Donderdag 28/05/2020

Overal zaten ze, de pedofielen

Als er - naast omdraaien - zoiets bestaat als dansen in je graf, dan is Geoffrey Dickens dat al een week aan het doen. Jarenlang eiste de nar van het Britse Lagerhuis aandacht voor pedofiele netwerken, grote koppen zouden rollen. Nu het Home Office zijn dossier uit 1984 blijkt te kwijt te zijn, willen de Britten graag vernemen hoe dat kon gebeuren. Een portret van de man geeft misschien een idee.

Geoffrey Dickens was een behoeder van grote familiale waarden - een man van rechttoe, rechtaan. Het laatste waar hij zich aan blootgesteld wou zien, was het verwijt van hypocrisie. Dus had hij de pers bijeengeroepen om zijn politieke dood over zich af te roepen. Het was maart 1981.

Achter een woud van microfoons: "Ik heb een lijk in de kast, ik dacht dat het beter was om eerlijk te zijn. Het zit zo, ik heb twee buitenechtelijke relaties. Ik ben verliefd op een van deze vrouwen."

Hij keek sip, vol van schuldbesef. Hij, die zo vaak te keer gegaan was tegen schuinsmarcheerders onder alle mogelijke gedaanten. Hij excuseerde zich bij zijn kiezers in Huddersfield West, zijn partij en premier Margaret Thatcher in het bijzonder. The Sun en The Mirror wisten geen blijf met letters en uitroeptekens. Het leek het einde van een tijdperk, de val van dé moraalridder van de tory's.

Het werd het begin van een nieuw tijdperk. Het tijdperk van de vluchtigheid, van het verdwenen geheugen. Van grote woorden die er maar 24 uur lang toe doen, tot de aardappelschillen zijn verpakt in de krant. De dag na zijn biecht legde Dickens het bij met zijn vrouw Norma. Een week later was alles vergeten.

Zoals met ongeveer alles wat politicus Geoffrey Dickens ondernam.

Wacht maar

Het Dickensrapport is zoek. Het rapport dat de politicus in maart 1984 tijdens een ontmoeting persoonlijk ging overhandigen aan Lord Leon Brittan, de minister van Binnenlandse Zaken. "Ik voel me bemoedigd", had hij achteraf gezegd. Het rapport, zei hij nu, bevatte acht namen van prominente leden van een pedofiel netwerk. "Het zijn grote namen. Mensen in machtsposities."

Zoon Barry, deze week tegenover de BBC: "Mijn vader dacht dat het dossier het machtigste ding ooit was. Er werd over gesproken in de familie. Zo van: wacht maar, zie wat er gaat gebeuren, dit gaat alles wegblazen."

Er gebeurde niets.

1984 was niet het jaar voor de uitvinding van de fotokopieermachine. Die was er al heel lang en als Dickens zijn spectaculaire ontdekking gevrijwaard wou zien voor het nageslacht, hoefde hij maar een ding te doen. Kopietje maken. Deze week is aan Norma gevraagd of zij misschien ergens nog wat oude papieren van haar man liggen heeft. Niet zo.

Jammer, want in de nasleep van de nasleep van het pedofilieschandaal rond BBC-legende Jimmy Savile wil de hele Britse samenleving begrijpen hoe meldingen in de jaren tachtig zo consequent onder de mat werden geschoven.

De Londense politie focust nu op het Elm Guest House, een Zuid-Londens opvangtehuis voor weeskinderen. Er zijn intussen meer dan honderd klachten van veertigers die zeggen dat ze er in de jaren zeventig en tachtig zijn misbruikt. Er vallen namen van klanten als het liberale parlementslid Cyrol Smith, de vroegere Russische spion sir Anthony Blunt, een politicus van Sinn Fein, een van Labour en meerdere van de conservatieve partij van Dickens zelf.

Wat de politie vandaag in kaart tracht te brengen stond mogelijk 30 jaar geleden al in het rapport-Dickens. Alleen luisterde niemand, ook niet bij zijn tussenkomst in het Lagerhuis, op 29 november 1985: "Pedofielen zijn slecht en gevaarlijk. Kinderporno levert gigantische winsten op. Er kwamen belangrijke namen in mijn bezit, er volgden bedreigingen. Ik kreeg dreigtelefoontjes, gevolgd door twee inbraken in mijn Londense woonst. En toen, ernstiger nog, verscheen mijn naam op de lijst van een meervoudige huurmoordenaar."

Rond hem werd alleen gezucht en gelachen.

Ex-bokser

Geoffrey Dickens, geboren in 1931, heeft zijn ouders nooit gekend. Hij groeide op in een Londens weeshuis en liep op z'n dertiende een poliobesmetting op. Hij bracht twee jaar in een ziekenhuis door als tiener voelde hij zich belachelijk vanwege de metalen constructie rond zijn been. Hij besloot zijn lot letterlijk te bevechten en ging boksen. Hij schopte het niet verder dan de rol van sparringpartner voor Don Cockell, een van de zes uitdagers van de grote Rocky Marciano, wereldkampioen bij de zwaargewichten tussen 1952 en 1956. Zelf bokste Dickens 60 kampen, waarvan hij er 20 verloor.

Allusies op zijn gewicht zou hij zijn hele leven lang moeten blijven torsen. Zwaargewicht in de ring, lichtgewicht in de politiek. Hij geraakte een eerste keer verkozen als tory in 1979. Populair was hij geworden door in 1972 tijdens een vakantie in Mallorca in de zee te springen en niet alleen twee jongens van verdrinking te redden, maar ook de mislukte held die hem was voorgegaan.

Zijn hele loopbaan lang, tot zijn dood in 1995, zou Dickens door zijn collega's worden gezien als een gril van het systeem. Bij zijn overlijden werd hij geportretteerd als de ultieme rent-a-quote-man. "Wat het onderwerp ook wezen mocht, Dickens zou er een mening over hebben en zou ervan overtuigd zijn dat zijn visie de enige was die een gezond individu hebben kon." Raakte ergens een kind gewond na een ongeval met een pijl en boog, dan kwam hij de volgende dag met een wetsvoorstel neer om pijl en boog te verbieden. Na een krantenbericht over wiegedood als mogelijk gevolg van contact met een teddybeer, stelde hij voor de teddybeer in z'n totaliteit te verbieden. Werd er iemand vermoord, dan kwam hij meteen met een nieuw wetsvoorstel voor de herinvoering van de doodstraf.

Hij had het ook niet zo begrepen op satanisten en heksen, zo leert een tv-debat uit de jaren tachtig. Hij had net een wetsvoorstel ingediend dat satanisme - 'onder welke vorm ook' - moest verbieden en ging in debat met een paganiste.

"Ik ben een christen en ik keur af waar u voor staat. U bent anti-Christus."

"Nee, dit is waar u fout zit."

"Ik wil niet dat kinderen worden blootgesteld aan hekserij, of het nu paganisme is of zwarte magie."

Pedo-diplomaat

In 1984 meldde het weekblad Kerk & Leven de oprichting van een 'interdiocesane werkgroep pedofilie'. Daniel Cohn-Bendit, held van mei '68, schreef het boek Der Grosse Basar, waarin hij seksuele handelingen beschreef met vijfjarigen in zijn jaren als opvoeder in een anti-autoritaire kinderopvangplaats. De obsessie van Geoffrey Dickens situeert zich hier, in de hoogst verwarde sferen van seksuele ontvoogding.

In Londen was in 1974 de Paedophile Information Exchange (PIE) ontstaan, een groep mannen die zich publiekelijk outten als pedofiel en een totale afschaffing van alle leeftijdsgrenzen voor seksuele contacten beijverde. Dickens ploeterde zich door ledenlijsten en deed bijna dagelijks een ontdekking waarmee hij naar de tabloids trok. Een van zijn voornaamste mikpunten was de Britse topdiplomaat Sir Peter Hayman. Hij kafferde die in het Lagerhuis uit voor viezerik en schande voor de Britse diplomatie. Hayman, actief bij het PIE, zou in 1984 worden gearresteerd na door de politie met een jongen te zijn betrapt in een openbaar toilet.

Bij het overlijden van Dickens schreef het conservatieve kopstuk John Biffen inThe Independent: "Hij vertelde me ooit dat het grootste moment van trots kwam in mei 1984, toen Sir Peter Hayman naar de gevangenis moest. Dickens had Hayman als eerste genoemd in het Lagerhuis, gebruik makend van zijn parlementaire privileges. Hayman kon 'm niet vervolgen voor laster. Buitenlandse Zaken verdedigde uiteraard zijn mannetje. En de leiding van de conservatieve partij voelde er weinig voor om zich aan de zijde te scharen van zijn kruisvaarder. Maar op het einde won Dickens."

De politicus overleed aan een ziekte, en de voormalige conservatieve minister David Mellor merkte deze week in The Guardian op dat Dickens zelf na 1984 nooit meer is teruggekomen op zijn rapport of wat er met zijn onthullingen al of niet was gebeurd. Dit was het tijdperk van statements die slechts waren bedoeld voor de kranten van de volgende dag.

Niet langer.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234