Zaterdag 04/04/2020

Opvallen is de boodschap

Ontwerpers en kledingmerken moeten zich elk seizoen uitsloven om de wereld ervan te overtuigen dat zij de beste zijn. Het gevaar om te verzinken in het massale aanbod is niet denkbeeldig. Daarom probeert ieder op zijn manier de aandacht te trekken. Dat kan met een opvallende invitatie, een ongewone locatie, een gigantisch spektakel, de duurste modellen. Ziehier een paar manieren om zich te onderscheiden.

Er zijn ontwerpers die hun vaste plaats hebben om te defileren en wier uitnodiging er elk seizoen nagenoeg eender uitziet. Yves Saint Laurent houdt van het musée Rodin, Chanel van de Carrousel du Louvre, Hermès van de eigen winkel, Vuitton van de serres André Citroën en Ann Demeulemeester van de Carreau du Temple. Dit zijn gevestigde namen die wéten dat iedereen hun show wil zien, ze moeten dus geen exotische locaties of vliegende uitnodigingen verzinnen.

Uitnodigingen lichten meestal al een tip van de sluier over de sfeer van de collectie, maar ook hier spelen vaste gewoontes. Bij Dior zijn ze onveranderlijk op deftig, dik karton gedrukt maar elders kunnen ze variëren van 45-toerenplaatjes (Cavalli) over plastic armbandjes (Christian Lacroix), tot een konijnenpoot (Chantal Thomass), een stuk soldatendeken (AF Vandevorst), een katoenen draagtas (Bernhard Willhelm) of een uitknipbare aankleedpop (Gaultier).

Wie wil opvallen in de massa of niet houdt van het voorspelbare, zoekt een originele locatie, of probeert een bekende zaal aan te kleden op een manier die aansluit bij het thema van de collectie. In dat laatste is Dries Van Noten een kei. Al enkele seizoenen slaat hij zijn tenten op in de Ecole Nationale des Beaux Arts (nadat hij ons jaar na jaar zowat alle hoeken van Parijs heeft laten zien), maar nooit ziet de zaal er bij hem hetzelfde uit. Deze keer had hij een gordijn van 250.000 kerstlampjes opgehangen, waarvan eerst alleen de rode, daarna de groene, en tot slot alle kleuren gingen branden. (We hadden al een hint gekregen, de uitnodiging was een juwelendoosje waarin twee lampjes zaten.) Het is feeëriek en volkomen gepast bij zijn prachtige, elegante collectie met een sterk vintagegevoel.

Tim Van Steenbergen en Véronique Branquinho showen beiden in de Salle Wagram. De eerste laat halfweg zijn defilé vier trommelaars en een heuse majorettengroep aanrukken, bij Branquinho stappen de modellen in een cirkel over de parketvloer, terwijl Tom Barman - oh surprise - een live-versie brengt van 'Where Do You Go To My Lovely' (gevolgd door de integrale 'Schöne Blauen Donau', een verademing na de overdosis T-Rex die we de voorbije weken hadden verwerkt). Dirk Van Saene, die na verscheidene seizoenen low profile opnieuw een show geeft, heeft goeie live-muziek van Electroyalties, aan de draaitafel gekleed als pluchen konijnen, met artiest d.d trans. (Malcolm McLaren zit in het publiek, maar dat is niet georkestreerd, hij is gewoon komen kijken en is na afloop opgetogen.)

Het Nederlandse duo Viktor & Rolf is een schoolvoorbeeld van hoe de hype er was voor de kleren. Ze begonnen tien jaar geleden met een kleine, maar opzienbarende haute-coutureshow van ondraagbare kleren, brachten een fake parfum uit (een lege flacon, te koop in het galeriecircuit) en maakten van zichzelf een Gilbert&George-achtig duo, dat elk seizoen de stijl van de collectie aanneemt. Ze illustreren ook dit seizoen weer goed hoe een cult werkt. Om te beginnen is de uitnodiging een wit blad papier, waarop de kleine tekst niet in kleur, maar in reliëf is gezet, à la braille, bijzonder onhandig als je in het donker het adres probeert te ontcijferen. De show heeft plaats op een industrieterrein buiten Parijs, ver van alle openbaar vervoer. Wie daar geraakt, is nog niet binnen: willekeurig wordt een paar dozijn mensen de toegang ontzegd - "veuillez patienter un moment" heet dat beleefd - zodat de ingang versperd raakt en er in een mum van tijd een kleine opstand uitbreekt. Ziedaar het recept om van Viktor & Rolf een absolute must have seen te maken. (Naar verluidt was de zaal volledig wit, zodat een ruimte midden in de stad, bijvoorbeeld de daartoe uitgeruste Carrousel du Louvre, perfect gediend zou kunnen hebben, en het zou allemaal veel makkelijker zijn verlopen.)

Jean-Paul Gaultier showt wel in de Carrousel du Louvre, en hij heeft blote babypoppen in de plexiglascatwalk gestopt. Aan het eind van de show komt hij ook groeten met een babypop. De bedoeling, gokken we, wijst misschien in de richting van onschuld en vrede? Ook in de kleren vertoont Gaultier regressief gedrag: de modellen dragen babypakjes met poffende mouwen en broekjes, maar dan wel in chocoladebruin leder onder een lange jas van sabelbont. Gaultier was kennelijk voorbereid op antibontprotest, want toen een activist op de catwalk sprong (zoals ook al eerder op andere shows gebeurde) kreeg die - o ironie! - pijlsnel een bontdeken over zich heen geworpen en werd hij aldus ingepakt afgevoerd.

Ook Chanel blijft in de carrousel, en Karl Lagerfeld laat er een spiegelende catwalk aanleggen en aan het eind van de show - met heel mooie, sexy minirokjes met een kanten onderjurk- net echte sneeuw die naar benden dwarrelt. Grote attractie is Pat Cleveland op de catwalk, een topmodel uit de jaren zeventig die als levende chaperonne optreedt voor haar 13-jarige dochter Anna die als model debuteert.

De Cypriotische Brit Hussein Chalayan is een diepzinnig mens, en dus moesten we ook weer heel hard nadenken wat hij zou bedoeld hebben met zijn enscenering. We zitten hoog op het balkon van een theatertje en zien beneden ons, op het podium, een meisje in zwart balletjurkje zitten op een ronde trampoline, met twee grote zwarte ballonnen aan haar polsen. Achterin staat een soort biechtstoel (moet de zonde verbeelden) en ernaast een bootje met het deksel van een doodskist (angst voor de dood?). Wanneer twee modellen opkomen, begint op de biechtstoel een rode, elektronische tekst te lopen en een chronometer die tienden van seconden aangeeft. Het is me te veel decor/zingeving en te weinig mode, maar Hussein heeft zijn aanhang, en het balkon stort bijna in onder het gewicht van de honderden fans.

Het Belgische duo AF Vandevorst heeft ervoor geopteerd om dit jaar geen defilé te geven, maar een film te maken. Die wordt vertoond op afspraak, daarna kun je de kleren van dichtbij bekijken. "We hebben tien collecties achter de rug, dit is onze elfde, en we wilden voor onszelf eens nagaan wat eigenlijk de essentie van onze stijl was, hoe we 'onze' vrouw zien" vertelt An Vandevorst. In twee dagen tijd maakten ze met regisseur Mike Sleeckx een prachtige impressie van alle elementen die hen inspireren: galopperende paarden, een mysterieus huis in een overwoekerde tuin, een braakland langs de autostrade, jonge meisjes die geen klassieke schoonheden zijn en zeker geen getrainde modellen, een oude Amerikaanse Ford met houtbeslag, amazones, een sfeer tussen licht en donker. "De regisseur was ongelooflijk goed in het oplossen van elk probleem en het klikte meteen met de hele ploeg. Wat wij erg mooi vinden, is dat de meisjes zichzelf af en toe hebben overtroffen, bijvoorbeeld eentje dat voor het eerst achter het stuur van een zware vrachtwagen kruipt. In haar ogen zie je tegelijk de verlegenheid, de schrik en de trots omdat ze het overwonnen heeft."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234