Dinsdag 12/11/2019

De Wending

Ouders van een doodgereden kind: “Het is de perfecte moord. Je komt er zo mee weg”

Moeder Kathy toont Nikita op haar gsm. Beeld Jef Boes

Kathy en Steve Everaert verloren in februari hun dochter. Nikita was zestien en werd door een vrachtwagen aangereden op een notoir gevaarlijk kruispunt. Sindsdien hapt dit koppel naar adem: 2018 was er een zonder lichtpuntje. Ze zijn kapot, en ze voelen zich miskend en onbegrepen. 

Kathy: “De drie andere kinderen moesten om halfnegen op school zijn, maar Nikita had die dag pas om halfelf les. Ze hebben hun zus die ochtend niet meer gezien. Ze heeft hier haar nagels nog zitten lakken en kapsels opgezocht voor de trouw van mijn zus. Om tien voor tien is ze met de fiets vertrokken. Ze moest van ons via de grote baan naar Lochristi. De binnenweg is een smalle sluipstraat zonder aparte fietspaden: dat is ook niet veilig. Nu vraag ik mij af hoe het mogelijk is dat ik haar daar ooit heb laten fietsen.” 

Steve: Ze hebben anderhalf uur gewacht om ons te verwittigen, omdat ze zo lang met de chauffeur bezig zijn geweest.”

Kathy: “We hebben het bijna van een vriendin moeten horen. Ze was daar gepasseerd en zag een rode tent staan. Ze belde: zijn uw gasten op school? Dus ik bel naar de school om te vragen of Nikita goed was aangekomen. Die mevrouw van het secretariaat zegt: wacht, ik ga eens kijken. En net op dat moment belde de politie aan. Ik wist het direct. Je herbeleeft dat elke week.”

Steve: “Elke dag.”

Kathy: “Ik ben onthaalmoeder, het liep hier vol kindjes. En dan komen ze zeggen dat je dochter daar weg moet en dat je een begrafenisondernemer moet zoeken. Steve is naar de plek gegaan, wij hebben haar pas de volgende dag gezien.”

In het huis van de familie Everaert zijn de gordijnen toe. Er staat geen kerstboom. Er valt niets te vieren, dit jaar, zegt Kathy. “Mijn zus wil niet dat we alleen thuis blijven, dus ik ga met de kindjes naar haar.” Steve: “En ik blijf thuis.”

Het is maandag 19 februari wanneer Nikita, de tweede van vier kinderen, aangereden wordt door een vrachtwagen op de Antwerpsesteenweg. 
Het kruispunt met de Orchideestraat staat al jaren bekend als gevaarlijke plek. “Het jaar waarin Nikita geboren is, 2001, gingen ze dat kruispunt aanpakken.”

Sinds het ongeval valt het leven de ouders erg zwaar. Haar vader praat moeizaam, met een zachte stem, haar moeder zal het hele gesprek huilen. Ze zien er allebei moe uit. “Het is een moeilijke periode.” 

Een paar naaktkatten – ze hebben er acht – liggen op de verwarming, eentje nestelt zich ongegeneerd op onze schoot. “Toen Nikita stierf, is een van de katten echt ziek geweest. We hebben de dierenarts moeten laten komen”, vertelt Kathy. “We hebben hem gevonden in een doos met haar kleren. Ze had net haar kamer geschilderd.”

Steve: “Nikita’s kamer stond leeg toen het gebeurde. Ze was al lang aan het zagen om een groter bed, een twijfelaar. Uiteindelijk hebben we een volledige nieuwe kamer gekocht. Ze was al gaan slapen toen ik het bed online bestelde, ik heb ze wakker gemaakt en ze is komen kijken. Ze was kweetniehoe content, maar ze heeft het bed nooit gezien.”

Is het bed toch nog geleverd?

Kathy: “Mensen zeggen: bel dat toch af. Maar we hebben haar kamer weer  ingericht zoals het was. Haar kleren hangen in de kast en de posters aan de muren.”

Steve: “Het is en blijft haar kamer. Daar moet niemand aankomen.” 

Krijgen jullie hulp?

Kathy: “We gaan sinds een paar maand allemaal naar een psycholoog. De jongste is negen, zij gaat naar Missing You (een vzw voor rouwende kinderen, LB). Ze wil niet naar de psycholoog.”

Steve: “Het heeft lang geduurd, want niemand heeft ons gezegd dat we daar terecht konden.”

Slachtofferhulp ook niet?

Kathy: “De eerste dag waren die heel goed. De tweede dag zijn ze teruggekomen met de vraag of we contact wilden met de bedrijfsleider van het transportbedrijf.”

Steve: “Toen heb ik ze mijn gedacht gezegd. Ze zijn hier buiten gestapt en we hebben ze nooit meer gehoord.” 

Kathy, je zei dat je graag dit gesprek wilde. Waarom?

Kathy: “Omdat we het idee hebben dat de zaak in de doofpot zal belanden. Ik weet niet of ik veel mag zeggen over het ongeval zelf, maar het was geen dodehoekongeval. Nikita was ook volledig in haar recht, dat staat zo in het verslag van de verkeersdeskundige. Zij had groen licht en fietste gewoon rechtdoor.”

Steve: “Ze stonden samen te wachten aan het rood licht. Voor de vrachtwagen stonden nog twee auto’s. De chauffeur heeft haar gezien in zijn voorruit.”

Kathy: “Er zijn trouwens camerabeelden van het tankstation vlakbij. Die beelden zijn een tijdje vermist geweest. Bij het parket van Gent zeiden ze dat de camerabeelden in Dendermonde lagen, in Dendermonde beweerde ze dat de video in Gent lag. Uiteindelijk bleken ze bij het parket van Oudenaarde te liggen.”

Kathy op de plek van het ongeval. Beeld Jef Boes

Steve: “Had onze advocaat Jef Vermassen daar niet achter gezocht, dan waren de beelden weg. We hebben het gevoel dat er iets niet klopt, dat het dossier niet correct is opgesteld.”

Kathy: “We zijn dingen te weten gekomen die niet in het dossier staan. Dat ze met twee vrachtwagens van hetzelfde bedrijf waren, bijvoorbeeld. Die andere stond op hem te wachten. Dat kan een motief zijn: hij wilde zich haasten en Nikita snel voor zijn, maar hij heeft zich misrekend.”

Steve toont twee brieven van het parket: een voor hem, een voor haar, met het verzoek de onderzoekers niet te contacteren. Er zal gecommuniceerd worden als dat nodig is, zo staat er. Kathy: “We moeten ze met rust laten, staat er. Nochtans sturen wij justitie niets, het is onze advocaat die dat doet.”

Steve: “Proper, hé.”

Kathy: “Een ongeluk is een ongeluk, dat versta ik. Een paar weken voor Nikita stierf ging het in ‘Het zal u maar overkomen’ (een programma over het noodlot op Eén, LB) over een man die een dodehoekongeval heeft veroorzaakt. Die mens rijdt zelfs niet meer met de auto. Maar dan heb je er ook zoals de chauffeur die Nikita heeft doodgereden.”

Hebben jullie ooit iets van hem gehoord?

Kathy: “Nee. Zijn baas wilde meteen contact, maar wij niet. Zeker niet omdat hij in de krant verklaarde dat Nikita wellicht eerst gevallen was, waardoor de chauffeur haar niet had gezien. Hij heeft ook gezegd dat de man de volgende dag gewoon terug mocht komen werken. Dan denk ik: als hij uw dochter had overreden, zou hij dan ook meteen weer mogen beginnen? Hij is doorgereden, hij dacht dat hij in een putje reed. Hij heeft niet naar Nikita omgekeken of de hulpdiensten gebeld. Enkel naar zijn baas.”

Steve: “Op de vijftiende dag is hij zijn rijbewijs weer gaan ophalen.”

Staan jullie nog open voor een ontmoeting of een bericht?

Kathy: “Nu niet meer. Het is te laat. En wat ons nog het meeste kwaad heeft gemaakt, is dat niemand die het ongeval heeft zien gebeuren, gestopt is. De dag erna is een taxichauffeur wel zelf naar de politie gestapt om een verklaring af te leggen.” 

Steve: “Hij heeft Nikita horen roepen.”

Kathy: “We hebben de politie om zijn adres gevraagd, we willen hem bedanken dat hij die moeite heeft gedaan. Maar ook daar hebben we niets meer van gehoord. De verzekering van de tegenpartij is wél al geweest. Die wilden weten hoeveel het hen zou kosten. De grootouders krijgen ook een schadevergoeding: ze hebben drie keer gevraagd of we met hen een goed contact hebben.”

Na het ongeval ontstond een discussie tussen de stad Gent en het Agentschap Wegen en Verkeer over wie dat bekende zwarte kruispunt had moeten aanpakken. Wat denkt u dan? 

Steve: “Dat het kleine kinderen zijn.”

Kathy: “En dan de uitleg van Ben Weyts (Vlaams verkeersminister voor N-VA, LB). Ze gaan een paar miljoen euro uittrekken om de kruispunten waar slachtoffers gevallen zijn, voorrang te geven. Dus er moeten eerst slachtoffers vallen voor ze in actie schieten? Zo zeg je dat toch niet?  

“Wat hebben ze nu gedaan: de fietsers krijgen groen en alle auto’s rood. Dat leidt tot enorme files. Wij zijn maar gewone mensen, geen ingenieurs, maar het kan toch niet zo ingewikkeld zijn om een kruispunt conflictvrij in te richten? Iedereen die rechtdoor moet groen licht, en de auto’s die moeten afslaan rood? Maar ik denk ook vaak: wat is eigenlijk belangrijker? Twee minuten langer in de auto moeten zitten of iemand die doodgereden wordt?”

Jullie vinden ook dat mensen die een dodelijk ongeluk veroorzaken, strenger gestraft moeten worden. 

Kathy: “In België zijn de straffen om te lachen. We roken allebei – we waren twee jaar gestopt – en nu gaan ze mensen beboeten die in hun auto roken. Hoge boetes. Maar als je iemand doodrijdt...”

Steve: “Niet dat dat slecht is, die boetes, maar het staat niet in verhouding.”

Kathy: “Als je het ongeluk kan vermijden, dan vind ik dat ze strenger moeten zijn. Een gevangenisstraf voor een auto-ongeval, dat bestaat hier niet. Het is de perfecte moord als je iemand weg wil: stap in je auto en rijd hem omver. Je komt er zo mee weg.” 

Rijden jullie zelf nog met de auto?

Kathy: “Elke dag. De kinderen mogen niet meer fietsen. We passeren elke dag de plek van het ongeval.”

Steve: “Maar met veel schrik. Vooral op de autostrade: die vrachtwagens kijken naar niets.”

Samen met de school van Nikita hebben jullie ruim 13.000 euro opgehaald voor De Warmste Week. 

Cathy: “We hebben een fietsmarathon van 24 uren gehouden. Het geld is voor Missing You en de Fietsersbond. Zij hebben voor Nikita een mars georganiseerd en ze plaatsen de ghostbikes, de witte fietsen op plekken waar een fietser is gestorven.” 

Wat voor kind was Nikita?

Kathy: “Altijd vrolijk, altijd lachen.”

Steve: “Altijd mensen helpen.” 

Kathy: “Een paar maand voor ze gestorven is, heb ik haar een T-shirt gekocht met ‘feminist’ op. Ze kwam zo op voor iedereen. Je mocht een kop groter zijn, ze kon niet tegen onrecht.”

Steve: “Dat moest van mij. En ze had geen schrik.”

Kathy: “En een vré grote mond ook.”

Steve: “Ze was heel graag gezien op school. Veel kameraden. Die komen nog regelmatig af.”

Kathy: “Dan vragen ze of ze even naar haar kamer mogen.” 

Ze was zestien. Een echte puber?

Kathy: “Bij ons wel. Maar op een ander was ze altijd braaf. Ze werkte al vanaf haar vijftiende in een restaurant.”

Steve: “Dat wilde ze zelf. Sparen, sparen, sparen. Ze deed niets op. Een verstandig meisje. Ze zou onlangs zeventien geworden zijn, binnenkort achttien. Toch een speciale dag. Maar trouwen, kindjes krijgen...”

Kathy: “Afstuderen. Ze zou samen met Thoby, onze oudste afstuderen. Ze gingen samen hun 100 dagen vieren. Of ik naar die 100 dagen kwam, vroeg hij onlangs. (schudt haar hoofd) Nee. Die proclamatie, die moeten we wel doen. Thoby is daar.”

Zijn jullie bezorgd over de impact op de drie andere kinderen?

Steve: “Thoby is niet echt sociaal, hij heeft autisme, en Nikita trok hem altijd mee. Ze gingen samen naar fuiven. Dat is nu gedaan.”

Kathy: “De jongste blijft soms in de klas tijdens de speeltijd, de middelste heeft een tijdje verkeerde vrienden opgezocht, maar dat is nu gedaan. Ik heb vooral schrik dat er ook met hen iets zal gebeuren. Een vriend van Nikita zei vorige week dat hij het niet meer ziet zitten. Zo’n ongeval maakt niet alleen ons leven kapot, maar van zoveel andere mensen.”

Steve: “Ja, ons leven is kapot.” 

Kathy: “Ik voel mij kapot, alsof er een stuk weg is.”

Steve: “Kapot, moe, levensloos. We kunnen niet meer blij zijn. Ik zou het liefst willen slapen en niet meer wakker worden.”

Kathy: “We willen dat, maar dat gaat gewoon niet. We doen niets meer. En dat is erg, want we hebben er nog drie. Volgende week neemt iemand ze mee naar Scheldorado. Maar wij niet meer. Deze zomer zijn we een dag naar Bobbejaanland geweest, maar dat was...”  
(valt stil)

Kathy: ‘Ik voel mij kapot, alsof er een stuk weg is.’ Beeld Jef Boes

Jullie werken niet meer.

Steve: “Dat gaat niet. Maar dat betekent wel dat we het maandelijks met 2.000 euro minder moeten doen. Ik werk al 25 jaar bij Volvo. Mijn collega’s hoor ik wel, maar voor de rest: niks. Dit jaar heb ik geen bonus gekregen omdat ik ziek was. En geen nieuwjaarscadeau.”

Kathy: “Terwijl het een bonus was voor de resultaten van 2017. We worden zoveel gestraft voor iets waar we niet voor gekozen hebben. De chauffeur verdient wel nog hetzelfde. Hij is op vakantie geweest, zagen we op Facebook. Nu heeft hij een foto gepost: Merry Christmas. Ik snap dat niet.” 

Jullie zijn ongelukkig op de manier waarop jullie als ouders zijn opgevangen. Hoe kan het beter? 

Kathy: “Nikita was het slachtoffer, en de chauffeur. Wij doen er niet toe.”

Steve: “De familie moet meteen worden ingelicht. Toen ik bij Nikita kwam, was ze al ijskoud. Dat vind ik erg, dat het zo lang geduurd heeft. Slachtofferhulp had nog eens iets kunnen laten weten.”

Kathy: “Mocht die vraag van de bedrijfsleider nu komen, dan was het helemaal anders. Maar toch niet de dag nadat ons kind was doodgereden?”

Hoe zien jullie het komende jaar?

Kathy: “Dag per dag, zeker? Wachten op dat proces. Maar het wordt moeilijker, hé, dat zegt iedereen. Soms zeggen mensen: je moet verder. (lacht schamper) Hoe? Ik heb een brief gehad van een advocaat. Zijn zoon was ook gestorven, en zijn vrouw twee jaar later, aan een gebroken hart. Ik denk dat onze andere kinderen onze redding zijn.”

Hebben jullie iets aan het contact met andere ouders die hun kind verloren?

Kathy: “Goh. We zijn niet alleen. En die mensen zijn al zoveel jaar verder en ze lopen hier nog rond. Maar nu hebben we daar geen boodschap aan.”

Met dank aan Ouders van Verongelukte Kinderen

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234