Woensdag 07/12/2022

Oude Tourmalet is nog altijd te vrezen

Mythische Tourcol vandaag en donderdag scherprechter in ontknoping van Ronde van Frankrijk

Terwijl vorig jaar de finale van de Tour rond de Mont Ventoux was gebouwd, draait dit jaar alles om de Tourmalet, de Pyreneeëncol die honderd jaar geleden voor het eerst beklommen werd. De Tourmalet is vandaag de derde col in de koninginnenrit naar Pau, donderdag - na de rustdag - ligt de meet op de top.Door Walter Pauli in Bagnères-de-Luchon

Naar goede wielertraditie worden bij zo’n verjaardag alle oude anekdotes nog eens verteld: hoe de Tourmalet ‘ontdekt’ werd door een vriend van Henri Desgranges, die zelf verdwaalde, hoe Eugène Christophe in 1913, in een smidse op de flanken van de berg zijn gebroken voorvork zelf moest herstellen, en, veel recenter: hoe Eddy Merckx in 1969 vanaf die Tourmalet zijn eigen mythe vorm gaf, zijn bijnaam Merckxissimo zelf verdiende.

Het is in het zwart-wittijdperk, in de jaren van Lucien Buysse, André Leducq, Tonin Magne, Fausto Coppi, Jean Robic en Federico Bahamontes, dat de Tourmalet zijn reputatie vestigde. Maar ook in het moderne wielrennen heeft de Tourmalet vaak een sleutelrol gespeeld. De meeste van die meer actuele gebeurtenissen staan nog niet in allerlei naslagwerken genoteerd en worden dus veel minder (na)verteld. Maar ze leren wel waarom de renners (en hun sportdirecteurs) nog altijd onder de indruk zijn van de Tourmalet, de col zelfs vrezen. Waarom de oude Tourmalet nog altijd actueel is.

1983

de machtsgreep van de Colombianen

Er zijn edities van de Tour de France die de bestaande hiërarchie bevestigen, en er zijn er die alle waarden en verhoudingen op hun kop zetten. De Tour van 1983 was een van de meer revolutionaire soort. Voor het eerst in vijf jaar deed (toen) viervoudig winnaar Bernard Hinault niét mee. Voor het eerst deed een team Colombiaanse amateurs mee. Daar lachten de doorgewinterde Europese profs eens mee. En in de aanloop lieten de Colombianen inderdaad niet veel geks zien. Tot de eerste bergrit, Pau-Luchon.

Op de eerste col, de Aubisque, komt de oude Lucien Van Impe nog als eerste boven. Maar dan komt de Tourmalet, en gaan de Colombianen: Patrocinio Jimenez, Edgar Corredor en co., lichtvoetiger dan ooit. Zij krijgen het gezelschap van enkele relatief onbekende rookies, jongetjes die niemand vooraan had verwacht in de Tour: een zekere Pedro Delgado, een Schot genaamd Robert Millar, en dan die ‘Franse student’, Laurent Fignon. In hun wiel springen twee ervaren maar half-afgeschreven Franse ratten mee, Jean-René Bernaudeau en Pascal Simon. In de afdaling demonstreert Delgado voor het eerst zijn aparte manier van dalen. Poep omhoog en met de neus voorbij het voorwiel: spectaculair, maar, zo bleek later, roekeloos, weinig efficiënt en gevaarlijk. Het jaar erop brak Delgado dan ook zijn sleutelbeen, in de afdaling van de Joux Plane. Maar aan eventuele risico’s dachten de youngsters van 1983 niet. Vanaf de Tourmalet reden ze alles en iedereen aan diggelen. Aan de aankomst heeft geletruidrager Sean Kelly een achterstand van meer dan zes minuten. Patrocinio Jimenez grijpt de bollentrui (Van Impe zal ze later inpikken), Simon het geel - tot hij valt, heel Frankrijk met zich mee laat lijden in de paar ritten dat hij doorbijt, tot hij opgeeft en die trui verhuist naar Laurent Fignon, die ze netjes houdt.

het einde van Bernard Hinault

Bernard Hinault had vooraf gezegd dat 1986 zijn afscheidstour zou zijn. Hij reed die niet om zelf een zesde keer te winnen en absoluut recordhouder te worden, maar om zijn jonge Amerikaanse ploegmaat Greg LeMond aan de zege te helpen. Die was in 1985 al de beste, maar had toen haast gepauzeerd om Hinault voor te laten. Jaja. In de eerste Pyreneeënrit, naar Pau, sluipt Hinault na een tussensprint weg, met Pedro Delgado en zijn jonge ploegmaat Jean-François Bernard, die het tempo evenwel niet kan volgen, zo hard gaat Hinault door. In wanhoop gaat LeMond achter ‘zijn vriend’ aan, maar in Pau heeft Hinault 4:37 voorsprong op zijn ‘vriend’ LeMond, 5 minuten op een groepje favorieten (Claude Criquielion, Peter Winnen, Steven Rooks, Andy Hampsten ) en 11:02 op zijn intieme aartsvijand Laurent Fignon.

De dag nadien, in de rit Pau-Superbagnères, moest de Tourmalet nog komen, als eerste col op een dag van vier (verder nog Aspin, Peyresourde, aankomst op Superbagnères, buiten categorie). Hinault, geel al om de schouders, valt aan op de Tourmalet. Hij is zo sterk dat niemand hem kan volgen. Hij triomfeert, maar beseft niet dat de Tourmalet hem aan het uitputten en fijnmalen is. Zijn trotse eerzucht haalde het van zijn verstand, en dus was hij weerloos tegen de stijgingspercentages van de Tourmalet. Het vervolg is gruwelijk - voor Hinault. Hij komt als eerste boven, zijn maximale voorsprong zou vier minuten bedragen. Maar hij houdt het niet vol. LeMond laat zijn Amerikaanse ploegmaat Hampsten - ook een ploegmaat van Hinault, trouwens - keihard doorgaan. Hinault komt binnen met 4:39 achterstand op LeMond. Hij draagt het geel nog wel, maar iedereen weet dat LeMond die trui eigenlijk te pakken heeft, en le maillot jaune zal grijpen wanneer hij wil. Wat hij in de Alpenrit naar de Col du Granon ook doet. Maar dat lukte maar omdat Hinault in de Pyreneeën sportieve zelfmoord had gepleegd. Hij had de Tourmalet immers onderschat.

de raid van Indurain en Chiappucci

Na een spectaculaire comeback had Greg LeMond, na zijn zege in 1986, ook in 1989 en 1990 de Ronde van Frankrijk gewonnen - de laatste slechts met veel moeite tegen een onbekende Italiaanse gregario, Claudio Chiappucci. In 1991 zijn er nogal wat ambitieuze jongeren die de tanende hegemonie van LeMond niet zomaar meer aanvaarden. In de eerste Pyreneeënrit, naar het Spaanse Jaca, gaan een aantal raiders, zoals de Fransen Luc Leblanc en Charly Mottet, ervandoor. Ze rijden LeMond uit het geel. Een geel dat hij genomen had na de tijdrit te Alençon, die evenwel gewonnen was door een steeds indrukwekkendere Spaanse belofte, Miguel Indurain. Dan volgt de grote Pyreneeënrit naar Val Louron, over de Tourmalet. Op de eerste twee cols mogen nog wat mindere namen spelen, maar op de Tourmalet vindt een monsterverbond plaats. Klimmer Chiappucci en machtsrijder Indurain slaan de handen in elkaar. Op het einde van de rit is Chiappucci de nieuwe bollentrui, Indurain de nieuwe gele trui, en bestaat Greg LeMond de facto niet meer - hij vocht voor wat hij waard was, maar moest 7:18 inbinden. Het rijk van de eerste Amerikaanse Tourkoning was voorbij, de dwingelandij van de Spaanse ‘robocop’ kwam eraan. Het werd niét in een tijdrit gevestigd, maar op de flanken van de zwaarste Pyreneeëncol.

de foute eerzucht van Richard Virenque

Er is geen vreselijker rit over de Tourmalet te bedenken dan die van 18 juli 1995. Het moest dat jaar niet zomaar een koninginnenrit worden, het moest het decor zijn voor drama en epos. Vandaar dat de rit over niet minder dan zés cols leidde: Portet d’Aspet, Mente, Peyresourde, Aspin, en dan de finale over de Tourmalet en aansluitend, vlak na de aanloop, aankomst bovenop Cauterets. Richard Virenque koos in die rit voor een van de solo’s waar hij destijds het patent op had: weggaan op de eerste col, volhouden tot de laatste, onderweg alle punten voor de bollentrui meepikken. Dat kon maar omdat Virenque eigenlijk geen bedreiging was voor gele trui Miguel Indurain.

Maar toen hij over de Tourmalet reed, werd het hem al van overal toegeroepen door het publiek: ‘Un coureur du Tour de France est mort’. Virenque hoorde het niet, de hele beklimming lang. Terwijl achter hem álle renners, tijdens diezelfde beklimming van de Tourmalet, beetje bij beetje, vernamen wat voor drama zich in hun rug had afgespeeld: Fabio Casartelli, olympisch kampioen in de wegrit van Barcelona 1992, was in de afzink van de Portet d’Aspet met zijn hoofd - zijn gezicht - gevallen op een afbrokkelend betonnen paaltje langs de weg. Hij “overleed tijdens de transfer naar het ziekenhuis”, zoals dat heette. Virenque ging door, op zijn triomfantelijke elan, en zou zelfs op het podium nog met de bloemen zwaaien - “ik heb er toch voor gereden?” -, wat hem door andere renners ten zeerste werd kwalijk genomen. Nooit was de Tourmalet, de Tour in zijn geheel, decor voor botter gedrag dan tijdens die ‘triomftocht’ van Richard Virenque.

Het absoluut despotisme van Lance Armstrong

“Hey jongens, het is geen rit naar La Mongie. Dit is de Tourmalet: respect!” Het is 2002: na de Tourrit met aankomst in La Mongie, een skidorp hoog op de oostelijke flank van de Tourmalet, vertelde Lance Armstrong hoe hij zijn US Postalteam op scherp had gezet voor deze rit: het was niet zomaar een bergrit, het was een tocht naar het zwaarste wat de Tour de France te bieden had, namelijk de Tourmalet.

Het waren de topjaren van Lance Armstrong. Hij reed zijn vierde opeenvolgende Tour de France na zijn kanker, en hij ging de vierde keer om te winnen. In 1999, zijn ‘debuut-Tour’ in zijn tweede carrière, kende hij zijn mogelijkheden nog niet. In 2000 moest hij in een rechtstreeks duel afrekenen met Jan Ullrich, het jaar voordien afwezig. In 2001 speelde hij ‘ik ben kapot’ op weg naar L’Alpe-d’Huez, om vervolgens Ullrich murw te rijden. In 2002 had Lance Armstrong geen kunstgreep meer nodig. Ullrich was er trouwens niet bij (betrapt op gebruik van een partydrug in een Duitse disco), hij moest Spanjaarden bekampen en die irriteerden hem wat: de Kelme-Colombiaan Botero had de eerste tijdrit gewonnen, Igor Gonzalez de Galdeano reed in het geel, Joseba Beloki had gezegd hem te zullen bestoken. Jaja. Op weg naar La Mongie -] Tourmalet liet hij zijn US Postals tempo maken. Eén na één loste alle concurrenten - je hoorde hen kermen en zuchten van in de vallei, over de flanken tot bovenin La Mongie. Tot één tegenstrever, Beloki, en één ploegmaat, Alberto Heras, overbleven. Heras moest zelfs de sprint niet aantrekken: Armstrong ging en won. En de volgende dag, naar Plateau de Beille, ging hij weer en won hij weer. En de bergrit nadien, naar Le Ventoux, won weliswaar Virenque de rit, maar verpletterde Armstrong andermaal de concurrentie. Drie op drie: de Tour was halfweg en over het geel bestond niet de minste twijfel meer. Lance Armstrong was in 2002 een oppermachtig, genadeloos dictator.

Een jaar later was Ullrich er weer. Hij daagde Armstrong dit keer wel uit, bracht hem aan het wankelen. Tot de rit over de Tourmalet. Ullrich viel aan, op de Tourmalet natuurlijk. Maar Armstrong kent en respecteert de berg. Op tempo haalt hij Ullrich bij, om hem op Luz Ardiden de genadeslag te geven.

Ullrich kende zijn geschiedenis niet, of hij had wat beter opgelet met zijn drieste demarrage. De Tourmalet dient niet voor frivoliteiten, voor ingevingen van het moment, voor aanvallen zonder plan. De Tourmalet is gemaakt om de besten te scheiden van de anderen. Zo was het vroeger, en zo is het straks ook in deze Tour weer.

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234