Dinsdag 24/05/2022

Parken in de kou

Vrijdag in de zomer betekent telkens een nachtmerrie op de uitvalswegen van New York. Een hele week hebben de stadsbewoners van hun koele toevluchtsoorden aan stranden, meren en in de bergen gedroomd. Op zaterdag is de stad doods. Althans, dat is wat men in betere kringen graag gelooft. Wie achterblijft, en dat zijn er vele miljoenen, weet wel beter. Uitgerust met vislijnen, dekens, koelboxen, barbecuestellen, klapstoeltjes, voetballen, boeken, vliegers, zonnecrème en antimuggemiddeltjes trekt men op zaterdag en zondag naar de publieke weekendparadijzen: de New Yorkse stadsstranden, stadsparken en speeltuinen, 1.700 in totaal. Maar het ene park is het andere niet. Kun je in Central Park gaan relaxen, dan heb je geluk. Het is het kroonjuweel van de stadsparken. Je vindt er keurig onderhouden groen, 26 piekfijn verzorgde speelvelden, 17 gebouwtjes met nette wc's en wastafels, 125 waterfonteintjes om je dorst te lessen en zelfs twee voor je hond. Maar de stad is uitgestrekt. Central Park ligt ver weg voor sommige New Yorkers. Maar er is keuze genoeg. Woon je in de Lower East Side bijvoorbeeld, dan kun je met de kinderen naar de Baruch Playground. Een beetje planning op voorhand is gewenst. Het enige toilethokje is dichtgenageld met spaanderplaat. De waterfonteintjes zijn kapot en de ramen en deuren van het gebouwtje waarin ooit spelactiviteiten werden georganiseerd zijn dichtgemetseld. De kapotte speeltuigen werden lang geleden weggehaald. Dit parkje is helaas typischer voor de staat van New Yorks parken dan Central Park. In elk stadsdeel zijn er grotere en kleinere parken waar de bezoeker zich aan glasscherven, vuilnis en manshoog onkruid kan verwachten. Hoge oude bomen zijn soms de enige herinneringen aan hun glorietijd.

Het ging New York financieel voor de wind in de tweede helft van de jaren negentig maar vele stadsparken hebben daar weinig van gemerkt. De bezuinigingen voor het onderhoud van de parken begonnen in 1970 en werden sindsdien nooit meer bijgepast. Het voltijdse stadspersoneel voor parkonderhoud is op dertig jaar tijd met twee derden verminderd. Van de zesduizend bijstandstrekkers die onder Giuliani aan het werk werden gezet in de parken zijn er nog tweeduizend over. De rest vond ondertussen 'echt' werk - al is het vaak niet veel beter betaald.

Hoe komt het dan dat sommige parken zoals Central, Bryant, Madison Square of Riverside toch indrukwekkende facelifts ondergingen? Miljoenen dollars werden erin geïnvesteerd maar niet door de stad. Privé-personen en bedrijven hebben de handen in elkaar geslagen om de best gelegen parken te redden en zo een enorme meerwaarde toe te voegen aan de toch al dure buurten waarin ze liggen.

Laat ons nog even terugkeren naar de belle van New York. Central Park draait op een jaarbudget van 20 miljoen dollar waarvan slechts 15 procent uit de stadskas komt. Het park wordt beheerd door de Central Park Conservancy, een vzw, in afspraak met de stad. De Conservancy heeft net een nieuwe baas gekregen, waarvan de burgemeester zegt dat hij haar ten zeerste respecteert. Goed zo, hij was er tenslotte tot in 1982 mee getrouwd. Regina Peruggi, zoals zijn ex heet, runt de show in het ruim 340 hectare grote park, met de hulp van 230 werknemers, waarvan 73 voltijdse geschoolde tuiniers zijn. Dat lijkt weinig maar de stad heeft zelf slechts 27 voltijdse tuiniers in dienst die instaan voor ruim 10.925 hectare parkland. Dat is natuurlijk een onmogelijke opdracht. Multi(dollar)miljonair en kandidaat-burgemeester Michael Bloomberg belooft dat hij het budget voor de parken - nu 200 miljoen dollar of 0,5 procent van de stadsbegroting - zal verdubbelen. Om de dingen even in perspectief te zetten: de politie krijgt momenteel vijftien keer zoveel als de parken. Bloomberg, dit ter zijde, heeft al 8,1 miljoen dollar van zijn eigen geld in zijn kiescampagne gestoken, vier keer meer dan Hevesi, de tweede rijkste van de zes kandidaten die Giuliani willen opvolgen.

Wie geld heeft, maakt een grotere kans op slagen, of het nu een park of een kandidaat-burgemeester betreft. De juiste contacten, goede managers en voldoende werkkrachten doen de rest. In de armen- en immigrantenbuurten ontbreken deze voorwaarden. De meeste mensen daar hebben geen tijd, motivatie of geld om te investeren in hun parken en kennen hun weg niet in de stadsbureaucratie. En als het stadsbestuur al eens wat geld in hun groen investeert, dan heeft ze daarna zelden nog geld over voor het onderhoud. Gelukkig wonen we in een dynamische en dus onvoorspelbare stad. Crotona Park in de Zuid-Bronx en Morning Heights in Harlem waren ooit twee van New Yorks mooiste parken. Tegen 1980 waren ze in levensgevaarlijke hellegaten veranderd. De stad ondernam geen poging meer om ze nog te redden en toch zijn beide parken nu beetje bij beetje uit hun asse aan het verrijzen. Ik neem u er een dezer weken mee naar toe.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234