Zaterdag 24/10/2020

Parijse clochards lokken stadsbestuur uit zijn tent

Als je er een tent overheen zet, dan schiet de overheid wel in actie voor ze. Een paar honderd Parijse daklozen bivakkeren al sinds de winter niet gewoon op een stuk karton maar in een iglotent. Ze zijn voor het stadsbestuur, de chiquebuurtbewoners en zonnekloppers op Paris Plage een zodanige miskleun in het 'décor Parisien' en wekken anderzijds ook zoveel sympathie op dat er in geen tijd een duizendtal extra opvangplaatsen is beloofd. Door Barbara Debusschere

'Aaah, les journalistes!"Het is op een fijn sarcastisch toontje en met een dito grijns dat Alain* (57), voormalig bankdirecteur en nu dakloos in Parijs, de zoveelste leden van het journaille die hier dezer dagen belanden begroet, onder het betonnen gewelf van Quai d'Austerlitz. "U komt niet voor mij maar voor mijn tent, hein?", zegt hij, terwijl hij naar de lange rij van een vijftiental tentjes wijst die onder de betonnen schuilplek, aan de rand van de Seine, opgesteld staan. "Zelf ben ik toch iets te keurig? Je moet naar Gare de Lyon, daar vind je de echte stinkende, alcoholverslaafde zielenpoten die jullie zoeken", zegt hij.

Hij is ook keurig. Een echte oudere Fransman met een getaande huid, een dikke bles witgrijs haar en een schrandere, donkere blik. Alain studeerde aan een prestigieus Parijs lyceum en was jarenlang bankdirecteur in Kameroen en daarna in Moskou. Tot de bank failliet ging en Alain met zijn geld terug in Parijs belandde, waar hij zijn draai niet meer vindt. Hij leeft in parken en hotels en isoleert zich van de buitenwereld nadat gebleken is dat werk vinden, zelfs met zijn cv, een probleem is omdat hij al de vijftig voorbij is. Als het geld op is sluit hij zich aan bij het groepje tentdaklozen hier. Hij is te trots om zich te melden bij de nachtopvang en in daklozentehuizen, "waar ze je bestelen, ineen slaan en iedereen zuipt".

Voor Alains tent ligt een deken met daarop pen en papier, en Le Monde. Naar het schijnt ligt in de tent het enige waardevolle dat hij nog bezit: zijn laptop. Hij en zijn lotgenoten hier, die duidelijk een wedstrijd houden voor de keurigste tent, hebben al met zowat alle Franse media gesproken. "Plots zijn wij heel interessant. Omdat we nu ook in tentversie te bezichtigen zijn", klinkt het spottend.

De twee dames en jongeman in witte jasjes die de hele nacht koffie, broodjes, advies, verband en genegenheid aanbrengen, gniffelen. Het is de organisatie waarvoor zij als vrijwilligers nachtelijke rondes doen, Médecins du Monde, die met het idee van de fameuze tenten op de proppen kwam. Terwijl ze in het busje van MDM traag langs de nachtelijke boulevards rijden om na te gaan wie waar ligt en wie wat nodig heeft, zetten ze het idee uiteen.

"Het was genoeg geweest", zegt Eliane, een oudere Parisienne die dit al dertien jaar doet. "Al jaren heeft Parijs een daklozenprobleem, maar nu komen er steeds meer bij", klinkt het. Een blik naar buiten volstaat. In talloze portieken van chique winkels liggen mensen te slapen. Dior, Balmain, Chanel, Marrionaud, allemaal hebben ze ook 's nachts hun vaste klanten.

Eliane: "Er is een enorm tekort aan sociale en gewoon betaalbare woningen en dat zet een druk op hele opvangsysteem. Bijna een kwart van de daklozen in de noodopvang heeft een job maar kan geen onderdak betalen, waardoor er nog minder plaats is voor wie helemaal niets heeft. Wij zien nu vaak vrouwen met kleine kinderen die op straat wonen. Dat is een heel veeg teken. Maar het probleem is dat die mensen deel van het decor zijn geworden. Daarom hebben we massaal tenten uitgedeeld, als een aanklacht tegen het bestuur en de passanten die het normaal zijn gaan vinden dat Parijs vol daklozen ligt."

Aanvankelijk werden de grijsgroene tentjes (die zich op spectaculaire wijze vanzelf ontvouwen) gezien als een dun maar broodnodig laagje winterbescherming. Niet weinig Parisiens herinneren zich wat gebeurde toen een sans-abri enkele jaren geleden in een vuilnisbak kroop tegen de kou. De volgende ochtend werd hij levend verbrand in de vuilniswagen. Ruim 300 MDM-tenten werden uitgedeeld, voornamelijk aan dat deel van de tot 2.000 en 5.000 Parijse daklozen die konden bewijzen er goed voor te zorgen en niet aan de fles zitten. "Het is aartsmoeilijk, maar we moeten keuzes maken", aldus Eliane.

Het werd lente en niet weinig eigenaars waren de tentjes ondertussen gaan zien als hun kleine en mobiele huis. "Voor wie jaren op straat leeft is het een luxe om een afgescheiden ruimte voor jezelf te hebben", zegt Henry, een verder weinig spraakzame veertiger die samen met een vijftal anderen het parkje bij Place de la République ingepalmd heeft. Henry, die fiks doordrinkt en met de vrienden hasj rookt, kreeg geen tent. Hij bedelde 30 euro bijeen om zelf een erg simpel model te kopen. Een paar van de anderen deden hetzelfde.

"Wij zitten al jaren op straat en we zijn er dus in getraind. Alles is verloren voor ons", vindt Hamid (29). Over Harry (48), de Duitser die zich sinds hij vrouw en kind verloor kapot drinkt en die graag zijn vele tattoos laat bewonderen, zegt Hamid: "Hij slaapt overal. Gewoon op de grond, weer of geen weer."

Henry: "Naar de nachtopvang gaan wij niet meer. Daar krijg je luizen en sta je om zes uur 's ochtends weer op straat. Dat is nog meer vernederend dan dit leven."

Bovendien, als er al plaats is in de tijdelijke daklozencentra, dan betekent dat een hele organisatie. Je moet je op tijd melden, je moet vragenlijsten invullen, je aan de regels houden en je boeltje telkens verslepen terwijl het vaak maar voor een week is, zo klagen de betrokkenen aan.

Na de winter bevroor - zoals dat meestal gaat - de tijdelijke sympathie voor 'les pauvres dans la rue'. Paris Plage, het glamoureuze stadsstrand langs de Seine, moest worden geopend en plots waren de daklozen geen aanleiding meer om te zwelgen in kerstgevoelens van medeleven maar een smet op het prachtige gelaat van de stad. De daklozen-met-tent vlak naast het strand moesten opkrassen. Klachten van handelaars en buurtbewoners die het 'geen gezicht' vonden en meldden dat hun appartementen zo in waarde dalen namen toe en in juli zouden vier tenten in brand gestoken zijn.

"Maar daarnaast zorgden de tenten bij veel andere Parijzenaars ook voor net veel meer aandacht", zegt Eliane. "Door de verhoogde zichtbaarheid gingen gewone mensen helpen. Zij klagen nu ook aan wat ze jarenlang niet meer zagen. We kennen verschillende tentbewoners, vooral dan zij die niet verslaafd zijn, die nu kunnen rekenen op eten van de bakker om de hoek." Door die golf van sympathie zijn er naast de 300 door MDM uitgedeelde tenten ook minstens 200 gekocht door buurtbewoners.

De druk van zowel de verbolgen als van die gesensibiliseerde Parisiens die nu zelf met tenten aan kwamen zetten, noopte de socialistische burgemeester Bertrand Delanoë er uiteindelijk toe tussen te komen. Een onderhandelaar werd aangesteld die in amper drie weken tijd het probleem moest oplossen en twee hulporganisaties, Emmaüs en Coeur des haltes (Cdh), gingen in opdracht van de stad de tentbewoners ervan overtuigen dat ze beter af zouden zijn in het officiële opvangcircuit, dat overbevolkt is.

Het zorgde voor geruchten over een vermeende oorlog tussen de daklozenorganisaties. "Het is pure intimidatie wat Emmaüs doet", zegt bijvoorbeeld Jacqueline, een gepensioneerde psychiater die eveneens haar nacht bij de daklozen doorbrengt. Jacqueline: " Ze zeggen dat de politie komt als ze hun tent niet verlaten. Dat jaagt die mensen de stuipen op het lijf. En ze zijn al zo extreem fragiel."

Neem nu Valérie. De vrouw met het engelengezicht en grijze kroeshaar is een voormalig pianolerares. Vandaag leeft ze langs een drukke boulevard in het negende arrondissement. Een tent heeft ze zelfs niet, enkel wat folie. Ze eet suiker uit een pakje en kijkt argwanend als Jacqueline, die ze nochtans goed kent, haar vraagt hoe ze het maakt. "ça va, ça va", zegt ze met een vreemde vrolijkheid die in fel contrast staat met het hoopje dekens en etensresten aan haar voeten dat haar 'thuis' moet voorstellen.

Jacqueline: "Ze heeft psychische problemen maar is zeer defensief omdat ze vooral niet weer in de psychiatrie wil belanden. We kunnen weinig voor haar doen. Ook haar ouders, die in de buurt wonen, hebben geen greep op haar. Ze is helemaal alleen, ijlt soms en is hier niet veilig."

Louise (30), kan ervan mee spreken. De vrouw heft spontaan haar T-shirt op en toont de letsels die ze overhield aan een gewelddadige echtgenoot, die haar in een coma sloeg. "Na een jaar werd ik weer wakker maar was ik alles kwijt. Er was hulp, maar ik raakte verloren in het administratieve kluwen en zonder diploma raakte ik niet aan werk. In de vier jaar dat ik op straat leef ben ik al drie keer verkracht."

Maar nu is ze veilig, want ze heeft haar 'Nounours'. Die teddybeer blijkt een ondernemende Algerijns-Franse dakloze, een voormalig legionair. Met nog vier anderen leven ze in een tentenkamp langs Canal Saint-Martin. Ze bedelen, proberen af en toe een rotbaantje te vinden. Er is een afvalbeleid, een kookbeurtrol en er zijn gestolen bloembakken om de boel op te vrolijken. Wanneer nog een toeristenboot voorbijglijdt en tientallen en beschaafde hoofden zich afwenden gieren ze het uit.

"Wij maken er het beste van. We hebben allemaal een zwaar geschonden verleden, zijn soms te agressief. Maar dit is mijn familie nu", zegt Nounours, de pientere leider. Hij heeft zich verdiept in de hulpverlening en voert ook actie. Gedecideerd zegt hij: "Vanavond vertrekken we. We gaan in een 'maison blanche' wonen."

Ze gaan naar pas door Cdh vrijgemaakte plaatsen in een oud hospitaal. Nounours: "Het fantastische is dat we er met koppels mogen wonen. Dat was tot nu toe een van de grote gebreken in de opvang. Het is ook niet tijdelijk en ze gaan ons begeleiden."

Of hun vertrek het resultaat is van Nounours' naar eigen zeggen heldenwerk of van de overredingskracht van de mensen van Cdh is onduidelijk. Maar dit is wat de stad wil: weg met de tenten.

De kritiek van Emmaüs en Cdh op de tenten is dat ze de mensen nog meer isoleren. "Het geeft hen een vals gevoel van vrijheid", zegt Virginie Letorrec van Emmaüs. "Alle contact met sociale diensten, bijstand en familie verdwijnen zo."

De meeste tentbewoners beweren het tegendeel. "Mét een tent hebben we een gevoel van autonomie en wat waardigheid. We vormen groepjes, passen op elkaars spullen en het stelt ons in staat om niet steeds ons hele hebben en houwen te moeten meesleuren. Voor wie nog iets van zijn leven wil maken is het makkelijker werk zoeken zo, en voor wie al jaren op straat leeft en niet anders meer kan is het beter dan een stuk karton", weet Alain.

De tenten lijken dan ook een onderdeel te worden van het Parijse landschap, ondanks de doorbraak die woensdag geforceerd werd. De minister van Sociale Cohesie Catherine Vautrin trekt als reactie op de tentenpolemiek 7 miljoen euro uit voor onder andere 1.100 nieuwe opvangplaatsen van lange duur en aangepast aan de noden van de moderne daklozen.

"We zijn blij maar dit is slechts een eerste stap", zo reageert Graziella Robert van MDM op het nieuws. "Eindelijk is het doorgedrongen dat er meer plaatsen nodig zijn die zijn aangepast aan hun noden. Maar we zijn er nog niet."

Ook commentatoren en de daklozen zelf zijn afwachtend. "Frankrijk heeft al vaker een elektroshock nodig gehad om een sociaal probleem te onderkennen dat al jaren bestaat. En er is meer nodig dan een eerste beslissing, en dan nog een enkele maanden voor de presidentsverkiezingen, om het tij te keren", schrijft Libération. "Wij gaan nu naar een echt gebouw en ik krijg een echt bed maar ik wil mijn tent houden. Je bent nooit zeker", zegt Louise.

(*) de namen van de daklozen zijn fictief

n Een dakloze drinkt zich sinds hij vrouw en kind verloor kapot en laat graag zijn vele tattoos bewonderen.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234