Zondag 07/03/2021

Orkaan Katrina als 'business opportunity'

Jan Goossens over de heropbouw van New Orleans. Goossens is artistiek directeur van de Koninklijke Vlaamse Schouwburg (KVS). Hij verblijft met een fellowship van de Eisenhower Foundation in de VS.


Toen de hysterie rond de varkensgriep in de VS uitbrak, vroegen perscommentatoren zich af of deze gezondheidscrisis 'Obama's Katrina zou worden'. 'Ze konden er moeilijk verder naast zitten', schrijft columnist Jan Goossens, die momenteel de Verenigde Staten doorkruist. 'Allereerst bleek de griep niet zo gevaarlijk als gevreesd. Verder trad Obama doortastend op en communiceerde hij exemplarisch. Van Bush moest in de weken na orkaan Katrina het tegengestelde worden gezegd: afwezig op alle vlakken. Daar betaalt New Orleans, ruim drie jaar na die noodlottige 29ste augustus 2005, nog steeds de prijs voor.'

Om het bondig samen te vatten: 30 procent van New Orleans ligt nog in puin of is weggevaagd; zowat de helft van de bevolking van 570.000 mensen is niet teruggekeerd. Zoals mijn taxichauffeur voorspelt bij mijn aankomst: 'Het zal 20 jaar duren voor de stad er weer bovenop komt.' Wie goed rondkijkt in de meest getroffen wijken, twijfelt zelfs daaraan. Eigenlijk was Katrina niet de grote boosdoener. Toen de orkaan over de stad was geraasd, dachten de mensen die bleven dat ze er makkelijk vanaf kwamen. Maar dan braken op twee plekken de 'levees', of de slecht onderhouden dijken die het alomtegenwoordige water uit de zeer laaggelegen stad moesten houden. New Orleans, met de vorm van een 'soepkom', liep in een mum van tijd onder. De hoogstgelegen delen, zoals het toeristische French Quarter, werden gespaard. Maar 80 procent van de stad werd overspoeld en in de laagstgelegen delen, zoals de arme zwarte 'Lower Ninth Ward', stond het water vele meters hoog. Er spoelden hele boten de straten in, die alles op hun weg vernielden. Van de ongeveer 5.000 mensen die omkwamen, stierven er rond de 1.600 in de Ninth Ward. Op alle politieke niveaus werd er ontzettend traag gereageerd. Het duurde dagen en soms weken voor mensen werden geëvacueerd en basishulp kregen. Wie uiteindelijk werd weggehaald, kreeg niet zelden een enkel ticket naar een verafgelegen stad, zo was men er vanaf. Als er al steuntroepen werden gestuurd, waren het niet zelden 'veiligheidsmensen', die 'plunderaars', wanhopig op zoek naar voedsel, moesten neutraliseren. In de Ninth Ward gaat het gerucht dat BlackWatercommando's, de gecontesteerde privébewakingsfirma die in Irak de plak zwaaiden, door de wijk trokken met een duidelijke opdracht voor iedere plunderaar: 'Shoot to kill'.

Waren artiesten niet zeer actief geweest in de wederopbouw, dan zou New Orleans er nog slechter voor staan. Spike Lee zorgde er met zijn uitstekende documentaire When the Levees broke voor dat de wereld kennis kon nemen van het schandelijke verhaal achter de natuurramp. Gezien geen enkele overheid het doet, nam Brad Pitt de financiering van nieuwe huizen in de Lower Ninth Ward voor zijn rekening. Niet gelijk welke huizen: geen miserabele huizen voor arme mensen, maar architecturaal en ecologisch innovatieve huizen die binnen budgettaire beperkingen passen. Daarnaast zijn er de 'locals': artiesten uit de stad zelf, die enkele weken na Katrina terugkwamen en vaak erg actief werden in het onderwijs. En er zijn diegenen die in de rampwijken meteen met artistieke werkingen startten, zoals fotografe Chandra in haar galerij L9 in de Lower Ninth Ward. Ze herinnert zich dat lokale theatermakers in het eerste jaar na Katrina Wachten op Godot opvoerden in haar wijk. Chandra: 'Het liep storm. De huizen van de meeste mensen lagen nog in puin, maar iedere avond moesten er mensen worden geweigerd'. Het doet denken aan wat video-artiest Bill Viola me vertelde: 'Na 9-11 werden de grote musea maandenlang overrompeld, niet door toeristen, maar door de New Yorkers zelf. De tentoonstelling van een van mijn werken in het Metropolitan Museum werd zelfs verlengd, omdat de bezoekers er zelf om vroegen.' Alleen: zoals wel vaker betekent populair succes voor artiesten niet per se dat politici begrijpen dat investeren in cultuur de gehele samenleving ten goede komt, zeker in tijden van crisis. De stad New Orleans heeft totaal andere prioriteiten, ook al zijn de lokale muzikanten enorme trekpleisters voor het zeer lucratieve toerisme. En de Republikeinse gouverneur van de staat Louisiana schrapte net 80 procent van alle cultuursubsidies.

Journalist Lolis Eric Elie van de lokale kwaliteitskrant Times Picayune confronteert me met een boude bewering: de arme zwarte bevolking van New Orleans werd bewust aan haar lot overgelaten. In rijke Zuidelijke steden met een stevig Republikeins electoraat, zoals Miami en Houston, was dat nooit gebeurd. Hij gaat verder: ook nu doen politici hun uiterste best om zoveel mogelijk 'armeluizen' die vluchtten, de terugkeer te beletten. Bijvoorbeeld door hele sociale huizenblokken die niet beschadigd werden, toch neer te gooien en te laten vervangen door dure 'condominiums'. Ook Naomi Klein beweerde in haar ijzersterke The Shock Doctrine Disaster Capitalism al hetzelfde: dat de ecologische ramp aan politici en zakenmensen een prima gelegenheid bood om de stad te zuiveren van sukkelaars die niet in hun ontwikkelingsplannen pasten. In de VS van Bush was die logica algemeen aanvaard. In de VS van Obama streeft men naar 'change', maar dat leidt tot tegenkanting. Toen Obama deze week verklaarde dat hij afscheidnemend opperrechter Souter wil vervangen door een rechter met 'empathie met de achtergestelden in de samenleving', was hoon van tv-commentatoren als CNN's Lou Dobbs zijn deel. Moet een rechter niet gewoon een goed jurist zijn, wat had dat in godsnaam met achtergestelden te maken? De vraag zei ongetwijfeld meer over Lou Dobbs dan over Barack Obama.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234