Vrijdag 25/06/2021

Over al het schone in het leven

Niets dan blije gezichten op de grote triptiektentoonstelling met de welluidende titel Een zeldzame weelde, die een goede poging vormt om de kunst uit Latem en de mooie

Leiestreek (1900-1930) vanuit een breder perspectief te bekijken.

De kunst uit Latem en Deurle staat niet meteen op de internationale culturele kaart vermeld en is op en top te begrijpen als een vachtzacht en behoudsgezind picturaal dialect op wat toen al - in het buitenland met iemand zoals Pablo Picasso - het begrip 'kunst' in rep en roer zette. De vredige en uit formeel-technisch standpunt perfect geverfde schilderkunst van de drie Latemse 'groepen', die geboekstaafd blijven als de 'Latemse' school, is merkwaardig genoeg (op het bordes van WO I) een machtige ode aan de natuur en de landschappelijke omgeving, en aan de mens die hierin tot religieuze rust komt.

Het is (kracht)voer voor kunsthistorici om de mythen en vooroordelen uit de weg te ruimen op het vlak van al te vage en algemene opinies over de kunst uit het Latemse. Het siert Latem-kenner en gastcurator Piet Boyens om in het Museum voor Schone Kunsten in Gent, in het Museum van Deinze en de Leistreek en in het Museum Dhondt-Dhaenens in Deurle een grote tentoonstelling te kunnen opzetten waarin de context en de soms heel subtiele nuances aan bod komen.

Je vat natuurlijk best de tentoonstelling aan in het Museum voor Schone Kunsten in Gent. Duidelijk het onderdeel dat het best is gepresenteerd en waar je de 'hand' en de ervaring voelt van conservator Robert Hoozee. Het symbolisme komt hier ruim aan bod - een kunststroming van het einde van de 19de eeuw waarin een trend ontstond om weg te vluchten uit de sfeer van de opkomende moderne grootstad. De retour naar de natuur betekende ook een herbronning van de mens naar authenticiteit. De eenwording met de natuur was een reactie tegen het lawaai (en het verderf) van de stad. De kunstenaars plooiden als het ware in zichzelf en legden via een wazige manier van schilderen hun nostalgie naar de oerstaat van het leven bloot.

De referentiële scharnierfiguur in Latem tijdens de eeuwwisseling was George Minne, de beeldhouwer van de diep ontroerende beelden van kwel en leed. Als geen ander wist Minne de introspectie te droppen in zijn beelden en ze te exploiteren tot zijn beproefd label. In Gent zijn heel wat marmeren beelden van hem te zien, mooi en netjes gepresenteerd op een lange tafel. De beelden zoals Moeder beweent haar dood kind of De kleine geknielde zijn als relicten die een mens dwingen tot introspectie en nederige inkeer. Woorden zijn bij deze emotief-explosieve beelden overbodig.

Het symbolisme als begrip wordt hier in een ruimere context geplaatst door de aanwezigheid van werk van vooral de Franse schilder Maurice Denis. Kijk vooral naar het puike werk van de wat miskende Albijn van den Abeele die bijvoorbeeld in het werk Sparrenbos in februari (1900) een haast sublieme eenkleurige abstracte schilderkunst bereikt die nog altijd als 'hedendaags' overkomt.

Natuurlijk staat die hele eerste 'symbolistische' Latemse groep bol van suikerzoete (schilder)kunst, die het leven als leven ontkent en de vlucht in de verf gelijkstelt met een goedaardige drug. In Gent is het verschil merkbaar in de kwaliteit tussen werk van bijvoorbeeld Valerius de Saedeleer en dat van Gustave van de Woestijne, dat ontegensprekelijk getuigt van meer variatie en durf en van minder afhankelijkheid van de traditionele compositieschema's in bijvoorbeeld het uitbeelden van religieuze taferelen. Bekijk bijvoorbeeld het zelfs grappige Maria en Jozef de avond voor Kerstmis (1909) van Gustave van de Woestijne waarop ook Jozef 'evenwaardig' is geportretteerd - net als Maria - tot over de oren wel en warm ingeduffeld met een soort deken. Devoot is zeker het werk Eucharistische Christus (1907) van Van de Woestijne, dat schatplichtig knipoogt naar het Lam Gods van Jan Van Eyck, en in schril contrast staat en blijft met werk van Albert Servaes, in wiens oeuvre de zwaarmoedigheid tussen landschap en mens de artistieke rode draad is en blijft.

Gecharmeerd geraak je zeker door de reeks 'Boerenkoppen' van nogmaals Gustave van de Woestijne, die me hier ook sterk deed terugdenken aan de statige portretten van de Vlaamse Primitieven...

In Deinze wordt de 'veilige weg van het impressionisme' misschien wel al te breed uitgesmeerd. Er is heel veel te zien maar soms een beetje te veel van hetzelfde. Hier wordt het zonneklaar dat de Franse kunst het grote voorbeeld werd van deze tweede groep/beweging die zich situeert rond 1910. De inlandse meesters Théo van Rysselberghe (met het typische kleurgevoelige pointillisme) en Emile Claus staan met hun werk ook model voor een impressionistisch georiënteerde vloed van zeemzoete schilderkunst. In Deinze is de ophanging in die mate educatief dat het onthutsend wordt vast te stellen dat werkelijk iedereen zich vergreep aan het impressionisme. Leon en Gust De Smet, Albert Saverys maar ook Frits van den Berghe en Constant Permeke maakten dit soort lichtgevoelige en speels-braafburgerlijke schilderkunst. Hier is het vooral genieten van een aantal onbekende pareltjes zoals Sneeuw (1909), Boom bij de Leie (1909) en Landschap in Devon (1917) van Permeke en van het bijzonder bizarre De verrukking uit 1910 van Frits van den Berghe, waarin een jong en naakt meisje met open armen toekijkt naar paard, kar en koetsier. Het Portret van Fortuna Brulez (1919) van Van den Berghe kondigt hier echter resoluut nieuwe tijden aan; het betreft een kleur-onwezenlijk portret in de stijl van Jawlenski die een meer wereldbewuste manier van kunst aankondigt.

Daarvoor moet je naar het Musem Dhondt-Dhaenens in Deurle. In dit spierwitte Museum in 't groen, dat zich vandaag meer profileert als een kunsthal voor hedendaagse kunst, wordt op een vrij vermoeiende manier het ene werk naast het andere getoond waarvan de stilistische nuances en verschillen als het ware doen uitschijnen dat je naar één groot oeuvre kijkt. Bijzonder knap is alvast de aanwezigheid van sculpturen van Ossip Zadkine, waarin met een beetje verbeeldingskracht zich de iconografie samenbalt van het Latems expressionisme. De vele volkse en populaire taferelen op de schilderijen zijn geschilderd in een naïef-hoekige stijl waar in de verre verte nog het gedonder nagalmt van het kubisme. Een schitterend portret van Constant Permeke uit 1922 van Frits van den Berghe illustreert meteen een totaal andere kijk op het leven en de mens. Het uitdrukken van directe emoties in verf op doek is er niet meer bij. Figuren en situaties lijken bevroren en in kleurgradaties (knipoog naar kubisme) geverfd tot haast schematisch opgebouwde composities. De landelijke thema's blijven overeind; het plattelandsleven wordt nog altijd verheerlijkt en het geruis van de grootstad lijkt verder weg dan ooit. Geniet alvast van het minder bekende Het Boeket van Gustave de Smet waarin de bloemen perfect gekneld zitten tussen een blozend naar elkaar kijkend koppel. Of bekijk de ontwapenende hoekigheid waarmee Frits van den Berghe zijn Verliefden in het dorp (1925) in de verf zet. Uit hetzelfde jaar stamt een aquarel van Constant Permeke, Het echtpaar, die heel knap en treffend het heersende keuken- en rolpatroon op papier fixeert.

Er is op deze driedelige tentoonstelling Een zeldzame weelde - een titel ontleend aan Karel van de Woestijne die de Latemse uren van lectuur, discussie en geestelijke oefening met zijn vrienden "avondstonden van een zeldzame weelde" noemde - heel veel te zien. Het combiticket hoef je niet op één dag te gebruiken. Een tip: pik af en toe een van de drie tentoonstellingen mee en profiteer op die manier optimaal van al het moois op doek dat de wereld van toen te bieden had...

Luk Lambrecht

'Een zeldzame weelde - kunst van Latem en de Leiestreek 1900-1930' nog tot 23 september (alle dagen van 10 tot 18 uur, gesloten op maandag) in het Museum voor Schone Kunsten, Citadelpark in Gent, het Museum van Deinze en de Leistreek, Luc Matthyslaan 3-5 in Deinze en het Museum Dhondt-Dhaenens, Museumlaan 14 in Deurle. Kaartjes: 300 frank (7,44 euro). Meer informatie: 09/240.07.50.

en de kunstenaars in een ander, realistischer perspectief voorstellen

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234