook letterlijk, naar de andere kant van de wereld, en nog verder. Ze leerden me dat elk woord een reis door de tijd maakt, zodra het wordt uitgesproken of neergeschreven, elk woord dat al door duizenden, miljoenen mensen is gebruikt, dat gaandeweg betekenissen heeft gekregen en verloren, en dat dan opeens op het papier belandt, als een fossiel dat weer tot leven komt.

In deze tijd, waarin taal almaar onbelangrijker wordt, en tevens slordiger, krommer, sneller, vager, ondoordachter, agressiever in handen van menigten, of dictatorialer in de mond van wie massa's wil manipuleren - in deze tijd die niet mild is voor taal, verdient taal onze grootste aandacht en liefde.

Taal is een van de mooiste uitvindingen van onze soort. Maar ook een van de gevaarlijkste en kwetsbaarste. Ze kan zich niet verweren. Dat is haar paradox: ze is zo krachtig dat ze ons de schitterendste verten kan laten zien en tegelijk is ze zo broos dat ze ten prooi kan vallen aan domheid en bruutheid.

Johan de Boose

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234