Maandag 18/01/2021

Over de onschuldige spin in uw badkuip

Vanaf zijn vierde levensjaar verzamelt en bestudeert Koen Van Keer (1969) spinnen. Wie het waagt in Van Keers bijzijn een spin onder zijn schoenzool te vermorzelen, riskeert voor de rest van zijn leven door de arachnoloog met de nek te worden aangekeken. 'De spin is een nuttig dier. Ik word kwaad als mensen spinnen doden.' In zijn boek In de herfst komen ze binnen rekent Van Keer af met de dwaze verhalen die over spinnen de ronde doen. 'De realiteit is vaak veel fascinerender dan de fantasie.'

Antwerpen / Van onze medewerker

Jan Stevens

Op het internet circuleren er nogal wat stadslegendes over spinnen. De bekendste is die waarin iemand verhaalt over een vage bekende die naar de tropen ging en daar gebeten werd door een spin. Als die kennis thuiskomt, blijkt de plaats van de beet aardig gezwollen te zijn. Na een tijd barst de zweer open en kruipen er honderden kleine spinnetjes uit de wonde. Koen Van Keer krijgt het danig op zijn heupen van dergelijke urban legends. "Het staat wetenschappelijk vast dat een spin haar eitjes niet kan deponeren onder de huid van om het even welk ander dier. Geen enkele spinnensoort beschikt over een legboor. Ze gebruiken dus geen gastheer om hun eieren in te herbergen."

Van Keer vermoedt dat die verhalen hun oorsprong vinden in de rijke verbeelding van fantasten die hun angst met anderen willen delen. "De ruigste macho's kunnen een ongefundeerde angst voor spinnen ontwikkelen", beweert Van Keer. "Veel mensen hebben er min of meer last van, maar soms maakt arachnofobie het leven totaal onmogelijk. In een gemiddeld hygiënisch huis leven tussen de duizend en de tweeduizend spinnen. Ze zitten overal: op de zolder, in de kelder, achter de plinten, in elke kier of spleet. Spinnen doden is geen efficiënte manier om hun aantal te decimeren. Integendeel: het doden van een spin betekent een grotere hoeveelheid voedsel voor de overgebleven exemplaren. Hoe meer voedsel er voorhanden is, hoe meer eieren een spin legt. Wie droomt van een wereld zonder spinnen, kan er beter zelf een eind aan maken."

Waar komt die irrationele angst voor spinnen vandaan?

"Dat is nog steeds een mysterie. Volgens de Amerikaanse psychiater David Buss situeert de angst voor spinnen zich op hetzelfde niveau als de angst voor slangen. De wieg van de mens ligt in Afrika waar meer agressieve en giftige spinnen leven. Spinnenangst zou dan genetisch overgeleverd zijn en deel uitmaken van ons overlevingsinstinct. Maar het is niet meer dan de zoveelste theorie in de rij."

De berichtgeving over spinnen doet er een schepje bovenop?

"Ja. Dat is ook de aanleiding geweest voor het schrijven van dit boek. Ik stoor me mateloos aan de foute berichtgeving in de media. In mei 1999 werden in het Limburgse Bree een aantal exemplaren van de Australische red back, familie van de zwarte weduwe, gevonden. De kranten spraken over een ware invasie. De red back is een giftige spin: voor er in 1957 een tegengif werd ontwikkeld, had het beestje sinds haar ontdekking in 1870 dertien doden op haar geweten. Ze is in Australië nog altijd goed voor gemiddeld 350 hospitalisaties per jaar en laat daarmee alle giftige Australische diersoorten achter zich. Maar de kans op overlijden als er geen tegengif wordt toegediend, bedraagt slechts 5 procent.

"Bovendien werkt het gif traag en heeft een slachtoffer drie tot vijf dagen de tijd om het antiserum toegediend te krijgen. De Limburgse vondst veroorzaakte, mede onder impuls van de media, een lichte psychose onder de bevolking. De spin bleek zeer resistent. In de containers waarmee de red backs waren ingevoerd, werden er na twee behandelingen met methylbromide nog steeds levende exemplaren gevonden. Pas na een derde behandeling - die 45 uur duurde en waarbij een driedubbele dosis van het gif werd gebruikt - bleken alle spinnen te zijn gedood. Toch bestaat daar twijfel over. Ikzelf heb één levend exemplaar kunnen vangen. Volgens de Australische professor Julian White is de kans reëel dat een aantal red backs de overtocht hebben overleefd. Japan heeft ongeveer hetzelfde klimaat als bij ons, en daar zijn de red backs ondertussen ingeburgerde spinnen. Ze zouden volgens White hier pas na drie jaar opduiken als inheemse 'vaste waarden'. Dat betekent dat ze in de zomer van 2002 actief zouden kunnen worden.

"Naar aanleiding van de vondst in Bree schreef de krant Het Volk een tijd later dat een zekere L.B. uit Wever in het hok van zijn hond een "rare" spin ontdekt had. Hij vreesde dat het om een red back ging. Bij de foto van de spin - overduidelijk een doodgewone kruisspin - stond het bijschrift: 'Is dit ook een giftige red back?' In het aprilnummer van het 'wetenschappelijke' tijdschrift Eos beweerde een 'expert': "De beet van een vogelspin is dodelijk." Daar klopt geen jota van. Waarom schrijft iemand zoiets? Die journalist had voor zijn artikel spinnenspecialisten geraadpleegd. Ik heb gecheckt wat hij hen gevraagd heeft en wat zij hem geantwoord hebben. In zijn stuk heeft hij hun woorden helemaal verdraaid. Dit heeft niets met onwetendheid te maken, maar met pure sensatiezucht."

Leven er in België spinnen waar we terecht bang voor mogen zijn?

"De inheemse spinnensoorten zijn ongevaarlijk. Ik heb een aantal experimenten gedaan met Belgische huis-, tuin- en keukenspinnen. Ik heb geprobeerd om hen de huid op de rug van mijn hand te laten doorboren zodat ze hun gif zouden kunnen injecteren. Het bleek niet eenvoudig om ze daartoe te overhalen. Zelfs toen ik hen met hun gifkaken tegen mijn hand drukte, weigerde de helft van de proefdieren te bijten. Als ze wel beten, waren de symptomen altijd minimaal. Ze bleven beperkt tot een kleine prik en jeuk die na een paar uur verdween. Je kunt de werking van het Belgische spinnengif vergelijken met een brandnetelirritatie.

"Niettemin leven er in ons land spinnen die verwant zijn aan de beruchte zwarte weduwe. In de riolen van Antwerpen huizen de Steatoda. Er zijn ooit proeven gedaan op cavia's. Die arme beestjes hebben de beten van de Steatoda niet overleefd. De Antwerpenaren hebben voorlopig niets te vrezen. De Steatoda zijn schuchtere wezens die hun schuilplaats slechts node zullen verlaten."

Is het door de klimaatverandering niet ondenkbaar dat we hier ook ooit geconfronteerd zullen worden met giftige tropische exemplaren?

"Dat fenomeen doet zich nu al voor. Zuiderse soorten rukken op naar het noorden. In het zuiden van Nederland leeft de wespspin, een soort die er tien jaar geleden niet voorkwam. Door de wijziging in het klimaat is het gevaar niet denkbeeldig dat we binnen afzienbare tijd ook af te rekenen zullen hebben met malariamuggen."

De titel van uw boek, In de herfst komen ze binnen, verwijst naar het zoveelste bakerpraatje dat over spinnen vertelt wordt.

"Ja. De huisspinnen die we in de herfst in onze badkuip vinden, zijn niet langs de afvoer naar binnen gekropen. Meestal zijn dat mannetjes die in huis geboren zijn. Als ze volwassen geworden zijn, verlaten ze hun web en gaan ze op zoek naar een vrouwtje. Tijdens die zoektocht komen ze vaak in de badkuip terecht. Ze geraken er niet meer uit omdat ze geen zuignapjes aan hun poten hebben."

Onlangs hebt u zelf een nieuwe spinnensoort ontdekt.

"In Kreta heb ik een 'nieuw' spinnetje gevonden. De Gentse bioloog Rop Bosmans heeft het naar mij genoemd: Arboricaria koeni. In België is het bijna onmogelijk om nieuwe spinnen te ontdekken. In het zuiden van Europa lukt dat iets gemakkelijker en de tropen is voor elke rechtgeaarde spinnenliefhebber het ware paradijs."

Met uw boek wilt u mensen afhelpen van hun spinnenangst. Bent u zelf nergens bang voor?

"Ik hou niet van wespen. Hun geel-zwarte kleuren werken bij mij als een rode lap op een stier. In de herfst worden ze agressief en vertonen ze carnivoorgedrag. Dan kun je als gezonde, weldoorvoede man beter uit hun buurt blijven."

Koen Van Keer, In de herfst komen ze binnen. Zin en onzin over spinnen, Houtekiet/Fontein Antwerpen/Baarn, 550 frank.

Arachnologie

'Zelfs de ruigste macho's kunnen een ongefundeerde angst voor spinnen ontwikkelen'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234