Vrijdag 07/08/2020

'Oplichters fascineren me'

'Laten we het interview bij mij thuis doen, dan kun je meteen een echte valse Picasso zien', stelt Stine Jensen voor. En inderdaad, op haar tafel prijkt een tekening van meestervervalser Geert Jan Jansen. Een vrouw met duif, in de stijl van de Spaanse kunstenaar, compleet met handtekening. De vervalser tekende ook Stine Jensen met boek, in de stijl van Picasso. Die prent staat op de cover van Jensens boek over haar filosofische passie: leugenaars, valsspelers, speurneuzen en gigolo's. Door Jeroen Versteele

Stine Jensen

Leugenaars

Lemniscaat, Rotterdam, 208 p., 14,50 euro.

Geert Jan Jansen is een sympathieke oplichter", zegt Stine Jensen over de beroemde kunstvervalser die het hele alfabet van grote schilders imiteerde en jarenlang experts in Londen en Parijs misleidde. "Net zoals de andere leugenaars over wie ik schrijf in dit boek. Een echte latin loverboy die ik heb leren kennen bijvoorbeeld, of de Amerikaanse schrijver James Frey, die zijn drugs- en drankmemoires flink aandikte. Charles Ingram ook, die in 2003 met een simpele kuchfraude een miljoen won in Who Wants To Be a Millionaire? Of Bart Vos, die zonder bewijs maar blijft volhouden dat hij in 1984 als eerste Nederlander de top van de Mount Everest bereikt heeft. Dat zijn geen grote criminelen, vind ik. Integendeel, ze willen realiseren waar iedereen van droomt: erkenning, succes, een miljoen euro. Iemand als Geert Jan Jansen is ook uitermate getalenteerd. Zelfs Picasso moest toegeven dat Jansens vervalsingen in niets verschilden van zijn eigen werk."

Waarom fascineert de leugen u zo?

"Ik heb het boek geschreven om dat uit te zoeken. Heel algemeen zou je kunnen zeggen dat ik benieuwd ben naar wat mensen te verbergen hebben. Ik denk ook vaak dát ze iets te verbergen hebben. Ik ben redelijk argwanend aangelegd. Zo voer ik mezelf ook op in het boek, als een waarheidszoekster, een snuffelaarster. Hoe beter iemand sociaal functioneert, hoe meer ik een liegebeest in hem of haar vermoed. In die dubbele natuur van de mens ben ik geïnteresseerd. Om sociaal te overleven moeten we de hele dag door liegen, en meestal zijn complimenterende en excuserende leugentjes ook perfect aanvaard, werken ze als sociaal glijmiddel."

De oplichters en vervalsers die u beschrijft, hebben allemaal een spannend leven.

"Zeker. Al hun verhalen hebben iets dramatisch, iets filmisch. Over oplichters als Frank Abangale en de televisiequizoplichter Charles van Dooren zijn trouwens ook films gemaakt, Catch Me If You Can en Quiz Show. Deze oplichters fascineren me omdat ze leven in een soort zelf opgebouwde fictie. Ze manipuleren de werkelijkheid op een manier die ik aantrekkelijk vind. Soms hebben ze te lijden onder hun eigen luchtkastelen: Jansen zat een half jaar in een Franse gevangenis nadat hij werd gearresteerd op verdenking van vervalsing, Bart Vos kreeg te maken met erg veel scepsis in het Nederlandse klimmersmilieu, zelfs de loverboy Mo blijkt onder zijn imago van flierefluiter eigenlijk best een melancholisch type. Bedrogen vrouwen waarschuwen voor zijn versiertrucs op fora op het internet, en ik zocht hem op in de bar waar hij werkt. Hij ontkende niet dat hij graag en vaak versierde, maar ik was verrast door de tragiek die hij uitstraalde. Zo van, 'het zijn er bijna te veel'. Hij leek zowat depressief. Toch ben ik stiekem een beetje jaloers op hem. Ik zou zelf ook wel zo gemakkelijk kunnen versieren, en ik vind de fictie die hij spint rond zichzelf en zijn liefjes, een best aantrekkelijke leugen. De werkelijkheid wordt er toch een beetje mooier van."

Schrijfster Désanne Van Brederode zegt in uw boek: 'Als in het huwelijk geen eerlijkheid van honderd procent wordt nagestreefd, kun je er beter meteen maar een einde aan maken. Ik ben trouwens ook heel slecht in seks zolang een 'geheim' me dwars zit; hoe kan je je nou 'helemaal' laten gaan in de armen van je man, als je wél allerlei rare, onredelijke, kinderachtige gedachten voor je houdt?' Denkt u hetzelfde over eerlijkheid en liefde?

"Ik denk daar volkomen het tegenovergestelde over. Passionele liefde kan volgens mij ook enorm floreren bij achterdocht, wantrouwen en jaloezie. In Turkse vlinders, een boek dat ik schreef over interculturele liefdesrelaties, schrijf ik onder meer over argwaan in gemengde koppels, zoals bij mezelf en mijn Turkse vriend. In een gemengde relatie komt dat vaak voor. Je weet in een langeafstandsrelatie niet altijd wat de ander uitspookt, je hebt verschillende verwachtingspatronen. Maar zo'n gedachte als: 'het is een mediterrane man, die zal er wel op zijn minst een paar andere liefjes op nahouden' kan je ook alert houden, zelfs opwindend zijn. Turken hebben ook een ander waarheidsbesef, een andere manier van omgaan met witte leugens, sociaal aanvaarde verzinseltjes. Toen ik wat beter Turks leerde begrijpen, hoorde ik mijn vriend eens aan de telefoon zeggen: 'Dag schatje, vele kusjes.' Natuurlijk dacht ik: wat ís dit? Tot bleek dat hij gewoon een vriend aan de telefoon had gehad. Het heeft een tijdje geduurd voor ik hun taalgebruik begreep en zeker voor ik het zelf kon gebruiken. Ik kom immers uit een gezin waar het zwijgen voorop staat, zeker als het over gevoelens gaat. Dat is niet erg, maar ik zal nooit vergeten hoe mijn oma na de dood van mijn opa nog dagenlang met haar zonnebril aan tafel zat. Zelfs dat verdriet moest verborgen blijven. Een cultuur waarin gevoelens gemakkelijker geuit worden, kan heel aantrekkelijk zijn voor iemand die geleerd heeft haar gevoelens te verbergen.

"Ik sta in dit nieuwe boek stil bij het begrip 'ware liefde'. Wonderlijk toch dat waarheid en liefde aan elkaar worden geklonken tot een concept waar iedereen maar steeds naar verlangt, als een utopie. Terwijl er nergens zoveel wordt afgelogen als in liefde, vooral tegen jezelf. Liefde is per definitie een vorm van zelfbedrog. Je raakt in de betovering van de love intoxication lie, de bedwelmende liefdesleugen, de fictie die je tijdens de verliefdheid beleeft en de vervliegende herinnering daaraan. De onrust die daaruit voortkomt kan je helemaal laten doorslaan. De Deense schrijver Jens Christian Grøndahl schrijft prachtig over de obsessie voor waarheid in liefde, het snuffelen naar bewijzen van overspel. De tragiek van de liefde is dat niets het heerlijke begin evenaart. Daarna begint de liefde te vervliegen. Vervolgens ga je de verliefde momenten levendig houden door erover te praten. En dan is er de vraag: waar is de waarheid, waar is de leugen, in de liefde die begint of eindigt? Simon Vestdijk zegt treffend dat wanneer geliefden beginnen praten over elkaar trouw blijven, dat een reactie is op de verdwijnende, maar nog niet geheel verdwenen liefde. Het moment waarop om trouw wordt gesmeekt, is verschrikkelijk. De intensiteit van liefde vervliegt onherroepelijk, je kunt alleen maar melancholisch terugblikken. Dat geldt niet voor de latin loverboy Mo die ik opzocht. Hem deert het niet dat liefde wegebt, hem stelt dat in staat vooruit te kijken, naar de volgende verovering. Dat maakt van hem de liefdesoptimist, niet de pessimist die terugblikt op het beloftevolle begin en snuffelt naar bewijzen van overspel."

Wat bent u in de liefde, een optimist of een pessimist?

"Nou, ik denk wel een pessimist hoor (lacht). Ja, ik ben een echte snuffelaar. Als ik de kans krijg en er is iemand niet thuis, haal ik lades overhoop, probeer ik e-mailcodes te kraken, de mobiele telefoon eens door te lichten..."

Heeft dat gedrag te maken met de achterdocht voor uw partner, of met het stadium waarin een liefde zich bevindt?

"Met het stadium van de liefde. Ik krijg vaak argwaan na een jaar of twee, als de verliefdheid dreigt uit elkaar te vallen, en je er alles aan tracht te doen om dat niet te laten gebeuren. Dan begin ik te manipuleren, vast te houden, te beheersen, en dan duikt de snuffelzucht op. Bizar dat je op zoek gaat naar wat je vreest, vermoedt of misschien al weet, maar eigenlijk niet wil ontdekken. De sleutel van de Japanse Nobelprijswinnaar Junichiro Tanizaki is het allerbeste boek over het snuffelthema. Het gaat over een echtpaar dat de hele dag bezig is om elkaars dagboeken te pakken te krijgen om zo overspelgeheimen te weten te komen. Dat weten ze ook van elkaar: ze kennen elkaars snuffelzucht en manipuleren hun schrijfsels om elkaar uit te dagen. Ze zijn volstrekt obsessief."

Wat zijn de beste omstandigheden om geliefden hun intieme geheimen te ontfutselen?

"De waarheid over liefde speelt zich in het donker af. Dat ontdekte ik al toen ik gemengde koppels interviewde voor Turkse vlinders, en bij dit boek ondervond ik het opnieuw bij mijn gesprek met Mo. Een gesprek over de liefde heb je beter niet om negen uur 's ochtends, maar wel 's avonds laat, een beetje 's nachts, wanneer het donker is. Op café is heel goed. En drinken. Onder invloed worden mensen soms openhartiger, eerlijker. We spreken niet voor niets van dronkemanswaarheid. Niet toevallig leggen koppels vaak nachtelijke bekentenissen af over hun gevoelens. Net voor het slapengaan, in de duisternis, wanneer ze elkaar niet in de ogen hoeven te kijken. De waarheid is ook iets dat je liggend prijsgeeft, in bed of op de sofa."

Hebben mannen en vrouwen een verschillend lieggedrag?

"Volledige dubbellevens zie je nauwelijks bij vrouwen. Dat wil niet zeggen dat ze soms geen grote privéleugens koesteren, zoals het geval is wanneer de vader van het kind iemand anders is dan de partner. Maar ik geloof dat vrouwen betere waarheidsvinders zijn dan mannen, omdat ze goed zijn in het interpreteren van non-verbale taal zoals lichaamshouding en mimiek. 'Je zegt dat je gelukkig bij me bent, maar ik zie dat er iets op je lever ligt', dat soort houding is typisch vrouwelijk. Daar tegenover staat dat vrouwen slechtere leugenontmaskeraars zijn."

Wat is het verschil tussen waarheidsvinder en leugenontmaskeraar?

"Een leugenontmaskeraar is op zoek naar wat niet waar is, naar de precieze leugen. Terwijl de waarheidsvinder peilt naar de werkelijke boodschap van iemands gedrag. Dat is toch een subtiel verschil.

"Wat vrouwen ook typeert is het vleiend omhoog liegen van de man. Ik heb daar zelf ook last van gehad, van het complimenteren van mannen, het aardige meisje uithangen. Het heeft iets leugenachtigs, maar het past in het sociale verwachtingspatroon van vrouwen. Daarom is het een volstrekte verrassing wanneer iemand als Germaine Greer schuimbekkend de waarheid over haar omgeving vertelt. Of neem nu het scheldproza van W.F. Hermans of Theo van Gogh, dat genre wordt bijna nooit door vrouwen beoefend."

U bent behalve schrijfster en docente filosofie ook recensente literatuur voor het NRC Handelsblad. Speelt u als interviewer soms een rol om de waarheid boven tafel te krijgen?

"Soms moet je liegen om de realiteit te tonen. Kijk naar Günther Walraff, die zich vermomde als Turkse gastarbeider om de wantoestanden in dat milieu bloot te leggen. Fictie is een prima hefboom van de waarheid. Dat bewijst ook de paradox van Pim Fortuyn. Is het niet ongelooflijk dat precies hij zo succesvol pleitte voor transparantie en realisme? Laten we wel wezen, zelf leek hij een mythologische figuur die recht uit een roman kwam gestapt, met zijn hondjes en zijn geheimzinnige nachtleven met jonge Marokkanen. Maar ikzelf heb me nooit vermomd in mijn journalistieke avonturen... Behalve dat ik vaak wat van mezelf prijsgeef in de hoop dat de ander ook uit de biecht zou klappen. Onlangs heb ik ook gemerkt dat het in mijn voordeel was om een jonge vrouw te zijn. Dat was tijdens een interview met Hanif Kureishi. Ik zag dat hij het heerlijk vond om door een vrouw ondervraagd te worden. Ik ben niet manipulatief genoeg om zo'n situatie helemaal uit te buiten, maar ik heb het toch ook maar niet proberen weerleggen. Ik heb meegespeeld omdat het me wel van pas leek te komen. De vorige, mannelijke, journalist was namelijk hondschagrijnig naar buiten gestapt omdat Kureishi kortaf en ongeïnteresseerd was geweest. Maar met mij heeft hij een heel leuk gesprek gevoerd (lacht). Bij Per Olov Enquist pakte dat ook zo uit. Ik zag hem denken: wat hebben ze nou voor jong ding opgestuurd? Weten ze dan niet dat ik de grote Nobelprijswaardige schrijver ben? Bovendien had het geregend en was ik drijfnat: heel gênant, maar de naïviteit die ik uitstraalde, daagde hem uit. Hij ging me namelijk testen. Hij had een interviewhoek met een sofa en een soort freudiaanse ligstoel, en hij liet mij op die ligstoel plaatsnemen. En ik zag hem kijken: gaat ze erin liggen, die meid? Ik was heel ongemakkelijk en zenuwachtig, maar ben gaan liggen. (lacht) Het volgende dat hij zei was: 'Ik zie dat u groene ogen hebt. Wist u dat u heel groene ogen hebt?' Hij probeerde hoe zeer hij dat naïeve kleine meisje kon beïnvloeden, en ik heb meegespeeld in die fictie. Het heeft een mooi verhaal opgeleverd."

Het zou me verbazen, maar verlangt u soms naar volstrekt leugenloze paradijzen waar enkel eerlijkheid en waarheid heersen?

"Nee, die vind ik saai. Voor mijn boek trok ik op onderzoek naar Nieuw-Zeeland, dat het meest zuivere, leugenloze paradijs ter wereld heet te zijn. Ik hield het er niet uit. Ik kreeg er het 'syndroom van Rousseau', die cultuur gelijkstelde met leugen: na enkele weken snakte ik naar cinema's, boeken, fictie. Nieuw-Zeeland is één groot outdoorpark bomvol natuur. Maar natuurlijk heeft ook die medaille een dubbele zijde. Als je omringd wordt door niets dan natuur en schoonheid, blijven er soms beestachtigheden verborgen. De film Heavenly Creatures van Peter Jackson toont dat prachtig, hoe twee lesbische vriendinnetjes een van hun moeders vermoorden. Ook de krant is er ontzettend saai. Geen enkel land heeft een correspondent in Nieuw-Zeeland, en ik begrijp wel waarom: er gebeurt gewoon niets. Je wordt er gek van, want je verbeelding gaat zich vastbijten op onbenulligheden, die je veel te verhevigd gaat beleven. Cultuur kanaliseert die menselijke drang naar fictie, het geeft je rust en afleiding waardoor je je niet op die mens naast jou hoeft te fixeren."

Eigenlijk is uw boek een pleidooi voor het speelse gebruik van verbeelding, maar tegen de platte, ongeïnspireerde leugen.

"Ja, het zou mooi zijn als je het zo zou lezen. Als je liegt, moet je het wel op een mooie, charmante manier doen. Liegen met stijl is oké."

Wat is uw meest elegante leugen?

"Heel soms, het komt maar zelden voor dat ik in zo'n luxueuze situatie zit, krijg ik eens bijzondere aandacht van een man en dan kan dat niet of dan wil ik dat niet, omdat ik een partner heb of omdat het niet wederzijds is. Ik denk dat ik dan wel heel elegant zo iemand kan afwijzen. Ik breek nooit iemands hart."

Hoe doet u dat dan?

"Jaaaa... Door een situatie te suggereren die, al was het de mooiste liefdesgeschiedenis op de aardbol geweest, het allemaal onmogelijk maakt. En dat beseffen we dan alle twee toch wel, wat een tragiek... (lacht) Dat kan ik wel goed, denk ik. Misschien omdat ik het zelf prettig vind als een man me in het omgekeerde geval ook op tijd een hint geeft. Niet als de hele trein al op gang is gebracht, en als hij na het zoveelste afspraakje nog even begint over zijn kinderen. Dan voel ik me echt bedonderd. Ik verwacht dat zo iemand me heel elegant een paar signalen geeft, me beschermt tegen te hoge verwachtingen. Dat is alleen maar een kwestie van respect."

Tot slot: hebt u gelogen in dit boek?

"Alleen maar een beetje overdreven. In het hoofdstuk over leugens in de sportwereld schrijf ik dat ik thuis een stapel Mount Everestboeken heb van wel zes meter hoog. In werkelijkheid is het er maar één metertje. Ik vond het zo'n leuk beeld om te beschrijven, mezelf tussen al die stapels boeken over bergbeklimmen, dat ik me dat leugentje heb veroorloofd. Moet kunnen, in een boek over leugenaars."

Jeroen Versteele

'Als je liegt, moet

je het wel op een mooie, charmante manier doen.

Liegen met stijl

is oké'

'Niet toevallig leggen koppels vaak nachtelijke bekentenissen af over hun gevoelens. Net voor het slapengaan,

in de duisternis, wanneer ze elkaar niet

in de ogen hoeven te kijken'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234