Zondag 05/04/2020

Papieren mensjes uit alle windstreken

De markantste graphic novels uit het overweldigende aanbod

De graphic novel bestaat al sinds eind jaren zeventig, maar wint pas nu aan belang. Sinds de Holocauststrip Maus van Art Spiegelman of Persepolis van Marjane Satrapi buigen steeds meer auteurs zich over het genre, nemen steeds meer literaire uitgeverijen het in hun catalogus op. Geert De Weyer ging grasduinen in het recente aanbod en selecteerde, de duizenden op de Boekenbeurs opgestelde stripromans indachtig, zes opvallende titels.

In het spoor van Marjane Satrapi

Zeina Abirached

Zwaluwenspel: sterven, weggaan en weer terugkomen

In de traditie van Marjane Satrapi's Persepolis, komt een zekere Zeina Abirached met Zwaluwenspel. Het debuut van de 27-jarige Libanese werd in Frankrijk warm onthaald. De ondertitel van het boek, Sterven, weggaan en weer terugkomen, slaat op een avond in 1984 waarop twee kleine kinderen in de flat van hun oma wachten op de komst van hun ouders. Dat oma's woning zich bevindt op de demarcatielijn in Beiroet waar sluipschutters schieten op alles wat beweegt, is zorgwekkend. Abirached laat zien hoe de twee kinderen - eentje van hen is zijzelf - de tijd doorkomen, en introduceert mondjesmaat de andere personen van het flatgebouw met hun vaak droeve verhalen.

Wie een tweede Persepolis verwachtte, komt bedrogen uit. Qua verhaalstijl komt Zwaluwenspel nog niet aan de knieën van Satrapi, qua tekenstijl doet ze te veel pogingen om die laatste te imiteren en qua camerastandpunt blijkt ze een doodsaai regisseur te zijn. Uiteraard is dit boek een momentopname in het leven van de schrijfster, terwijl Persepolis talloze jaren beschrijft uit het leven van Satrapi. Maar dat kan niet verhinderen dat dit boek een weinig persoonlijk relaas is, waarin je amper iets te weten komt over de oorlog in Beiroet, noch over de manier waarop de mensen er in die tijd moesten zien te overleven. Een kijkje in de persoonlijkheid van de karakters, wat toch nodig is om een lezer in een verhaal te trekken, tref je niet aan. Het maakt van dit boek een wat kil en afstandelijk relaas. Het enthousiasme van de Fransen lijkt overdreven, maar een en ander wil niet zeggen dat Zwaluwenspel een overbodig of slecht boek is. Het roept wel degelijk (een wazige) sfeer op; alleen de vergelijking met het indrukwekkende vierluik van Satrapi gaat niet op.

Oog & Blik, 184 p., 22,50 euro.

Griezelverhaal dat leest als een trein

Baru & Pierre Pelot

Het kortste eind

De gerenommeerde uitgeverij Casterman, die in feite de graphic novel heeft geïntroduceerd op het Europese vasteland, heeft er enkele chaotische jaren opzitten waarbij ze niet wist van welk hout pijlen te maken. Ondertussen gaat het de goede kant uit, en gaat het striphuis zelfs de inventieve toer op. Met de collectie Kaliber bijvoorbeeld, een reeks waarin succesvolle misdaad- en griezelromans in graphic novels worden gegoten. Dat niet de eerste de beste stripauteurs daaraan hun medewerking verleenden, blijkt uit de eerste vier albums die ze publiceerden.

Pierre Pelot schreef zijn roman Het kortste eind nadat hij zijn pas bevallen vrouw bezocht in een instelling in een klein dorp, die dienstdeed als zowel kraamkliniek, weeshuis als bejaardenhuis. Toen hij rond het complex liep, hoorde hij plots jammerende kreten uit een kerker onder de kapel. Twee kinderhanden hielden de tralies vast, een stamelende stem zei dat hij het nooit meer zou doen. In het boek waaraan hij bij thuiskomst begon te schrijven, brengt hij verschillende marginale personages uit een dorpje samen. Een brute moeder domineert haar zoon, de directrice van een weeshuis voert een waar schrikbeleid, een opvoedster verliest een kind tijdens een dagje uit en een verwarde man denkt buitenaardse wezens te zien. Alle verhalen leiden naar een opvallende climax.

De stijl van Baru (De woesteling, Onderweg), die erin slaagt de verwarde gezichten van mensen uit de buitenwijken te portretteren, leent zich uitermate voor dit verhaal. Hij maakt gebruik van enkele karikaturen om het verhaal in 84 pagina's te dwingen, maar het werkt zonder meer. Een verhaal dat leest als een trein. Een verhaal waar de herkenbare menselijke emotie nooit veraf is.

Casterman, 84 p., 16,95 euro.

Flitsende, vinnige misdaadparodie

Donald Westlake & Lax

De Balabomo smaragd

De introductie van Castermans Kaliber-collectie ging gepaard met het gelijktijdig verschijnen van vier grafische romans. Naast Het kortste eind gaat het om Bloednacht (naar een verhaal van Jim Thompson) en Aan de waterkant van Budd Schulberg, dat door Elia Kazan werd verfilmd, met Marlon Brando in de hoofdrol, en in 1955 ging lopen met de Oscar voor beste scenario. Het meeste leesvoer vind je echter in De Balabomo smaragd, naar de roman van de New Yorker Donald Westlake. Daarin wordt de geniale maar onfortuinlijke inbreker John Dortmunder op rekening van een klein Afrikaans land gevraagd een groene smaragd te stelen op een expositie. Het lijkt wel een parodie op een misdaadroman, waar niet de (wat lachwekkende) misdadigers, maar wel de zwarte humor de hoofdrol krijgt. Immers, terwijl de eerste inbraak ogenschijnlijk goede resultaten oplevert, blijkt de smaragd zijn eigen weg te gaan en beginnen Dortmunder en co zich steeds extremer te gedragen om de smaragd in handen te krijgen.

Ook voor deze uitgave werd de juiste sfeer gezocht in de figuur van auteur Lax (De kraai), die een stijl aansnijdt waar aquarel en kleurpotlood elkaar lijken te treffen. Zijn tekenwerk is even flitsend en vinnig als het verhaal. Maar breng het uit op groot formaat en in pakweg drie delen, en niemand die ook maar durft te vermoeden dat het een graphic novel is. Kaliber speelt in op een modetrend, maar brengt het allesbehalve onaardig. Respect.

Casterman, 94 p., 16,95 euro.

Heerlijke praatstrip vol levensvreugde

Marguerite Abouet & Clément Oubrerie

Aya uit Yopougon 3

De bekroning van het eerste deel van Aya op het befaamde stripfestival van Angoulême in 2006, was terecht. Met het recent verschenen derde deel tonen de Franse tekenaar Oubrerie en de zwarte, uit de Ivoorkust afkomstige scenariste Abouet, aan dat hun lied verre van uitgezongen is. Gelukkig maar, want Aya is een pracht van een praatstrip die de kleinmenselijke karaktertrekken van de inwoners van een bruisend Afrikaans dorp, waar ons ons kent, op magnifieke wijze uitvergroot en overgiet met de nodige humor.

Het hoofdpersonage Aya moest de meest intelligente vrouw van haar dorp zijn. Mede door haar bril krijgen we het relaas van de verschillende hoofdpersonages voorgeschoteld. In dit derde deel wordt Aya's moeder geconfronteerd met de twee kinderen van de maîtresse van haar echtgenoot, krijgt Koffi zijn gezin over zich wanneer hij aankondigt een tweede vrouw te nemen, maakt heel Yopougon zich op voor een missverkiezing en komt een van de hoofdpersonages uit voor zijn geaardheid.

Abouet heeft het zich, met meer dan twintig andere semi-hoofdpersonages, niet makkelijk gemaakt, maar net door dat veelvoud van mensen, die allen wel mekaars pad kruisen, krijg je een heerlijke mix van culturen, meningen en ervaringen. Het knappe tekenwerk doet je bij momenten in de Ivoorkust terechtkomen.

Een heerlijke praatstrip die zich voor een keer niet concentreert op de Afrikaanse armoede, hongersnood, politiek of oorlogen, maar het bruisende hart van een Afrikaan, zijn levensvreugde en -ritme, in beeld en tekstballon giet.

Uitgeverij L, 138 p., 14,95 euro.

Manga van de Japanse Walt Disney

Osamu Tezuka

Boeddha 1-8

De manga, oftewel het Japanse beeldverhaal, raakt stilaan ingeburgerd. De literaire manga daarentegen, bezorgt menigeen nog steeds wenkbrauwgefrons. Maar voor alle duidelijkheid; er bestaat inderdaad zoiets als een Japanse graphic novel. Dat de tekenstijl daarbij niet altijd verschillend hoeft te zijn van de bekendste commerciële manga's, bewijst Boeddha. Osama Tezuka, ook wel de Japanse Disney genoemd, ging tijdens zijn bestaan uit van het levensmotto dat alle leven heilig was. Dat kon je al merken in zijn jeugdreeks Astroboy, maar met dit net beëindigde, voor volwassenen geschreven manga-achtluik is het zonneklaar. In bijna drieduizend pagina's wordt het leven geschetst van de jonge Siddartha. Op zijn spirituele reis die hem later zal transformeren tot Boeddha, ontmoet hij enkele vreemde individuen, die nu een vriend, dan een vijand in zijn leven zullen worden. Hoewel de strip uitermate kinderlijk getekend is, gaat deze briljante verteller niet voorbij aan de religieuze en politieke onderdrukking van zijn landgenoten. In het slotdeel, waarin Boeddha sterft, krijgt hij de openbaring waarop hij zijn leven lang heeft gewacht.

Tezuka is een indrukwekkend verteller die bij momenten zijn lezers lieflijk bij de hand neemt, om ze een moment later pijnlijk te confronteren met het aardse leven. Melig is het nergens, al moet je even wennen aan zowel de grafische als inhoudelijke stijl, want met een strip als dit moet je eerst een andere cultuur leren accepteren. Het succes van Boeddha deed Uitgeverij L overstag gaan om meteen ook Tezuka's tweede literaire manga te vertalen: het tweeluik Ode aan Kirihito, over het lot van mensen die in hondachtigen transformeren. Ook een absolute aanrader.

Uitgeverij L, 16,95 euro per deel.

Verhaaltjes om te snoepen

Guy Delisle

Birma

De Canadese auteur Guy Delisle reist zijn vrouw Nadège, een medewerkster van Artsen zonder Grenzen, over de hele wereld achterna. Dat stelt hem in staat om zijn licht te laten schijnen over landen als China en Noord-Korea. Toen hij voor een jaar neerstreek in Birma/Myanmar, een land dat al twintig jaar wordt bestuurd door een militaire junta, bevond zijn nieuwe thuishaven zich aan de vooravond van de cycloon Nargis en tienduizenden boeddhistische monniken die met hun opvallende protest het bewind ter discussie stelden. Het gewelddadige optreden van de junta tegen die laatsten, haalde een tijdlang de wereldpers.

Delisle is en wil geen journalist zijn en levert met zijn boek slechts een impressie van de cultuur van het land en zijn inwoners, bekeken door een (verwende) westerse bril. Hij is een begenadigd observator en puurt uit de kleinste anekdotes aangename verhaallijnen die, gespekt met de nodige humor, moeten gelden als een soort van subjectieve reisgids. Lichtvoetig is het zeker, slechts zelden weerklinkt er ook kritiek op het dictatoriale systeem als hij bijvoorbeeld het huis van de in gevangenschap gehouden Nobelprijswinnares Aung San Suu Kyi wil benaderen of de bureaucratische mallemolen aankaart waarmee zijn vrouw en haar organisatie te maken krijgen.

Het enige jammere is dat Delisle er niet in slaagt een coherent verhaal te brengen. Zijn 264 pagina's tellende striproman bestaat uit kortverhaaltjes van een zestal pagina's, die slechts zelden in elkaar overgaan. Het is wat je noemt een snoepboek, dat je slechts mondjesmaat kan voeden. Nergens heb je echter de noodzaak het boek in één ruk uit te lezen.

Oog & Blik, 264 p., 24,95 euro.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234