Vrijdag 18/10/2019

Natuurinspectie

Op pad met de natuurinspectie: agressieve stropers, loslopende honden en wraakzuchtige jagers

Beeld Anton Coene

Natuurinspecteurs hoeven niet in een duf kantoor te zitten zoals u en ik. Ze zwerven rond in het bos en verdwijnen in het groen. Maar hun job is niet altijd zo feeëriek: om stropers te betrappen, voeren ze huiszoekingen uit in groezelige koten of liggen ze ’s nachts al eens languit in de sneeuw. Veel mensen kunnen hun bloed drinken, want op inbreuken als vogelvangst en stroperij staan boetes die oplopen tot duizenden euro’s. ‘Ooit werd ik buiten westen geslagen door enkele jongeren die weigerden hun honden aan de leiband te doen.’

Op een landelijk weggetje rijdt een Jeep met op het dak een blauw zwaailicht. “Nog maar één keer aangezet”, lacht Ward (*), terwijl hij aan een gezapig tempo naar het midden van de Bornemse bossen rijdt. “Om een man te achtervolgen die illegaal zat te vissen en ervandoor ging toen hij me zag. Meestal lossen confrontaties zichzelf op, zonder achtervolgingen of geweld, maar toch draag ik een wapengordel. Dat geeft me een veiliger gevoel. Als je patrouilleert in de bossen en je komt een vreemde figuur tegen, ben je altijd maar met twee. En niet zelden speelt die confrontatie zich ’s nachts af, in een beboste uithoek waar geen mens ooit komt.”

Wie hangt er ’s nachts zoal rond in het bos?

“Stropers werken graag in het donker. En aangezien we het makkelijkst bewijslast verzamelen door hen op heterdaad te betrappen, zijn ook wij ’s nachts in de bossen te vinden. We gaan dan met twee terreinwagens op een weg staan. Als we een schot horen, rijden we naar elkaar toe, in de hoop dat de wagen van de stropers zich tussen de onze bevindt. Dat leidt soms tot bizarre situaties. Zo was het tijdens een nachtpost in Poederlee eens ijzig koud, zeker -10 graden. Toch moesten alle ramen van de terreinwagen openstaan, want als er een schot zou vallen, moesten we dat goed kunnen localiseren. Urenlang hebben we daar in de kou gezeten, terwijl de wind door de wagen blies. Na een tijdje ben ik uitgestapt en ben ik plat op mijn rug in de sneeuw gaan liggen. Dat voelde warmer aan dan in de wagen te zitten koukleumen in de wind. Rond 3 uur viel dan uiteindelijk een schot, maar helaas: niet tussen onze terreinwagens. Die reestropers zijn kunnen ontkomen.”

Geen spectaculair einde na vele uren kou lijden.

(lacht) «Nee, maar dat waken en wachten is een deel van de job. Ik heb slechts twee keer een achtervolging meegemaakt. Meestal lukt dat gewoon niet, zeker op smalle landwegen is het onmogelijk om iemand klem te rijden. In de film gaat dat allemaal, maar in de realiteit zal je eerder in een gracht of ondersteboven tussen de maïs eindigen.”

Stropers vatten is een belangrijk onderdeel van uw werk. Welke vormen van stroperij bestaan er zoal in Vlaanderen?

“Er is nachtvisserij op snoekbaars, bijvoorbeeld in de dokken van de haven van Antwerpen, of houtstroperij waarbij men brandhout in het bos komt stelen. En verder is er de klassieke stroperij, bijvoorbeeld op hazen. De stropers rijden ’s nachts uit, stoppen aan een grasland en schijnen met een groot licht. De hazen staan stokstijf naar dat licht te turen en worden als makke lammetjes neergeknald. Meestal verkopen de stropers die hazen de volgende ochtend aan een stevige prijs aan restaurants. Hetzelfde geldt voor de reeën.”

Zijn restaurants zelf vragende partij voor illegaal geschoten wild?

“Meestal niet, maar de restauranthouder zal wel zonder schroom zeggen: ‘Breng maar wat je hebt.’ Want dieren uit het wild hebben over het algemeen een betere culinaire kwaliteit. Ze zetten die hazen of reeën dan op grijze menukaarten, voorbehouden voor de klanten die ze goed kennen. Vroeger stonden ook de houtsnip en de ortolaan op dat grijze menu. De ortolaan is een zangvogeltje dat ze levend in een kooitje voor je neerzetten. Ze verzuipen dat diertje op tafel in een glas cognac en gaan er dan mee naar de keuken. Naar het schijnt is het alsof een engeltje op je tong plast. De vroegere Franse president Mitterrand was er gek op. In Wallonië en Frankrijk zetten ze die vogel nog altijd illegaal op het menu, bij ons is dat gebruik gelukkig uitgestorven.”

Zijn stropers hobbyisten of georganiseerde criminelen?

“Vroeger werd er gestroopt om den brode, om te overleven en om eens wat vlees op tafel te krijgen. Vlees was bestemd voor de adel en andere rijkelui, het was ongehoord dat het opgegeten werd door het ‘grauwe plebs’. Wie stroopte, ging aan de schandpaal. De boswachters mochten stropers doodschieten, wat in Vorselaar nog gebeurd is in de jaren 60. Dat waren dramatische toestanden op leven en dood. Stropers moesten toen uiterst voorzichtig zijn.

'De natuur leegroven om de bankrekening te vullen: daar steken wij een stokje voor' Beeld Anton Coene

“Nu is dat anders. Er wordt gestroopt voor de kick of voor het geld, terwijl de pakkans kleiner is en de bestraffing lichter. Tussen die stropers zitten heel louche figuren: maffiosi die op georganiseerde manier de natuur leegroven om hun portefeuille te vullen.

“Ze gaan ook steeds driester te werk. Sommigen schieten er domweg op los, zonder zich te bekommeren om het dierenleed. Ik herinner me het geval van een stroper die thuis een zwangere reegeit aan het ontweien was. Ik betrapte hem op heterdaad na een melding van jagers. Ik zag hem drie embryo’s in een afvalton gooien.”

Welke technieken gebruiken ze?

“Ze gebruiken steeds meer hightechmateriaal, zoals peperdure luchtdrukgeweren die gedempte schoten lossen, nacht- en warmtekijkers, lasers, geluidsdempers...”

Welke straffen staan er op stroperij?

“Dat kan oplopen tot enkele duizenden euro’s. Bovendien kan het gerecht de wapens en de wagens verbeurd verklaren en een vermogensvoordeel berekenen: een schatting van het bedrag dat verdiend werd met stroperij. Die som moet de stroper dan bovenop de boete betalen.”

Die boetes worden uitgeschreven omdat u een pv opstelt. Ik kan me voorstellen dat u niet door iedereen graag gezien bent?

“Iedereen die we terechtwijzen, kan agressief uit de hoek komen en ons in alle toonaarden bedreigen. Niet alleen stropers, maar ook vissers, jagers, vogelvangers, recreanten, wildcrossers, eierrovers, enzovoort. Veel landbouwers hebben het moeilijk om te overleven. Als wij dan met een opgestoken vinger op het erf verschijnen, kan dat de spreekwoordelijke druppel zijn. Bij een collega werden ooit de ramen van zijn huis aan diggelen geschoten, waardoor er glasscherven in de wieg van zijn pasgeboren kindje belandden. De wraak van een vogelvanger...”

‘Ze deden mijn collega een leiband rond de nek en dwongen hem rond te kruipen, om zo ‘te voelen hoe het is om aan de leiband te hangen’’ Beeld Anton Coene

Een pv schrijft u dus misschien niet al te snel uit?

“Het is de bedoeling om zo weinig mogelijk processen verbaal op te stellen. Heel wat problemen kunnen afgehandeld worden door simpelweg te communiceren met de mensen of door hun een aanmaning te geven.”

Zorgt die aanpak voor een gevoel van straffeloosheid?

“Het is niet omdat we minder pv’s uitschrijven dat onze werking minder efficiënt is. Als de pakkans kleiner is, maar de bestraffing groter, is de afschrikking even groot. De sancties zijn de laatste jaren effectief verhoogd en ook het parket laat de dossiers minder blauwblauw.”

‘Papa is zat’

Op een weggetje vlak bij het kasteel van de graaf van Bornem ligt een dode duif op de grond. “Vergiftigd aas”, weet Ward. “Die duif had eigenlijk in de bek van een buizerd moeten eindigen. Of zo zouden sommige malafide jagers het toch graag zien. Zij zetten tamme fazanten uit zodat ze er met weinig inspanning veel kunnen schieten. Maar die tamme fazanten staan ook op het menu van de buizerd en de vos. En zulke jagers willen niet delen.”

De duif gaat naar een dierenkliniek in Merelbeke waar het juridische bewijs voor de vergiftiging wordt samengesteld.

“We zullen de jachtwachters verhoren, maar ze zullen altijd schaamteloos ontkennen of beweren dat iemand anders die duif daar gelegd heeft om hen in moeilijkheden te brengen. Dat kan ook effectief gebeuren, wanneer een jager zijn jachtwachter bijvoorbeeld de bons heeft gegeven en de jachtwachter wraak neemt door gif en dode dieren op het jachtveld te leggen.”

In een haastige pas wandelt Ward terug naar de Jeep en legt hij de duif in de koffer. “Of ik me soms gefrustreerd voel? Bij momenten is het dweilen met de kraan open, maar het is niet alsof we geen resultaat bereiken. Onlangs hebben we in dit bos een vogelvanger op heterdaad kunnen betrappen. We lopen onze blauwtjes op, maar we behalen zeker ook successen.”

Die successen haalt u onder meer uit huiszoekingen. Wat komt u zoal tegen?

“We zijn bevoegd om huiszoekingen uit te voeren, maar ik heb er een hekel aan. Een huiszoeking is traumatiserend voor de bewoners, vooral als er kinderen bij zijn. En meestal verloopt het volgens hetzelfde stramien: wij doen een zoeking omdat de man stroopt of vogels vangt. De vrouw staat er intussen bij alsof ze haar echtgenoot de keel kan oversnijden, want het is allemaal door zijn gefoefel dat hun huis ondersteboven wordt gekeerd. Geen leuk sfeertje.

“Een huiszoeking kan ook vies werk zijn: in een emmer vol onbestemde vuiligheid kan een geluidsdemper voor een geweer verstopt liggen. Vaak vinden we onvergunde of verboden wapens. Dan moeten we de politie optrommelen, want voor de wapenwetgeving zijn we niet bevoegd. Verder vinden we zangvogels met gefraudeerde ringen, adressenboekjes, klemmen, verboden gifstoffen, gestroopt vlees in diepvriezers, enzovoort.

“Wat ook opvalt bij huiszoekingen, zijn de hemeltergende en zielige toestanden waarin mensen soms leven. En niet alleen thuis... Zo ging ik eens een visser controleren die op de grond lag te slapen met naast hem twee kleine kinderen. Ik sprak die man aan, maar hij reageerde niet. ‘Onze papa is zat. Je laat hem best gewoon liggen,’ zeiden zijn kinderen.”

Beeld Anton Coene

Welke andere inbreuken tegen de natuurwetgeving komt u vaak tegen?

“We krijgen dagelijks te maken met wandelaars die hun hond laten loslopen in de natuur. Toen ik in 1980 begon als bosarbeider, hoorde ik collega’s en boswachters veel klagen en zagen over loslopende honden. Waarom maken ze daar nu zoveel problemen over, dacht ik, dat kan toch geen kwaad? Twee maanden later was het broedseizoen. Wij waren aan het werk naast een vijver. In het water lag een omgewaaide treurwilg. Onder die treurwilg had een koppel futen een nest gemaakt. Opeens horen wij die futen lawaai maken en zien we hoe een hond naar dat nest zwom en met een paar happen de eieren kapot beet. We hebben de eigenaars van die hond aangesproken en kregen als antwoord: ‘Hebben jullie hier iets te zeggen?’ Ik had mijn lesje geleerd: loslopende honden zijn een pest voor de dieren die leven in de natuur. Het woudaapje, de roerdomp, de ree, de bunzing en vele andere: allemaal worden ze weggejaagd door het overaanbod van loslopende honden.

“Agressie is soms niet ver weg. Ik ben een keer buiten westen geslagen door vier jongeren die door het bos liepen met loslopende honden. Maar het toppunt is wat een collega meemaakte in Brasschaat: hij had een groepje wandelaars met loslopende honden aangesproken: ‘Hier moeten de honden aan de lijn.’ Ze deden mijn collega een leiband rond de nek, waarna hij op de grond gedwongen werd om rond te kruipen, om zo ‘te voelen hoe het is om aan de leiband te hangen’.”

En wat met illegale vogelvangst? Ik las in de krant een verhaal van een man die eieren uit de nesten van de geelgors stal om ze thuis door zijn kanaries te laten uitbroeden.

“Zangvogels kweken, en ermee naar vogelmarkten, -wedstrijden en -tentoonstellingen gaan, is een populaire hobby. Maar vogels kweken in een volière resulteert algauw in inteelt. Om dat tegen te gaan, verkopen vogelhouders vogels aan elkaar. Maar de verleiding bestaat om nieuw bloed in de volière te brengen door zangvogels uit de vrije natuur te vangen met mistnetten en slagnetten, wat sinds 1972 verboden is. Die gevangen vogels krijgen dan een gefraudeerde ring rond de poot geforceerd. Wij kunnen dat zien en de vogels in beslag nemen, waarna we een pv opstellen. Om dat te vermijden gaan sommige vogelvangers in de lente op zoek naar nesten van zangvogels. Die geroofde eieren worden dan thuis uitgebroed door kanaries en later geringd. In zulke gevallen is het dus belangrijk dat we hen op heterdaad betrappen, maar dat betekent urenlang observeren. Ook eieren van roofvogels worden geroofd en thuis uitgebroed, waarna de jonge vogels worden verkocht aan valkeniers en roofvogelhouders.”

Bij een collega werden de ramen van zijn huis aan diggelen geschoten. Er lagen scherven in de wieg van zijn pasgeboren kindje. Beeld Anton Coene

Is er grof geld te verdienen met vogels?

“Er zijn figuren die daar professioneel mee bezig zijn: de natuur leegroven om de bankrekening te vullen. Op het vangen van vogels en ringfraude staan zware boetes, maar een gevangenisstraf heb ik maar één keer weten gebeuren: een maand voorhechtenis. Eén van de beruchtste vogelvangers in Vlaanderen is begin dit jaar eindelijk veroordeeld geraakt.”

Donkere jaren

Het Agentschap Wegen en Verkeer, dat duizenden kilometers gewestwegen en honderden hectare groenstroken beheert, krijgt geregeld kritiek omdat ze veelvuldig bomen kappen langs snelwegen. Is er volgens de Natuurinspectie een gebrek aan visie bij het AWV?

“Er is een fundamenteel verschil tussen een ontbossing en een kaalkap. In het eerste geval worden de bomen en de stronken verwijderd en wordt aan het terrein een andere bestemming gegeven, zoals een parking, een akker of een tuin. Bij een kaalkap worden de bomen geveld en afgevoerd terwijl de stronken blijven zitten. Veel mensen denken: de bomen worden geveld, dus zijn ze dood. Maar dat is niet waar. Behalve de beuk, zullen al onze inlandse loofboomsoorten weer uitschieten: in de lente verschijnen op de stronk nieuwe scheuten. Zo beleven de bomen een nieuwe jeugd. Jong hout op oude stronken noemen wij schaarhout. Dat kan een rijk biotoop zijn en naast snelwegen kan het uitgroeien tot een dicht scherm dat het lawaai van de auto’s helpt te dempen. Het is dus geen kwalijke zaak dat het AWV groenstroken langs de wegen kapt.

“Nog een andere bespiegeling: België produceert slechts iets meer dan 20 procent van de eigen houtbehoefte. Dat betekent dat 80 procent geïmporteerd moet worden uit het buitenland. Als we het tropisch regenwoud en arctische bossen willen beschermen, dan moeten we in eigen land zoveel mogelijk hout produceren op een duurzame wijze.”

Vorig jaar verscheen een artikel in De Morgen waaruit bleek dat er fors gesnoeid is in het personeelsbestand van de Natuurinspectie. Acht jaar geleden waren er nog 45 inspecteurs, vandaag 34. Hoe zit het met de werkdruk?

“Onze dienst werd tien jaar geleden opgericht. In 2016 zaten we op een dieptepunt. In de provincie Antwerpen waren we nog maar met vier natuurinspecteurs. Ik had toen een werkingsgebied van veertig gemeenten: van Sint-Amands in het zuidwesten tot aan de grens met Turnhout in het noordoosten. Constant chaos, crisis, altijd maar achter de feiten aan hollen, niemand tevreden, stress in het kwadraat... Het was werken tijdens de week en in het weekend. Nine to five was toen van negen uur ’s ochtends tot vijf uur ’s nachts. Wij hebben toen alle vier gedacht aan een overplaatsing en aan een andere job. Maar als de nood het hoogst is, is de redding nabij. Begin 2017 kregen we het bericht dat er vier nieuwe collega’s bijkwamen. Die zijn nu in dienst en ze vallen opperbest mee: de zon schijnt opnieuw tussen de wolken. Mijn werkingsgebied is nu gehalveerd naar twintig gemeenten.”

U hebt uw droomjob te pakken?

“Ik denk het wel. Ik ben 38 jaar geleden het bos ingekropen als bosarbeider en ik ben er niet meer uitgeraakt. Ik heb allerminst een klassieke job. Zowat iedereen is jaloers omdat wij de hele dag heerlijk kunnen rondzwerven in hemelse natuurgebieden, maar je bent wel in je eentje verantwoordelijk voor de goede gang van zaken. Als er een probleem is, moet je dat aanpakken. Dat betekent dat je nooit gerust door het bos loopt: achter elke bocht, achter elke boom kunnen moeilijkheden schuilen.

“De onregelmatige uren neem ik er graag bij. Ik weet ’s morgens nooit om hoe laat ik ’s avonds weer thuis zal zijn. Ik heb daar niet veel problemen mee, maar op mijn vrouw en kinderen kan het wegen. Elke afspraak binnen het gezin staat op losse schroeven. Tijdens ons zwarte jaar 2016 is mijn vrouw zelfs gestopt met werken omdat ze er thuis zo goed als alleen voor stond.

“Het is ook een enorm boeiende job. Je komt steeds op nieuwe locaties, je leert elke dag nieuwe mensen kennen en je hebt veel vrijheid. Ook al is vrijheid op het werk niet iets wat je hebt, maar iets wat je moet verdienen. Je kunt een hele dag thuis luieren of een hele nacht aan de toog hangen, maar daarmee gooi je op termijn je eigen ruiten in. Als je er je voeten aan veegt, worden de klachten en problemen zo groot dat je driedubbel werk zal hebben om de puinhoop op te ruimen. Je moet je vrijheid waard zijn.”

(*) De naam van de interviewee is gewijzigd om privacy te waarborgen.

©Humo

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234