Zaterdag 19/10/2019

Paars heeft de wind weer in de zeilen

Wie wordt de grootste, de PvdA of de VVD? Dat is waar het in de Nederlandse verkiezingen van 9 juni om draait. Door de gunstige peilingen van de sociaaldemocraten van Job Cohen en de liberalen van Mark Rutte wordt voor het eerst in acht jaar, sinds het einde van de kabinetten-Wim Kok I en II (1994-2002), opnieuw over een paars kabinet gesproken. Of herpakt Jan Peter Balkenende zich toch?

Wie er ook wint, de volgende legislatuur moet worden bezuinigd in het overheidsapparaat om het begrotingstekort weg te werken. Sociale onrust dient zich aan.

Als er vandaag verkiezingen zouden zijn, zou de PvdA met 33 zetels nog nipt de grootste partij zijn geweest. De VVD volgt echter op de voet, met slechts één zetel verschil. Dat bleek afgelopen week uit de Politieke Barometer van het marktonderzoeksbureau Synovate. Volgens de laatste TNS NIPO-peiling is de VVD de grootste partij met 33 zetels (winst van twaalf ten opzichte van huidige zeteltal in de Tweede Kamer), de PvdA volgt op 31 (verlies van twee).

Het CDA van ontslagnemend premier Jan Peter Balkenende kan het allemaal niet bijbenen, het gat wordt steeds groter. De christendemocraten staan volgens Synovate nog maar op 26 zetels. Bij TNS NIPO staat het CDA zelfs maar op 21 zetels meer (verlies van twintig zetels).

Hoe anders was de situatie een jaar geleden. De VVD had toen slechts de helft van het huidige zetelaantal en het CDA was overtuigend de grootste partij. De PvdA en de PVV vochten om de tweede plaats. Liefst 26 zetels had de PVV van Geert Wilders een jaar geleden gehaald. Nu zijn dat er nog maar 17 bij Synovate, 19 (tien winst) bij TNS NIPO. D66 staat op dertien (tien winst), GroenLinks op tien (drie winst), de ChristenUnie op tien (vier winst), de SP op negen (zestien verlies), de SGP op twee (gelijk), de Partij voor de Dieren op een (een verlies) en ook Trots op Nederland van Rita Verdonk op een zetel.

De peilingen tonen een duidelijke trend aan. “Het debat is verschoven van integratie en multiculturaliteit naar economie, ingegeven door de eurocrisis, door wat de Griekse crisis aan Nederland kost en door het besef dat ook Nederland grote bezuinigingen wachten”, zegt politicoloog André Krouwel, de maker van het Kieskompas van de Vrije Universiteit Amsterdam (VU) in een gesprek met De Morgen.

“Aan de rechterzijde doet Mark Rutte van de liberale VVD het daarom zo goed. Zelf zijn hij en zijn partij niet veranderd, maar de omgevingsfactoren wel. Rutte hoeft nu maar vanuit een warm bad ‘lagere belastingen’ te roepen. Over de economie kunnen hij en zijn partij een coherent rechts marktverhaal vertellen, over integratie waren ze hopeloos verdeeld.”

Op de uiterst rechtse flank komt de PVV van voormalig VVD’er en stokebrand Geert Wilders door zijn gebrek aan een economisch verhaal duidelijk minder aan bod. Hij keldert dan ook snel in de peilingen. “Om u een idee te geven: in 2008, na het verschijnen van zijn film Fitna, ging 40 procent van de politieke berichtgeving over hem. Vandaag is dat gezakt naar nauwelijks 10 procent”, zegt Krouwel. Deze stelling wordt bevestigd door een onderzoek van de Nederlandse Nieuwsmonitor. Terwijl meer dan een kwart van de nieuwsartikelen in de campagne tot nu toe over de economie gaat, komt immigratie niet verder dan ruim 5 procent.

Bij het centrumrechtse CDA van ontslagnemend premier Balkenende is het alle hens aan dek om te vermijden dat het schip kapseist. “Het belangrijkste wapen van het CDA, het imago van een betrouwbare regeringspartij, werd ondermijnd”, zegt politoloog Krouwel. “Premier Balkenende heeft de voorbije jaren drie keer de regeringsauto in de berm gereden.”

Vorige week kwam daar nog een probleem bij: Jack de Vries, de staatssecretaris voor Defensie die ontslag moest nemen omwille van een buitenechtelijke relatie met een medewerkster. “Heel problematisch voor het CDA, want De Vries was spindoctor van de partij en speelde een belangrijke rol in het normen- en waardendebat waarmee ze naar de kiezer trekt. Vorig weekend moest het CDA zelfs zijn familiedag annuleren.”

Toch zeggen de huidige opiniepeilingen niet alles voor de christendemocraten. Het CDA heeft één groot voordeel: standvastige kiezers. “De CDA-kiezer blijft meestal een CDA-kiezer,” zegt Krouwel. “Ze beantwoorden het minst van alle kiezers telefonische of internetpeilingen. Wel gaan ze op verkiezingsdag stemmen.”

Aan de linkerzijde is er volgens Krouwel “vrij spel voor Job Cohen, de nieuwe voorman van de sociaaldemocratische Partij van de Arbeid. “Na de val van het vorige kabinet deed de PvdA een erg goede zaak door hem voor te dragen als opvolger van Wouter Bos. Dat was meteen heel gunstig in de peilingen. Cohen heeft links nauwelijks concurrentie. Vooral de SP zakt dramatisch in de peilingen, van 24 naar 9 zetels. Hun nieuwe partijleider, Emile Roemer, is nauwelijks bekend. En het is een psychologisch kiezersmechanisme: wie je niet kent, vertrouw je niet, en daar stem je niet op.”

Ook GroenLinks en het linksliberale D66 lijken hun grote vooruitgang van de laatste lokale verkiezingen te zullen verzilveren in meer zetels in de Tweede Kamer, al waarschuwt Krouwel dat hun vooruitgang relatief kan zijn. “Lokaal stemmen de kiezers met het hart, nationaal met het hoofd. Dat betekent dat veel lokale groene kiezers dikwijls nationaal strategisch stemmen voor de sociaaldemocraten. Vloekend stemmen voor de PvdA, zeg maar. Ook een groot deel van de traditionele linkse D66-aanhang zal dat wellicht doen. Zij zijn niet vergeten dat hun partij van 2003 tot 2006 het rechtse kabinet-Balkenende II met CDA en VVD vervoegde. De partij is daar nog altijd niet van bekomen.”

Door de gunstige peilingen van de PvdA en de VVD is voor het eerst in acht jaar, sinds het einde van het kabinet-Wim Kok II in 2002, weer een paars kabinet mogelijk. Samen met D66 zouden de partijen volgens Synovate uitkomen op 76 zetels, volgens TNS NIPO op 77 zetels.

“Ook een coalitie tussen PvdA, VVD en GroenLinks is mogelijk. Dat noemen we nu al pimpelpaars”, zegt Krouwel lachend. “Let wel: Rutte sluit het momenteel wel uit, maar dat is strategisch. Zijn favoriete coalitie is VVD en CDA, al ziet het er nu niet naar uit dat zij samen een meerderheid zullen halen.”

Een klassieke tripartite behoort ook tot de mogelijkheden: VVD, PvdA en CDA behalen samen 85 zetels. Een centrumrechtse coalitie tussen VVD, CDA en PVV is eveneens mogelijk, want deze coalitie is goed voor 76 zetels. “Maar dat zou een risico zijn, zoals de ervaring leerde van de avontuurlijke coalitie die zij van juli tot oktober 2002 sloten met de LPF van wijlen Pim Fortuyn.”

In de strijd om het premierschap lijkt het, zoals de kaarten nu zijn geschud, vooral te gaan tussen Balkenende, Cohen en Rutte. Vooral de laatste twee wacht een mediagenieke kanseliersstrijd. “Deze verkiezingen over het politieke lot van Balkenende”, zegt Krouwel. “Wordt zijn partij niet de grootste, zoals het er nu naar uitziet, dan verdwijnt hij van het politieke toneel zoals jullie Yves Leterme.”

Cohen kan steunen op zijn ruime bestuurservaring als burgemeester van Amsterdam (2001-2010), maar heeft ook één groot nadeel. “Hij werd nog nooit verkozen”, zegt Krouwel. “Cohen is altijd benoemd geweest, wat hem het imago oplevert een regent te zijn. Hij komt in de publieke debatten soms wat houterig over. In vergelijking met zijn voorganger Bos is hij meer een linkse traditionalist”, wat van hem Ruttes natuurlijke tegenstander maakt.

Rutte van zijn kant is een klassieke liberaal, een rechtse marktdenker die pleit voor lagere belastingen. Krouwel: “Als staatssecretaris voor Onderwijs heeft hij onze universiteiten opgelegd Engelstalige masteropleidingen te beginnen. Zijn pleidooi voor open grenzen, in functie van de economie, stond echter altijd haaks op de anti-immigratiestandpunten van de rechts-conservatieve VVD-vleugel. Vergeet niet dat Rutte in 2006 nog verloor van Rita Verdonk, die toen tweede stond op de VVD-lijst. Zijn grootste nadeel is dan ook dat hij niet geliefd is bij een deel van zijn eigen achterban.”

Een analyse van de eerste 100.000 keren dat het Kieskompas van Krouwel (www.kieskompas.nl) is ingevuld, toonde volgens het tijdschrift Elsevier aan dat Balkenende een dikke onvoldoende krijgt waar het gaat om zijn geschiktheid als premier. Hij komt op dat punt niet verder dan een 4,2. Rutte (5,4) en Cohen (5,9) scoren ook niet bijzonder hoog als kandidaat-premier, maar wel aanzienlijk beter dan Balkenende. Wilders wordt nauwelijks ernstig genomen: hij krijgt een 2,1. Hij verspeelde een groot deel van zijn krediet als “enige standvastige politicus” toen hij tijdens de lokale formatiegesprekken in Almere en Den Haag van zijn hoofddoekjesverbod toch geen breekpunt maakte.

“De peilingen tonen aan dat het Nederlandse electoraat weer enorm volatiel is”, besluit Krouwel. De trend is duidelijk. “Na een decennium hevige debatten over integratie en multiculturaliteit beseft het electoraat dat het crisis is. Er dreigen grote bezuinigingen, ook in de sociale zekerheid. De roes van de jaren negentig vloeit weg. Culturele spanningen ruimen plaats voor economische spanningen. Raciale knokpartijen zullen verminderen, maar we zullen opnieuw meer klassieke arbeidsconflicten zoals stakingen zien. Kortom, er staat wat op stapel in Nederland.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234