Maandag 30/01/2023

Op naar het koopjeswalhalla

Een belevenis, een dagje funshoppen in de polder, kortom een Hollands Disney-gevoel, dat is waar Batavia Stad op mikt. In de Flevopolder heeft het walhalla voor de op koopjes beluste toerist net zijn deuren geopend. Kooplustige Johnny's en Marina's, die in de fabriekswinkels topmerken voor een zacht prijsje kunnen vinden, worden en masse verwacht. Nederland heeft er een attractie bij.

Lelystad / Eigen berichtgeving

Bart Willems

De Nederlander neemt graag een dagje vrij voor het jagen op koopjes. Sinds afgelopen weekeinde is er voor dat zeker in de vakantieperiode populaire tijdverdrijf één adres: Batavia Stad bij Lelystad, midden in de drooggelegde Flevopolder. Batavia Stad moet de sfeer oproepen van de Gouden Eeuw, toen Hollandse koopvaardijschepen de 'oost' afstroopten op zoek naar specerijen en van de Zeven Provinciën een economische wereldmacht maakten.

Dat gegeven heeft de architecten geïnspireerd bij het ontwerp van de 70 fabriekswinkels in het stadje. Wie door een van de drie majestueuze toegangspoorten Batavia Stad binnengaat, moet de sfeer proeven van bedrijvigheid en handel, kenmerkend voor de 17de eeuw. Binnen de muren geen kolossale winkelpanden met grote etalages, maar intieme winkels achter karakteristieke gevels. De gevels zijn opgetrokken uit hout en geverfd in vrolijke kleuren. Voor de muren en de bestrating zijn natuurstenen gebruikt. Daarmee is het eerste zogenaamde factory outlet centre (foc), een verzameling fabriekswinkels, van Nederland een feit. Een factory outlet, grofweg 'fabrieksdump' genoemd, is een luxe, toeristische locatie waar merkfabrikanten hun overproductie en restpartijen aan de klant slijten tegen dumpprijzen.

"Hoogwaardige kwaliteitsartikelen hoor", zegt projectontwikkelaar Willem Veldhuizen. "We willen geen rotzooi met schoonheids- of fabrieksfoutjes, want daar trapt de moderne consument niet in." Veldhuizen en zijn collega-projectonwikkelaars verwachten dat per jaar zo'n anderhalf miljoen mensen gaan winkelen in hun stadje in Lelystad. Om zoveel mensen naar Bataviastad te krijgen, zoeken de initiatiefnemers samenwerking met touringcarorganisaties, waar de kooplustige dagjesmens dan een pakketreis zou kunnen boeken. "De mensen kunnen er een gecombineerd dagje uit van maken. Ze kunnen naar het Poldermuseum, of naar het schip de Batavia kijken, dat onlangs weer is teruggekeerd uit Australië. En ze kunnen voordelig winkelen", zegt Veldhuizen.

Dure merken, lage prijzen, dat lijkt de ijzeren formule om de Hollandse Johnny's en Marina's die er graag voordelig maar toch up-to-date bijlopen naar de polder te lokken. Zaterdag kwamen ze in ieder geval massaal op de opening af. "Het zou jammer zijn als we een eenzijdig publiek zouden trekken", zegt Veldhuizen. Behalve de zeventig winkels zijn er in Batavia Stad vier restaurants, die het winkelen in de historisch ogende straatjes met klinkers, gietijzeren lantarenpalen en leien dakpannetjes moeten veraangenamen. 'Gezellig, herkenbaar en gericht op Nederland', luidt de formule. De zakelijke breinen achter Bataviastad willen vooral tieners, moeders en 'alles wat studeert' naar de fabriekswinkels krijgen.

Bij de opening van het stadje was de helft van de winkels klaar. "We hebben expres gekozen voor een 'soft opening', om Six Flags-toestanden te voorkomen", zegt Veldhuizen, verwijzend naar de enorme files die ontstonden bij de opening van het nieuwe amusementspark in Biddinghuizen, ook in de Flevopolder. Op 6 september is er wel nog een 'grand opening', waar minister van Economische Zaken Annemie Jorritsma haar opwachting zal maken.

Het fenomeen van de fabriekswinkels is komen overwaaien uit de Verenigde Staten, maar Nederlandse ondernemers durfden er tot nu toe niet aan. Fabrikanten van dure merkkleding als Nike, Donna Karen, Replay en Benneton bieden hier hun overtollige en oude voorraden via fabriekswinkels direct aan het winkelend publiek aan. "Voor de consument een buitenkansje om de kleding voor 30 tot 70 procent onder de normale winkelprijs te kopen, voor de fabrikant een 'veilige' manier om van zijn voorraden af te komen", zegt Veldhuizen. "De ervaring leert dat die voorraden gaan zwerven en uiteindelijk in de marge van de markt belanden, op de Albert Cuyp in Amsterdam of de Zwarte Markt in Beverwijk, en dat schaadt het merk. De merkkleding die in Bataviastad wordt verkocht, is in ieder geval echt. Want Nederlanders zijn wel gek op koopjes, maar ze zijn niet gek", zegt Veldhuizen.

De winkels worden sober ingericht. "Het moet niet te luxe zijn, dan snapt de consument het niet meer." Het is maar de vraag of de mensen zich interesseren voor de vraag hoe de winkel eruitziet. Zij komen voor de koopjes. Die honderdduizenden kopers zouden volgens de ontwikkelaars jaarlijks minimaal 1,3 miljard frank (32 miljoen euro) in het laatje moeten brengen.

De projectontwikkelaars moeten het hebben van de omzet, want ze berekenen aan hun huurders zogenoemde omzethuur. "Er is wel een basishuur, maar de aardigheid zit hem voor ons in de omzethuur", zegt Veldhuizen. De investeerders rekenen 10 procent van de omzet als huur. Zelf hebben zij in totaal een kleine twee miljard frank in Bataviastad geïnvesteerd.

Het complex is een doorn in het oog van de middenstand, vooral in het nabijgelegen Lelystad. "Er is natuurlijk altijd sprake van concurrentie met de detailhandel", erkent Veldhuizen. "Maar anderzijds is er ook wisselwerking met de middenstad wanneer er jaarlijks anderhalf miljoen mensen extra naar Lelystad komen."

In het eerste weekeinde trokken zo'n vijftigduizend bezoekers naar Batavia Stad, een aantal waarmee de initiatiefnemers zich zeer tevreden toonden. Waar ze minder blij mee zullen zijn, is een uiting van dat typisch Nederlandse trekje: de meeste mensen kwamen niet om te kopen, maar om even rond te kijken.

Eerste 'factory outlet centre' appeleert aan het jachtinstinct van de prijsbewuste Nederlander

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234