Woensdag 07/12/2022

ReportageIn de Rand

Op stap in de Brusselse Brabantwijk: ‘Er zijn vechtpartijen, drugs... ze sloegen zelfs met een verkeersbord’

Sekswerkers in het quartier chaud klagen vooral over de overlast: vechtpartijen, drugs enz. Beeld Tim Dirven
Sekswerkers in het quartier chaud klagen vooral over de overlast: vechtpartijen, drugs enz.Beeld Tim Dirven

Vier jaar na de moord op de Nigeriaanse prostituee Eunice Osayande zien de sekswerkers van de Brabantwijk aan het Brusselse Noordstation maar geen verbetering. ‘Le monde, c’est fini.

Yannick Verberckmoes

“Ik denk dat ze ons gewoon weg willen om er dan een chique buurt van te maken.” Een vrouw met blonde krullen en een zwarte bril wijst met haar vinger naar enkele wolkenkrabbers aan de overkant van het station Brussel-Noord. Al dertig jaar, zegt ze, is ze aan de slag in de Brabantwijk als sekswerker.

In Brussel is die quartier du Brabant vooral gekend om zijn quartier chaud: de rosse buurt die begint aan de Aarschotstraat en doorloopt in de carrés richting Botanique. Midden in die carrés ziet de vrouw hoe haar buurt alsmaar verder verloedert. “Het wordt steeds slechter”, zegt ze. “De pire en pire.”

Niet enkel door de prostitutie is de buurt gekend. Wie van de trein stapt in het Noordstation komt onvermijdelijk groepjes van transitmigranten tegen, die zich rond het station ophouden. In de wijk zijn het ook huisjesmelkers, drugsdealers en sluikstorters die problemen veroorzaken.

Slapen doet ze niet meer, zegt de vrouw. Door al de overlast heeft ze permanent schrik: ze spreekt over een peur au ventre. Volgens de sekswerkers kan je er je klok op gelijkstellen wanneer de miserie in de buurt begint: zes uur ’s avonds.

“Er zijn vechtpartijen, drugs... zelfs een verkeersbord nemen ze vast om ermee te slaan”, zegt de blonde vrouw. “Onlangs is een klant van mij beroofd van zijn portefeuille. Maar omdat hij getrouwd is, gaat hij geen klacht indienen.”

De Brabantwijk is niet de enige Brusselse buurt die kampt met criminaliteit. Het gewest kwam de voorbije maanden vaak in het nieuws door schietincidenten, die volgens het Brusselse parket vooral te maken hebben met afrekeningen in het drugsmilieu. Toen De Morgen naar Molenbeek trok, kon onze journalist er zelf vaststellen hoe drugsdealers op klaarlichte dag enveloppen uitwisselden, terwijl kinderen op een pleintje speelden.

null Beeld Tim Dirven
Beeld Tim Dirven

Voorlopig blijft de Brabantwijk gespaard van die golf aan vuurwapengeweld. Drugs zijn er wel, conflicten tussen drugsbendes zijn er niet. Maar ook al ligt de focus nu even op andere wijken in het Brusselse, toch verdwijnt de Brabantwijk nooit helemaal uit de headlines. Een vechtpartij in de Aarschotstraat tussen twee mannen op 20 juni eindigde in een steekpartij. Het zijn die incidenten waar de bewoners dus de buik van vol hebben.

Een tweede sekswerker met kortgeschoren wit haar, die zwarte lingerie draagt, vertelt wat haar is overkomen. Toen zij in het Noordstation was, kreeg ze van een onbekende man een duw en prompt ging die er met haar telefoon vandoor. Terwijl ze haar uitleg doet, wijst ze nog naar twee mannen die op een dorpel een joint zitten te roken. “Zelfs hier in mijn portiek hebben ze al drugs gedeald”, zegt ze.

Nog maar enkele dagen voordien zag ze iemand die zozeer onder invloed was dat hij het bewustzijn verloor. “Andere mannen waren hevig aan hem aan het schudden om hem wakker te maken”, zegt de vrouw. “En dan stond hij plots op.” De vrouw houdt haar armen boven haar schouders om te imiteren hoe de man als een groggy Christusfiguur over straat liep.

Kwetsbare meisjes

De moord op de 23-jarige Nigeriaanse sekswerker Eunice Osayande, ondertussen vier jaar geleden, zorgde voor een wake-upcall in Brussel. Vooral bij sekswerkers lokte de moord veel protest uit. Rond hen zien de vrouwen nog steeds hoe kwetsbare meisjes vanuit de mensensmokkel in de prostitutie belanden. Met zware uitbuiting tot gevolg. “Er zijn meisjes die geen papieren hebben en zwaar onder de prijs werken”, zegt de vrouw in zwarte lingerie. “’s Nachts worden ook vitrines onderverhuurd, terwijl dat volgens de regels niet mag. Soms zien we hier zelfs vrouwen die niet eens een string aan hebben als ze voor het raam zitten.”

De sekswerkers geven aan dat ze goede contacten hebben met de verschillende verenigingen die in de buurt actief zijn. Espace P en Utsopi, die allebei sekswerkers bijstaan, zijn vlak bij het Noordstation gevestigd. Volgens Isabelle Jaramillo, coördinator van Espace P, is de veiligheidssituatie sinds de lockdown verergerd. “Veel drugsdealers hebben zich toen in deze wijk genesteld”, zegt Jaramillo. “Omdat iedereen kon telewerken was er geen sociale controle meer van pendelaars.”

Zet je twee stappen buiten de quartier chaud, dan maakt de lichtelijk unheimliche sfeer van de carrés plaats voor warme gezelligheid en leuke winkeltjes. Volgens socioloog Eric Corijn (VUB) is de Brabantstraat tot ver buiten Brussel bekend als de Maghrebijnse winkelstraat. Voor djellaba's, shisha’s of andere exotische producten moet je daar zijn.

Oorspronkelijk was de wijk rond het Noordstation een hele rijke buurt. Maar toen het station werd verplaatst en opgehoogd in de jaren dertig vertrokken de gegoede burgers, omdat ze van dan af op een muur met sporen zaten te kijken. Na de oorlog kwamen eerst Griekse en Italiaanse gastarbeiders zich er vestigen, vervolgens Marokkanen en Turken.

De Brabantwijk is het Maghrebijnse centrum in Brussel. Voor djellaba's, shisha’s of andere exotische  producten moet je hier zijn. 

 Beeld Tim Dirven
De Brabantwijk is het Maghrebijnse centrum in Brussel. Voor djellaba's, shisha’s of andere exotische producten moet je hier zijn.Beeld Tim Dirven

“Matongé is het Afrikaanse centrum in Brussel”, zegt Corijn. “De Brabantwijk is het Maghrebijnse. Veel stationswijken zijn trouwens aankomstwijken voor migranten. Ook prostitutie organiseert zich graag op zulke mobiliteitsplekken. Maar die praktijk botst ook met de religieuze opvattingen van veel Maghrebijnse buurtbewoners. Die spanning zit historisch in die wijk verankerd.”

Ook de handelaars in de Brabantstraat kunnen meepraten over het geweld. “Na acht uur ’s avonds is het hier een andere stad”, zegt een man die een winkel met ventilatoren, tajines, potten, pannen en andere huisraad runt. “Ik werk hier, maar ’s avonds kom ik hier niet.”

Een van de laatste keren dat de buurt in het oog van een mediastorm terechtkwam was na een schietincident in september vorig jaar. De burgemeesters van Sint-Joost-Ten-Node en Schaarbeek trokken toen aan de alarmbel over de veiligheid in de buurt en vroegen aan de federale regering om in te grijpen. Vooral de ministers van Binnenlandse Zaken en Justitie, alsook de staatssecretaris van Asiel en Migratie wezen de burgemeesters toen met de vinger.

Volgens Schaarbeeks burgemeester Cécile Jodogne (DéFI) moet de spoorwegpolitie meer aanwezig zijn in het Noordstation en de federale politie nog meer doen om de lokale politiezone bij te staan. Ook met de opvolging loopt het mank. Als agenten mensen klissen die iets mispeuterd hebben, staan ze binnen de kortste keren weer op straat, omdat justitie niet kordaat genoeg optreedt. “Sommigen hebben zelfs niet eens een rechter gezien”, zegt Jodogne. “Op die manier worden die mensen zelf arrogant naar politieagenten. Ze lachen ze soms zelfs uit, wat onze mensen natuurlijk frustreert.”

Asiel en Migratie zou volgens haar ook meer moeten doen om de transitmigranten op te vangen. Jodogne wijst erop dat Brussel al langer vragende partij is om een opvangcentrum voor transitmigranten in te richten, zodat ze ten minste een slaapplek hebben en begeleiding krijgen.

Het kabinet van staatssecretaris Nicole de Moor (CD&V) reageert met een algemene toelichting over het beleid: via een outreachteam benadert Fedasil transitmigranten om hen naar de procedures voor asiel of terugkeer te begeleiden. Justitie investeert meer in een lik-op-stukbeleid, onder meer door vanaf september korte straffen effectief uit te voeren.

Timmeren aan de weg

De voorbije maanden is er overleg geweest tussen de verschillende overheidsniveaus en dat heeft wel degelijk zijn vruchten afgeworpen. Jodogne erkent dat de federale politie meer ondersteuning biedt aan de lokale collega’s. Maar verder blijft het too little too late. “We hebben nog steeds het gevoel dat de federale overheid haar verantwoordelijkheid niet neemt.”

Ook Laurent Deschrijver, directeur van het commissariaat 5 in de Brabantwijk, spreekt over een goede samenwerking met de federale politie, waardoor er regelmatig samen acties worden georganiseerd. “Als de lokale politie bijvoorbeeld een interventie doet, dan beveiligen collega’s van de federale de perimeter.”

null Beeld tim dirven
Beeld tim dirven

De politie heeft er volgens hem verder nog lessen getrokken uit een onderzoeksrapport van de UGent over sekswerkers in Schaarbeek, waarvoor de moord op Eunice Osayande de aanleiding vormde. De onderzoekers beschreven de precaire omstandigheden van vrouwen uit Sub-Saharaans Afrika. Voor de vrouwen, die vaak geen papieren hebben, is het niet evident om naar politie te stappen als hen iets overkomt.

“Daar moeten we beter op inspelen”, zegt Deschrijver. “We zijn nu bezig met het rekruteren van vertrouwenspersonen om het contact te verbeteren. Verder zijn we projecten aan het opzetten, waarbij politiemensen de klachten van sekswerkers bij Espace P. of Utsopi gaan registreren, zodat ze in een vertrouwde omgeving hun verhaal kunnen vertellen.”

Ook al wordt er aan de weg getimmerd, Deschrijver erkent dat er in de praktijk nog veel moeilijkheden zijn. Taalbarrières of het feit dat er onder de sekswerkers veel verloop is, maken het moeilijk om een goede vertrouwensband op te bouwen.

Dat het vertrouwen nog ver zoek is, merkten we ook in ons gesprek. De sekswerkers in de buurt klagen nog steeds dat de politie - in hun woorden - “niets doet”. Zij vinden dat ze nog steeds aan hun lot worden overgelaten. “We passen vooral op elkaar”, zegt Murielle, een sekswerker met rood geverfd haar en zwart gestifte ogen, die handboeien en andere seksspeeltjes in haar vitrine heeft. “Mais le monde, c’est fini.

Identikit Brabantwijk Brussel

De Brabantwijk ligt op het grondgebied van Sint-Joost-Ten-Node en van Schaarbeek

Aantal inwoners: 19.197

Bevolkingsdichtheid (aantal inwoners per vierkante kilometer): 24.532

Percentage van de inwoners onder de 18 jaar: 27,51

In Sint-Joost heeft 90 procent van de inwoners volgens cijfers uit 2018 een vreemde herkomst, in Schaarbeek is dat 79,1 procent.

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234