Zaterdag 08/08/2020

AchtergrondHongarije

Op zijn skateboard droomt pastoor Lendvai van Groot-Hongarije

Zoltán Lendvai sjeest ervandoor. ‘De pijn (om de ‘wonde van Trianon’) is voor jullie niet te begrijpen’, zegt hij. Beeld AKOS STILLER

Met één pennenstreek sneden de overwinnaars van de Eerste Wereldoorlog op 4 juni 1920 het ‘foute’ Hongarije in stukken. Drie miljoen Hongaren kwamen daardoor buiten de grenzen van het moederland te wonen. Honderd jaar later is dit verdriet nog in elk dorp voelbaar.

In het kleine dorp Rédics is de kerkdienst bijna voorbij. Er is gezongen en gebeden met de vraag aan de heilige maagd Maria om het Hongaarse volk te beschermen, zoals ze dat al eeuwen doet. ‘Amen’, zeggen de dorpelingen. Ze zien hoe pastoor Zoltán Lendvai (55) de microfoon pakt en naar beneden richt, waar een van zijn misdienaars staat. Kevin is 10 en draagt een zwarte soutane. Om zijn nek bungelt een zilverkleurig kruis. “Heb je een skateboard?”, vraagt de pastoor. Kevin knikt.

“Van wie heb je dat gekregen?”

“Van u, pastoor.”

Dezelfde vraag stelt vader Lendvai aan zijn andere misdienaren, een twinkeling in de ogen. Hij weet het antwoord al, maar dat dondert niet. Hij wil de kerkgangers een beetje vermaken. Zij houden van de pastoor, hij houdt van de mensen. En van show. Als het even kan, springt hij zelf op een skateboard. Hij heeft er meer dan tachtig. Zodra de mis voorbij is, doet hij het voor. Hop, daar staat hij, een man van God op wieltjes, twee armen in de lucht voor de balans.

Net als veel andere Hongaren herdenkt Lendvai deze donderdag het verdrag van Trianon (1920), precies een eeuw geleden beklonken in een zaal in het Franse Versailles. Het ooit zo trotse Hongarije verloor twee derde van zijn grondgebied, omdat het aan de kant van de verliezers had gestaan tijdens de Eerste Wereldoorlog. De oude dubbelmonarchie (Oostenrijk-Hongarije) werd door de Fransen en Britten opgeknipt, en meer dan drie miljoen Hongaren belandden buiten de landsgrenzen. Kassa ging Kosice (nu Slowakije) heten, ­Kolozsvár werd Cluj (nu Roemenië).

Rédics, de parochie van pastoor Lendvai, lag plots aan de grens met – toen nog – Joegoslavië. Families werden van elkaar gescheiden, banden doorgeknipt. Trianon is de oerknal van de Hongaarse geschiedenis. In Boedapest beierden de kerkklokken en ging voor drie dagen de zwarte vlag uit. “Het is alsof je van je vijf kinderen er vier verliest”, mijmert pastoor Lendvai als hij zijn skateboards weer heeft opgeborgen. “Vanzelfsprekend ben je dan in rouw, ook al is er nog één kind in leven.”

Meer dan 80 skateboards bezit Lendvai inmiddels. Beeld AKOS STILLER

Stickers van Groot-Hongarije

Pal tegenover de kerk bouwt de pastoor een museum, bij wijze van schrijn voor zijn verdriet. Op de gevel hangt de werktitel: het museum voor Trianon en skateboards. Op deze zonnige maandagochtend wordt er volop geboord en getimmerd. Van het bevoegde ministerie in de hoofdstad kreeg hij zo’n 60.000 euro subsidie. De rest moet van donaties komen. Binnen begint Lendvai hardop te fantaseren: aan het plafond komen straks skateboards, daaronder een peperdure 3D-projector, zodat bezoekers zich virtueel in het oude koninkrijk kunnen wanen.

Pas als je met de pastoor naar buiten loopt, tot bij zijn witte Renault-busje, zie je hoe grenzeloos zijn liefde voor de geschiedenis is. De voor-, zij- en achterkant is beplakt met stickers, dertien in totaal, met het oude kaartje van Groot-Hongarije. Er staat een silhouet bij van een skatende priester. Daaronder de woorden van Christus uit het evangelie van Marcus (5:36): ‘Wees niet ongerust, blijf geloven.’

Op de vraag of hij met zijn stickers de grenzen wil hertekenen, schudt de pastoor verbaasd z’n hoofd. “U stelt de vraag verkeerd. Mijn doel is niet om mensen op te jutten.” Het is duidelijk niet de bedoeling dat mensen te veel gedachten wijden aan zijn busje. Hij vindt het belangrijk dat Hongaren ‘van het verleden leren’, al laat hij behendig in het midden wat de les precies is. Flirt hij misschien met ultrarechts? Weer die gepijnigde blik. Is hij misschien een nationalist? Vrolijk: “Nee, een Hongaar.”

Orbáns politieke spel

Lendvais spel met grenzen sluit prima aan bij de politieke mode in Hongarije. Een van de eerste dingen die premier Viktor Orbán deed nadat hij in 2010 de verkiezingen had gewonnen, was een nieuwe herdenkingsdag op de kalender zetten. 4 juni, Trianondag, werd een dag van de ‘nationale cohesie’. Analisten zien hoe Orbán een smal paadje bewandelt tussen twee extremen. Hij doet niet aan openlijk revisionisme (hij pleit er niet voor om alle gebieden met Hongarije te herenigen), maar laat Trianon ook niet rusten.

Het resultaat is een vaag soort ­nationalisme dat nooit echt tanden krijgt, maar vooral op het platteland goed scoort. Het is voor ieder wat wils. Uit een nieuwe enquête onder duizend Hongaren blijkt dat vrijwel iedereen (94 procent) het verdrag als ‘oneerlijk’ beschouwt. Een regeringsfunctionaris noemde Trianon een ‘wond’ die ‘nooit zal helen’. Toen de coronacrisis uitbrak, stuurde de regering 710.000  maskers naar de diaspora in onder meer Roemenië, tot woede van de oppositie die vond dat ze hoognodig waren in eigen land.

“Orbáns Fidesz-partij is heel innovatief”, ziet historicus Gergely Romsics, verbonden aan de Hongaarse Academie van wetenschappen. “We overwinnen Trianon, is het sentiment, niet door gebied te annexeren, maar door de grenzen poreus te maken.” Orbán gaf de Hongaarse minder­heden in de buurlanden stemrecht. Het betaalde zich politiek uit: verreweg de meesten stemmen op het rechts-nationalistische Fidesz.

Tegenover het parlement komt later dit jaar (de onthulling is door corona uitgesteld) een gigantisch monument met een eeuwig brandende vlam te staan. Bezoekers kunnen door een soort tunnel wandelen met aan weerszijden de duizenden namen van dorpen die verloren gingen. De burgemeester van Boedapest, ofschoon een fel tegenstander van Orbán, kondigde aan dat alle trams, bussen en treinen deze donderdag (gisteren dus) precies een minuut zouden stilstaan.

Landmijnen

In Rédics is niemand oud genoeg om zich de grenzen van voor 1920 te herinneren. De in bloemetjesjurk gehulde Mariska Szabó (84), lokaal bekend als de cantor in de kerk, weet wel te vertellen dat haar vijf koeien ooit brutaal de grens naar het toenmalige Joegoslavië overstaken. Ze moest erachteraan, dwars door een grensstrook met scherpschutters en landmijnen. Ze bad om Gods hulp. Als in een wonder sjokten de koeien terug naar Hongarije.

Over Trianon hoor je de vrouw niet, en eigenlijk geldt dat voor iedereen in Rédics. De vrouwelijke burgemeester van het dorp – iets meer dan 940 inwoners – zegt het zo: “Ik ben gericht op de toekomst, niet op het verleden.”

De eenmansmissie van de pastoor begon in de provinciehoofdstad ­Zalaegerszeg, waar hij opgroeide. Op zijn 14de leende hij een skateboard van een schoolvriend. Jaren later, toen hij gewijd priester was, daagde een plukje jongeren hem uit. Kon hij het nog? Lendvai lachte. Hij sloeg een kruis en vroeg de lieve Heer om evenwicht. 

Een van de jongens pakte een telefoon, en maakte een filmpje dat werd opgepikt door de BBC. ‘Zoli’ werd een sensatie. Hij sloot een reclamedeal met een Sloveens bedrijf en belandde op de wereldexpositie in Milaan. Bij bruiloften vraagt hij koppels niet om een flesje sterkedrank – zoals gebruikelijk in Hongarije – maar om een skateboard.

De pastoor laat zich naar eigen zeggen inspireren door de 19de-eeuwse priester Don Bosco, een Italiaan voor wie het geloof samenhing met spel. Kort samengevat: als kinderen spelen, voelen ze verbondenheid, en dan is God niet ver weg. 

Daarom skateboardt Lendvai met kinderen. Voor ze het zelf doorhebben, heeft hij ze iets bijgebracht uit de Bijbel, ze gezegd dat ze niet moeten vloeken, of ze aangemoedigd om misdienaar te worden. Of: ze meegenomen naar Transsylvanië, het Trianon-gebied in Roemenië. “Ik vertel ze dat het een wonder is dat de Hongaren daar Hongaars zijn kunnen blijven.”

‘Zoli’ trapt het gaspedaal in van zijn busje. De pijn is voor jullie niet te begrijpen, zegt hij bitter. Hij heeft een vriend die jaren geleden speciaal naar Frankrijk vloog, om tegen het historische pand aan te pissen waar het verdrag getekend werd. “De bewakers ­zagen het en hebben hem laten begaan.”

Hij stapt uit bij een akkertje langs de doorgaande weg. In het gras liggen 2.500 bakstenen zo opgesteld dat ze de oude grenzen van het koninkrijk weergeven. Het is Groot-Hongarije in miniatuurvorm, al was er volgens de maker ‘geen geld’ om daadwerkelijk water te laten stromen in de mini-Donau. Hij moest het doen met droog grind. Iedere stad heeft een klein, houten bordje gekregen. 

Beeld AKOS STILLER

Wederopstanding

“Trianon emotioneert iedere Hongaar”, zegt György Mikó-Baráth (59), de man die zes jaar (en 14.000 euro) spendeerde aan de aanleg van de miniatuur. In de hoek van het parkje wappert een rood-witte vlag, bekend als de ‘vlag van Árpád’, vernoemd naar de oervader van de Hongaren. De vlag is omstreden sinds hij eind jaren 30 het symbool werd van de fascistische Pijlkruisers. Toch is de eigenaar niet bang dat dit een pelgrimsoord wordt voor extreemrechts. “Iedereen mag komen, van links tot rechts. Zelfs ­homo’s zijn welkom.”

In de jaren 30, toen de ‘schande’ van Trianon nog vers was, moesten schoolkinderen iedere dag een versje opzeggen:

Ik geloof in één vaderland. 
Ik geloof in één eeuwige, goddelijke waarheid. 
Ik ­geloof in de wederopstanding van ­Hongarije.

“Niet letterlijk”, haast vader Lendvai zich te zeggen. “Het is een wederopstanding van de ziel.” Hij vertelt dat hij soms, als er tijd is tussen twee kerkdiensten door, naar de grens rijdt. De weg duikelt daar naar beneden, een klein dal in. Waar het asfalt van kleur verandert, begint Slovenië. Een perfecte plek voor hem en zijn skateboard. Hij glijdt daar niet, hij zweeft. Met één beweging is hij de grens over. Het is zijn eigen kleine hoogmis.

Beeld AKOS STILLER
Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234